<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2015:127</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T04:21:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-01-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/06369</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2014:2804" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:2804, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2015/239</rdf:li>
          <rdf:li>SR-Updates.nl 2015-0032</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2015:127">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2015:127</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-01-27T11:50:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2015:127 Hoge Raad , 27-01-2015 / 13/06369</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2015:127:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Project X Haren. Art. 14c.2. onder 4 Sr, bijzondere voorwaarde. Schadefonds Openlijk Geweld. I.v.m. het door verdachte ingestelde beroep in cassatie is de door het Hof bij bijzondere voorwaarde gestelde termijn van drie maanden na 25 juli 2013 waarbinnen het bedrag van € 500,- in het Schadefonds Openlijk Geweld dient te worden gestort inmiddels verstreken. Kennelijk bij vergissing heeft het Hof verzuimd aan de in de bijzondere voorwaarde omschreven verplichting tot storting van een geldbedrag de voorwaarde te verbinden dat dit geschiedt "binnen drie maanden nadat de uitspraak vatbaar is voor tenuitvoerlegging". De Hoge Raad verbetert de bijzondere voorwaarde in die zin.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2015:127:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>27 januari 2015</para>
    <para>Strafkamer</para>
    <para>nr. S 13/06369</para>
    <para>SLU</para>
    <para> </para>
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">Arrest</emphasis>
    </para>
    <parablock>
      <para />
      <para>op het beroep in cassatie tegen een arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Leeuwarden, van 25 juli 2013, nummer 21/002133-13, in de strafzaak tegen:</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">
        [verdachte]
      </emphasis>, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1994.</para>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Geding in cassatie</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. U. van Ophoven, advocaat te Leek, bij schriftuur middelen van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit. </para>
      <para>	De Advocaat-Generaal A.E. Harteveld heeft geconcludeerd tot verbeterde lezing in die zin, dat de door het Hof opgelegde bijzondere voorwaarde moet luiden dat de veroordeelde binnen drie maanden na het arrest van de Hoge Raad een bedrag van € 500,- zal storten in het Schadefonds Openlijk Geweld, op het rekeningnummer 56.99.89.124, ten name van het Schadefonds Geweldsmisdrijven, onder vermelding van "Haren" en het parketnummer 21/002133-13, en tot verwerping van het beroep voor het overige. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Beoordeling van het eerste, het tweede en het derde middel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>	De middelen kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81, eerste lid, RO, geen nadere motivering nu de middelen niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het vierde middel</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Het middel komt op tegen de door het Hof bij bijzondere voorwaarde gestelde termijn van drie maanden na 25 juli 2013 waarbinnen het bedrag van € 500,- in het Schadefonds Openlijk Geweld dient te worden gestort. Daartoe wordt aangevoerd dat in verband met het door de verdachte ingestelde beroep in cassatie deze termijn inmiddels is verstreken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Kennelijk bij vergissing heeft het Hof verzuimd aan de in de bijzondere voorwaarde omschreven verplichting tot storting van een geldbedrag de voorwaarde te verbinden dat dit geschiedt "binnen drie maanden nadat de uitspraak vatbaar is voor tenuitvoerlegging". De Hoge Raad zal de bijzondere voorwaarde in die zin verbeteren. Het middel kan niet tot cassatie kan leiden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Slotsom</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de Hoge Raad geen grond aanwezig oordeelt waarop de bestreden uitspraak ambtshalve zou behoren te worden vernietigd, brengt hetgeen hiervoor is overwogen mee dat als volgt moet worden beslist.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verstaat de door het Hof opgelegde bijzondere voorwaarde in die zin dat deze luidt dat de veroordeelde binnen drie maanden nadat de bestreden uitspraak vatbaar is voor tenuitvoerlegging een bedrag van € 500,- zal storten in het Schadefonds Openlijk Geweld, op het rekeningnummer 56.99.89.124, ten name van het Schadefonds Geweldsmisdrijven, onder vermelding van "Haren" en het parketnummer 21/002133-13;</para>
      <para>verwerpt het beroep voor het overige.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Dit arrest is gewezen door de vice-president W.A.M. van Schendel als voorzitter, en de raadsheren B.C. de Savornin Lohman en N. Jörg, in bijzijn van de waarnemend griffier A.C. ten Klooster, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van <emphasis role="underline">27 januari 2015</emphasis>.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>