<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2014:3069</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T14:10:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-10-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-10-31</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/00525</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2014:1900" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:1900, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHSGR:2012:BY0517" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/cassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#bekrachtiging/bevestiging">In cassatie op : ECLI:NL:GHSGR:2012:BY0517, Bekrachtiging/bevestiging</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2014/386</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2014/1212</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:3069">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:3069</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-10-30T14:50:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-10-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2014:3069 Hoge Raad , 31-10-2014 / 13/00525</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2014:3069:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art. 81 lid 1 RO. Opstalrecht. AV70. Gebondenheid opstalhouders aan door Hoogheemraadschap vastgestelde nieuwe algemene opstalvoorwaarden (AV 2007) en nieuwe retributiemethodiek? Betekenis begrippen “verlenging” en “nader besluit” in opstalvoorwaarden. Tweesporenbeleid. Art. 3 AV70 onredelijk bezwarend beding als bedoeld in art. 6:237, aanhef en onder c, BW? Indicatieve lijst bij Richtlijn 93/13/EEG, onder j. Samenhang met 13/00523 en 13/00529.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2014:3069:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>31 oktober 2014</para>
    <para>Eerste Kamer</para>
    <para>nr. 13/00525</para>
    <para>EV/AS</para>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <para>1. [eiseres 1],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>2. [eiser 2],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>3. [eiser 3],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>4. [eiser 4],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>5. [eiser 5],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>6. [eiser 6],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>7. [eiseres 7],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>8. [eiser 8],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>9. [eiser 9a] en [eiseres 9b],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <para>10. [eiser 10],</para>
    <para>wonende te [woonplaats],</para>
    <parablock>
      <para>11. [eiser 11],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>12. [eiseres 12],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>13. [eiser 13a] en [eiseres 13b],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>14. [eiseres 14],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>15. [eiser 15],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>16. [eiser 16a] en [eiseres 16b],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>17. [eiseres 17a] en [eiseres 17b],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>18. [eiseres 18a] en [eiser 18b],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>19. [eiser 19],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>20. [eiseres 20],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>21. [eiser 21],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>22. [eiser 22],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>23. [eiser 23a] en    [eiseres 23b],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
      <para>24. [eiser 24],</para>
      <para>    wonende te [woonplaats],</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para>EISERS tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. D. Rijpma,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>HOOGHEEMRAADSCHAP VAN RIJNLAND,<?linebreak?>zetelende te Leiden,</para>
      <para>VERWEERDER in cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. M.W. Scheltema.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en het Hoogheemraadschap.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in feitelijke instanties</title>
    <para>Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: </para>
    <para>a.	de vonnissen in de zaak 298592/HA ZA 07-3509 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 16 januari 2008 en 18 augustus 2010;</para>
    <para>b.	het arrest in de zaak 200.077.002/01 van het gerechtshof te ’s-Gravenhage van 23 oktober 2012. </para>
    <para>	Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>	Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>	Het Hoogheemraadschap heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.</para>
      <para>	De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door mr. L.E. Geer en voor het Hoogheemraadschap door zijn advocaat.</para>
      <para>	De conclusie van de Advocaat-Generaal E.B. Rank-Berenschot strekt tot verwerping van het cassatieberoep.</para>
      <para>	De advocaat van [eiser] c.s. heeft bij brief van 5 juni 2014 op die conclusie gereageerd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het middel</title>
    <para>	De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <parablock>
      <para>	De Hoge Raad:</para>
      <para>	verwerpt het beroep;</para>
      <para>	veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van het Hoogheemraadschap begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, G. Snijders, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op <emphasis role="underline">31 oktober 2014</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <parablock>
      <para />
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>