<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2014:1633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T13:42:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-07-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">13/04197</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#artikel81ROzaken">Artikel 81 RO-zaken</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2014:426" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#gevolgd">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2014:426, Gevolgd</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2014/949</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2014/290</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:1633">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2014:1633</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-09T14:24:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2014:1633 Hoge Raad , 11-07-2014 / 13/04197</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2014:1633:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art. 81 lid 1 RO. Contractenrecht. Schending geheimhoudingsbeding know how olieboringen? Passeren essentiële stellingen. Feitelijke grondslag. Passeren bewijsaanbod.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2014:1633:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para>11 juli 2014</para>
    <para>Eerste Kamer</para>
    <para>nr. 13/04197</para>
    <para>EV/TT</para>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. De rechtspersoon naar vreemd recht DEEP WATER SLENDER WELLS LIMITED,<?linebreak?>gevestigd te Douglas, Isle of Man, Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para>2. De rechtspersoon naar vreemd recht PREDA CONSULTANTS INC.,<?linebreak?>gevestigd te Houston, Texas, Verenigde Staten van Amerika,</para>
      <para>3. De rechtspersoon naar vreemd recht PREDA CONSULTANTS LIMITED,<?linebreak?>gevestigd te Jersey, Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para>4. [eiser 4],<?linebreak?>wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para>EISERS tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. R.P.J.L. Tjittes,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>t e g e n</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>1. De rechtspersoon naar vreemd recht SHELL INTERNATIONAL EXPLORATION AND PRODUCTION INC,<?linebreak?>gevestigd te Houston, Texas, Verenigde Staten van Amerika,</para>
      <para>2. SHELL INTERNATIONAL EXPLORATION AND PRODUCTION B.V.,<?linebreak?>gevestigd te Rijswijk,</para>
      <para>3. De rechtspersoon naar vreemd recht  ROYAL DUTCH SHELL P.L.C.,<?linebreak?>gevestigd te ’s-Gravenhage,</para>
      <para>4. [verweerder 4],<?linebreak?>wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk,</para>
      <para>5. [verweerder 5],<?linebreak?>wonende te [woonplaats], Verenigde Staten van Amerika,</para>
      <para>6. [verweerder 6],       <?linebreak?>wonende te [woonplaats], Verenigde Staten van Amerika,</para>
      <para>7. [verweerder 7],                      <?linebreak?>wonende te [woonplaats], Verenigd Koninkrijk, </para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie,</para>
      <para>advocaten: mr. M.J. Schenck          en mr. V. Rörsch.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als DWSW c.s. en Shell.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in feitelijke instanties</title>
    <para>Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: </para>
    <para>a.	het vonnis in de zaak 313437/HA ZA 08-1982 van de rechtbank ’s-Gravenhage van 23 november 2011;</para>
    <para>b.	het arrest in de zaak 200.108.780/01 van het gerechtshof Den Haag van 14 mei 2013. </para>
    <para>	Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in cassatie</title>
    <parablock>
      <para>	Tegen het arrest van het hof hebben DWSW c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>	Shell heeft geconcludeerd tot verwerping van het beroep.</para>
      <para>De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten en voor DWSW c.s. mede door mr. R. Hermans en mr. D. Verhulst, beiden advocaat te Amsterdam. </para>
      <para>	De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het cassatieberoep.</para>
      <para>	De advocaat van DWSW c.s. heeft bij brief van 30 mei 2014 op die conclusie gereageerd. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>Beoordeling van het middel</title>
    <para>De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Dit behoeft, gezien art. 81 lid 1 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Beslissing</title>
    <parablock>
      <para>	De Hoge Raad:</para>
      <para>	verwerpt het beroep;</para>
      <para>	veroordeelt DWSW c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van Shell begroot op € 818,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Dit arrest is gewezen door de vice-president E.J. Numann als voorzitter en de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, C.E. Drion, G. de Groot en T.H. Tanja-van den Broek, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer G. de Groot op <emphasis role="underline">11 juli 2014</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>