<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2010:BM9922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T17:11:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BM9922</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-09-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/02672</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2010:BM9922" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BM9922</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2010/1141</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2010:BM9922">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2010:BM9922</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:37:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-09-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2010:BM9922 Hoge Raad , 28-09-2010 / 08/02672</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2010:BM9922:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bewijsklacht. Uit de bewijsmiddelen kan niet worden afgeleid dat het verdachte is geweest die heeft gereden zonder rijbewijs.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2010:BM9922:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>28 september 2010</para>
      <para>Strafkamer</para>
      <para>Nr. 08/02672</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het beroep in cassatie tegen een bij verstek gewezen arrest van het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, van 16 november 2007, nummer 21/002781-07, in de strafzaak tegen:</para>
      <para>[Verdachte], geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1982, ten tijde van de betekening van de aanzegging zonder bekende woon- of verblijfplaats hier te lande.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het beroep is ingesteld door de verdachte. Namens deze heeft mr. H.J. Veen, advocaat te Utrecht, bij schriftuur een middel van cassatie voorgesteld. De schriftuur is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>De Advocaat-Generaal Vellinga heeft geconcludeerd tot vernietiging van het bestreden arrest en tot terugwijzing van de zaak naar het Hof dan wel verwijzing naar een aangrenzend hof teneinde op het bestaande hoger beroep opnieuw te worden berecht en afgedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Beoordeling van het middel</para>
    <para />
    <para>2.1. Het middel klaagt dat de bewezenverklaring niet naar de eis der wet met redenen is omkleed.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.2. Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard dat:</para>
      <para>"hij, op 19 mei 2006, te Utrecht, als bestuurder van een motorrijtuig (personenauto) heeft gereden op de weg, de Groenendaalstraat, zonder dat aan hem door de daartoe bevoegde autoriteit, als bedoeld in artikel 116 lid 1 van de Wegenverkeerswet 1994 een rijbewijs was afgegeven voor de categorie van motorrijtuigen, waartoe dat motorrijtuig behoorde."</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.3. Deze bewezenverklaring steunt op de volgende bewijsmiddelen:</para>
      <para>a. een proces-verbaal van politie, opgemaakt door de opsporingsambtenaren [verbalisant 1] en [verbalisant 2], voor zover inhoudende als relaas van verbalisant [verbalisant 1]:</para>
      <para>"Ik, eerste verbalisant, zag/constateerde, dat een persoon als bestuurder van een motorrijtuig daarmee heeft gereden zonder rijbewijs voor de categorie waartoe dat motorrijtuig behoorde.</para>
      <para>Overtredingsgegevens</para>
      <para>Datum: 19 mei 2006</para>
      <para>Omstreeks: 15.35 uur</para>
      <para>Plaats: Utrecht</para>
      <para>Gemeente: Utrecht</para>
      <para>Locatie: Groenendaalstraat, een voor het openbaar verkeer openstaande weg binnen een als zodanig aangeduide bebouwde kom</para>
      <para>Voertuig: Personenauto</para>
      <para>Merk/type: Nissan</para>
      <para>Kenteken: [AA-00-BB]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij onderzoek bij het Centraal Register Rijbewijzen is gebleken dat aan verdachte geen geldig rijbewijs was afgegeven. Voor het besturen van dit motorrijtuig was vereist een rijbewijs B. Uitzonderingsbepalingen waren niet van toepassing.</para>
      <para>Verdachte werd staande gehouden en verstrekte mij, tweede verbalisant, daarnaar gevraagd, de volgende persoonsgegevens:</para>
      <para>Naam : [betrokkene]</para>
      <para>Voornamen : [betrokkene]</para>
      <para>Geboorteplaats : [geboorteplaats]</para>
      <para>Geboortedatum : [geboortedatum] 1982 BS</para>
      <para>Adres : [a-straat 1]</para>
      <para>Postcode/woonplaats: [0000 AA woonplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nadat ik de verdachte had medegedeeld niet tot antwoorden te zijn verplicht, verklaarde deze:</para>
      <para>'Ik heb inderdaad geen rijbewijs'."</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>b. een bij voornoemd proces-verbaal gevoegde "List bevragen CRB", voor zover inhoudende:</para>
      <para>"Naam: [betrokkene]</para>
      <para>Geboortedatum: [geboortedatum] 1982</para>
      <para>Geen hits gevonden."</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2.4. Uit de hiervoor weergegeven bewijsmiddelen kan niet volgen dat het de verdachte, genaamd [verdachte], is geweest die de in de bewezenverklaring bedoelde gedraging heeft verricht. Het Hof heeft de bewezenverklaring derhalve onvoldoende gemotiveerd, zodat het middel doel treft.</para>
    <para />
    <para>3. Slotsom</para>
    <para />
    <para>Hetgeen hiervoor is overwogen brengt mee dat de bestreden uitspraak niet in stand kan blijven en als volgt moet worden beslist.</para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>vernietigt de bestreden uitspraak;</para>
      <para>wijst de zaak terug naar het Gerechtshof te Amsterdam, zitting houdende te Arnhem, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Dit arrest is gewezen door de vice-president F.H. Koster als voorzitter, en de raadsheren W.M.E. Thomassen en C.H.W.M. Sterk, in bijzijn van de waarnemend griffier J.D.M. Hart, en uitgesproken op 28 september 2010.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>