<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2010:BM9603</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T21:26:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BM9603</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2010-09-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">10/01309</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2010:BM9603" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2010:BM9603</dcterms:relation>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBZUT:2009:BK7611" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/sprongcassatie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#niet ontvankelijk">In sprongcassatie op: ECLI:NL:RBZUT:2009:BK7611, Niet ontvankelijk</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=36&amp;g=2010-09-24">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 36</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001827&amp;artikel=39&amp;g=2010-09-24">Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (geldt in geval van digitaal procederen) 39</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2010/1095</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2010/377</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2010:BM9603">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2010:BM9603</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T06:37:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2010-09-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2010:BM9603 Hoge Raad , 24-09-2010 / 10/01309</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2010:BM9603:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Rechtsmiddelenverbod van art. 39 lid 5 Rv.; cassatieberoep tegen beslissing op wrakingsverzoek niet-ontvankelijk bij gebreke van aangevoerde doorbrekingsgrond(en).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2010:BM9603:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>24 september 2010</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>10/01309</para>
      <para>DV/MD</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Verzoeker],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>VERZOEKER tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. J.C.J. Smallenbroek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Verzoeker tot cassatie zal hierna ook worden aangeduid als [verzoeker].</para>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instanties</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het verloop van het geding in feitelijke instanties verwijst de Hoge Raad naar de navolgende stukken: </para>
      <para>a. het vonnis in de zaak 09/476 F van de rechtbank Zutphen van 6 oktober 2009;</para>
      <para>b. de beslissing in de zaak 106812 KG RK 09-747 van de meervoudige wrakingskamer van de rechtbank Zutphen van 24 december 2009. </para>
      <para>De beslissing van de wrakingskamer is aan deze beschikking gehecht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Het geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 24 december 2009 heeft de wrakingskamer van de rechtbank Zutphen [verzoeker] niet-ontvankelijk verklaard in zijn wrakingsverzoek, ingediend tegen mr. R.M.A.G. van Valderen, vicepresident bij de rechtbank Zutphen, die eerder een verzoek tot faillietverklaring van [verzoeker] behandelde. Tegen deze beslissing heeft verzoeker beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit. </para>
      <para>De gewraakte vicepresident heeft geen verweerschrift ingediend.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal L. Strikwerda strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van [verzoeker] in zijn cassatieberoep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het cassatieberoep</para>
    <para />
    <para>[Verzoeker] heeft beroep ingesteld tegen een beslissing op de voet van art. 36 Rv. Tegen een beslissing op een verzoek tot wraking staat ingevolge art. 39 lid 5 Rv. echter geen voorziening open. De aangevoerde klachten houden ook geen beroep op een doorbrekingsgrond in. [Verzoeker] kan derhalve in zijn beroep niet worden ontvangen.</para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De Hoge Raad verklaart [verzoeker] niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep.</para>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A. Hammerstein, als voorzitter, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer F.B. Bakels op 24 september 2010.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>