<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2009:BJ8258</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T12:46:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BJ8258</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2009-12-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/00730</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2009:BJ8258" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BJ8258</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001830&amp;artikel=81&amp;g=2009-12-04">Wet op de rechterlijke organisatie 81</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2009, 1426</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2009/461</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2009:BJ8258">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2009:BJ8258</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T05:14:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2009-12-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2009:BJ8258 Hoge Raad , 04-12-2009 / 08/00730</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2009:BJ8258:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verbintenissenrecht. Onrechtmatige daad. Verkeersongeval. Verdeling van schade op de voet van art. 6:101 lid 1 BW. (81 RO).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2009:BJ8258:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>4 december 2009</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>08/00730</para>
      <para>EE/SV</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. REAAL SCHADEVERZEKERINGEN N.V. (voorheen Winterthur Schadeverzekering Maatschappij N.V., gevestigd te Amsterdam),</para>
      <para>gevestigd te Zoetermeer,</para>
      <para>2. [Eiser 2], </para>
      <para>wonende te [woonplaats], </para>
      <para>EISERS tot cassatie, </para>
      <para>advocaat: mr. M.E. Franke,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>t e g e n</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. [Verweerder 1],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>2. DE ONDERLINGE WAARBORGMAATSCHAPPIJ ZORGVERZEKERAAR VGZ U.A., </para>
      <para>gevestigd te Eindhoven,</para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie, </para>
      <para>advocaat: aanvankelijk mrs. F.E. Vermeulen en C.M. Reijnen, thans mr. B.T.M. van der Wiel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als [eiser] c.s. en [verweerder] c.s., en verweerders afzonderlijk als respectievelijk [verweerder 1] en VGZ. </para>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instanties</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Verweerder] c.s. hebben bij exploot van 18 april 2002 [eiser] c.s. gedagvaard voor de rechtbank te Amsterdam en gevorderd, kort gezegd, </para>
      <para>- primair, [eiser] c.s. te veroordelen aan [verweerder 1] te vergoeden alle schade, zowel materieel als immaterieel, welke hij ten gevolge van het verkeersongeval van 13 september 2000 heeft geleden of nog zal lijden, nader op te maken bij staat; en </para>
      <para>- [eiser] c.s. te veroordelen aan VGZ te betalen een bedrag van € 89.583,75, met rente en kosten; en</para>
      <para>- subsidiair, [eiser] c.s. te veroordelen tot betaling van een door de rechtbank in goede justitie te bepalen deel van het primair gevorderde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Eiser] c.s. hebben de vordering bestreden.</para>
      <para>De rechtbank heeft, na bij tussenvonnis van 21 augustus 2002 een comparitie van partijen te hebben gelast, bij eindvonnis van 25 februari 2004 [eiser] c.s. hoofdelijk veroordeeld om aan [verweerder 1] te vergoeden 20% van de schade, zowel materieel als immaterieel, welke hij ten gevolge van het ongeval heeft geleden of nog zal lijden. Daarnaast heeft de rechtbank [eiser] c.s. hoofdelijk veroordeeld om aan VGZ te betalen een bedrag van € 17.916,75, met rente en kosten. Het meer of anders gevorderde heeft de rechtbank afgewezen. </para>
      <para>Tegen de vonnissen van de rechtbank hebben [verweerder] c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. [Eiser] c.s. hebben incidenteel hoger beroep ingesteld.</para>
      <para>Bij arrest van 19 juli 2007 heeft het hof [verweerder] c.s. niet-ontvankelijk verklaard in het beroep tegen het tussenvonnis van 21 augustus 2002, het vonnis van de rechtbank van 25 februari 2004 vernietigd en, opnieuw rechtdoende, [eiser] c.s. hoofdelijk veroordeeld om aan [verweerder 1] 80% van de schade te vergoeden, zowel materieel als immaterieel, welke hij ten gevolge van het ongeval heeft geleden en nog zal lijden. Daarnaast heeft het hof [eiser] c.s. hoofdelijk veroordeeld om aan VGZ een bedrag van € 76.913,21 te vergoeden te vermeerderen met rente en kosten. Het meer of anders gevorderde heeft het hof afgewezen. </para>
      <para>Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Het geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen het arrest van het hof hebben [eiser] c.s. beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>[Verweerder] c.s. hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. </para>
      <para>De zaak is voor [eiser] c.s. toegelicht door hun advocaat, en voor [verweerder] c.s. door mr. C.M. Reijnen, advocaat te Amsterdam.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Wuisman strekt tot verwerping van het cassatieberoep. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van de middelen</para>
    <para />
    <para>De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verwerpt het beroep;</para>
      <para>veroordeelt [eiser] c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan </para>
      <para>de zijde van [verweerder] c.s. begroot op € 4.746,34 </para>
      <para>in totaal, waarvan € 4.631,34 op de voet van art. 243 Rv. te voldoen aan de Griffier, en € 115,-- te voldoen aan [verweerder 1].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.A.M. van Schendel, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 december 2009.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>