<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2009:BI6289</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T08:32:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BI6289</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2009-11-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">08/03191</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2009:BI6289" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2009:BI6289</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0003391&amp;artikel=26&amp;g=2009-11-13">Wet voorkeursrecht gemeenten 26</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2009, 1333</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2009/433</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2009:BI6289">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2009:BI6289</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T04:43:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2009-11-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2009:BI6289 Hoge Raad , 13-11-2009 / 08/03191</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2009:BI6289:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Wet voorkeursrecht gemeenten (Wvg). Art. 26 lid 1 Wvg. (Vgl. HR 13 november 2009, R 08/00497 en R 08/02890). Door gemeenteraad aangewezen perceel waarop de art. 10-14, 26 en 27 Wvg van toepassing zijn, verhypothekeerd ten gunste van hypotheeknemer. Verzoek van gemeente om onder meer de ontwikkelingsovereenkomst en de vestiging van een pand- en een hypotheekrecht m.b.t. het perceel nietig te verklaren. Stelplicht en bewijslast t.a.v. gestelde afbreuk rechtshandelingen aan voorkeursrecht gemeente. Nietigheid ex art. 26 lid 1 Wvg van rechtshandelingen die strekken tot vestiging van een recht van hypotheek? Inbreuk art. 26 Wvg op art. 1 EP EVRM? Samenhang met zaken met de zaaknummers 08/03192, 08/03193, 08/03194, 08/03195, 08/03196, 08/03197, 08/03198 en 08/04875. (81 RO).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2009:BI6289:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>13 november 2009</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>08/03191</para>
      <para>EE/TT</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. DAMPLAN VASTGOEDONTWIKKELING B.V.,</para>
      <para>thans kantoorhoudende te Noordwijk, </para>
      <para>2. [Verzoekster 2],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>VERZOEKERS tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. W.P. Keulers,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>t e g e n</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>DE GEMEENTE KATWIJK,</para>
      <para>zetelende te Katwijk,</para>
      <para>VERWEERSTER in cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. S. Fraats.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als Damplan c.s. en de Gemeente; verzoekers onder 1 en 2 ieder afzonderlijk als Damplan en [verzoekster 2].</para>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instanties</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Met een op 20 juli 2006 ter griffie van de rechtbank 's-Gravenhage ingediend verzoekschrift heeft de Gemeente zich gewend tot die rechtbank en verzocht, kort gezegd, de in het verzoekschrift bedoelde rechtshandelingen, in het bijzonder de ontwikkelingsovereenkomst en een aanvullende overeenkomst tussen [verzoekster 2] en Damplan alsmede het gevestigde hypotheek- en pandrecht van 8 juli 2005, met betrekking tot het perceel, gelegen aan de [a-straat] te [woonplaats], kadastraal bekend gemeente Rijnsburg, sectie [A], nummer [001], groot 55 are, waarvan de eigendom rust bij [verzoekster 2], nietig te verklaren. </para>
      <para>Damplan c.s. zijn niet verschenen.</para>
      <para>De rechtbank heeft bij beschikking van 24 januari 2007 het verzoek van de Gemeente toegewezen.</para>
      <para>Tegen deze beschikking hebben Damplan c.s. hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te 's-Gravenhage.</para>
      <para>Na een tussenbeschikking van 31 januari 2008, waarbij het hof Damplan c.s. in de gelegenheid heeft gesteld de overeenkomsten als bedoeld in rov. 11 van zijn beschikking in het geding te brengen, heeft het hof bij eindbeschikking van 24 april 2008 de bestreden beschikking bekrachtigd.</para>
      <para>De beschikkingen van het hof zijn aan deze beschikking gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Het geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen beide beschikkingen van het hof hebben Damplan c.s. beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>De Gemeente heeft verzocht het beroep te verwerpen.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal L.A.D. Keus strekt tot verwerping van het beroep.</para>
      <para>De advocaat van Damplan c.s. heeft bij brief van 26 juni 2009 op die conclusie gereageerd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van de middelen</para>
    <para />
    <para>De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling. </para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verwerpt het beroep;</para>
      <para>veroordeelt Damplan c.s. in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Gemeente begroot op € 348,38 aan verschotten en € 900,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven door de vice-president J.B. Fleers als voorzitter en de raadsheren O. de Savornin Lohman, A. Hammerstein, F.B. Bakels en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 13 november 2009.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>