<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2008:BF1226</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-30T19:44:01</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BF1226</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-09-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">43552</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:references>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0005537&amp;artikel=7:15">Algemene wet bestuursrecht 7:15</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Belastingblad 2008/1389 met annotatie van G.J. van Leijenhorst</rdf:li>
          <rdf:li>BNB 2008/306 met annotatie van B.J. van Ettekoven</rdf:li>
          <rdf:li>FED 2009/1 met annotatie van I.C.M. den Hollander</rdf:li>
          <rdf:li>V-N 2008/45.2</rdf:li>
          <rdf:li>JB 2008/230 met annotatie van C.L.G.F.H. Albers</rdf:li>
          <rdf:li>NTFR 2008/1797 met annotatie van mr. J. Snitker</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2008-1948</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2008091904</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2008:BF1226">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2008:BF1226</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T03:23:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2008-09-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2008:BF1226 Hoge Raad , 19-09-2008 / 43552</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2008:BF1226:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Proceskostenvergoeding bezwaarfase; strekking van art 7:15 lid 3 Awb in geval van vernietiging van de uitspraak op bezwaar, en heropening van de bezwaarfase.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2008:BF1226:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>Nr. 43.552</para>
      <para>19 september 2008</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <para>gewezen op het beroep in cassatie van de Minister van Financiën tegen de uitspraak van het Gerechtshof te 's-Hertogenbosch van 11 augustus 2006, nr. 03/01154, betreffende een ten aanzien van X B.V. te Z (hierna: belanghebbende) gegeven beschikking tot aansprakelijkstelling ingevolge de Invorderingswet 1990.</para>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instantie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Belanghebbende is bij beschikking van de Ontvanger van 28 november 2002 op grond van primair artikel 34 en subsidiair artikel 35 van de Invorderingswet 1990, juncto artikel 16 van de Wet financiering volksverzekeringen aansprakelijk gesteld voor door A Limited te Q verschuldigde loonbelasting/premieheffing volksverzekeringen.</para>
      <para>De Ontvanger heeft bij uitspraak het tegen de beschikking gemaakte bezwaar niet-ontvankelijk verklaard.</para>
      <para>De Ontvanger heeft nadien bij ambtshalve gegeven beschikking het bedrag van de aansprakelijkstelling verminderd.</para>
      <para>Het Hof heeft het tegen de uitspraak van de Ontvanger ingestelde beroep gegrond verklaard, die uitspraak vernietigd, belanghebbende ontvankelijk verklaard in haar bezwaar en de Ontvanger opgedragen opnieuw op het bezwaar te beslissen. Voorts heeft het Hof de Ontvanger veroordeeld in de proceskosten van belanghebbende van de bezwaar- en de beroepsfase.</para>
      <para>De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Geding in cassatie</para>
    <para />
    <para>De Minister heeft tegen 's Hofs uitspraak beroep in cassatie ingesteld. Het beroepschrift in cassatie is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van het middel </para>
    <para />
    <para>Het Hof heeft de uitspraak op bezwaar vernietigd en daarbij een proceskostenvergoeding toegekend voor de bezwaarschriftprocedure. Tegen dat oordeel richt zich het middel. Uit de uitspraak van het Hof en de gedingstukken blijkt niet dat belanghebbende, zoals artikel 7:15, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht als voorwaarde stelt, reeds in bezwaar heeft verzocht om vergoeding van de kosten van de bezwaarschriftprocedure. Het Hof heeft derhalve aan belanghebbende ten onrechte een proceskostenvergoeding verleend voor die kosten. Het middel slaagt mitsdien. De uitspraak van het Hof kan niet in stand blijven. Opmerking verdient dat belanghebbende in de (ingevolge 's Hofs in zoverre in cassatie onbestreden beslissing) heropende bezwaarfase opnieuw in de gelegenheid is om een verzoek te doen tot vergoeding van proceskosten van de bezwaarschriftprocedure, daaronder begrepen de kosten die zijn gemaakt in het kader van de eerdere behandeling van het bezwaar. Artikel 7:15, lid 3, van de Algemene wet bestuursrecht staat er niet aan in de weg dat zodanig verzoek alsdan ook voor wat betreft laatstbedoelde kosten in behandeling wordt genomen.</para>
    <para />
    <para>4. Proceskosten</para>
    <para />
    <para>De Hoge Raad acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.</para>
    <para />
    <para>5. Beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verklaart het beroep in cassatie gegrond, en</para>
      <para>vernietigt de uitspraak van het Hof, doch alleen voor zover daarbij aan belanghebbende een vergoeding is toegekend voor proceskosten in de bezwaarfase.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Dit arrest is gewezen door de vice-president J.W. van den Berge als voorzitter, en de raadsheren C.J.J. van Maanen en C. Schaap, in tegenwoordigheid van de waarnemend griffier A.I. Boussak-Leeksma, en in het openbaar uitgesproken op 19 september 2008.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>