<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2008:BF0759</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T07:15:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BF0759</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-10-24</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">07/13651</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2008:BF0759" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2008:BF0759</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001830&amp;artikel=81&amp;g=2008-10-24">Wet op de rechterlijke organisatie 81</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JOL 2008, 757</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2008, 965</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2008/416</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2008:BF0759">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2008:BF0759</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T03:22:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2008-10-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2008:BF0759 Hoge Raad , 24-10-2008 / 07/13651</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2008:BF0759:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Familierecht; vaststelling van een omgangsregeling (81 RO).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2008:BF0759:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>24 oktober 2008</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>07/13651</para>
      <para>RM/TT</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[De moeder],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>VERZOEKSTER tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. P.S. Kamminga,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>t e g e n</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[De vader],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>VERWEERDER in cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. J. van Duijvendijk-Brand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Partijen zullen hierna ook worden aangeduid als de moeder en de vader.</para>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instanties</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij beschikking van 14 juni 2005 heeft de rechtbank Haarlem bepaald dat de hoofdverblijfplaats van de minderjarige kinderen van partijen, [de kinderen], bij de moeder is en dat partijen zich dienen te wenden tot Begeleid Bezoek, Omgangshuis Noord-Holland, in Zaandam voor begeleide omgangscontacten tussen de vader en de kinderen gedurende zes maanden, zulks op de door Begeleid Bezoek te stellen voorwaarden. De rechtbank heeft voorts voor de periode na ommekomst van deze termijn een omgangsregeling vastgesteld waarbij de vader en de kinderen gedurende drie maanden een halve dag in het weekend van 15.00 uur tot 18.30 uur omgang met elkaar hebben, vervolgens gedurende drie maanden een dag in het weekend van 10.00 uur tot 18.00 uur en daaropvolgend eenmaal per veertien dagen van zaterdag 10.00 uur tot zondag 17.00 uur.</para>
      <para>Tegen deze beschikking heeft de vader hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Amsterdam. De moeder heeft incidenteel hoger beroep ingesteld.</para>
      <para>Bij tussenbeschikking van 15 maart 2007 heeft het hof bepaald dat er minimaal drie proefcontacten tussen de vader en de kinderen dienen plaats te vinden bij de Raad voor de Kinderbescherming (hierna: de RvdK). Het hof heeft de RvdK verzocht daarvan rapport uit te brengen. Na rapportage, verder processueel debat en behandeling van de zaak, heeft het hof bij eindbeschikking van 11 oktober 2007 in het principaal en incidenteel hoger beroep de beschikking van 14 juni 2005 vernietigd, voor zover daarin is bepaald dat partijen zich dienen te wenden tot Begeleid Bezoek voor begeleide omgangscontacten tussen de vader en de kinderen gedurende zes maanden en, in zoverre opnieuw rechtdoende, uitvoerbaar bij voorraad bepaald dat de vader en de kinderen gerechtigd zijn tot omgang:</para>
      <para>- gedurende drie maanden een halve dag in het weekend van 15.00 uur tot 18.30 uur;</para>
      <para>- vervolgens gedurende drie maanden een dag in het weekend van 10.00 uur tot 18.00 uur;</para>
      <para>- daaropvolgend eenmaal per veertien dagen van zaterdag 10.00 uur tot zondag 17.00 uur, alsmede gedurende de helft van de vakantieperiodes, waaronder een periode van twee weken aaneengesloten gedurende de zomervakantie, met dien verstande dat de vader de kinderen haalt en brengt en de omgang onder begeleiding van een door de vader aan te wijzen onafhankelijke derde plaatsvindt voor een zodanige duur als de vader juist zal achten.</para>
      <para>Het meer of anders verzochte heeft het hof afgewezen. </para>
      <para>De beschikkingen van het hof zijn aan deze beschikking gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Het geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen zowel de tussen- als de eindbeschikking van het hof heeft de moeder beroep in cassatie ingesteld. Het cassatierekest is aan deze beschikking gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>De vader heeft verzocht het beroep te verwerpen.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal E.M. Wesseling-van Gent strekt tot verwerping van het beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van het middel</para>
    <para />
    <para>De in het middel aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De Hoge Raad verwerpt het beroep.</para>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en C.A. Streefkerk, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 24 oktober 2008.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>