<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2007:BA2547</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T12:13:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BA2547</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2007-05-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">C06/126HR</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2007:BA2547" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2007:BA2547</dcterms:relation>
      <dcterms:references rdfs:label="Wetsverwijzing" bwb:resourceIdentifier="jci1.31:c:BWBR0001830&amp;artikel=81&amp;g=2007-05-04">Wet op de rechterlijke organisatie 81</dcterms:references>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JOL 2007, 332</rdf:li>
          <rdf:li>RvdW 2007, 496</rdf:li>
          <rdf:li>NJB 2007, 1129</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2007/200</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2007:BA2547">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2007:BA2547</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T01:16:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2007-05-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2007:BA2547 Hoge Raad , 04-05-2007 / C06/126HR</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2007:BA2547:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aansprakelijkheidsrecht. Geschil over de onrechtmatigheid van in het kader van strafvervolging verrichte onderzoeksrapportages over lichamelijk en geestelijk welzijn van verdachte (81 RO).</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2007:BA2547:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>4 mei 2007</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>Nr. C06/126HR</para>
      <para>MK/AT</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Arrest</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Eiseres],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>EISERES tot cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. R.T.R.F. Carli,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>t e g e n</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. DE STAAT DER NEDERLANDEN (Ministerie van Justitie),</para>
      <para>gevestigd te 's-Gravenhage,</para>
      <para>2. [Verweerder 2],</para>
      <para>wonende te [woonplaats], </para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie,</para>
      <para>advocaat: mr. F.M. Ruitenbeek-Bart,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3. STICHTING DE GELDERSE ROOS, </para>
      <para>gevestigd te Wolfheze,</para>
      <para>4. STICHTING ZIEKENHUISVOORZIENINGEN DE GELDERSE VALLEI, </para>
      <para>gevestigd te Ede,</para>
      <para>5. [Verweerster 5],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>6. [Verweerder 6],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>7. [Verweerder 7],</para>
      <para>wonende te [woonplaats],</para>
      <para>VERWEERDERS in cassatie,</para>
      <para>niet verschenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Het geding in feitelijke instanties</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres tot cassatie - verder te noemen: [eiseres] - heeft bij exploot van 27 januari 2003 verweerders in cassatie sub 1 tot en met 7 - verder afzonderlijk te noemen: de Staat, [verweerder 2], Gelderse Roos, Gelderse Vallei, [verweerster 5], [verweerder 6] en [verweerder 7], dan wel gezamenlijk: de Staat c.s. - gedagvaard voor de rechtbank Arnhem en gevorderd bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:</para>
      <para>a. een verklaring voor recht dat de Staat c.s. hoofdelijk aansprakelijk zijn voor de schade die zij heeft geleden ten gevolge van het onrechtmatig handelen van [verweerster 5], [verweerder 6], [verweerder 7] en [verweerder 2];</para>
      <para>b. de Staat c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van € 50.000,-- als voorschot op schadevergoeding;</para>
      <para>c. de Staat c.s. hoofdelijk te veroordelen tot betaling van de door [eiseres] geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Staat c.s. hebben de vordering bestreden.</para>
      <para>De rechtbank heeft bij vonnis van 20 oktober 2004 de vordering afgewezen.</para>
      <para>Tegen dit vonnis heeft [eiseres] hoger beroep ingesteld bij het gerechtshof te Arnhem.</para>
      <para>Bij arrest van 20 december 2005 heeft het hof het vonnis van de rechtbank bekrachtigd.</para>
      <para>Het arrest van het hof is aan dit arrest gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Het geding in cassatie</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen het arrest van het hof heeft [eiseres] beroep in cassatie ingesteld. De cassatiedagvaarding is aan dit arrest gehecht en maakt daarvan deel uit.</para>
      <para>De Staat en [verweerder 2] hebben geconcludeerd tot verwerping van het beroep. Tegen de niet verschenen Gelderse Roos, Gelderse Vallei, [verweerster 5], [verweerder 6] en [verweerder 7] is verstek verleend.</para>
      <para>De zaak is voor partijen toegelicht door hun advocaten.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal J. Spier strekt tot verwerping van het beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3. Beoordeling van de middelen </para>
    <para />
    <para>De in de middelen aangevoerde klachten kunnen niet tot cassatie leiden. Zulks behoeft, gezien art. 81 RO, geen nadere motivering nu de klachten niet nopen tot beantwoording van rechtsvragen in het belang van de rechtseenheid of de rechtsontwikkeling.</para>
    <para />
    <para>4. Beslissing</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De Hoge Raad:</para>
      <para>verwerpt het beroep;</para>
      <para>veroordeelt [eiseres] in de kosten van het geding in cassatie, tot op deze uitspraak aan de zijde van de Staat c.s. begroot op € 1.571,34 aan verschotten en € 2.200,-- voor salaris.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Dit arrest is gewezen door de raadsheren A.M.J. van Buchem-Spapens, als voorzitter, J.C. van Oven en W.D.H. Asser, en in het openbaar uitgesproken door de raadsheer E.J. Numann op 4 mei 2007.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>