<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:2004:AO7825</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T11:12:37</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AO7825</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2004-06-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">R04/004HR</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:2004:AO7825" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:2004:AO7825</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JOL 2004, 366</rdf:li>
          <rdf:li>JWB 2004/265</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2004:AO7825">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:2004:AO7825</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T20:53:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2004-06-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:2004:AO7825 Hoge Raad , 25-06-2004 / R04/004HR</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:2004:AO7825:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>25 juni 2004 Eerste Kamer Rek.nr. R04/004HR RM/JMH Hoge Raad der Nederlanden Beschikking in de zaak van: DE STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR VOOR HET BEHEER VAN DE AANDELEN CAG, gevestigd te Hurwenen, gemeente Maasdriel, OPPOSANTE op de voet van art. 22 Wet tarieven in burgerlijke zaken.  Advocaat: Mr. P. Garretsen. 1. De feiten...</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:2004:AO7825:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>25 juni 2004</para>
      <para>Eerste Kamer</para>
      <para>Rek.nr. R04/004HR</para>
      <para>RM/JMH</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Hoge Raad der Nederlanden</para>
    <para />
    <para>Beschikking</para>
    <para />
    <para>in de zaak van:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>DE STICHTING ADMINISTRATIEKANTOOR VOOR HET BEHEER VAN DE AANDELEN CAG,</para>
      <para>gevestigd te Hurwenen, gemeente Maasdriel,</para>
      <para>OPPOSANTE op de voet van art. 22 Wet tarieven in burgerlijke zaken.</para>
      <para>Advocaat: Mr. P. Garretsen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. De feiten</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Opposante - verder te noemen: CAG - heeft bij dagvaarding gedateerd 22 juli 2002, ingeschreven onder rolnummer C03/183HR, beroep in cassatie ingesteld tegen een arrest van het gerechtshof te Arnhem van 23 april 2002, gewezen tussen CAG als appellante en [betrokkene 1] en [betrokkene 2] als geïntimeerden.</para>
      <para>In eerste aanleg vorderde CAG aanvankelijk [betrokkene 1] en [betrokkene 2] te veroordelen tot betaling van een bedrag van ƒ 200.000,--. Zij heeft haar eis vermeerderd met een bedrag van ƒ 1.520.000,--. In hoger beroep heeft het hof [betrokkene 1] veroordeeld tot betaling van € 18.151,21.</para>
      <para>De hoogte van het in cassatie verschuldigde vast recht is bepaald op € 4.824,--. Het vast recht is niet voldaan.</para>
      <para>Bij op 20 november 2003 uitgevaardigd en executoir verklaard dwangbevel, dat op 12 december 2003 aan de advocaat van CAG, mr. P. Garretsen, is betekend, is aan mr. Garretsen bevel gedaan om binnen één maand na 12 december 2003 aan de griffier van de Hoge Raad te voldoen een bedrag van € 4.824,-- vermeerderd met de kosten zoals vermeld in het dwangbevel.</para>
      <para>Bij brief van 9 januari 2004 heeft mr. Garretsen namens CAG tegen dit dwangbevel verzet gedaan met de mededeling dat hij een reactie behoeft op het standpunt als verwoord in deze brief om verantwoord te kunnen beslissen omtrent handhaving van zijn verzet.</para>
      <para>Deze brief is aangemerkt als een verzetschrift ex art. 22 lid 4 Wet tarieven in burgerlijke zaken.</para>
      <para>De griffier heeft een verweerschrift ingediend en geconcludeerd tot ongegrondverklaring van het door mr. Garretsen ingestelde verzet.</para>
      <para>De conclusie van de Advocaat-Generaal C.L. de Vries Lentsch-Kostense strekt tot ongegrondverklaring van het verzet.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>2. Beoordeling van het verzet</para>
    <para />
    <para>Het verzet berust op de opvatting dat voor de hoogte van het in cassatie verschuldigde vast recht bepalend is de hoogte van het bij inleidende dagvaarding gevorderde bedrag. Deze opvatting is onjuist. De regeling van het vast recht in de Wet tarieven in burgerlijke zaken is erop gericht dit recht, wat de hoogte betreft, te relateren aan het financiële belang van de zaak, voor zover dat belang tot uitdrukking komt in een tot betaling van een bepaalde geldsom strekkende vordering. In cassatie brengt dit mee dat voor de berekening van het vast recht in een bij dagvaarding aangebrachte cassatiezaak in beginsel moet worden aangeknoopt bij (het bedrag van) de vordering waarover de rechter tegen wiens uitspraak het beroep in cassatie is gericht, had te oordelen. Dit in aanmerking genomen heeft de griffier, gezien art. 2, lid 3, onder d, van genoemde wet zoals dat luidde ten tijde van de eerste uitroeping van de zaak in cassatie, terecht het vast recht bepaald op € 4.824,--. Het verzet is dus ongegrond.</para>
    <para />
    <para>3. Beslissing</para>
    <para />
    <para>De Hoge Raad verklaart het verzet ongegrond.</para>
    <para />
    <para>Deze beschikking is gegeven door de raadsheren J.B. Fleers, als voorzitter, P.C. Kop en F.B. Bakels, en in het openbaar uitgesproken door de vice-president P. Neleman op 25 juni 2004.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>