<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:HR:1980:AC7081</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-21T21:19:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AC7081</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AJ4748</dcterms:replaces>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AM5749</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Hoge_Raad_der_Nederlanden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Hoge Raad</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">1980-12-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">71.858</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#cassatie">Cassatie</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:PHR:1980:AC7081" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/conclusie" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Conclusie: ECLI:NL:PHR:1980:AC7081</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>AB 1981, 237</rdf:li>
          <rdf:li>NJ 1981, 171 met annotatie van Th.W. van Veen</rdf:li>
          <rdf:li>VR 1981, 18 met annotatie van J.J. Bredius</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:1980:AC7081">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:HR:1980:AC7081</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-08-01T11:20:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-02-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:HR:1980:AC7081 Hoge Raad , 23-12-1980 / 71.858</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:HR:1980:AC7081:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het verbod zich met een motorvoertuig binnen de gem. Schiermonnikoog te bevinden is onverbindend.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:HR:1980:AC7081:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>23 december 1980</para>
  <para>strafkamer</para>
  <para>Nr. 71.858</para>
  <para>M.d.W.<?linebreak?></para>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="bold">Hoge Raad der Nederlanden</emphasis>
  </para>
  <para />
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Arrest</emphasis>
    </para>
    <para>
      <?linebreak?>op het beroep in cassatie tegen een vonnis van de Kantonrechter te Leeuwarden van 13 februari 1980 in de strafzaak tegen:<?linebreak?><emphasis role="underline">[verdachte]</emphasis>, geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] , wonende te <emphasis role="underline">[woonplaats]</emphasis>.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">1. De bestreden uitspraak</emphasis>
  </para>
  <para>De Kantonrechter heeft de verdachte ter zake van "overtreding van artikel G 34, sub a van de Algemene Politieverordening voor de gemeente Schiermonnikoog" veroordeeld tot een geldboete van vijftig gulden, subsidiair twee dagen hechtenis.</para>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">2. Het cassatieberoep</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Het beroep is ingesteld door de verdachte. Door deze is een schriftuur ingediend, welke echter eerst op de dag van de terechtzitting – derhalve na afloop van de bij de wet gestelde termijn - ter griffie is ingekomen, zodat de Hoge Raad daarop geen acht kan slaan.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">3. De conclusie van het Openbaar Ministerie</emphasis>
  </para>
  <para>De Advocaat-Generaal Biegman-Hartogh heeft geconcludeerd tot vernietiging van het aangevallen vonnis, met verwijzing van de zaak naar de arrondissementsrechtbank van het ressort teneinde opnieuw te worden berecht en afgedaan.</para>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">4 . Bewezenverklaring</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Ten laste van de verdachte is bewezenverklaard: </para>
    <para>"dat hij op 14 juni 1979, in de gemeente Schiermonnikoog, zich met een motorvoertuig, als bedoeld in artikel A 1 van de Algemene Politieverordening (voor de gemeente Schiermonnikoog), namelijk een personenauto, heeft bevonden binnen de grenzen van eerdergenoemde gemeente".</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">5. De toegepaste verbodsbepaling</emphasis>
  </para>
  <para>Het eerste lid van artikel G 34 van de Algemene Politieverordening voor de gemeente Schiermonnikoog luidt als volgt:</para>
  <parablock>
    <para>"Het is verboden zich:</para>
  </parablock>
  <para>a. met een motorvoertuig en</para>
  <para>b. met een bromfiets</para>
  <para>te bevinden binnen de grenzen van de gemeente Schiermonnikoog".</para>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">6. Ambtshalve beoordeling van de bestreden uitspraak</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>Het stelsel van de Wegenverkeerswet en de ter uitvoering daarvan gegeven voorschriften brengt met zich mee dat, met inachtneming van de daarin gestelde voorwaarden, geboden en verboden, eenieder vrij is aan het verkeer deel te nemen onder andere met motorrijtuigen en bromfietsen. Met dit stelsel is onverenigbaar een door een gemeentelijke wetgever zelfstandig en buiten genoemde voorschriften om uitgevaardigd verbod als vervat in artikel G 34 van de Algemene Politieverordening voor de gemeente Schiermonnikoog. Daaraan doet niet af, dat het gemeentelijk verbod blijkens zijn plaatsing in die verordening beoogt het karakter van het eiland te beschermen. Een zo algemeen en diep in het normale verkeer op de wegen ingrijpend verbod, zij het met een ontheffingsmogelijkheid, is mitsdien onverbindend wegens strijd met de Wegenverkeerswet.</para>
    <para>Het bestreden vonnis kan, nu het bewezenverklaarde ook niet krachtens enige andere bepaling strafbaar is, niet in stand blijven.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <para>
    <emphasis role="underline">7. Beslissing</emphasis>
  </para>
  <parablock>
    <para>De Hoge Raad:</para>
    <para>Vernietigt het bestreden vonnis, voor zover daarbij het bewezenverklaarde strafbaar is verklaard en aan de verdachte deswege straf is opgelegd;</para>
    <para>Verklaart het bewezenverklaarde niet strafbaar;</para>
    <para>Ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.</para>
  </parablock>
  <para />
  <para />
  <parablock>
    <para>Dit arrest is gewezen door de vice-president Moons als voorzitter en de raadsheren Van der Ven, Wijnholt, De Waard en Hermans, in bijzijn van de griffier Sillevis Smitt-Mülder, en uitgesproken op <emphasis role="underline">23 december 1980</emphasis>.</para>
  </parablock>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>