<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2024:336</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-02-22T15:50:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-02-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-02-06</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.290.412_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_goederenrecht">Civiel recht; Goederenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2024:336">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2024:336</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-02-22T15:45:41</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-02-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2024:336 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 06-02-2024 / 200.290.412_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2024:336:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vastlegging in arrest van tussen partijen gemaakte afspraken ter beëindiging van hun geschil.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2024:336:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH      </bridgehead>
    <para>Team Handelsrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 200.290.412/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 6 februari 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>advocaat: mr. A. de Rooij te Leusden,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [geïntimeerde] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>geïntimeerde,</para>
      <para>advocaat: mr. P.W.M. Broekmans te Roermond,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>als vervolg op de door het hof gewezen tussenarresten van 29 juni 2021, 25 juli 2023 en </para>
      <para>21 november 2023 en de rolbeslissing van 19 september 2023 in het hoger beroep van het door de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, onder zaaknummer 8445820 \ CV EXPL 20-1559 gewezen vonnis van 18 november 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De nummering van de tussen partijen op 19 september 2023 gewezen rolbeslissing wordt voortgezet. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>13</nr>Het verloop van de procedure</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>het tussenarrest van 21 november 2023 waarbij het hof partijen in de gelegenheid heeft gesteld alsnog te voldoen aan de vereisten als opgenomen in de rolbeslissing van 19 september 2023, </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de akte houdende eiswijziging van [appellant] van 30 november 2023, </para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de antwoordakte eiswijziging van [geïntimeerde] van 1 december 2023.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>14</nr>De verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>14.1.</nr>
      <para>Partijen hebben afspraken gemaakt ter beëindiging van het geschil. Ter uitvoering van die afspraken is door [appellant] de hiervoor genoemde akte houdende eiswijziging genomen. [appellant] wijzigt zijn eis als volgt:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">“ [appellant] trekt zijn vermeerdering van eis, zoals omschreven onder randnummer 34 sub II van de ‘memorie van grieven tevens houdende akte vermeerdering van eis’ d.d. 1 februari 2022 (hierna: ‘MvG’), in en maakt dus niet langer bezwaar tegen de aanwezigheid van de zes fruitbomen langs de grens van beide percelen. Ook de vordering om [geïntimeerde] te veroordelen in de kosten van beide instanties (MvG randnummer 34 sub III) wordt ingetrokken. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [appellant] verzoekt uw Gerechtshof om [geïntimeerde] te veroordelen om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen arrest álle overhangende takken die boven het perceel van [appellant] hangen te snoeien en teruggesnoeid te houden, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van € 100,00 voor iedere dag, tot een maximum van </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">€ 2.500,00, dat [geïntimeerde] na betekening van het in deze te wijzen arrest in gebreke blijft om aan deze verplichtingen te voldoen”. </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>14.2.</nr>
      <para>
        [geïntimeerde] stelt in zijn antwoordakte eiswijziging akkoord te gaan met de inhoud van de akte houdende eiswijziging van [appellant] en verzoekt het hof arrest te wijzen conform hetgeen daarin door [appellant] is gevorderd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>14.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof begrijpt de eiswijziging zo dat na de eiswijziging het petitum als volgt luidt:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“Dat het uw Gerechtshof moge behagen om bij arrest, uitvoerbaar bij voorraad voor zover de wet dat toelaat, het vonnis van de rechtbank Limburg d.d. 18 november 2020 onder </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">zaak-/rolnummer 8445820 / CV EXPL 20-1559 tussen partijen gewezen, te vernietigen en om opnieuw rechtdoende, zo nodig onder aanvulling en/of verbetering van de gronden:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [geïntimeerde] te veroordelen om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen arrest álle overhangende takken die boven het perceel van [appellant] hangen te snoeien en teruggesnoeid te houden, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">€ 100,00 voor iedere dag, tot een maximum van € 2.500,00, dat [geïntimeerde] na betekening van het in deze te wijzen arrest in gebreke blijft om aan deze verplichtingen te voldoen”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>14.4.</nr>
      <parablock>
        <para>Bij memorie van antwoord heeft [geïntimeerde] veroordeling van [appellant] in de kosten van beide instanties gevorderd. In de e-mail van 4 september 2023 van de advocaat van [appellant] , welke mede namens de advocaat van [geïntimeerde] is verstuurd, staat: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“beide partijen dragen elk de eigen proceskosten”. </emphasis>Het hof begrijpt hieruit dat (ook) [geïntimeerde] niet langer een veroordeling in de proceskosten vordert.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>14.4.</nr>
      <para>Het hof zal zoals hierna onder 15 is opgenomen beslissen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>15</nr>De uitspraak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>15.1.</nr>
      <para>vernietigt het bestreden vonnis van 18 november 2020 gewezen door de kantonrechter van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond, onder zaaknummer 8445820 \ CV EXPL 20-1559;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>en opnieuw rechtdoende:</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>15.2.</nr>
      <parablock>
        <para>veroordeelt [geïntimeerde] om uiterlijk binnen veertien dagen na betekening van het in deze te wijzen arrest álle overhangende takken die boven het perceel van [appellant] hangen te snoeien en teruggesnoeid te houden, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van </para>
        <para>€ 100,00 voor iedere dag dat [geïntimeerde] na betekening van het in deze te wijzen arrest in gebreke blijft om aan deze verplichtingen te voldoen, tot een maximum van € 2.500,00; </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>15.3.</nr>
      <para>verklaart dit arrest voor wat betreft de onder 15.2 opgenomen veroordeling uitvoerbaar bij voorraad;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>15.4.</nr>
      <para>compenseert de kosten van partijen in het hoger beroep, in die zin dat iedere partij de eigen kosten draagt.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mrs. B.E.L.J.C. Verbunt, K.J.H. Hoofs, en R.W. Karskens en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 6 februari 2024</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>	griffier					rolraadsheer</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>