<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2024:1522</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-31T10:50:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-04-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-04-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.334.366_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_burgerlijkProcesrecht">Civiel recht; Burgerlijk procesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBLIM:2023:4361" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg">Eerste aanleg: ECLI:NL:RBLIM:2023:4361</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2024:1522">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2024:1522</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-05-31T10:44:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-05-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2024:1522 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 30-04-2024 / 200.334.366_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2024:1522:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Voorwaardelijk incidentele vordering tot tussenkomst.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2024:1522:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH </bridgehead>
    <para>Team Handelsrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 200.334.366/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 30 april 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen in het incident tot (voorwaardelijke) tussenkomst in de zaak van </para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [de Stichting] ,<?linebreak?>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</title>
    <para>2. <emphasis role="bold">[xxx] Vastgoed Management B.V.,</emphasis><?linebreak?>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
    <para>3. <emphasis role="bold">[appellant] ,</emphasis></para>
    <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para>4.	<emphasis role="bold">[de B.V.] ,</emphasis><?linebreak?>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
    <parablock>
      <para>appellanten in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerders in het (voorwaardelijk) incident,</para>
      <para>hierna tezamen te noemen: [appellanten]</para>
      <para>advocaat: mr. P.H.L.M. Kuypers te Brussel,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Gemeente Heerlen,<?linebreak?>gevestigd te Heerlen,</title>
    <parablock>
      <para>hierna te noemen: de gemeente,</para>
      <para>advocaat: mr. H.C. Lejeune te Maastricht,</para>
      <para>2. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 2] B.V.,</emphasis><?linebreak?>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>hierna te noemen: [geïntimeerden] ,</para>
      <para>advocaat: mr. C. Kroep te Enschede,</para>
      <para>geïntimeerden in de hoofdzaak,</para>
      <para>verweerders in het (voorwaardelijk) incident,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de Stichting] in haar hoedanigheid van lasthebber van Out of Space B.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>hierna te noemen: [de Stichting] als lasthebber,</para>
      <para>advocaat: mr. P.H.L.M. Kuypers te Brussel,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het bij exploot van dagvaarding van 18 oktober 2023 ingeleide hoger beroep van het vonnis van 19 juli 2023, door de rechtbank Limburg, zittingsplaats Maastricht, gewezen tussen [appellanten] als eisers en de gemeente en [geïntimeerden] als gedaagden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/03/290300 / HA ZA 21-175)</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis alsmede het tussenvonnis van 25 januari 2023 en het vonnis in incident van 1 september 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de dagvaarding in hoger beroep;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de memorie van grieven, tevens houdende voorwaardelijke incidentele vordering tot tussenkomst met producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de antwoordconclusie in het (voorwaardelijk) incident van de gemeente;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de antwoordmemorie in het (voorwaardelijk) incident van [geïntimeerden] .</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft daarna een datum voor arrest in het incident bepaald.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">In het incident</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>
          [de Stichting] als lasthebber heeft een voorwaardelijk incident tot tussenkomst opgeworpen uitsluitend voor het geval het hof tot het oordeel komt dat de rechtbank in het bestreden vonnis terecht heeft geoordeeld dat [de Stichting] als lasthebber niet-ontvankelijk is omdat zij van hoedanigheid zou zijn gewisseld en grief 5 van [appellanten] derhalve faalt. </para>
        <para>In dat geval heeft [de Stichting] als lasthebber belang bij tussenkomst omdat Out of Space B.V. nadelige gevolgen kan ondervinden van de uitspraak en Out of Space B.V. aan [de Stichting] (appellant sub 1) de last heeft gegeven om haar belangen te behartigen.</para>
        <para>Indien [de Stichting] als lasthebber wordt toegelaten om tussen te komen, wenst zij in de hoofdzaak dezelfde vorderingen in te stellen als appellant sub 1 in eerste aanleg heeft gedaan.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>De gemeente en [geïntimeerden] hebben tegen de voorwaardelijke tussenkomst van [de Stichting] als lasthebber verweer gevoerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof overweegt als volgt. </para>
        <para>De vordering tot tussenkomst is voorwaardelijk ingesteld, namelijk als het hof tot het oordeel komt dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat [de Stichting] als lasthebber niet-ontvankelijk is en grief 5 van [appellanten] faalt. </para>
        <para>De rechtbank heeft geoordeeld dat [de Stichting] de hoedanigheid waarin zij procedeert in de loop van de procedure heeft gewijzigd. In eerste instantie procedeerde [de Stichting] enkel als collectieve belangenbehartiger op grond van artikel 3:305a BW (enkel en alleen als stichting die opkomt voor de bescherming van gelijksoortige belangen van andere personen, voor zover zij deze belangen ingevolge haar staturen behartigt) terwijl nadien [de Stichting] niet (langer enkel) als formele én materiële procespartij in het kader van de collectieve actie optrad, maar (enkel nog) als formele procespartij die als lasthebber opkomt voor de belangen van Out of Space als materiële procespartij. De rechtbank heeft [de Stichting] als lasthebber dus als formele procespartij beschouwd.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Voor het geval het hof van oordeel zou zijn dat dit oordeel juist is en grief 5 dus niet slaagt, dan blijven de overwegingen van de rechtbank over de gewijzigde hoedanigheid van [de Stichting] in stand en moet [de Stichting] als lasthebber als procespartij worden beschouwd. In dat geval kan een vordering tot tussenkomst niet door [de Stichting] als lasthebber worden ingesteld. Immers, op grond van artikel 217 Rv kan alleen een derde die een belang heeft bij een tussen andere partijen aanhangig geding vorderen om te mogen tussenkomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Voor het geval grief 5 zou slagen, komt het hof niet toe aan toewijzing van de incidentele vordering omdat de voorwaarde waaronder de incidentele vordering is ingesteld, niet is vervuld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>Op grond van het voorgaande zal het hof de incidentele vordering tot tussenkomst dan ook afwijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>De beslissing over proceskostenveroordeling zal worden aangehouden tot de einduitspraak in de hoofdzaak.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">In de hoofdzaak</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>De zaak wordt naar de rol verwezen voor memorie van antwoord aan de zijde van de gemeente en [geïntimeerden] . Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in het incident</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst de vordering af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt de beslissing over de proceskosten aan tot de einduitspraak in de hoofdzaak;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de hoofdzaak: </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 11 juni 2024 voor memorie van antwoord aan de zijde van de gemeente en [geïntimeerden] ;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. S.M.A.M. Venhuizen, E.H. Schulten en J.M.H. Schoenmakers en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 30 april 2024.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	griffier					rolraadsheer</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>