<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2023:2562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-16T15:12:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-08</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2023-08-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.311.238_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_verbintenissenrecht">Civiel recht; Verbintenissenrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2023:2562">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2023:2562</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-08-16T15:01:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-08-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2023:2562 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 08-08-2023 / 200.311.238_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2023:2562:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>minderwerk overeengekomen?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2023:2562:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH</bridgehead>
    <para>Team Handelsrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer 200.311.238/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 8 augustus 2023</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Byldis Prefab B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>appellante,</para>
      <para>hierna aan te duiden als Byldis,</para>
      <para>advocaat: mr. A.J. Exterkate te 's-Hertogenbosch,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [xxx] Beton B.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>geïntimeerde,</para>
      <para>hierna aan te duiden als [geïntimeerde] ,</para>
      <para>advocaat: mr. H.P.C.W. Strang te Rotterdam,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het bij exploot van dagvaarding van 25 april 2022 ingeleide hoger beroep van het vonnis van 23 februari 2022, door de rechtbank Oost-Brabant, zittingsplaats 's-Hertogenbosch, gewezen tussen Byldis als gedaagde in conventie, eiseres in reconventie en [geïntimeerde] als eiseres in conventie, verweerster in reconventie.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg (zaak-/rolnummer C/01/369157 / HA ZA 21-215)</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>de dagvaarding in hoger beroep;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de memorie van grieven met 4 producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de memorie van antwoord met 7 producties;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de mondelinge behandeling, waarbij partijen spreekaantekeningen hebben overgelegd.</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ter zitting heeft Byldis een bijlage bij een e-mail van 14 juni 2023 als aanvullende productie in het geding is gebracht.<?linebreak?>[geïntimeerde] heeft bezwaar gemaakt tegen het in het geding brengen van deze akte op te korte termijn voor de zitting. Het hof acht [geïntimeerde] echter niet in haar verdediging bemoeilijkt door de overlegging van dit stuk. Daartoe acht het hof redengevend dat het enkel gaat om een ontbrekende bijlage bij een door [geïntimeerde] zelf als productie 5 bij memorie van antwoord in het geding gebrachte e-mail.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft daarna een datum voor arrest bepaald. Het hof doet recht op bovenvermelde stukken en de stukken van de eerste aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>In deze zaak gaat het kort gezegd om het volgende. Partijen zijn overeengekomen dat [geïntimeerde] aan Byldis prefab betonelementen voor een prijs van € 2.050.000,-- zou leveren. Byldis heeft de overeengekomen koopsom niet volledig voldaan. [geïntimeerde] vordert in eerste aanleg betaling van € 239.609,15 te vermeerderen met contractuele rente. Byldis voert als verweer zij een bedrag van € 221.218,03 kan verrekenen als minderwerk. Het verschil ad € 18.391,12 wordt door Byldis erkend. Het gaat dus om de vraag of sprake is van een verrekenbare vordering van Byldis in verband met minderwerk.</para>
        <para>De rechtbank heeft die vraag ontkennend beantwoord en Byldis veroordeeld tot betaling van € 244.837,91,vermeerderd met de contractuele rente van 2% per jaar over € 239.609, l5.</para>
        <para>Ook het hof komt in deze uitspraak tot de conclusie dat geen sprake is van overeengekomen minderwerk.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>In dit hoger beroep kan worden uitgegaan van de volgende door de rechtbank vastgestelde feiten, waartegen geen grieven zijn gericht:<?linebreak?></para>
      <paragroup>
        <nr>3.2.1.</nr>
        <parablock>
          <para>In maart 2019 heeft Byldis als opdrachtgever een overeenkomst van opdracht</para>
          <para>gesloten met [geïntimeerde] als opdrachtnemer ten behoeve van de vervaardiging en levering van</para>
          <para>prefab betonelementen voor de bouw van een nieuw kantoorpand.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.2.2.</nr>
        <parablock>
          <para>In de overeenkomst zijn - voor zover van belang - de volgende bepalingen</para>
          <para>opgenomen:.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>DEFINITIES EN INTERPRETATIE</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">De begrippen in deze Overeenkomst aangeduid met een hoofdletter hebben de betekenis</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">die daaraan in onderstaande rechterkolom is toegekend. Waar het enkelvoud wordt gebruikt,</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">wordt ook het meervoud bedoeld en vice versa, indien dit nodig is voor de context. Indien</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">begrippen aangeduid met een hoofdletter hierna niet zijn gedefinieerd, dan geldt de definitie</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">zoals opgenomen in de Algemene Inkoopvoorwaarden.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Overeenkomst </emphasis>
          <emphasis role="italic">	deze overeenkomst ter zake de levering van de Prestatie inclusief de overwegingen, Bijlagen en alle toekomstige wijzigingen daarop;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Prefab betonnen casco onderdelen</emphasis>
          <emphasis role="italic">      	de onder deze Overeenkomst door Opdrachtnemer</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	aan Opdrachtgever te leveren prefab beton casco</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	onderdelen (balken, kolommen, vloeren en wanden),</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	conform de specificaties, zoals opgenomen in de</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	Projectdocumentatie;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Prestatie </emphasis>
          <emphasis role="italic">				de productie en levering van de prefab betonbalken/</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	volplaat betonvloeren die Opdrachtnemer conform</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">                                                                	het bepaalde in deze Overeenkomst ten behoeve van</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">                                                                	Opdrachtgever uitvoert en levert;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Projectdocumentatie: </emphasis>
          <emphasis role="italic">	het bestek en/of technische omschrijvingen,</emphasis>
          <?linebreak?>
          <emphasis role="italic">specificaties, voorschriften, eventuele administratieve bepalingen en voorwaarden, onder</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">                                                                	andere voortvloeiend uit de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">                                                                	Hoofdaannemingsovereenkomst die van toepassing</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">                                                                	zijn op de Prestatie, zoals opgenomen in </emphasis>
          <emphasis role="bold italic">BIJLAGE A</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>INHOUD OVEREENKOMST EN PRIORITERING</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op deze Overeenkomst zijn de volgende documenten van toepassing als ware zij daarin</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">letterlijk opgenomen. In geval van tegenstrijdigheid tussen deze documenten, geldt de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">volgende rangorde in afnemende volgorde:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">1. 	Overeenkomst (exclusief Bijlagen);</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2. 	Projectdocumentatie, aangehecht als </emphasis>
          <emphasis role="bold italic">BIJLAGE A</emphasis>
          <emphasis role="italic">;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">3. 	Algemene Inkoopvoorwaarden (…), aangehecht als </emphasis>
          <emphasis role="bold italic">BIJLAGE D</emphasis>
          <emphasis role="italic">;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>OMVANG PRESTATIE, PLANNING EN COMMUNICATIE</title>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Opdrachtnemer zal de Prestatie uitvoeren en leveren conform het bepaalde in deze</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Overeenkomst. De specifieke (technische) vereisten aan de Prestatie zijn uiteengezet in de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Projectdocumentatie, zoals aangehecht als </emphasis>
          <emphasis role="bold italic">BIJLAGE A</emphasis>
          <emphasis role="italic">.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>5</nr>PRIJS</title>
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Voor de levering van de Prestatie wordt door Opdrachtgever aan Opdrachtnemer de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">volgende prijs betaald:</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">TOTAALPRIJS, EXCL. BTW</emphasis>
          <emphasis role="italic">: 	</emphasis>
          <emphasis role="bold italic">€ 2.050.000</emphasis>
          <emphasis role="italic">,- </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(zegge: twee miljoen en vijftigduizend euro)</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>9</nr>SLOTBEPALINGEN</title>
    <bridgehead role="italic">(…)</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>9.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Wijzigingen en/of aanvullingen op deze Overeenkomst zijn slechts rechtsgeldig voor</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">zover deze schriftelijk zijn vastgelegd in een door beide Partijen ondertekend document.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.2.3.</nr>
        <para>In Bijlage D is -voor zover van belang- het volgende opgenomen:</para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold italic">BIJLAGE D: 	ALGEMENE INKOOPVOORWAARDEN OPDRACHTGEVER</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="bold italic">Artikel 24 Verandering van Werk</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">1. 	Opdrachtgever kan Opdrachtnemer te allen tijde opdragen meerwerk, minderwerk of de    	Prestatie anders (de "</emphasis>
          <emphasis role="bold italic">Verandering van Werk</emphasis>
          <emphasis role="italic">") uit te voeren.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">2. 	Verandering van Werk mag uitsluitend na goedkeuring door en na een schriftelijke</emphasis>
        </para>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">    	opdracht van Opdrachtgever worden uitgevoerd. Opdrachtgever is slechts gehouden door</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">hem schriftelijk opgedragen Verandering van Werk te betalen. Een eventuele (financiële)</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">verrekening van Verandering van Werk wordt, tenzij schriftelijk anders overeengekomen, in</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">onderling overleg bepaald.</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">3. 	Indien Opdrachtnemer van oordeel is dat zich ten aanzien van de Prestatie een</emphasis>
        </para>
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">omstandigheid voordoet die aanleiding zou kunnen vormen voor een Verandering van</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Werk, dan zal Opdrachtnemer terstond, voordat hij het desbetreffende gedeelte van de</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Prestatie voortzet, aan Opdrachtgever verzoeken om in overeenstemming met dit Artikel 24</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">een Verandering van Werk op te dragen.</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.2.4.</nr>
        <para>In de zomer van 2020 zijn door [geïntimeerde] de laatste elementen aan Byldis geleverd.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.2.5.</nr>
        <para>Byldis heeft de laatste 8 facturen van [geïntimeerde] , ondanks aanmaning, niet voldaan.</para>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>In de onderhavige procedure vorderde [geïntimeerde] , zoveel mogelijk uitvoerbaar bij voorraad,:</para>
      <para>- Byldis te veroordelen tot betaling aan [geïntimeerde] € 239.609,15, te vermeerderen met een bedrag van € 5.228,76 zijnde de contractuele rente van 2% vanaf de respectievelijke vervaldata van de facturen tot en met 7 februari 2021 en te vermeerderen met verdere contractuele rente na 7 februari 2021;</para>
      <para>- Byldis te veroordelen in de kosten van dit geding, de kosten van de beslaglegging en een</para>
      <para>vergoeding voor de buitengerechtelijke kosten daaronder begrepen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>Byldis heeft gemotiveerd verweer gevoerd en (voorwaardelijk) in reconventie gevorderd om [geïntimeerde] te veroordelen tot betaling van een bedrag van € 221.218,03, althans € 203.453,47 en buitengerechtelijke incassokosten en handelsrente, althans wettelijke rente vanaf 29 september 2020. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>
        [geïntimeerde] heeft gemotiveerd verweer gevoerd tegen de vordering in reconventie.  </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>In het bestreden vonnis heeft de rechtbank overwogen dat is gebleken dat Byldis geen minderwerk heeft opgedragen. Op grond daarvan is de vordering van [geïntimeerde]  toegewezen, zoals in het bestreden vonnis vermeld, en de minderwerkvordering in (voorwaardelijke) reconventie afgewezen. Daarnaast is Byldis veroordeeld in de buitengerechtelijke kosten, beslagkosten en proceskosten aan de zijde van [geïntimeerde] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Byldis vordert in hoger beroep om de vorderingen van [geïntimeerde] alsnog af te wijzen, althans de vorderingen van Byldis in (voorwaardelijke) reconventie alsnog toe te wijzen, met veroordeling van [geïntimeerde] tot betaling aan Byldis van € 245.090,31, althans € 226.935,71, te vermeerderen met wettelijke rente en veroordeling van [geïntimeerde] in de proceskosten in eerste aanleg en in hoger beroep.<?linebreak?>Byldis heeft daartoe 13 grieven aangevoerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <parablock>
        <para>Met de grieven 1 tot en met 9 komt Byldis op tegen de overwegingen van de rechtbank die ten grondslag liggen aan de afwijzing van het beroep op minderwerk door Byldis.</para>
        <para>De bezwaren van Byldis vallen uiteen in de volgende onderdelen: <?linebreak?>a. de rechtbank heeft ten onrechte overwogen dat art. 9.2 van de overeenkomst en niet art 24 van de Algemene Inkoopvoorwaarden (hierna: AIV) van Byldis van toepassing is op te verrichten minderwerk;</para>
      </parablock>
      <para>b. de rechtbank heeft ten onrechte geen gewicht toegekend aan het feit dat [geïntimeerde] bekend was met de wijzigingen en dat [geïntimeerde] op basis van de elementboekjes ook kon nagaan in hoeverre de aantallen van de te produceren betonelementen zouden afwijken van de opgegeven aantallen op basis waarvan de overeenkomst is gesloten conform de opdrachtbevestiging van [geïntimeerde] ;</para>
      <para>c. Op grond van art. 9.3 van de overeenkomst is Byldis enkel gehouden te betalen voor dat deel van de prestatie dat daadwerkelijk is verricht door [geïntimeerde] . De rechtbank heeft miskend dat een deel van de prestatie (te weten het minderwerk) niet is verricht door [geïntimeerde] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <para>Het hof overweegt hierover het volgende.<?linebreak?>Als uitgangspunt heeft te gelden dat partijen in beginsel levering van een aantal prefab betonelementen door [geïntimeerde] zijn overeengekomen voor een vaste prijs (€ 2.050.000,--). [geïntimeerde] heeft in eerste aanleg, bij memorie van antwoord (en ter zitting herhaald) gesteld dat Byldis een vaste prijs wilde en om die reden niet wilde dat de opdrachtbevestiging van [geïntimeerde] van 26 september 2018, waarin [geïntimeerde] een nadere onderbouwing voor de prijs geeft, onderdeel uit maakte van de overeenkomst. Die stelling is door Byldis niet betwist en het hof gaat uit van de juistheid van die stelling.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Is voldaan aan de contractuele maatstaf voor verrekening van minderwerk?</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.9.1.</nr>
        <para>Byldis voert aan dat de rechtbank ten onrechte van de contractuele maatstaf zoals vermeld in art. 9.2 van de overeenkomst is uitgegaan in plaats van art. 24 van de AIV van Byldis. Dat laatste artikel is volgens Byldis van toepassing op minderwerk. </para>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.2.</nr>
        <parablock>
          <para>Het hof overweegt hierover het volgende.</para>
          <para>Art. 9.2 bepaalt: <?linebreak?>“<emphasis role="italic">Wijzigingen en/of aanvullingen op deze Overeenkomst zijn slechts rechtsgeldig voor zover deze schriftelijk zijn vastgelegd in een door beide Partijen ondertekend document.”</emphasis></para>
          <para>Art. 24 AIV bepaalt: <?linebreak?><emphasis role="italic">“Opdrachtgever kan Opdrachtnemer te allen tijde opdragen meerwerk, minderwerk of de Prestatie anders (de "Verandering van Werk") uit te voeren.</emphasis></para>
          <para>
            <emphasis role="italic">2. Verandering van Werk mag uitsluitend na goedkeuring door en na een schriftelijke</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">opdracht van Opdrachtgever worden uitgevoerd.” </emphasis>
            <?linebreak?>
          </para>
        </parablock>
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.3.</nr>
        <parablock>
          <para>Ingevolge beide artikelen is een schriftelijke opdracht voor minderwerk vereist.</para>
          <para>In het licht van de overeengekomen vaste prijs voor de prestatie en de aan zowel artikel 9.2 van de overeenkomst als art 24 AIV ten grondslag liggende gedachte dat voor beide partijen voldoende duidelijk moet zijn of sprake is van meer- of minderwerk en de financiële gevolgen daarvan, dient een dergelijke opdracht tot het verrichten van minderwerk voldoende duidelijk te zijn voor de wederpartij. Dat geldt te meer nu Byldis stelt dat sprake is van substantieel minderwerk tot een bedrag van € 221.218,03, althans € 203.453,47 (ruim 10% van de overeengekomen vaste prijs voor de prestatie).</para>
          <para>Van een dergelijke voor [geïntimeerde] duidelijke opdracht tot minderwerk en de financiële gevolgen daarvan blijkt niet uit het dossier.</para>
          <para>Daartoe overweegt het hof het volgende. Byldis voert ter adstructie van haar stelling dat zij minderwerk heeft opgedragen en dat [geïntimeerde] daarmee akkoord is gegaan het volgende aan in de conclusie van antwoord in conventie<emphasis role="italic">:</emphasis><?linebreak?><emphasis role="italic">“ [geïntimeerde] was - in lijn met Categorie 1 van de KIWA-criteria 73/07 - gehouden om op basis van de door Byldis aan te leveren specificaties en tekeningen te produceren en leveren. Byldis heeft waar het gaat om voornoemde gegevens onder andere de firma [---] Ingenieurs B.V. (hierna: [---] ingeschakeld. [---] bewerkte de tekeningen van de architect en vervolgens werden deze verstrekt aan [geïntimeerde] .</emphasis>(…)<?linebreak?><emphasis role="italic">Na het sluiten van de Overeenkomst hebben er wijzigingen in het ontwerp van het door Byldis te bouwen werk plaatsgevonden. [geïntimeerde] was hiervan op de hoogte. [---] heeft de</emphasis></para>
          <para>
            <emphasis role="italic">wijzigingen verwerkt in plattegrondtekeningen en vervolgens heeft [---] de elementboekjes opgemaakt. Op basis van de elementboekjes kan exact worden vastgesteld welke betonelementen en aantallen [geïntimeerde] diende te produceren en te leveren. Op basis van de elementboekjes kon door [geïntimeerde] exact worden vastgesteld welke wijzigingen zich hadden voorgedaan. [geïntimeerde] kon exact vaststellen welke betonelementen zij ten opzichte van de in haar Opdrachtbevestiging genoemde aantallen meer of minder diende te produceren en te leveren.</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">
              [geïntimeerde] heeft de elementboekjes - zonder nadere opmerkingen hierover of bezwaar hiertegen - in ontvangst genomen en geaccepteerd en heeft op basis hiervan haar werkzaamheden</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">uitgevoerd.</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Uit voornoemde elementboekjes van [---] volgt het thans ter discussie staande minderwerk.</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Kortom: [geïntimeerde] was bekend met de wijzigingen en uit de elementboekjes kon worden</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">opgemaakt dat ten aanzien van bepaalde betonelementen meer of minder onderdelen diende</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">te worden gefabriceerd en geleverd en dus ten aanzien van bepaalde elementen meer of minderwerk door [geïntimeerde] hoefde te worden verricht.</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">Het feit dat [geïntimeerde] deze wijzigingen heeft geaccepteerd en ook uitgevoerd, maakt dat zij</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">daarmee tevens akkoord is gegaan met het hieruit voortvloeiende minderwerk.</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.4.</nr>
        <para>In hoger beroep heeft Byldis daar nog het volgende aan toegevoegd:<?linebreak?><emphasis role="italic">Dat [geïntimeerde] bekend was met de wijzigingen, blijkt ook uit het feit dat [geïntimeerde] wel meerwerken in rekeningen heeft gebracht bij Byldis. Op basis van de elementboekjes kon [geïntimeerde] dus ook nagaan in hoeverre de aantallen van de te produceren betonelementen zouden afwijken van de opgegeven aantallen op basis waarvan de Overeenkomst is gesloten en [geïntimeerde] daaraan voorafgaand een opdrachtbevestiging heeft verstuurd.</emphasis></para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.5.</nr>
        <para>Uit het vorenstaande blijkt dat -ook volgens de stellingen van Byldis- nimmer uitdrukkelijk melding is gemaakt van te verrekenen minderwerk. Dat [geïntimeerde] uit nadere ontwerptekeningen en de toegezonden elementenboekjes had moeten begrijpen dat sprake was van te verrekenen minderwerk overtuigt evenmin. De toezending van de elementenboekjes was immers sowieso noodzakelijk in verband met de nadere detaillering van de te vervaardigen betonelementen, zo is ook van de zijde van Byldis erkend. Niet valt in te zien dat [geïntimeerde] naar aanleiding van de toezending van de elementenboekjes en gewijzigde aantallen betonelementen daarin zich had moeten realiseren dat daaruit verrekenbaar minderwerk voortvloeide. Dat geldt te meer nu partijen een vaste prijs waren overeengekomen voor de door [geïntimeerde] te leveren prestatie.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.6.</nr>
        <para>Dat partijen naar aanleiding van de ontwerpwijziging ook meerwerk zijn overeengekomen doet daaraan niet af. Daarbij neemt het hof in aanmerking dat, anders dan voor het door Byldis gestelde minderwerk, bij het meerwerk telkens uitdrukkelijk overleg tussen partijen heeft plaatsgevonden over het te verrichten meerwerk en de financiële gevolgen daarvan.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>3.9.7.</nr>
        <para>Het voorgaande leidt tot de conclusie dat de grieven 1 tot en met 8 falen en dat, ook indien de maatstaf van art 24 AIV wordt gehanteerd, geen sprake is van een verrekenbare minderwerkvordering van Byldis.</para>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>Door Byldis is een algemeen bewijsaanbod gedaan. Er zijn echter geen stellingen, feiten en omstandigheden te bewijzen aangeboden die, indien bewezen, tot een ander oordeel leiden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <para>Met grief 9 voert Byldis aan dat de rechtbank ten onrechte haar beroep op art 9.3 van haar AIV niet bij de beoordeling heeft betrokken.</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>3.11.1.</nr>
        <parablock>
          <para>Het hof overweegt hierover het volgende.</para>
          <para>Art. 9 lid 3 van de AIV bepaalt onder meer:</para>
          <para>
            <emphasis role="italic">“Opdrachtgever zal slechts betalen:</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">b. als de Prestatie of het gedeelte daarvan waarop een</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">(termijn)betaling betrekking heeft door Opdrachtnemer naar</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">genoegen van Opdrachtgever is (op)geleverd</emphasis>
          </para>
          <para>
            <emphasis role="italic">(…)”</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Het betoog van Byldis dat [geïntimeerde] niet de gehele prestatie heeft opgeleverd slaagt niet. In de overeenkomst is de Prestatie namelijk gedefinieerd als de productie en levering van de prefab betonbalken/volplaat betonvloeren die Opdrachtnemer conform het bepaalde in deze Overeenkomst ten behoeve van Opdrachtgever uitvoert en levert. Vervolgens bepaalt artikel 4 van de overeenkomst dat de specifieke (technische) vereisten aan de Prestatie zijn uiteengezet in de Projectdocumentatie, zoals aangehecht als BIJLAGE A.</para>
          <para>Bijlage A bepaalt onder meer:<?linebreak?><emphasis role="italic">“De werkzaamheden worden uitgevoerd conform categorie 1 van de KIWA Criteria 73107.</emphasis></para>
          <para>
            <emphasis role="italic">HOEVEELHEDEN EN SPECIFICATIES : Zie tekeningen.”</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
        <parablock>
          <para>Ter zitting is zijdens Byldis op vragen van het hof verklaard dat de elementenboekjes van Byldis vereist waren in verband met detaillering van de specificaties en noodzakelijk voor de vervaardiging van die prefab betonelementen.</para>
          <para>Vaststaat dat [geïntimeerde] de betonelementen heeft geleverd overeenkomstig de nadere specificaties van Byldis. Daarmee heeft [geïntimeerde] , mede gelet op hetgeen hiervoor over het minderwerk is overwogen, de overeengekomen prestatie verricht. Grief 9 faalt.</para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.12.</nr>
      <para>Grief 10 en 13 hebben geen zelfstandige betekenis.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.13.</nr>
      <parablock>
        <para>Met grief 11 komt Byldis op tegen de toewijzing van de buitengerechtelijke incassokosten door de rechtbank. Zij bouwt voort op het slagen van de grieven 1 tot en met 9 en op toewijzing van haar verrekenbare vordering wegens minderwerk. Met het falen van de grieven 1 tot en met 9 faalt ook grief 11.</para>
        <para>Hetzelfde geldt voor grief 12 die ziet op de toewijzing van beslag- en proceskosten door de rechtbank.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.14.</nr>
      <para>Het voorgaande betekent dat het vonnis van de rechtbank wordt bekrachtigd en de vorderingen van Byldis, die strekken tot terugbetaling van hetgeen op grond van het bestreden vonnis is betaald en tot veroordeling van [geïntimeerde] in de proceskosten worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.15.</nr>
      <para>Byldis wordt als de in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van [geïntimeerde] zoals hierna in de beslissing vermeld. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De uitspraak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bekrachtigt het tussen partijen op 23 februari 2022 gewezen vonnis;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst de vorderingen van Byldis in hoger beroep af;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt Byldis in de proceskosten aan de zijde van [geïntimeerde] tot op heden begroot op € 5.689,-- aan griffierecht en € 8.623,-- aan proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente indien niet voldaan is aan deze veroordeling met ingang van de vijftiende dag na betekening van dit arrest;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart de veroordelingen tot betaling uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. P.P.M. Rousseau, Z.D. van Heesen-Laclé en mr. P.S. Kamminga en is in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 8 augustus 2023.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>griffier					rolraadsheer</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>