<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2022:1389</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-06T14:08:09</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-04-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-04-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.293.907_01 200.293.910_01 200.294.050_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHSHE:2023:3540" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Einduitspraak: ECLI:NL:GHSHE:2023:3540</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2022:1389">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2022:1389</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-11-06T14:07:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2023-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2022:1389 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 28-04-2022 / 200.293.907_01 200.293.910_01 200.294.050_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2022:1389:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>personen- en familierecht; huwelijksvermogensrecht; is aan de periodieke verrekenplicht uit de huwelijkse voorwaarden voldaan?; partneralimentatie</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2022:1389:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Team familie- en jeugdrecht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummers:		200.293.907/01 (partneralimentatie), 200.293.910/01 (afwikkeling huwelijks voorwaarden) en 200.294.050/01 (partneralimentatie)</para>
      <para>zaaknummer rechtbank:	C/02/358149/ FA RK 19-2263</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van de meervoudige kamer van 28 april 2022</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vrouw]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummers 200.293.907 en 910/01</emphasis>:</para>
      <para>verzoekster in het principaal hoger beroep, </para>
      <para>verweerster in het incidenteel hoger beroep,</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummer 200.294.050/01:</emphasis>
      </para>
      <para>verweerster in hoger beroep,</para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw,</para>
      <para>advocaat mr. K.T.J.M. Pijls-olde Scheper te Roosendaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de man]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummers 200.293.907 en 910/01</emphasis>:</para>
      <para>verweerder in het principaal hoger beroep,</para>
      <para>verzoeker in het incidenteel hoger beroep,</para>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummer 200.294.050/01:</emphasis>
      </para>
      <para>verzoeker in hoger beroep,</para>
      <para>hierna te noemen: de man,</para>
      <para>advocaat mr. E.K.E. van Herk te Amsterdam.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding in eerste aanleg</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verwijst voor het verloop van het geding in eerste aanleg naar de beschikking van de rechtbank Zeeland-West-Brabant (Breda) van 9 februari 2021, uitgesproken onder voormeld zaaknummer.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De gedingen in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met nummers 200.293.907 en 910/01</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>De vrouw is op 5 mei 2021 in hoger beroep gekomen van voormelde beschikking.</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.1.1.</nr>
        <para>De man heeft op 10 augustus 2021 een verweerschrift tevens houdende incidenteel hoger beroep en aanvullend verzoek ingediend.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.1.2.</nr>
        <para>De vrouw heeft op 22 september 2021 een verweerschrift op het incidenteel hoger beroep tevens houdende verzoek tot voeging met de zaak met nummer 200.294.050/01 ingediend.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.1.3.</nr>
        <para>De alimentatiekwestie en de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden zijn afgesplitst en ingeschreven onder de zaaknummers 200.293.907/01 (partneralimentatie) en 200.293.910/01 (verdeling/afwikkeling huwelijkse voorwaarden). </para>
        <para />
        <parablock>
          <para>
            <emphasis role="italic">in de zaak met nummer 200.294.050/01:</emphasis>
          </para>
        </parablock>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>De man is op 7 mei 2021 in hoger beroep gekomen van voormelde beschikking van 9 februari 2021.</para>
      <para />
      <paragroup>
        <nr>2.2.1.</nr>
        <para>De vrouw heeft op 9 augustus 2021 een verweerschrift ingediend.</para>
        <para />
      </paragroup>
      <paragroup>
        <nr>2.2.2.</nr>
        <para>Deze zaak betreft de partneralimentatie.</para>
        <para />
      </paragroup>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij het hof zijn voorts ingekomen:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">in alle zaken:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>van de zijde van de vrouw: </para>
      </parablock>
      <para>- een journaalbericht van 23 maart 2022 met prod. 30 t/m 44;</para>
      <para>- een journaalbericht van 1 april 2022 met prod. 45;</para>
      <para>- op verzoek van het hof op 4 april 2022 de ontbrekende prod. 51 t/m 70 uit de eerste aanleg;</para>
      <para>- de reactie van 4 april 2022 op het bezwaar van de man van 1 april 2022;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>van de zijde van de man:</para>
      </parablock>
      <para>- een journaalbericht van 27 maart 2022 met prod. H2 t/m H24;</para>
      <para>- een journaalbericht van 1 april 2022 met een aanvulling op prod. H2;</para>
      <para>- het bezwaar van 4 april 2022 tegen prod. 45;</para>
      <para>- een journaalbericht van 5 april 2022 met aanvullingen op prod. H2.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Gelet op de onderlinge samenhang van de zaken, heeft het hof, op verzoek van de vrouw en met instemming van de man, de drie zaken gevoegd behandeld en wordt er bij één beschikking op beslist.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 6 april 2022. Partijen zijn in persoon verschenen, de vrouw bijgestaan door mr. Pijls-olde Scheper en mr. M. Heesmans, de man bijgestaan door mr. Van Herk en mr. C. Boussibi. De advocaten van beide partijen hebben ter zitting pleitnotities overgelegd.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De motivering van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>Bij aanvang van de mondelinge behandeling is het bezwaar van de man tegen toelating van productie 45 besproken. Volgens de man heeft de vrouw deze productie te laat, namelijk in strijd met de 10-dagen termijn, ingediend. Van de kant van de vrouw is er op gewezen dat ook de man stukken buiten de 10-dagen termijn heeft ingediend. Partijen hebben er daarop mee ingestemd dat over en weer alle stukken worden meegenomen. Voor zover productie 45 een grief- of eiswijziging inhoudt, heeft de man daar wel bezwaar tegen gemaakt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Het gaat in deze zaak om partneralimentatie en de afwikkeling van de huwelijkse voorwaarden van partijen. Het hof acht zich onvoldoende geïnformeerd om over dit laatste onderwerp te beslissen. Uit het oogpunt van doelmatigheid zal het hof, alvorens de zaak verder te behandelen, op grond van het bepaalde in art. 22 Rv. partijen bevelen over te leggen: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de bij oprichting van [B.V. 1] bv opgemaakte inbrengbeschrijving;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de inbrengakte en</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para>- deskundigenverklaring als bedoeld in het toen geldende art. 2:204a BW.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het hof zal iedere verdere beslissing aanhouden.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">op het principaal en incidenteel appel</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met zaaknummers 200.293.907/01 en 200.293.910/01</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt partijen uiterlijk binnen zes weken na de datum van deze beschikking de inbrengbeschrijving, inbrengakte en deskundigenverklaring als bedoeld in rov. 3.2. over te leggen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere beslissing aan;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak met zaaknummer 200.294.050/01</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. G.J. Vossestein, P.P.M. van Reijsen en M.J. van Laarhoven en is op 28 april 2022 uitgesproken in het openbaar door mr. P.P.M. van Reijsen in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>