<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2018:847</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-27T17:02:30</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-02-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-02-08</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">01-880184-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#raadkamer">Raadkamer</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#beschikking">Beschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2018:847">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2018:847</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-02-27T16:40:32</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-02-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2018:847 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 08-02-2018 / 01-880184-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2018:847:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het uitgangspunt dat de verdachte zijn berechting in vrijheid af mag wachten is niet zonder meer nog aan de orde nu er sprake is van een berechting en een veroordelend vonnis door een daartoe bevoegde rechter. Daaraan doet volgens rechtspraak van het EHRM niet af dat het vonnis nog niet in kracht van gewijsde is gegaan.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2018:847:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH</bridgehead>
    <para>Afdeling strafrecht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Parketnummer 1e aanleg	: [nummer]</para>
      <para>Parketnummer			: [nummer]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het gerechtshof ’s-Hertogenbosch heeft gezien de vordering van de advocaat-generaal van [datum] strekkende tot verlenging van de geldigheidsduur van het bevel tot gevangenhouding van </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verdachte]
        </emphasis>
      </para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum]</para>
      <para>wonende te [adres]</para>
      <para>thans gedetineerd te [detentieplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit bevel is op grond van artikel 66, tweede lid, van het Wetboek van Strafvordering, van kracht tot [datum] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gezien de vordering van de advocaat-generaal tot verlenging van de gevangenhouding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gehoord de advocaat-generaal, de verdachte en haar raadsman.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman  heeft zich gerefereerd aan het oordeel van het hof voor wat betreft de</para>
      <para>verlenging van de gevangenhouding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verdachte is verzocht de voorlopige hechtenis te schorsen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennis genomen van relevante stukken uit het dossier.</para>
      <para>Daaruit blijkt dat verdachte bij vonnis van [datum] in eerste aanleg veroordeeld is  tot onder meer een gevangenisstraf voor de duur van zes jaar met aftrek wegens kort gezegd </para>
      <para>medeplichtigheid aan moord.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen dit vonnis is verdachte tijdig in beroep gekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De voorlopige hechtenis van verdachte is bij beslissing van de rechtbank op [datum]</para>
      <para> geschorst. Deze schorsing is bij even vermeld vonnis opgeheven aangezien de   rechtbank van oordeel is dat het belang van de samenleving en de belangen van de nabestaanden van het slachtoffer vereisen dat verdachte (weer) vast komt te zitten, ook al zou dat in afwachting zijn van een uitspraak in hoger beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verdachte is betoogd dat nu de voorlopige  hechtenis eerder gedurende lange tijd is</para>
      <para>geschorst er thans geen reden is om de voorlopige hechtenis weer te doen herleven door het opheffen van de schorsing. Voorts is aangevoerd dat verdachte psychische problemen heeft, haar woning wil behouden en de zorg voor haar dieren heeft.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof overweegt als volgt.</para>
      <para>Verdachte is tot een langdurige gevangenisstraf veroordeeld wegens medeplichtigheid aan</para>
      <para>moord. Door het veroordelend vonnis is de vrijheidsbeneming van verdachte niet langer</para>
      <para>gebaseerd op artikel 5 lid 1 sub c EVRM maar op artikel 5 lid 1 sub a EVRM waarin is</para>
      <para>bepaald dat het recht op vrijheid is uitgezonderd wanneer de verdachte op rechtmatige wijze</para>
      <para>is gedetineerd na veroordeling door een daartoe bevoegde rechter. In een dergelijk geval is</para>
      <para>het uitgangspunt dat de verdachte haar berechting in vrijheid mag afwachten niet zonder</para>
      <para>meer nog aan de orde nu er sprake is van een berechting en een veroordelend vonnis door</para>
      <para>een daartoe bevoegde rechter. Daaraan doet volgens vaste rechtspraak van het EHRM niet af</para>
      <para>dat het vonnis nog niet in kracht van gewijsde is gegaan.</para>
      <para>Dat laat onverlet dat ook in geval van een veroordelend vonnis een afweging van belangen</para>
      <para>dient plaats te vinden waarbij naar het oordeel van het hof heeft te gelden dat aan de</para>
      <para>persoonlijke belangen van de verdachte zwaardere eisen gesteld mogen worden. Daarbij zal</para>
      <para>het dienen te gaan om bijzonder zwaarwichtige belangen de persoon van de verdachte</para>
      <para>betreffende op basis waarvan het belang dat de samenleving heeft bij voortzetting van de</para>
      <para>voorlopige hechtenis dient te wijken voor het persoonlijk belang dat verdachte heeft bij het</para>
      <para>in vrijheid afwachten van de berechting in hoger beroep. De rechtbank heeft die hernieuwde</para>
      <para>afweging gemaakt en het hof stemt in met deze afweging en de motivering ervan, nu de</para>
      <para>namens verdachte naar voren gebrachte persoonlijke omstandigheden door het hof niet</para>
      <para>worden beschouwd als voldoende bijzonder zwaarwichtig.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof wijst toe de vordering tot verlenging van de gevangenhouding voor de duur van 120</para>
      <para>dagen en wijst af het verzoek tot schorsing.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">BESCHIKKENDE:</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verlengt</emphasis> de geldigheidsduur van het bevel tot gevangenhouding van verdachte voor een termijn van honderdtwintig dagen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Wijst af het verzoek tot schorsing van de voorlopige hechtenis.</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan op 8 februari 2018 door</para>
      <para>mr. R.A.T.M. Dekkers, voorzitter, mr. F.J.M. Walstock en mr. G.P.M.F. Mols, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mw. B. Yazi-Koçyilmaz, griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal gelast de tenuitvoerlegging van vorenstaande beschikking en brengt deze ter kennis van verdachte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>’s-Hertogenbosch, 8 februari 2018 </para>
      <para>De advocaat-generaal,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Gezien d.d.</para>
      <para>De Directeur van thans gedetineerd te [detentieplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>