<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2014:2200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-29T18:45:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-07-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">HV200.135.991_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2014:2200">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2014:2200</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-07-23T08:16:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-07-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2014:2200 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 17-07-2014 / HV200.135.991_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2014:2200:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Partneralimentatie. Bijdrage jong meerderjarige</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2014:2200:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF 's-HERTOGENBOSCH</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uitspraak: 17 juli 2014</para>
      <para>Zaaknummer: HV 200.135.991/01</para>
      <para>Zaaknummer eerste aanleg: C/04/120157/ FA RK 12-1859</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak in hoger beroep van:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">
          [de man]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats], </para>
      <para>appellant,</para>
      <para>hierna te noemen: de man,</para>
      <para>advocaat: mr. N.M.F. Statnik,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">
          [de vrouw]
        </emphasis>, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold underline">
          [de dochter]
        </emphasis>
        <emphasis role="bold">, </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beiden wonende te [woonplaats],</para>
      <para>verweersters,</para>
      <para>hierna te noemen: de vrouw respectievelijk [de dochter],</para>
      <para>advocaat: mr. R. Schoonbrood.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verwijst naar de beschikking van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond van 24 juli 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Bij beroepschrift met producties, ingekomen ter griffie op 23 oktober 2013, heeft de man verzocht voormelde beschikking te vernietigen, voor zover het betreft de vaststelling van een door de man aan de vrouw te betalen bijdrage in het levensonderhoud van [de dochter] en in het levensonderhoud van de vrouw en, naar het hof begrijpt, de verzoeken van de vrouw tot betaling van een bijdrage ten behoeve van [de dochter] en haarzelf alsnog af te wijzen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Er is geen verweerschrift ingekomen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft plaatsgevonden op 22 mei 2014. Bij die gelegenheid zijn gehoord: </para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>de man, bijgestaan door mr. Statnik;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de vrouw en [de dochter], bijgestaan door mr. Schoonbrood.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Het hof heeft voorts kennisgenomen van de inhoud van:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het V6-formulier met bijlagen van de advocaat van de vrouw en [de dochter] d.d. 8 mei 2014;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het V6-formulier met bijlagen van de advocaat van de man d.d. 9 mei 2014.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>De man en de vrouw zijn op 23 oktober 1991 gehuwd.</para>
        <para>Uit het huwelijk van de man en de vrouw is, voor zover thans van belang, geboren:</para>
        <para>-	[de dochter], op [geboortedatum] 1996 te [geboorteplaats]. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Bij de bestreden beschikking heeft de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond tussen partijen de echtscheiding uitgesproken, welke beschikking op 17 maart 2014 is ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bij deze beschikking heeft de rechtbank voorts, voor zover thans van belang, bepaald dat de man met ingang van de dag dat de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand  als bijdrage in de kosten van verzorging en opvoeding, thans levensonderhoud en studie van [de dochter] moet voldoen een bedrag van € 250,= per maand en als bijdrage in het levensonderhoud van de vrouw een bedrag van € 800,= per maand.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>De man kan zich met deze beslissing niet verenigen en hij is hiervan in hoger beroep gekomen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De grieven van de man richten zich tegen de behoeftigheid van de vrouw en de draagkracht van de man en lenen zich voor een gezamenlijke bespreking.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Ingangsdatum </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>De ingangsdatum van de vastgestelde onderhoudsbijdragen, zijnde de dag dat de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand, derhalve 17 maart 2014, is tussen partijen niet in geschil, zodat ook het hof die datum als uitgangspunt zal nemen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Behoefte [de dochter]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6.</nr>
      <para>De behoefte van [de dochter] aan een bijdrage van € 250,= per maand is in hoger beroep niet in geschil. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Draagkracht man</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten behoeve van [de dochter] </emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7.</nr>
      <para>Vervolgens dient de draagkracht te worden beoordeeld. Het hof volgt in dit opzicht de nieuwe richtlijn van de Werkgroep Alimentatienormen die geldt per 1 april 2013. Hierbij is het netto besteedbaar inkomen (NBI) van de alimentatieplichtige het uitgangspunt. Het bedrag aan draagkracht voor inkomens vanaf een netto besteedbaar inkomen (NBI) van  € 1.500,- wordt vastgesteld aan de hand van de formule 70% x [NBI – (0,3 NBI + € 860)]. Voor de lagere inkomens (beneden een netto besteedbaar inkomen van € 1.500,-) zijn vaste bedragen per categorie van toepassing, volgens de gepubliceerde tabellen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.8.</nr>
      <para>Het jaarinkomen van de man is niet in geschil en bedraagt € 45.170,27 per jaar, inclusief vakantietoeslag. De pensioeninhouding van € 1.866,24 per jaar en de inhouding WIA-hiaatverzekering van € 97,08 per jaar zijn eveneens niet in geschil.  </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De man heeft recht op de volgende heffingskortingen:</para>
      </parablock>
      <para>- de algemene heffingskorting;</para>
      <para>- de arbeidskorting, </para>
      <para>maar niet meer dan de ingehouden loonheffing.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op grond van het vorenstaande stelt het hof het netto besteedbaar inkomen van de man op een bedrag van € 2.485,= per maand. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.9.</nr>
      <parablock>
        <para>Voor de toepassing van voormelde formule kan met bepaalde lasten die tussen de onderhoudsplichtigen vast staan en drukken op de draagkracht van de onderhoudsplichtige, zoals dubbele woonlasten en huwelijkse schulden, rekening worden gehouden door het draagkrachtloosinkomen daarmee te verhogen. Naar het oordeel van het hof is hiervan sprake aan de zijde van de man. Het hof zal als eerste rekening houden met de dubbele woonlasten van de man uit hoofde van de voormalige echtelijke woning door het draagkrachtloos inkomen te verhogen met de helft van de netto maandelijkse hypotheeklasten ad € 334,=, de helft van de premie verzekering ad € 75,= en de helft van de forfaitaire eigenaarslasten ad € 47,50. </para>
        <para>Voorts zal het hof rekening houden met de maandlasten van de volgende huwelijkse schulden die ter zitting van het hof zijn besproken: </para>
      </parablock>
      <para>- [X] ad € 50,= per maand, einddatum onbekend;</para>
      <para>- CZ ad € 60,= per maand, einddatum 1 februari 2016;</para>
      <para>- NEM ad € 82,= per maand, einddatum 28 juli 2014;</para>
      <para>- CVZ via [tussenpersoon] ad € 94,= per maand, einddatum 30 augustus 2014;</para>
      <para>- CZ via Flanderijn ad € 50,= per maand, einddatum 30 juni 2014; </para>
      <para>- Waterleiding maatschappij Limburg via Intrum Justitia ad € 50,= per maand, einddatum 31 augustus 2014. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op basis van het vorenstaande heeft de man volgens de formule geen draagkracht. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.10.</nr>
      <para>Daar een aantal schulden binnenkort volledig zal zijn voldaan, zal het hof – uit praktische overwegingen, teneinde een verdeling in kleine periodes, met geringe effecten, te voorkomen – met ingang van 1 augustus 2014 de draagkracht opnieuw bepalen en vanaf dat moment geen rekening meer houden met de schulden aan NEM, CVZ, CZ en Waterleiding maatschappij Limburg. Op basis hiervan heeft de man echter ook na 1 augustus 2014 nog altijd geen draagkracht om bij te dragen in de kosten van levensonderhoud en studie van [de dochter]. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Ten behoeve van de vrouw</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.11.</nr>
      <para>Het hof heeft hiervoor geoordeeld dat de man geen draagkracht heeft om bij te dragen in de kosten van levensonderhoud en studie van [de dochter]. De man heeft evenmin draagkracht om bij te dragen in de kosten van het levensonderhoud van de vrouw. Gelet hierop gaat het hof  niet in op de behoefte en de behoeftigheid van de vrouw. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.12.</nr>
      <para>De beschikking waarvan beroep dient te worden vernietigd, voor zover aan het oordeel van het hof onderworpen. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vernietigt de beschikking van de rechtbank Limburg, zittingsplaats Roermond van 24 juli 2013, doch uitsluitend voor zover deze betreft de daarbij vastgestelde bijdrage in de kosten van opvoeding en verzorging van [de dochter] en van het levensonderhoud van de vrouw, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en in zoverre opnieuw rechtdoende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst alsnog af het verzoek van de vrouw tot betaling door de man van een bijdrage in de kosten van levensonderhoud en studie van [de dochter], geboren op [geboortedatum] 1996 te [geboorteplaats], alsmede tot betaling van een bijdrage in de kosten van levensonderhoud van de vrouw met ingang van de dag dat de echtscheidingsbeschikking zal zijn ingeschreven in de registers van de burgerlijke stand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst af het meer of anders verzochte.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. C.A.R.M. van Leuven, E.L. Schaafsma-Beversluis en W.Th.M. Raab en in het openbaar uitgesproken op 17 juli 2014. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>