<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHSHE:2013:2605</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-11T07:54:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-06-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_'s-Hertogenbosch" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof 's-Hertogenbosch</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-06-04</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">HD 200.118.879_01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Hertogenbosch</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2013:2605">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHSHE:2013:2605</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-06-22T13:56:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHSHE:2013:2605 Gerechtshof 's-Hertogenbosch , 04-06-2013 / HD 200.118.879_01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHSHE:2013:2605:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHSHE:2013:2605:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ’s-HERTOGENBOSCH</bridgehead>
    <para>Afdeling civiel recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer HD 200.118.879/01<?linebreak?><?linebreak?></para>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 4 juni 2013</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen in het incident tot voeging in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellante],</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats 1] (Duitsland), </para>
      <para>appellante,</para>
      <para>eiseres in het incident,</para>
      <para>advocaat: mr. N.P.H. Vissers,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [geïntimeerde],</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [woonplaats 2] (Frankrijk),</para>
      <para>geïntimeerde,	</para>
      <para>verweerster in het incident,</para>
      <para>advocaat: mr. D.C. Bitter,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het bij exploot van dagvaarding van 11 december 2012 ingeleide hoger beroep van het door de rechtbank Roermond in vrijwaring gewezen vonnis van 12 september 2012 tussen appellant – [appellante] – als eiser en geïntimeerde – [geïntimeerde] – als gedaagde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg (zaaknr./rolnr. 108013/HA ZA 11-258) </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar voormeld vonnis en naar het in de hoofdzaak gewezen vonnis van de rechtbank Roermond van 12 september 2012 met zaaknummer/rolnummer 103853/ HA ZA 10-727 tussen [eiser 1] en [eiser 2] als eisers en [appellante] en [geïntimeerde] als gedaagden.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>In voormelde appeldagvaarding heeft [appellante], voor het geval in hoger beroep de vorderingen van [eiser 1] en [eiser 2] in de hoofdzaak worden toegewezen, geconcludeerd tot vernietiging van het vonnis waarvan beroep en, kort gezegd, tot het – zo mogelijk uitvoerbaar bij voorraad – alsnog toewijzen van zijn inleidende vorderingen, met veroordeling van [geïntimeerde] in de kosten van beide instanties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Bij memorie van grieven heeft [appellante] een incidentele conclusie tot voeging genomen van de onderhavige zaak in vrijwaring met de eveneens bij het hof (onder zaaknummer HD 200.117.720/01) aanhangige hoofdzaak tussen [eiser 1] en [eiser 2] als appellanten en [appellante] en [geïntimeerde] als geïntimeerden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>Bij memorie van antwoord in het incident heeft [geïntimeerde] te kennen gegeven geen bezwaar te hebben tegen de gevorderde voeging van de beide zaken en heeft zij zich gerefereerd aan het oordeel van het hof.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4.</nr>
      <para>Partijen hebben daarna de gedingstukken overgelegd en uitspraak gevraagd in het incident.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <parablock>
        <para>Alvorens de vordering tot voeging te kunnen beoordelen, dient het hof eerst na te gaan of de Nederlandse rechter bevoegd is van het geschil kennis te nemen. Zowel [appellante] als [geïntimeerde] wonen immers niet in Nederland, zodat de zaak internationale aspecten heeft.</para>
        <para>Naar het oordeel van het hof is de Nederlandse rechter ingevolge de EEX-verordening bevoegd van het geschil kennis te nemen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Gelet op het bepaalde in artikel 353 lid 1 Rv in verbinding met artikel 222 Rv is het hof van oordeel dat de incidentele vordering tot voeging behoort te worden toegewezen, nu de hiervoor genoemde zaken met elkaar verknocht zijn. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Het hof zal de beslissing over de kosten van het incident aanhouden tot de einduitspraak.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in het incident</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>beveelt de voeging van de onderhavige zaak in vrijwaring (zaaknummer HD 200.118.879/01) met de bij dit hof aanhangige hoofdzaak met zaaknummer HD 200.117.720/01 tussen [eiser 1] en [eiser 2] als appellanten en [appellante] en [geïntimeerde] als geïntimeerden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in de zaak in vrijwaring</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de rol van 9 juli 2013 voor memorie van antwoord aan de zijde van [geïntimeerde];</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">in het incident en de zaak in vrijwaring</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. O.G.H. Milar, C.N.M. Antens en M.G.W.M. Stienissen en in het openbaar uitgesproken door de rolraadsheer op 4 juni 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>