<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHDHA:2019:1866</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-09-26T16:35:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">ECLI:NL:GHDHA:2019:1677</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-06-26</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">22-001521-18</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_materieelStrafrecht">Strafrecht; Materieel strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2019:1866">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2019:1866</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-07-11T10:48:46</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-07-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHDHA:2019:1866 Gerechtshof Den Haag , 26-06-2019 / 22-001521-18</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHDHA:2019:1866:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>De verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan medeplichtigheid aan een poging tot woninginbraak.</para>
        <para>Het hof veroordeelt de verdachte tot een taakstraf voor de duur van 70 uren, subsidiair 35 dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHDHA:2019:1866:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Rolnummer:		22-001521-18 </para>
  <para>Parketnummer: 	09-730220-16 </para>
  <para>Datum uitspraak:	26 juni 2019</para>
  <para>TEGENSPRAAK</para>
  <section>
    <title>Gerechtshof Den Haag</title>
    <para>meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Arrest</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de rechtbank Den Haag van 28 maart 2018 in de strafzaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>[verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1996, </para>
      <para>[adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek ter terechtzitting in hoger beroep van dit hof op 12 juni 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen namens de verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Procesgang</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van honderdtwintig uren, subsidiair zestig dagen hechtenis, met aftrek van voorarrest. Voorts is beslist omtrent de vordering van de benadeelde partij en is een schadevergoedingsmaatregel opgelegd als nader in het vonnis vermeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Tenlastelegging</emphasis>
      </para>
      <para>Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 15 mei 2016 te 's-Gravenhage tezamen en in vereniging met een of meer anderen, althans alleen, ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om gedurende de voor de nachtrust bestemde tijd, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen op/aan (en/of in de nabijheid van) [adres] weg te nemen een of meerdere goederen en/of geldbedragen van zijn hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [aangeefster], in elk geval aan een ander of anderen dan aan verdachte en/of zijn mededaders en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te nemen goederen en/of geldbedragen onder zijn/haar/hun bereik te brengen door middel van braak en/of verbreking en/of inklimming, met een bouwsleutel, het slot van voornoemde woning heeft geforceerd, althans het slot van voornoemde woning uit de voordeur heeft verwijderd, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] op of omstreeks 15 mei 2016 te Den Haag ter uitvoering van het door hen/hem voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging met een ander of</para>
      <para>anderen, althans alleen, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen aan [adres] weg te nemen geld en/of goed(eren) van zijn/hun gading, geheel of ten dele toebehorende aan [aangeefster], in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of aan verdachte, en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en/of die/dat weg te nemen geld en/of goed(eren) van zijn/hun gading onder zijn/hun bereik te brengen door middel van braak, verbreking en/of inklimming, met een of meer van zijn mededader(s), althans alleen,</para>
    </parablock>
    <para>- ( met zijn mededaders(s)) naar die woning is/zijn gereden en/of (vervolgens)</para>
    <para>- de cilinder van de voordeur van die woning heeft/hebben verbroken,</para>
    <para>zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid, bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 15 mei 2016 te Den Haag opzettelijk behulpzaam is geweest door met voornoemde [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] naar de plaats van het misdrijf te rijden met een auto (terwijl er in dat voertuig inbrekers-werktuigen, zoals een slotentrekker en/of bouwsleutel werden meegevoerd) en/of met een auto in de nabijheid van de plaats van het misdrijf te wachten en/of op de uitkijk te staan.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering van de advocaat-generaal</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het vonnis waarvan beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Overwegingen van het hof</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op 15 mei 2016 is door [aangeefster] aangifte gedaan van een poging tot inbraak in diezelfde nacht tussen 01:30 uur en 01:31 uur bij haar woning aan de [adres] te Den Haag. De volledige cilinder van het slot in de voordeur was daarbij uit de voordeur verwijderd. De aangeefster had hierbij een persoon zien staan bij haar woning en zag nog een persoon weglopen bij haar deur.<footnote-ref linkend="_187980cd-6605-4d72-981e-1a4c5103d80e" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verbalisanten ontvingen die nacht om 01:57 uur de melding van deze poging woninginbraak. Zij zagen op de [adres 2] (ongeveer 200 meter verwijderd van de [adres]) twee personen lopen die kwamen uit de richting van de woning aan de [adres] en die zij herkenden als [medeverdachte 2] (hierna ook: [medeverdachte 2]) en [medeverdachte 1] (hierna ook: [medeverdachte 1]). Verbalisanten hebben [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] tegen een auto gezet, een Opel Corsa met kenteken [kentekennummer]. Achter het stuur van deze auto zat de verdachte.<footnote-ref linkend="_b12121ee-4ba2-4c8d-b2af-e2e344b33ca5" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de aanhouding zagen verbalisanten dat [medeverdachte 2] iets uit zijn zakken pakte en over een hekwerk dan wel schutting gooide. Achter de schutting zijn twee zwarte dunne bouwhandschoentjes aangetroffen<footnote-ref linkend="_9affd70f-f079-4389-8888-1c4e5a68cf52" />, alsook een bouwsleutel<footnote-ref linkend="_54f64e8f-5e83-4e65-b649-c16076ab3f72" />. Bij de insluitingsfouillering van [medeverdachte 1] zijn twee handschoenen aangetroffen en een ijzeren stokje.<footnote-ref linkend="_b04f6ee1-4de5-4c9c-980d-a73f19fa526c" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[medeverdachte 1] heeft bij de politie verklaard dat hij de nacht van 15 mei 2016 met [verdachte] en de [medeverdachte 2] was. Ze reden in de buurt waar ze zijn aangehouden met de auto van zijn familie, de verdachte zat achter het stuur. De verdachte bleef in de auto toen hij zelf een sigaretje ging roken, [verdachte] en hij zijn niet steeds bij de [medeverdachte 2] geweest.<footnote-ref linkend="_9d49e62d-bbab-4ed4-8113-c54222fa37c2" /></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van het hof kan op grond van het voorgaande en het verhandelde ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep worden vastgesteld dat sprake is geweest van een poging tot woninginbraak (waarvoor [medeverdachte 1] en [medeverdachte 2] allebei onherroepelijk zijn veroordeeld). Naar het oordeel van het hof kan echter niet wettig en overtuigend worden bewezen dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het medeplegen van deze poging. Immers is voor de kwalificatie van medeplegen vereist dat sprake is van een voldoende nauwe en bewuste samenwerking met een ander of anderen, en is die kwalificatie slechts dan gerechtvaardigd als de bewezen verklaarde – intellectuele en/of materiële – bijdrage aan het delict van de verdachte van voldoende gewicht is geweest. In het onderhavige geval kan echter in zoverre niet méér worden vastgesteld dan dat de verdachte achter het stuur zat van de Opel Corsa met kenteken [kentekennummer], waarin [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] als passagiers hebben gezeten en tegen welke auto zij later door verbalisanten zijn gezet bij hun aanhouding. Dit duidt niet op de hiervoor bedoelde bijdrage maar biedt, in samenhang bezien met de verklaring van [medeverdachte 1] dat de verdachte niet steeds bij hem en [verdachte] is geweest, daarvoor een contra-indicatie. De verdachte behoort daarom van het primair ten laste gelegde te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Wat betreft het subsidiair ten laste gelegde stelt het hof voorop dat van medeplichtigheid sprake is als iemand hulp verleent bij een misdrijf dat door een ander, of anderen, wordt begaan. Deze hulp kan voorafgaand aan of ten tijde van het misdrijf worden verleend. </para>
      <para>Uit de bewijsmiddelen volgt dat het de verdachte is geweest die [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] midden in de nacht heeft rondgereden in de buurt waar de poging tot woninginbraak is gepleegd, alsook dat hij vlak na deze poging en vlakbij de plaats delict met de auto geparkeerd stond, terwijl [medeverdachte 2] en [medeverdachte 1] zich nabij de auto bevonden. Naar uiterlijke verschijningsvormen duidt dit op medeplichtigheid, waarbij het hof in aanmerking neemt dat de verdachte hiervoor desgevraagd geen, die redengevend-heid ontzenuwende, verklaring heeft gegeven. Het hof is dan ook van oordeel dat op grond van het voorgaande wettig en overtuigend is bewezen dat de verdachte zich heeft schuldig gemaakt aan het subsidiair ten laste gelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het subsidiair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>[medeverdachte 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [medeverdachte 2] op <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> 15 mei 2016 te Den Haag ter uitvoering van het door hen<emphasis role="strike-through">/hem</emphasis> voorgenomen misdrijf om tezamen en in vereniging <emphasis role="strike-through">met een ander of anderen, althans alleen</emphasis>, met het oogmerk van wederrechtelijke toe-eigening in/uit een woning gelegen aan [adres] weg te nemen geld en/of goed(eren) van <emphasis role="strike-through">zijn/</emphasis>hun gading, <emphasis role="strike-through">geheel of ten dele</emphasis> toebehorende aan [aangeefster], <emphasis role="strike-through">in elk geval aan een ander of anderen dan aan die [medeverdachte 1] en/of [medeverdachte 2] en/of aan verdachte,</emphasis> en zich daarbij de toegang tot de plaats van het misdrijf te verschaffen en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> die/dat weg te nemen geld en/of goed(eren) van <emphasis role="strike-through">zijn/</emphasis>hun gading onder <emphasis role="strike-through">zijn/</emphasis>hun bereik te brengen door middel van braak, <emphasis role="strike-through">verbreking en/of inklimming,</emphasis> met <emphasis role="strike-through">een of meer van</emphasis> zijn mededader<emphasis role="strike-through">(s)</emphasis>, <emphasis role="strike-through">althans alleen,</emphasis></para>
    </parablock>
    <para>- <emphasis role="strike-through">(met zijn mededaders(s))</emphasis> naar die woning <emphasis role="strike-through">is/</emphasis>zijn gereden en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> (vervolgens)</para>
    <para>- de cilinder van de voordeur van die woning <emphasis role="strike-through">heeft/</emphasis>hebben verbroken,</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>zijnde de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet voltooid, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bij het plegen van welk misdrijf verdachte op of omstreeks 15 mei 2016 te Den Haag opzettelijk behulpzaam is geweest door met voornoemde [medeverdachte 1] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> [medeverdachte 2] naar de plaats van het misdrijf te rijden met een auto <emphasis role="strike-through">(terwijl er in dat voertuig inbrekerswerktuigen, zoals een slotentrekker en/of bouwsleutel werden meegevoerd)</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> met een auto in de nabijheid van de plaats van het misdrijf te wachten en/of op de uitkijk te staan.</para>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijsvoering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de hiervoor weergegeven – in de voetnoten 1 tot en met 6 aangeduide - bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van het bewezen verklaarde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het subsidiair bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">medeplichtigheid aan poging tot diefstal door twee of meer verenigde personen, waarbij de schuldige zich de toegang tot de plaats van het misdrijf heeft verschaft en het weg te nemen goed onder zijn bereik heeft gebracht door middel van braak.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van de verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is dus strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafmotivering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
      <para>De verdachte heeft zich op de wijze zoals in de bewezenverklaring nader omschreven schuldig gemaakt aan medeplichtigheid aan een poging tot woninginbraak.</para>
      <para>De verdachte heeft er hiermee blijk van gegeven geen respect te hebben voor de persoonlijke eigendommen van een ander.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 29 mei 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is - alles afwegende - van oordeel dat een geheel onvoorwaardelijke taakstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering tot schadevergoeding</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het onderhavige strafproces heeft [aangeefster] zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden materiële en immateriële schade als gevolg van het aan de verdachte subsidiair ten laste gelegde, tot een bedrag van € 623,47.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In hoger beroep is deze vordering aan de orde tot dit in eerste aanleg gevorderde en in hoger beroep gehandhaafde bedrag van € 623,47. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van een gedeelte van de vordering van de benadeelde partij tot een bedrag van € 155,-, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering van de benadeelde partij is namens de verdachte betwist.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van het hof heeft de benadeelde partij genoegzaam aangetoond dat tot een bedrag van € 155,- materiële schade is geleden. Deze schade is een rechtstreeks gevolg van het subsidiair bewezenverklaarde. De vordering van de benadeelde partij zal derhalve tot dat bedrag hoofdelijk worden toegewezen, te vermeerderen met de gevorderde wettelijke rente over dit bedrag vanaf 15 mei 2016 tot aan de dag der algehele voldoening.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het overige levert behandeling van de vordering van de benadeelde partij naar het oordeel van het hof een onevenredige belasting van het strafgeding op.</para>
      <para>Het hof zal dan ook bepalen dat de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk is in de vordering tot vergoeding van geleden materiële schade. Deze kan in zoverre slechts bij de burgerlijke rechter worden aangebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is voorts van oordeel dat niet aannemelijk is geworden dat door de benadeelde partij immateriële schade is geleden tot een bedrag van € 400,-, aangezien deze schade niet gezien kan worden als schade bedoeld in artikel 6:106 van het Burgerlijk Wetboek.</para>
      <para>De vordering zal derhalve in zoverre worden afgewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit brengt mee dat de verdachte dient te worden veroordeeld in de kosten die de benadeelde partij tot aan deze uitspraak in verband met het materiële deel van de vordering heeft gemaakt, welke kosten het hof vooralsnog begroot op nihil, en in de kosten die de benadeelde partij ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog moet maken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="underline">[aangeefster]</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu vaststaat dat de verdachte tot een bedrag van € 155,00 aansprakelijk is voor de schade die door het bewezen verklaarde is toegebracht, zal het hof aan de verdachte de hoofdelijke verplichting opleggen dat bedrag aan de Staat te betalen ten behoeve van het slachtoffer </para>
      <para>[aangeefster].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Toepasselijke wettelijke voorschriften</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de artikelen 9, 22c, 22d, 36f, 45, 48, 63 en 311 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het subsidiair ten laste gelegde heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
      <para>Verklaart het subsidiair bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">70 (zeventig) uren</emphasis>, indien niet naar behoren verricht te vervangen door <emphasis role="bold">35 (vijfendertig) dagen hechtenis</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, of artikel 27a van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde taakstraf in mindering zal worden gebracht, volgens de maatstaf van twee uren taakstraf per in voorarrest doorgebrachte dag, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vordering van de benadeelde partij [aangeefster]</title>
    <para>Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij [aangeefster] ter zake van het subsidiair bewezen verklaarde tot het bedrag van <emphasis role="bold">€ 155,00 (honderdvijfenvijftig euro) ter zake van materiële schade</emphasis>.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart de benadeelde partij voor het overige ten aanzien van het materiële deel van de vordering niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij ten aanzien van het materiële deel gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd [aangeefster], ter zake van het subsidiair bewezen verklaarde een bedrag te betalen van <emphasis role="bold">€ 155,00 (honderdvijfenvijftig euro) als vergoeding voor materiële schade</emphasis>, bij gebreke van betaling en verhaal te vervangen door <emphasis role="bold">3 (drie) dagen hechtenis</emphasis>, met dien verstande dat de toepassing van die hechtenis de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet opheft.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte aan een van beide betalingsverplichtingen heeft voldaan, de andere vervalt.</para>
      <para>Wijst de vordering van de benadeelde partij tot schadevergoeding voor een bedrag van <emphasis role="bold">€ 400,00 (vierhonderd euro) aan immateriële schade</emphasis> af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. W.P.C.M. Bruinsma, </para>
      <para>mr. A.S.I. van Delden en mr. A.M.M. Vingerling, in bijzijn van de griffier A. van der Schalk.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 26 juni 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_187980cd-6605-4d72-981e-1a4c5103d80e" label="1">
    <para> Proces-verbaal van aangifte [aangeefster], p. 99-100 en proces‑verbaal van bevindingen, p. 134 en proces-verbaal van aanhouding [medeverdachte 1], p. 19-20.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b12121ee-4ba2-4c8d-b2af-e2e344b33ca5" label="2">
    <para> Proces-verbaal van aanhouding [medeverdachte 1], p. 19-20. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9affd70f-f079-4389-8888-1c4e5a68cf52" label="3">
    <para> Proces-verbaal van aanhouding [medeverdachte 1], p. 19-20. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_54f64e8f-5e83-4e65-b649-c16076ab3f72" label="4">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 103 en proces-verbaal van bevindingen, p. 114.</para>
  </footnote>
  <footnote id="_b04f6ee1-4de5-4c9c-980d-a73f19fa526c" label="5">
    <para> Proces-verbaal van bevindingen, p. 116. </para>
  </footnote>
  <footnote id="_9d49e62d-bbab-4ed4-8113-c54222fa37c2" label="6">
    <para> Proces-verbaal van verhoor [medeverdachte 1], ongenummerd.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>