<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHDHA:2016:3989</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T19:43:25</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2016-12-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">22-01722-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Den Haag</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>NJFS 2017/33</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2016:3989">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2016:3989</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2017-01-04T11:27:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-01-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHDHA:2016:3989 Gerechtshof Den Haag , 07-12-2016 / 22-01722-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHDHA:2016:3989:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het hof verklaart het bewezen verklaarde niet strafbaar en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHDHA:2016:3989:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>Rolnummer:		22-001722-15 </para>
    <para>Parketnummer:		09-755063-11 </para>
    <para>Datum uitspraak:	7 december 2016</para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Gerechtshof Den Haag</title>
    <para>meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Arrest</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 22 mei 2014 in de strafzaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>[verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1956, </para>
      <para>[adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 23 november 2016.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Procesgang</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van vijf maanden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg - ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in of omstreeks de periode van 1 januari 2005 tot en met 21 februari 2012 te Wassenaar en/of Den Haag, meermalen, althans eenmaal, (telkens) in strijd met een hem, verdachte, bij of krachtens wettelijke verplichting, te weten artikel 17 van de Wet Werk en Bijstand, opzettelijk heeft nagelaten (tijdig) de benodigde gegevens te verstrekken, immers heeft hij opzettelijk niet gemeld aan de gemeente Wassenaar dat hij, verdachte, in de periode van 30 april 2005 tot en met 31 december 2010, een gezamenlijke huishouding voerde met [persoon] (op het adres [adres] te Den Haag), althans dat hij, verdachte, in de periode van 30 april 2005 tot en met 31 december 2010 verbleef op een adres buiten de gemeente Wassenaar, dit terwijl dit/deze gegeven(s) van belang was/waren voor de vaststelling van zijn, verdachtes, en/of eens anders recht op en/of de duur en/of hoogte van een verstrekking op grond van de Wet Werk en Bijstand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering van de advocaat-generaal</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd en dat de verdachte ter zake van het ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 180 uren subsidiair 90 dagen hechtenis alsmede tot een gevangenisstraf voor de duur van twee maanden, geheel voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het vonnis waarvan beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat daarvan slechts aantekening is gedaan ingevolge artikel 378a van het Wetboek van Strafvordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van <emphasis role="italic">1 mei 2005</emphasis> tot en met <emphasis role="italic">31 december 2010</emphasis> te Wassenaar en/of Den Haag, meermalen<emphasis role="strike-through">, althans eenmaal,</emphasis> (telkens) in strijd met een hem, verdachte, bij of krachtens <emphasis role="italic">de wet opgelegde</emphasis> verplichting<emphasis role="strike-through">, te weten artikel 17 van de Wet Werk en Bijstand,</emphasis> opzettelijk heeft nagelaten (tijdig) de benodigde gegevens te verstrekken, immers heeft hij opzettelijk niet gemeld aan de gemeente Wassenaar dat hij, verdachte, <emphasis role="strike-through">in de periode van 30 april 2005 tot en met 31 december 2010, een gezamenlijke huishouding voerde met [persoon] (op het adres [adres] te Den Haag), althans dat hij, verdachte,</emphasis> in de periode van <emphasis role="italic">1 mei</emphasis> 2005 tot en met 31 december 2010 verbleef op een adres buiten de gemeente Wassenaar, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>dit terwijl dit<emphasis role="strike-through">/deze</emphasis> gegeven<emphasis role="strike-through">(s)</emphasis> van belang was<emphasis role="strike-through">/waren</emphasis> voor de vaststelling van zijn, verdachtes, <emphasis role="strike-through">en/of eens anders</emphasis> recht op <emphasis role="strike-through">en/of de duur en/of hoogte van</emphasis> een verstrekking op grond van de Wet Werk en Bijstand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijsvoering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Uitleg van de tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof begrijpt de in de tenlastelegging gebezigde aanduiding ‘verbleef’ aldus dat daaronder moet worden verstaan een verblijf buiten de gemeente Wassenaar dat afbreuk zou kunnen doen aan het recht op uitkering op grond van de Wet Werk en Bijstand.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Nadere bewijsoverweging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Naar het oordeel van het hof volgt uit de gebezigde bewijsmiddelen dat verdachte, in de betekenis van het begrip ‘verbleef’ zoals hiervoor weergegeven, in de bewezen verklaarde periode niet verbleef op het van hem bij de gemeente Wassenaar bekende woonadres in Wassenaar. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van het bewezen verklaarde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof overweegt het navolgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 227b van het Wetboek van Strafrecht luidt als volgt:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">“Hij die, in strijd met een hem bij of krachtens wettelijk voorschrift opgelegde verplichting, opzettelijk nalaat tijdig de benodigde gegevens te verstrekken, wordt, indien het feit kan strekken tot bevoordeling van zichzelf of een ander, terwijl hij weet of redelijkerwijze moet vermoeden dat de gegevens van belang zijn voor de vaststelling van zijn of eens anders recht op een verstrekking of tegemoetkoming dan wel voor de hoogte of de duur van een dergelijke verstrekking of tegemoetkoming, gestraft met een gevangenisstraf van ten hoogste vier jaren of een geldboete van de vijfde categorie.”.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu in de op de formulering van de tenlastelegging noodzakelijkerwijs voortbouwende bewezenverklaring niet is opgenomen het bestanddeel van de delictsomschrijving dat de verdachte wist of redelijkerwijze moest vermoeden dat de niet verstrekte gegevens van belang waren voor de vaststelling van het recht op de in het geding zijnde verstrekking op grond van de Wet Werk en Bijstand, kan het bewezen verklaarde naar het oordeel van het hof niet worden gekwalificeerd als handelen in strijd met artikel 227b van het Wetboek van Strafrecht. Nu het bewezenverklaarde ook niet voldoet aan enige andere delictsomschrijving, kan het bewezene niet worden gekwalificeerd als strafbaar feit en dient de verdachte te worden ontslagen van alle rechtsvervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart bewezen dat de verdachte het ten laste gelegde zoals hiervoor overwogen heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezen verklaarde <emphasis role="underline">niet</emphasis> strafbaar en ontslaat de verdachte te dier zake van alle rechtsvervolging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. R.M. Bouritius, </para>
      <para>mr. T.L. Tan en mr. M.J. de Haan-Boerdijk, in bijzijn van de griffier mr. V.A.M. Willemsen.</para>
      <para>Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 7 december 2016.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>