<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHDHA:2015:1630</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-12-15T10:00:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-06-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.163.173-01T</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:GHDHA:2015:3314" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/tussenuitspraak" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/latereAanleg">Einduitspraak: ECLI:NL:GHDHA:2015:3314</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2015:1630">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2015:1630</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-06-22T10:15:45</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-06-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHDHA:2015:1630 Gerechtshof Den Haag , 30-06-2015 / 200.163.173-01T</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHDHA:2015:1630:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Aanbesteding? Iinkoop wijkverpleging door zorgverzekeraar. Uitsluiting van inschrijver. Beginselen van aanbestedingsrecht toepasselijk? Mogelijkheid inschrijving aan te passen?</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHDHA:2015:1630:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <section>
    <title>GERECHTSHOF DEN HAAG </title>
    <para>Afdeling Civiel recht</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer	: 200.163.173/01</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Zaaknummer rechtbank	: C/09/476104</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Arrest van 30 juni 2015</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>STICHTING MULTIDAG NIJMEGEN,</title>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Nijmegen,</para>
      <para>appellante,</para>
      <para>hierna te noemen: Multidag,</para>
      <para>advocaat: mr. H.A. Schenke te Nijmegen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>MENZIS ZORGVERZEKERAAR N.V.,</title>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Wageningen,</para>
      <para>geïntimeerde,</para>
      <para>hierna te noemen: Menzis,</para>
      <para>advocaat: mr. P. Halferkamps te Wageningen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het geding</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij exploot van 13 januari 2015 (hersteld bij herstelexploot van 15 januari 2015) is Multidag in hoger beroep gekomen van een door de voorzieningenrechter in de rechtbank Den Haag tussen partijen gewezen vonnis van 17 december 2014. Bij memorie van grieven van 24 maart 2015 (met producties) heeft Multidag vijf grieven tegen het vonnis aangevoerd, die door Menzis bij memorie van antwoord van 21 april 2015 (met producties) zijn bestreden. Hierna is de zaak aangehouden voor beraad. Ten slotte hebben partijen stukken overgelegd en arrest gevraagd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Beoordeling van het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.	Het hof gaat in deze zaak van het volgende uit:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Menzis heeft met het oog op de inkoop van wijkverpleging voor 2015 een inkoopprocedure georganiseerd. Daartoe heeft zij medio juni 2014 het document Inkoop Wijkverpleging 2015 op haar website gepubliceerd (verder: het document). In het document wordt verwezen naar de door Zorgverzekeraars Nederland opgestelde Inkoopgids Wijkverpleging 2015 (verder: de inkoopgids). In het document is bepaald dat de inkoopgids geldt als basis voor het document en dat de inkoopgids integraal deel uitmaakt van het inkoopbeleid van Menzis. Het document en de inkoopgids bevatten minimumeisen waaraan inschrijvers moeten voldoen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen eisen voor alle inschrijvers en eisen voor inschrijvers, zoals Multidag, waarmee Menzis nog geen overeenkomst heeft. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Multidag heeft ingeschreven, maar Menzis heeft haar inschrijving terzijde gelegd, omdat deze (voor zover thans nog van belang) niet voldoet aan de minimumeisen ter zake van de onafhankelijkheid van het toezicht op het bestuur van de onderneming en ter zake van de beschikbaarheid van (wijk)verpleegkundigen op niveau 5, en daarom ongeldig zou zijn.</para>
      <para />
      <para>2. Multidag heeft bij de voorzieningenrechter in de rechtbank gevorderd dat deze Menzis <emphasis role="underline">primair</emphasis> zal veroordelen tot gunning aan Multidag en <emphasis role="underline">subsidiair</emphasis> zal veroordelen met Multidag in overleg te treden teneinde te bezien of alsnog aan haar bezwaren kan worden tegemoetgekomen en de inschrijving kan worden heropend, alsmede Menzis zal veroordelen zich te onthouden van iedere gedraging die dat overleg kan belemmeren, met dwangsom en proceskostenveroordeling. De voorzieningenrechter heeft de vordering afgewezen.</para>
      <para />
      <para>3. Het hof heeft geconstateerd dat partijen elk hebben verzuimd in hoger beroep de producties van de eerste aanleg over te leggen, zulks terwijl uit het vonnis lijkt te volgen dat de voorzieningenrechter aan de hand daarvan vonnis heeft gewezen (rechtsoverwegingen 1.4, 1.5, 1.6, 1.8 en 1.9). Partijen zullen die producties alsnog dienen over te leggen als nader te bepalen.</para>
      <para />
      <para>4. Het hof heeft voorts behoefte aan inlichtingen van beide partijen. De inkoopprocedure heeft betrekking op het jaar 2015 (zonder mogelijkheid van verlenging) en van dat jaar is op de dagtekening van dit arrest de helft al verstreken. Verder heeft het hof uit de stukken afgeleid dat Menzis voornemens was overeenkomsten te sluiten tussen 1 november 2014 en 1 januari 2015, waarmee de zorg voor 2015 zou worden ingekocht. Van Multidag wenst het hof te vernemen welk (spoedeisend) belang zij nog heeft bij een kort-gedinguitspraak in hoger beroep, en van Menzis of zij, bij een voor Multidag gunstige uitkomst, nog mogelijkheid en/of behoefte heeft om voor het resterende deel van 2015 met Multidag een (aanvullende) overeenkomst te sluiten. Het zal daartoe een comparitie van inlichtingen bevelen, waarop ook een schikking zal worden beproefd.</para>
      <para />
      <para>5. Elke verdere beslissing zal worden aangehouden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>- beveelt partijen, deugdelijk vertegenwoordigd door een persoon die van de zaak op de hoogte is en bevoegd is om een schikking aan te gaan, vergezeld van hun raadslieden, voor het verstrekken van inlichtingen en het beproeven van een minnelijke regeling te verschijnen voor de hierbij benoemde raadsheer-commissaris mr. A.V. van den Berg in één der zalen van het Paleis van Justitie, Prins Clauslaan 60 te Den Haag, op 14 augustus 2015 om 13:30 uur;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat, indien één der partijen <emphasis role="bold">binnen veertien dagen na heden</emphasis>, onder gelijktijdige opgave van de verhinderdata van beide partijen in de maanden augustus tot en met oktober van 2015, opgeeft dan verhinderd te zijn, de raadsheer-commissaris (in beginsel eenmalig) een nadere datum en tijdstip voor de comparitie zal vaststellen;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat beide partijen een kopie van de producties in eerste aanleg <emphasis role="bold">binnen veertien dagen na heden </emphasis>aan de griffie handel van dit hof zal zenden;</para>
    <para />
    <para>- bepaalt dat partijen de bescheiden waarop zij voor het overige een beroep zouden willen doen, zullen overleggen door deze <emphasis role="bold">uiterlijk twee weken vóór de comparitie</emphasis> in kopie aan de griffie handel en aan de wederpartij te zenden;</para>
    <para />
    <para>- houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. A.V. van den Berg, E.M. Dousma-Valk en J.J. van der Helm en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 30 juni 2015 in aanwezigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>