<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHDHA:2014:4282</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T09:35:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2014-11-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">22-003864-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2014:4282">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2014:4282</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-01-14T14:36:10</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-01-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHDHA:2014:4282 Gerechtshof Den Haag , 13-11-2014 / 22-003864-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHDHA:2014:4282:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het hof verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde (opzettelijk zwaar lichamelijk letsel toebrengen) heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHDHA:2014:4282:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>Rolnummer:		22-003864-13 </para>
    <para>Parketnummer: 	09-721298-12 </para>
    <para>Datum uitspraak:	13 november 2014</para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Gerechtshof Den Haag</title>
    <para>meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Arrest</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 27 augustus 2013 in de strafzaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>[verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1992, </para>
      <para>[adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 30 oktober 2014.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof begrijpt de vordering van de advocaat-generaal aldus dat deze heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden vernietigd, dat de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde zal worden vrijgesproken en ter zake van het subsidiair ten laste gelegde zal worden veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 33 dagen, met aftrek van het voorarrest, waarvan 30 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 1 jaar, alsmede tot een taakstraf voor de duur van 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Procesgang</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In eerste aanleg is de verdachte van het primair ten laste gelegde vrijgesproken en ter zake van het subsidiair ten laste gelegde veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 33 dagen met aftrek van het voorarrest, waarvan 30 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaren alsmede tot een taakstraf voor de duur van 40 uren subsidiair 20 dagen hechtenis. Omtrent de vordering van de benadeelde partij en het beslag is beslist zoals in het vonnis is omschreven. Het opgeschorte bevel tot voorlopige hechtenis van de verdachte is opgeheven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 15 december 2012 te Alphen aan den Rijn ter uitvoering van het door verdachte voorgenomen misdrijf om aan één of meer perso(o)n(en) (te weten [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3]), (telkens) opzettelijk en met voorbedachten rade, althans (telkens) opzettelijk, zwaar lichamelijk letsel toe te brengen, (telkens) met dat opzet, na kalm beraad en rustig overleg, althans (telkens) opzettelijk met een luchtdrukwapen (merk Fritz Barthelmes) (meermalen) richting die [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3]</para>
      <para>heeft geschoten, terwijl de uitvoering van dat voorgenomen misdrijf niet is voltooid;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Subsidiair, indien het vorenstaande niet tot een bewezenverklaring en/of een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
      <para>
        <?linebreak?>hij op of omstreeks 15 december 2012 te Alphen aan den Rijn [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] heeft bedreigd met enig misdrijf tegen het leven gericht, althans met zware mishandeling, immers heeft verdachte</para>
      <para>opzettelijk dreigend (meermalen) met een luchtdrukwapen richting die [benadeelde partij 1] en/of [benadeelde partij 2] en/of [benadeelde partij 3] geschoten.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het vonnis waarvan beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven, omdat het hof zich daarmee niet verenigt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vrijspraak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft niet uit wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat de verdachte op 15 december 2012 te Alphen aan den Rijn met een luchtdrukwapen heeft geschoten. Derhalve kan naar het oordeel van het hof niet wettig en overtuigend worden bewezen hetgeen aan de verdachte primair en subsidiair ten laste is gelegd, zodat hij daarvan dient te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering tot schadevergoeding [benadeelde partij 1]</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het onderhavige strafproces heeft [benadeelde partij 1] zich als benadeelde partij gevoegd en een vordering ingediend tot vergoeding van geleden immateriële schade als gevolg van het aan de verdachte ten laste gelegde, tot een bedrag van € 500,-. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In hoger beroep is deze vordering aan de orde tot het in hoger beroep verlaagde bedrag van € 250,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot toewijzing van de vordering van de benadeelde partij, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De vordering van de benadeelde partij is door en namens de verdachte betwist.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu de verdachte van het primair en subsidiair ten laste gelegde wordt vrijgesproken, dient de benadeelde partij niet-ontvankelijk te worden verklaard in de vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Nu door of namens de verdachte niet is gesteld dat deze met het oog op de verdediging tegen de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij kosten heeft gemaakt, kan een kostenveroordeling achterwege blijven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Beslag</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het in beslag genomen en nog niet teruggegeven wapen, zal het hof de teruggave gelasten aan de rechthebbende: [verdachte].</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen dat de verdachte het primair en subsidiair ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelast de <emphasis role="bold">teruggave</emphasis> aan [verdachte] van het in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerp, te weten:</para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>1.00</nr>
      <para>STK Wapen Kl: zwart RECORD cal 177.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>Vordering van de benadeelde partij [benadeelde partij 1]</title>
    <para>Verklaart de benadeelde partij [benadeelde partij 1] in zijn vordering tot schadevergoeding niet-ontvankelijk.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. M.J. de Haan-Boerdijk, mr. R.M. Bouritius en mr. M.M. van der Nat, in bijzijn van de griffier mr. S. Hartog-Zamani.</para>
      <para>Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 13 november 2014.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>