<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHDHA:2013:3458</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T15:07:15</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-09-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Den_Haag" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Den Haag</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2013-09-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">22-001308-13</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">'s-Gravenhage</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2013:3458">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHDHA:2013:3458</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2014-02-07T13:07:47</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2014-02-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHDHA:2013:3458 Gerechtshof Den Haag , 13-09-2013 / 22-001308-13</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHDHA:2013:3458:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze samen met een ander schuldig gemaakt aan openlijke geweldpleging tegen een barman van hotel/restaurant/bar.</para>
      <para />
      <para>Het Hof veroordeelt de verdachte een taakstraf bestaande uit een werkstraf voor de duur van 180 (honderdtachtig) uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door 90 (negentig) dagen hechtenis.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHDHA:2013:3458:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Rolnummer:		22-001308-13 </para>
  <para>Parketnummer:		09-225832-12 </para>
  <para>Datum uitspraak:	13 september 2013</para>
  <para>TEGENSPRAAK</para>
  <section>
    <title>Gerechtshof Den Haag</title>
    <para>meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Arrest</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>gewezen op het hoger beroep tegen het vonnis van de politierechter in de rechtbank Den Haag van 12 maart 2013 in de strafzaak tegen de verdachte:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>[verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortejaar] 1975, </para>
      <para>[adres].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Onderzoek van de zaak</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg en het onderzoek op de terechtzitting in hoger beroep van dit hof van 30 augustus 2013.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal en van hetgeen door en namens de verdachte naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Procesgang</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In eerste aanleg is de verdachte ter zake van het primair ten laste gelegde veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 200 uren, subsidiair 100 dagen hechtenis, waarvan 40 uren, subsidiair 20 dagen hechtenis, voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens de verdachte is tegen het vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Tenlastelegging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan de verdachte is ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 30 september 2012 te Voorschoten met een ander of anderen, op een voor het publiek toegankelijke plaats of in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten de bar van [bar], gelegen aan de [adres], openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [benadeelde partij], welk geweld bestond uit het gooien van een barkruk tegen die [benadeelde partij] en/of </para>
    </parablock>
    <para>- het schoppen/trappen tegen de benen van die [benadeelde partij] en/of </para>
    <para>- terwijl die [benadeelde partij] op de grond lag het (met kracht) meermalen schoppen en/of stompen op/tegen het hoofd en/of de armen, althans op/tegen het lichaam, van die [benadeelde partij] </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou kunnen leiden:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op of omstreeks 30 september 2012 te Voorschoten tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, opzettelijk mishandelend een persoon (te weten [benadeelde partij]) tegen zijn hoofd, althans zijn lichaam, heeft geslagen/gestompt en/of tegen zijn hoofd, althans tegen het lichaam heeft geschopt, waardoor voornoemde [benadeelde partij] letsel heeft bekomen en/of pijn heeft ondervonden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het vonnis waarvan beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het vonnis waarvan beroep kan niet in stand blijven omdat het hof zich daarmee niet verenigt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewezenverklaring</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op 30 september 2012 te Voorschoten met een ander, in een voor het publiek toegankelijke ruimte, te weten de bar van [bar], gelegen aan de [adres], openlijk in vereniging geweld heeft gepleegd tegen [benadeelde partij], welk geweld bestond uit het gooien van een barkruk tegen die [benadeelde partij] en </para>
    </parablock>
    <para>- het trappen tegen de benen van die [benadeelde partij] en </para>
    <para>- terwijl die [benadeelde partij] op de grond lag het met kracht meermalen schoppen en/of stompen tegen het hoofd en/of de armen, althans tegen het lichaam van die [benadeelde partij]. </para>
    <para>Hetgeen meer of anders is ten laste gelegd, is niet bewezen. De verdachte moet daarvan worden vrijgesproken.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze in de bewezenverklaring verbeterd. Blijkens het verhandelde ter terechtzitting is de verdachte daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Bewijsvoering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof grondt zijn overtuiging dat de verdachte het bewezen verklaarde heeft begaan op de feiten en omstandigheden die in de bewijsmiddelen zijn vervat en die reden geven tot de bewezenverklaring.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In die gevallen waarin de wet aanvulling van het arrest vereist met de bewijsmiddelen dan wel, voor zover artikel 359, derde lid, tweede volzin, van het Wetboek van Strafvordering wordt toegepast, met een opgave daarvan, zal zulks plaatsvinden in een aanvulling die als bijlage aan dit arrest zal worden gehecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Kwalificatie van het bewezen verklaarde</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het bewezen verklaarde levert op:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>openlijk in vereniging geweld plegen tegen personen.</title>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van het bewezen verklaarde </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman van de verdachte heeft ter terechtzitting in hoger beroep betoogd dat de verdachte dient te worden ontslagen van alle rechtsvervolging, nu hem – aldus begrijpt het hof het verweer - een beroep op noodweer toekomt. Daartoe heeft hij aangevoerd dat de verdachte door het gooien van een barkruk naar de aangever zichzelf en zijn medeverdachte heeft willen verdedigen tegen de aangever die gewapend met een mes over de bar wilde springen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Op grond van het onderzoek ter terechtzitting en de processtukken gaat het hof uit van de navolgende feiten en omstandigheden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De aangever, als barman werkzaam in de bar van [bar], had een conflict met de medeverdachte [medeverdachte] over de te betalen rekening. De medeverdachte [medeverdachte] en de verdachte hebben hierop ieder een barkruk opgepakt en naar de aangever gegooid die nog achter de bar stond. De aangever is vervolgens achter de bar langs naar de achterzijde van de bar richting de personeelsuitgang gerend. De verdachte en de medeverdachte [medeverdachte] zijn toen langs de andere zijde van de bar achter de aangever aan gerend, de medeverdachte [medeverdachte] heeft de aangever tegen zijn benen getrapt waardoor deze ten val kwam en de verdachte en meergenoemde medeverdachte hebben de aangever, terwijl deze op de grond lag, geschopt en gestompt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht de stelling van de verdediging, te weten dat de aangever gewapend met een mes over de bar wilde springen, niet aannemelijk geworden. De medeverdachte [medeverdachte] en de destijds ook als verdachte aangemerkte [medeverdachte 2] hebben weliswaar eveneens verklaard dat de aangever een mes in zijn handen had, maar, zelfs indien van de juistheid van die verklaringen wordt uitgegaan, moet worden vastgesteld dat de door de verdachte ter terechtzitting in hoger beroep afgelegde verklaring, voor zover deze inhoudt dat de aangever over de bar wilde springen, in geen enkele andere verklaring steun vindt. Ook overigens is niet aannemelijk geworden dat sprake is geweest van een ogenblikkelijke wederrechtelijke aanranding van de zijde van de aangever, een onmiddellijk dreigend gevaar voor een dergelijke aanranding dan wel een andere omstandigheid die de strafbaarheid van het bewezen verklaarde uitsluit. Het beroep op noodweer wordt mitsdien verworpen; het bewezen verklaarde is strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafbaarheid van de verdachte</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van de verdachte uitsluit. De verdachte is derhalve eveneens strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Vordering van de advocaat-generaal</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het vonnis waarvan beroep zal worden bevestigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Strafmotivering</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft de op te leggen straf bepaald op grond van de ernst van het feit en de omstandigheden waaronder dit is begaan en op grond van de persoon en de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zoals daarvan is gebleken uit het onderzoek ter terechtzitting.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Daarbij heeft het hof in het bijzonder het volgende in aanmerking genomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft zich op de bewezen verklaarde wijze samen met een ander schuldig gemaakt aan openlijke geweldpleging tegen een barman van hotel/restaurant [bar] in Voorschoten. Door aldus te handelen hebben de verdachte en zijn mededader een ontoelaatbare inbreuk gemaakt op de lichamelijke integriteit van het slachtoffer. Een feit als het onderhavige versterkt daarenboven de in de samenleving levende gevoelens van angst en onveiligheid op voor het publiek toegankelijke uitgaansplaatsen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft in het nadeel van de verdachte acht geslagen op een de verdachte betreffend uittreksel Justitiële Documentatie d.d. 14 augustus 2013, waaruit blijkt dat de verdachte reeds eerder onherroepelijk is veroordeeld voor het plegen van strafbare feiten. Dat heeft hem er kennelijk niet van weerhouden het onderhavige feit te plegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is - alles overwegende - van oordeel dat een deels voorwaardelijke taakstraf van na te melden duur een passende en geboden reactie vormt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Toepasselijke wettelijke voorschriften</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 141 van het Wetboek van Strafrecht, zoals zij rechtens gelden dan wel golden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het primair ten laste gelegde heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het bewezen verklaarde strafbaar en verklaart de verdachte strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> bestaande uit een werkstraf voor de duur van </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>180</nr>(honderdtachtig) uren, </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>indien niet naar behoren verricht te vervangen door </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>90 (</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">negentig) dagen hechtenis</emphasis>.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Bepaalt dat een gedeelte van de taakstraf, groot </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>60 (</nr>
      <para>
        <emphasis role="bold">zestig) uren</emphasis>, indien niet naar behoren verricht te vervangen door <emphasis role="bold">30 (dertig) dagen</emphasis> hechtenis, niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mr. L.A.J.M. van Dijk, mr. A.E. Mos-Verstraten en mr. C.M.P. Flint-Van Noort, in bijzijn van de griffier mr. N.N.D. Bos.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het is uitgesproken op de openbare terechtzitting van het hof van 13 september 2013.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>mr. C.M.P. Flint-Van Noort is buiten staat dit arrest te ondertekenen.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>