<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T14:31:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BQ0945</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2011-04-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">P11/0043</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T07:59:16</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2011-04-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945 Gerechtshof Arnhem , 07-04-2011 / P11/0043</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verlengingsbeslissing TBS. De rechtbank Alkmaar heeft geoordeeld dat de officier van justitie ontvankelijk is in haar vordering tot verlenging. Deze vordering is door de officier van justitie ingediend op het moment dat de aan de terbeschikkinggestelde opgelegde terbeschikkingstelling met voorwaarden nog voortduurde. Na indiening van die vordering en vóór de behandeling van die vordering ter zitting is de terbeschikkingstelling met voorwaarden omgezet in een terbeschikkingstelling met dwangverpleging van overheidswege. Op het moment van de beslissing van de rechtbank tot verlenging was de eerdere beslissing tot omzetting nog niet onherroepelijk geworden. De rechtbank was van oordeel dat niet valt in te zien dat en op welke grond deze omstandigheid met zich brengt dat de tijdig door de officier van justitie gedane vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling ongeldig is geworden. Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste gronden heeft geoordeeld en heeft de beslissing van de rechtbank bevestigd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARN:2011:BQ0945:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <parablock>
      <para>TBS P11/0043 </para>
      <para>Beslissing d.d. 7 april 2011</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[Terbeschikkinggestelde],</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>verblijvende in [verblijfplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Alkmaar van 20 januari 2011, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de stukken, waaronder:</para>
      <para>- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;</para>
      <para>- de beslissing waarvan beroep;</para>
      <para>- de akte van beroep van de terbeschikkinggestelde, d.d. 24 januari 2011;</para>
      <para>- het adviesrapport van Verslavingszorg Noord Nederland, d.d. 21 maart 2011, met bijlagen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Het hof heeft ter zitting van 24 maart 2011 gehoord de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman mr W. Anker, advocaat te Leeuwarden en de advocaat-generaal, mr M.J.M. van der Mark.</para>
    <para />
    <para>Overwegingen:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het standpunt van het openbaar ministerie</para>
      <para>De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het standpunt van de terbeschikkinggestelde en zijn raadsman</para>
      <para>De raadsman is van oordeel dat er juridische problemen zijn met de verlengingsbeslissing. De rechtbank Alkmaar heeft de terbeschikkingstelling met dwangverpleging verlengd. De raadsman is echter van mening dat dit niet mogelijk is. De beslissing van deze rechtbank van 14 december 2010 om de terbeschikkingstelling met voorwaarden om te zetten in een terbeschikkingstelling met dwangverpleging was immers ten tijde van het nemen van de bestreden beslissing van 20 januari 2011 nog niet onherroepelijk. Wat wel onherroepelijk was, was de terbeschikkingstelling met voorwaarden. De rechtbank Alkmaar had of de verlengingszaak moeten aanhouden totdat het hof in beroep een beslissing had genomen in  de omzettingszaak, of de terbeschikkingstelling met voorwaarden moeten verlengen. Het hof zal dan ook de beslissing van de rechtbank dienen te vernietigen op grond van artikel 509x van het Wetboek van Strafvordering en de terbeschikkingstelling met voorwaarden dienen te verlengen. De raadsman heeft geen bezwaren tegen een verlenging van de terbeschikkingstelling onder voorwaarden voor de duur van twee jaren. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het oordeel van het hof</para>
      <para>Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste gronden heeft geoordeeld en op juiste wijze heeft beslist. Daarom zal de beslissing waarvan beroep met overneming van die gronden worden bevestigd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>Beslissing</para>
    <para />
    <para>Het hof:</para>
    <para />
    <para>Bevestigt de beslissing van de rechtbank Alkmaar van 20 januari 2011 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde [terbeschikkinggestelde]..</para>
    <para> </para>
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan door</para>
      <para>mr Y.A.J.M. van Kuijck als voorzitter,</para>
      <para>mr T.M.L. Wolters en mr J.H.M. Zwinkels als raadsheren, </para>
      <para>en drs. J. Boon en dr. W. van Kordelaar als raden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr C.M.M. van der Waerden als griffier,</para>
      <para>en op 7 april 2011 in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>