<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-07-30T19:14:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">BD0595</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2008-04-17</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">07-00477</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#eersteAanlegMeervoudig">Eerste aanleg - meervoudig</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>V-N 2008/39.12</rdf:li>
          <rdf:li>NTFR 2008/857</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2008-0950</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2008042808</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-05T02:41:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2008-04-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595 Gerechtshof Arnhem , 17-04-2008 / 07-00477</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Inkomstenbelasting. </para>
        <para>Verwijzingsprocedure HR 21 september 2007, nr. 42260. Eigenwoningschuld bij wijze van compromis nader vastgesteld.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARN:2008:BD0595:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>Gerechtshof Arnhem</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>tweede meervoudige belastingkamer</para>
      <para>nummer 07/00477</para>
    </parablock>
    <para />
    <para> Proces-verbaal mondelinge uitspraak</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>belanghebbende	: X</para>
      <para>te	: Z</para>
      <para>verweerder	: de Inspecteur van de belastingdienst te P (hierna: de Inspecteur)</para>
      <para>aangevallen beslissing	: uitspraak op bezwaar. </para>
      <para>betreft	: aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen voor het jaar 2001</para>
      <para>nummer	: 00 H.16</para>
      <para>mondelinge behandeling	: op 3 april 2008 te Arnhem</para>
      <para>waarbij verschenen	: belanghebbendes gemachtigde alsmede de Inspecteur</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>gronden:</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>1.	Belanghebbende is van deze uitspraak in beroep gekomen bij het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch, dat die uitspraak heeft gehandhaafd. Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch beroep in cassatie ingesteld.</para>
      <para>De Hoge Raad heeft bij arrest van 21 september 2007, nr. 42.260 de uitspraak van het Gerechtshof te ’s-Hertogenbosch vernietigd en het geding verwezen naar het Gerechtshof te Arnhem (hierna; het Hof) ter verdere behandeling en beslissing van de zaak in meervoudige kamer met inachtneming van het arrest.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2.	Ter zitting hebben partijen overeenstemming bereikt inhoudende dat van het bedrag van € 22.689 waarmee belanghebbende zijn hypothecaire lening in 1997 heeft verhoogd, een bedrag van € 18.000 als schuld in de zin van artikel 3.120, lid 1, letter a, van de Wet inkomstenbelasting 2001 moet worden aangemerkt.</para>
      <para>Dat houdt in dat van de verhoging een bedrag van € 4.689 (= € 22.689 -/- € 18.000) niet is aangewend voor de eigen woning en dat de niet aftrekbare rente is te berekenen op € 4.689/€ 70.336 x € 5.017 = € 334.</para>
      <para>Belanghebbendes inkomen uit werk en woning moet dan worden vastgesteld op</para>
      <para>€ 24.488 -/- € 334 = € 24.154.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>3.	Het Hof zal dienovereenkomstig beslissen.</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>proceskosten:</para>
    <para />
    <para>Belanghebbendes proceskosten zijn in overeenstemming met het Besluit proceskosten bestuursrecht te berekenen op 2 (proceshandelingen) x € 322 x 1 (gewicht) = € 644 + € 25 (reiskosten belanghebbende) = € 669 (procedure Gerechtshof ’s-Hertogenbosch) en 1,5 (proceshandelingen) x € 322 x 1 (gewicht) = € 483 (procedure Gerechtshof te Arnhem), tezamen € 1.152.</para>
    <para />
    <para />
    <para>beslissing:</para>
    <para />
    <para>Het Gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>-	verklaart het beroep gegrond;</para>
      <para>-	vernietigt de uitspraak waarvan beroep;</para>
      <para>-	vermindert de onderhavige belastingaanslag tot een berekend naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 24.154, en overigens met inachtneming van de elementen die bij het vaststellen daarvan in aanmerking zijn genomen;</para>
      <para>-	gelast dat de Staat aan belanghebbende vergoedt het door deze gestorte griffierecht van € 31 voor de behandeling bij het Gerechtshof te </para>
      <para>’s-Hertogenbosch;</para>
      <para>-	veroordeelt de Inspecteur in de proceskosten van belanghebbende voor een bedrag van € 1.152 en wijst de Staat aan als de rechtspersoon die deze kosten moet vergoeden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan op 17 april 2008 door mr. R.F.C. Spek, voorzitter,</para>
      <para>mr. J.P.M. Kooijmans en mr. D.V.E.M. van der Wiel-Rammeloo, raadsheren.</para>
      <para>De beslissing is op dezelfde datum in het openbaar uitgesproken, in tegenwoordigheid van mr. J.L.M. Egberts als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Waarvan opgemaakt dit proces-verbaal.</para>
    <para />
    <para>De griffier,			De voorzitter,</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para>(J.L.M. Egberts)			(R.F.C. Spek)</para>
    <para />
    <para />
    <para>Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op</para>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij </para>
      <para>de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer),</para>
      <para>Postbus 20303,</para>
      <para>2500 EH Den Haag.</para>
      <para>Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:</para>
      <para>1 - bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;</para>
      <para>2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:</para>
      <para>a. de naam en het adres van de indiener;</para>
      <para>b de dagtekening;</para>
      <para>c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;</para>
      <para>d. de gronden van het beroep in cassatie.</para>
      <para>Tenzij de Hoge Raad anders bepaalt, zal het gerechtshof deze mondelinge uitspraak vervangen door een schriftelijke. In dat geval krijgt u de gelegenheid de gronden van het beroep in cassatie alsnog aan te voeren of aan te vullen.</para>
      <para>Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>