<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-12T11:02:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2013-04-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:replaces rdfs:label="Vervangt">AV3037</dcterms:replaces>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2005-03-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">TBS 216/04</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2013-04-04T23:13:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2006-03-01</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037 Gerechtshof Arnhem , 14-03-2005 / TBS 216/04</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Op grond van artikel 509oa van het Wetboek van Strafvordering is een verlengingsvordering die te laat, doch binnen een redelijke termijn, is ingediend, niettemin ontvankelijk, indien er bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, die ondanks het belang van de terbeschikkinggestelde, verlenging van de TBS eist. Het hof stelt vast dat niet te verwachten is dat binnen een jaar gronden aanwezig zijn die een beëindiging van de TBS rechtvaardigen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARN:2005:AV3037:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
    <para>GERECHTSHOF  ARNHEM</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>TBS 2004\216</para>
      <para>Beslissing d.d. 14 maart 2005</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para>De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[terbeschikkinggestelde],</para>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum],</para>
      <para>verblijvende in [verblijfplaats]</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank te Zwolle van 29 september 2004, houdende verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.</para>
    <para />
    <para />
    <para>Overwegingen:</para>
    <para />
    <para>[-] Het hof zal de beslissing van de rechtbank te Zwolle van 29 september 2004 vernietigen, daar het hof mede recht doet op nieuwe stukken. </para>
    <para />
    <para>[-] Het hof constateert ambtshalve dat de verlengingsvordering door de officier van justitie te laat is ingediend. Op grond van artikel 509oa van het Wetboek van Strafvordering is een verlengingsvordering, die later dan een maand vóór het tijdstip waarop de terbeschikkingstelling door tijdsverloop zal eindigen, doch binnen een redelijke termijn is ingediend, niettemin ontvankelijk, indien er bijzondere omstandigheden aanwezig zijn waardoor de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen, ondanks het belang van de terbeschikkinggestelde, verlenging van de terbeschikkingstelling eist. Gelet op de ernst van het gepleegde delict, het delictgevaar, de omstandigheid dat het de eerste verlenging van de terbeschikkingstelling betreft en de geringe mate van overschrijding, is het hof van oordeel dat er voldoende bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, zodat op die grond de officier van justitie ontvankelijk moet worden verklaard in zijn vordering. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>[-] Uit het verlengingsadvies van 29 juli 2004 volgt dat betrokkene lijdende is aan schizofrenie van het paranoïde type, een poststraumatische stressstoornis en een depressieve stoornis NAO (Niet Anderszins Omschreven). Het terugvalrisico wordt aanwezig geacht. Dit risico wordt vooral gevormd door de beperkte copings-vaardigheden van betrokkene en de kans op psychotische decompensatie door bijvoorbeeld het niet of inadequaat innemen van antipsychotische medicatie. </para>
      <para>Uit de brief inhoudende aanvullende informatie d.d. 14 februari 2005 volgt dat de begeleide verloven goed verlopen. Wel is een punt van zorg dat betrokkene op verschillende gebieden weinig initiatief vertoond. De kliniek wil de verloven langzaam gaan uitbreiden naar proefverlof en later woonverlof. </para>
      <para>Uit het bovenstaande volgt dat betrokkene nog zorg en structuur nodig heeft, opdat gewaarborgd kan worden dat betrokkene zijn medicatie blijft innemen. </para>
      <para>Het uitgangspunt van het hof is dat, wanneer aannemelijk is geworden dat behandeling meer tijd in beslag zal nemen dan de tijd die resteert bij een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar, de terbeschikkingstelling in principe verlengd dient te worden met een termijn van twee jaren. Het hof stelt vast dat het niet te verwachten is dat binnen een jaar gronden aanwezig zijn die een beëindiging van de terbeschikkingstelling rechtvaardigen en een verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar zou bij betrokkene de verwachting wekken dat dit wel het geval zou zijn. </para>
      <para>Het hof is dus van oordeel dat een verlenging met een termijn van twee jaar geïndiceerd is, daar de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen of goederen de verlenging van de terbeschikkingstelling eist.  	</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>Beslissing:</para>
    <para />
    <para>Het hof:</para>
    <para />
    <para>Vernietigt de beslissing van de rechtbank te Zwolle van 29 september 2004 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde.</para>
    <para />
    <para>Verlengt de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar.</para>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para> Aldus gedaan door</para>
      <para>mr Vegter als voorzitter,</para>
      <para>mrs Denie en Boerwinkel als raadsheren, </para>
      <para>en drs Kaiser en drs Harmsen als raden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr Van Ek als griffier,</para>
      <para>en in het openbaar uitgesproken op 14 maart 2005.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para>De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.</para>
  </uitspraak>
</open-rechtspraak>