<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2025:6950</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-05T16:06:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2025-11-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2025-10-16</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">P25-190</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_penitentiairStrafrecht">Strafrecht; Penitentiair strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2025:6950">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2025:6950</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2026-01-05T16:03:26</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2026-01-05</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2025:6950 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 16-10-2025 / P25-190</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2025:6950:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vernietiging van de beslissing van de rechtbank. Het verzoek tot het doen onderzoeken van de mogelijkheid tot afgifte van een zorgmachtiging  wordt afgewezen. De noodzakelijkheid van dit onderzoek is niet gebleken. Op grond van de aanwezige informatie acht het hof een zorgmachtiging op dit moment niet aan de orde. De forensische scherpte van het kader van de terbeschikkingstelling is nog nodig om het risicomanagement te kunnen waarborgen. Het hof beslist tot verlenging voor de duur van één jaar. Er bestaat reden om de ontwikkelingen op de voet te volgen en te voorkomen dat het moment wordt gemist waarop de overgang naar een zorgmachtiging mogelijk zal zijn.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2025:6950:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">TBS P25/190 </emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">Beslissing van 16 oktober 2025</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De kamer van het hof als bedoeld in artikel 67 van de Wet op de rechterlijke organisatie heeft te beslissen op het beroep van</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [terbeschikkinggestelde]
      </emphasis>,</para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1988,</para>
    <para>verblijvende op forensisch psychiatrische afdeling [kliniek] <emphasis role="italic">(hierna: de kliniek)</emphasis>, </para>
    <para>verder te noemen de terbeschikkinggestelde.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het beroep is ingesteld tegen de beslissing van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats </para>
    <para>Almelo, van 1 mei 2025. Deze beslissing houdt in de verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van twee jaar en de afwijzing van het verzoek tot het doen onderzoeken van de mogelijkheid tot afgifte van een zorgmachtiging op grond van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het hof heeft gelet op dezelfde stukken als de rechtbank en daarnaast op:</para>
  </parablock>
  <para>- het proces-verbaal van het onderzoek in eerste aanleg;</para>
  <para>- de beslissing waarvan beroep;</para>
  <para>- de akte van 13 mei 2025 waarbij de terbeschikkinggestelde beroep heeft ingesteld;</para>
  <para>- de aanvullende informatie van [instelling] van 16 september 2025.</para>
  <parablock>
    <para>Het hof heeft ter zitting van 2 oktober 2025 gehoord de advocaat-generaal, </para>
    <para>mr. R.J.A. Segerink, en de terbeschikkinggestelde, bijgestaan door zijn raadsman, </para>
    <para>mr. R. Oude Breuil, advocaat te Enschede.</para>
  </parablock>
  <section role="overwegingen">
    <title>Overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van de terbeschikkinggestelde</emphasis>
      </para>
      <para>De raadsman heeft primair verzocht onderzoek te laten doen naar de mogelijkheid tot afgifte van een zorgmachtiging op grond van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg. Er is niet meer voldaan aan de criteria tot verlenging van de terbeschikkingstelling omdat het recidiverisico op dit moment laag is, maar het direct afwijzen van de vordering tot verlenging is onwenselijk. Als uit het onderzoek blijkt dat een zorgmachtiging mogelijk is, kan de vordering tot verlenging van de terbeschikkingstelling alsnog worden afgewezen. Subsidiair heeft de raadsman verzocht de terbeschikkingstelling te verlengen met een termijn van een jaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
      <para>De advocaat-generaal heeft geconcludeerd tot bevestiging van de beslissing van de rechtbank. Er is sprake van stoornissen en het risico op gewelddadig gedrag wordt zonder het kader van de terbeschikkingstelling ingeschat als hoog vanwege de kwetsbaarheid van de terbeschikkinggestelde om psychotisch te decompenseren. Het traject heeft uitgewezen dat er voldoende tijd moet worden genomen voor de resocialisatie. De afgifte van een zorgmachtiging is op dit moment nog niet aan de orde omdat een forensisch kader nodig is. Een zorgmachtiging kan pas aan de orde zijn als de terbeschikkinggestelde een langere tijd stabiel blijft functioneren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">Het oordeel van het hof</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Afwijzen verzoek onderzoek naar mogelijkheid zorgmachtiging</emphasis>
      </para>
      <para>Het hof acht zich op basis van de aanwezige informatie voldoende voorgelicht om te kunnen oordelen over het door de terbeschikkinggestelde ingediende beroep. Het verzoek tot het doen onderzoeken van de mogelijkheid tot afgifte van een zorgmachtiging op grond van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg wordt afgewezen. De noodzakelijkheid van dit onderzoek is niet gebleken. Op grond van de aanwezige informatie acht het hof een zorgmachtiging op dit moment niet aan de orde. De forensische scherpte van het kader van de terbeschikkingstelling is nog nodig om het risicomanagement te kunnen waarborgen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Vernietiging</emphasis>
      </para>
      <para>Het hof zal de beslissing van de rechtbank vernietigen omdat het tot een andere beslissing komt over de termijn van de verlenging van de terbeschikkingstelling.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Indexdelicten</emphasis>
      </para>
      <para>De rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, heeft aan de terbeschikkinggestelde bij vonnis van 8 april 2019 de terbeschikkingstelling met voorwaarden opgelegd voor poging tot zware mishandeling en een bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Stoornis en recidivegevaar</emphasis>
      </para>
      <para>Uit de Pro Justitia rapportage van psychiater [naam] van 20 januari 2025 volgt dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van schizofrenie en een cognitief verval passend bij schizofrenie, waardoor hij op een zwakbegaafd niveau functioneert. Bij de terbeschikkinggestelde is ook sprake van een stoornis in het gebruik van cannabis, cocaïne en amfetamine (inclusief amfetamineachtige stoffen). De verslaving is al geruime tijd in remissie dankzij het huidige kader.</para>
      <para>Het risico op gewelddadig gedrag is inherent aan de schizofrenie en is afhankelijk van de mate van structurering en toezicht en van effecten van de medicatie. Het risico op gewelddadig gedrag vloeit ook voort uit de verslavingsproblematiek. Bij een stabiel functioneren, zonder psychose en/of vijandigheid die daaruit voortvloeit en dankzij de ondersteuning, structurering, zorg en medicatie wordt het risico op gewelddadig gedrag als laag ingeschat. In de context ‘uit zorg’ is de kans op gewelddadig gedrag vrij snel hoog vanwege de kwetsbaarheid van betrokkene om psychotisch te decompenseren.</para>
      <para>Het hof neemt de conclusies van de deskundige over en maakt die tot de zijne.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verlenging</emphasis>
      </para>
      <para>Op grond van deze gegevens stelt het hof vast dat bij de terbeschikkinggestelde sprake is van stoornissen en dat vanwege het recidivegevaar de veiligheid van anderen dan wel de algemene veiligheid van personen de verlenging van de terbeschikkingstelling vereist.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Duur van de verlenging</emphasis>
      </para>
      <para>De psychiater heeft geadviseerd tot verlenging van de terbeschikkingstelling met een termijn van een jaar. Anders dan de rechtbank sluit het hof aan bij dit advies. Er bestaat reden om de ontwikkelingen op de voet te volgen en te voorkomen dat het moment wordt gemist waarop de overgang naar een zorgmachtiging mogelijk zal zijn. </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Wijst af</emphasis> het verzoek tot het doen onderzoeken van de mogelijkheid tot afgifte van een zorgmachtiging op grond van artikel 2.3 van de Wet forensische zorg;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Vernietigt</emphasis> de beslissing van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats [geboorteplaats], van 1 mei 2025 met betrekking tot de terbeschikkinggestelde <emphasis role="bold">[terbeschikkinggestelde]</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Verlengt</emphasis> de terbeschikkingstelling met een termijn van <emphasis role="bold">een jaar</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gedaan door</para>
      <para>mr. W.A. Holland, voorzitter,</para>
      <para>mr. M. Keppels en mr. P.C. Vegter, raadsheren, </para>
      <para>en drs. I.E. Troost en dr. E.L.M. Klein Haneveld, raden,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. R. Kaatman, griffier,</para>
      <para>en op 16 oktober 2025 in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raden zijn buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen. </para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>