<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2024:5557</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-18T09:36:49</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-08-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-08-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">Wahv 200.336.426/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:5557">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:5557</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-09-18T09:36:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-09-18</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2024:5557 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 30-08-2024 / Wahv 200.336.426/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2024:5557:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Twee sancties voor het negeren van een rood verkeerslicht en het op de kruising niet volgen van de richting die de voorsorteerstrook aangeeft. Geen ne bis in idem, nu sprake is van twee achtereenvolgende gedragingen. Ook geen voortgezette handeling, nu de gedragingen niet voortkomen uit één ongeoorloofd wilsbesluit.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2024:5557:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN  </bridgehead>
    <para>zittingsplaats Leeuwarden</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>Zaaknummer </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: Wahv 200.336.426/01</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>CJIB-nummer </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: 250877428 </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Uitspraak d.d.</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: 30 augustus 2024</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Arrest</emphasis> op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank <?linebreak?>Noord-Holland van 22 december 2023, betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [de betrokkene] (hierna: de betrokkene),</bridgehead>
    <para>wonende te [woonplaats] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De gemachtigde van de betrokkene is M.J.M. Bergers, kantoorhoudende te Maastricht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">De beslissing van de kantonrechter</bridgehead>
    <para>De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de beslissing van de officier van justitie ongegrond verklaard. Het verzoek om een proceskostenvergoeding is afgewezen.</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <parablock>
      <para>De gemachtigde van de betrokkene heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. Er is gevraagd om een proceskostenvergoeding.</para>
      <para>De advocaat-generaal heeft een verweerschrift ingediend. </para>
      <para>De gemachtigde van de betrokkene heeft het beroep nader toegelicht. </para>
      <para>De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De beoordeling</title>
    <para>1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een sanctie opgelegd van € 250,- voor: “doorgaan bij een driekleurig verkeerslicht (stoplicht) dat op rood staat”. Deze gedraging zou zijn verricht op 12 juli 2022 om 19.36 uur op de Oostergouw in Zwaag met het voertuig met het kenteken [kenteken] .</para>
    <para />
    <para>2. De gemachtigde van de betrokkene voert aan dat de betrokkene de gedraging ontkent en erbij blijft dat de sanctie is opgelegd in strijd met redelijkheid en billijkheid. De betrokkene heeft namelijk twee sancties ontvangen voor hetzelfde vergrijp. Hij is op hetzelfde moment bekeurd voor feitcode R602 en R619. Naast het negeren van het rode licht volgde hij ook een andere rijrichting dan de voorsorteerstrook aangaf. Hoewel beide gedragingen mogelijk zijn begaan, wordt de betrokkene geconfronteerd met een totaal van € 518,- aan boetes. Dat is duurder dan wanneer de betrokkene had gereden met 1 promille alcohol in zijn bloed. Het bedrag is niet meer in verhouding met ernstigere strafbare feiten. In de andere zaak heeft de betrokkene het sanctiebedrag betaald en geen beroep ingesteld. Verder voert de gemachtigde aan dat de kantonrechter niet is ingegaan op de aanvullende gronden. </para>
    <para />
    <para>3. In het zaakoverzicht is de volgende verklaring van de ambtenaar opgenomen:<?linebreak?>“Ik, verbalisant, stond bij de kruising Oostergouw met de Dorpsstraat te Zwaag. Ik stond voorgesorteerd op de rijbaan om rechtdoor te gaan op de Oostergouw. Ik zag in mijn binnenspiegel een voertuig, voorzien van kenteken [kenteken] , mij van achteren benaderen. Ik zag dat genoemd voertuig mij voorbij ging en voor mijn voertuig voorbij reed de Dorpsstraat op in westelijke richting. Ik zag dat het verkeerslicht nog steeds op rood stond.”</para>
    <para />
    <para>4. Namens de betrokkene is de gedraging ontkend, terwijl uit de rest van de aangevoerde gronden blijkt dat de gedraging wordt erkend. Het hof ziet geen aanleiding om te twijfelen aan de gegevens in het dossier en stelt vast dat de gedraging is verricht. Het hof zal vervolgens beoordelen of er andere redenen zijn om een sanctie achterwege te laten of om het bedrag van de sanctie te matigen.</para>
    <para />
    <para>5. Het ‘ne bis in idem’-beginsel houdt in dat niemand tweemaal mag worden gestraft voor hetzelfde feit. Naar het oordeel van het hof is in dit geval echter sprake van twee achtereenvolgende gedragingen. </para>
    <para />
    <para>6. In artikel 56, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht is bepaald dat indien meerdere feiten, die elk op zichzelf een misdrijf of overtreding opleveren, in zodanig verband staan dat zij moeten worden beschouwd als één voortgezette handeling, slechts één strafbepaling wordt toegepast, bij verschil die waarbij de zwaarste hoofdstraf is gesteld. Deze bepaling is in de Wahv niet van (overeenkomstige) toepassing verklaard. Dit neemt niet weg dat indien zich een situatie voordoet die als voortgezette handeling in de zin van bedoeld artikellid kan worden aangemerkt, daarin - op de voet van artikel 9, tweede lid, aanhef en onder b, van de Wahv - grond kan worden gevonden voor het oordeel dat een of meer gedraging(en) heeft/hebben plaatsgevonden onder zodanige omstandigheden dat oplegging van een sanctie voor die gedraging(en) niet billijk is.</para>
    <para />
    <para>7. Bij de beoordeling of in het geval van meerdere gedragingen sprake is van een voortgezette handeling stelt het hof voorop dat een verkeersdeelnemer voortdurend te maken krijgt met nieuwe verkeerssituaties, waarin hij alert dient te zijn en waarin hij derhalve bij voortduring beslissingen neemt en moet nemen. Er is niet snel sprake van meerdere gedragingen die voortkomen uit één ongeoorloofd wilsbesluit. </para>
    <para />
    <para>8. Dat is in dit geval niet anders. Uit de informatie, voor zover beschikbaar, blijkt dat de betrokkene het rode verkeerslicht heeft genegeerd. Vervolgens heeft hij ervoor gekozen om op de kruising niet de richting te volgen die de voorsorteerstrook aangaf. Dat er slechts korte tijd tussen de gedragingen zit, doet daaraan niet af. </para>
    <para />
    <para>9. Met betrekking tot de hoogte van de boete overweegt het hof dat op grond van artikel 2, derde lid, van de Wahv de hoogte van de sanctie voor elke gedraging is vastgesteld in de bij de wet behorende bijlage. Deze in hoge mate tariefmatige afdoening van gedragingen brengt mee dat de omstandigheden van het concrete geval niet licht van invloed zullen zijn op de hoogte van de opgelegde sanctie. Slechts bijzondere omstandigheden kunnen aanleiding geven om van de vastgestelde tarieven af te wijken. De omstandigheid dat de betrokkene in korte tijd twee gedragingen heeft verricht waarvoor hij twee sancties heeft gekregen met een hoog totaalbedrag, is niet een zodanige omstandigheid. Namens de betrokkene is ook niet gesteld of gebleken dat hij door hoogte van de sanctie onevenredig wordt getroffen. </para>
    <para />
    <para>10. Gelet op het voorgaande zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen, zij het met verbetering van gronden nu uit de beslissing van de kantonrechter onvoldoende blijkt dat de aanvullende gronden bij diens oordeel zijn betrokkenen. Het hof zal het verzoek om een proceskostenvergoeding afwijzen.  </para>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing</emphasis>
      </para>
      <para>Het gerechtshof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bevestigt de beslissing van de kantonrechter met verbetering van gronden;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>wijst het verzoek om vergoeding van proceskosten af.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Wijmenga als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>