<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2024:1947</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-26T08:00:28</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-03-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.335.942/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:1947">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:1947</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-25T08:50:17</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2024:1947 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 19-03-2024 / 200.335.942/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2024:1947:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Cliënt is het niet eens met een deel van de declaraties van zijn advocaat en betaalt deze daarom niet. De advocaat stapt naar de kantonrechter en krijgt grotendeels gelijk: de cliënt moet alsnog betalen.</para>
        <para>Hiertegen gaat hij in hoger beroep en daarbij vraagt de cliënt om de tenuitvoerlegging van het vonnis van de kantonrechter te schorsen, dan wel om de advocaat te verplichten zekerheid te stellen.</para>
        <para>Het hof wijst deze incidentele vorderingen af. Het blijkt namelijk dat de cliënt de bedragen waartoe hij door de kantonrechter is veroordeeld, inmiddels heeft betaald.</para>
        <para>Weliswaar onder druk van belaglegging en/of een faillissementsaanvraag, maar dat doet niet af aan het feit dat aan het vonnis is voldaan. Er valt dan niets meer te schorsen aan de tenuitvoerlegging. Ook het stellen van een voorwaarde (zekerheid) aan die tenuitvoerlegging, is niet meer aan de orde.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2024:1947:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Leeuwarden</para>
      <para>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.335.942 /01 </para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 183502)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest in het incident ex art. 235 en 351 Rv van 19 maart 2024</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [appellant1]</title>
    <para>die woont in [woonplaats1]</para>
    <para>2.	<emphasis role="bold">[appellante2] B.V.</emphasis></para>
    <para>gevestigd in [vestigingsplaats]</para>
    <para>3.	<emphasis role="bold">[appellante3] B.V.</emphasis></para>
    <para>gevestigd in Steenwijkerwold</para>
    <para>4.	<emphasis role="bold">[appellante4] B.V.</emphasis></para>
    <para>gevestigd in [vestigingsplaats]</para>
    <para>5.	<emphasis role="bold">[appellante5] B.V.</emphasis></para>
    <para>gevestigd in [vestigingsplaats]</para>
    <para>6.	<emphasis role="bold">Beton Elementen Industrie B.V.</emphasis></para>
    <parablock>
      <para>gevestigd in [vestigingsplaats]</para>
      <para>die hoger beroep hebben ingesteld</para>
      <para>en die bij de rechtbank optraden als gedaagden in conventie, eisers in reconventie</para>
      <para>eisers in het incident</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[appellanten]</emphasis></para>
      <para>vertegenwoordigd door mr. A. de Groot, advocaat in Alkmaar</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [geïntimeerde] Advocaten B.V.</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd in Heerenveen</para>
      <para>die bij de rechtbank optrad als eiseres in conventie, verweerster in reconventie </para>
      <para>verweerster in het incident</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde]</emphasis></para>
      <para>vertegenwoordigd door mr. N.H.M. Poort, advocaat in Heerenveen</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure bij de rechtbank</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Bij de rechtbank is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis van 15 november 2023 van de rechtbank Noord-Nederland (hierna: de rechtbank).</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De procedure bij het hof</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Op 7 december 2023 hebben [appellanten] hoger beroep ingesteld tegen het genoemde vonnis, waarbij [geïntimeerde] is opgeroepen te verschijnen op de zitting van het hof van 9 januari 2024. In de hogerberoepdagvaarding (met bijlage) zijn incidentele vorderingen opgenomen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Op de eerst dienende dag is [geïntimeerde] niet verschenen en is tegen haar verstek verleend. Het verstek is gezuiverd op de rol van 20 februari 2024 en [geïntimeerde] heeft een antwoordconclusie in het incident (met bijlagen) ingediend.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Partijen hebben arrest gevraagd in het incident en [appellanten] hebben de stukken daarvoor aan het hof gegeven.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling in het incident</title>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Voor zover van belang voor de beoordeling in dit incident, gaat het in deze zaak om het volgende. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>
        [geïntimeerde] heeft in de periode 2017-2022 juridische bijstand verleend aan [appellanten] Hiervoor heeft [geïntimeerde] in totaal 88 facturen verzonden voor een totaalbedrag van € 295.544,05. Kornet heeft hiervan 78 facturen betaald tot een bedrag van in totaal € 190.102,98.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>In de procedure bij de rechtbank heeft [geïntimeerde] in conventie verschillende vorderingen ingesteld die erop neerkomen dat [appellanten] worden veroordeeld tot betaling van de onbetaald gebleven facturen, met bijkomende veroordelingen. [appellanten] hebben reconventionele vorderingen ingesteld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>In het vonnis waarvan beroep is beslist als volgt:</para>
      <para />
      <mediaobject>
        <imageobject>
          <imagedata align="center" scale="100" fileref="3d0e895d-9f0e-4d08-a9a0-1af29b5bdf2a" depth="858" width="500" format="image/png" />
        </imageobject>
      </mediaobject>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>In het incident vorderen [appellanten] (primair) schorsing van de uitvoerbaarheid van het vonnis van 15 november 2023, dan wel (subsidiair) dat [geïntimeerde] wordt veroordeeld tot het stellen van afdoende zekerheid. [geïntimeerde] heeft geconcludeerd tot afwijzing van de vorderingen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>
        [geïntimeerde] heeft aangevoerd, zo begrijpt het hof, dat Kornet c.s .inmiddels volledig (onder druk van beslaglegging en faillisssementsaanvraag) aan het vonnis van de rechtbank van 15 november 2023 hebben voldaan. Volgens [geïntimeerde] hebben [appellanten] na het vonnis waarvan beroep vier betalingen gedaan tot een totaalbedrag van € 90.684,77. Deze betalingen zijn voor het hof voldoende aannemelijk gemaakt. Op grond hiervan is het hof van oordeel dat [appellanten] bij toewijzing van hun incidentele vorderingen geen voldoende belang hebben zoals bedoeld in art. 3:303 BW. De tenuitvoerlegging van het rechtbankvonnis van 15 november 2023 is voltooid, zodat er niets (meer) valt te schorsen. Evenmin is er (nog) aanleiding voor het verplichten van [geïntimeerde] om zekerheid te stellen. De incidentele vorderingen zullen daarom worden afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7</nr>
      <para>Partijen hebben over en weer gevorderd dat de ander wordt veroordeeld tot betaling van de kosten van dit incident. De beslissing over de kosten van het incident zal echter worden gereserveerd tot de einduitspraak. De hoofdzaak zal naar de rol worden verwezen om verder te procederen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para>Het hof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">in het incident</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>wijst de vorderingen af;</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>bepaalt dat over de kosten zal worden beslist bij einduitspraak in de hoofdzaak;</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">in de hoofdzaak</emphasis>
          <?linebreak?>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>verwijst de zaak naar <emphasis role="bold underline">de rol van 30 april 2024</emphasis> voor memorie van grieven;</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mrs. J.H. Kuiper, M.W. Zandbergen en J. Smit en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 19 maart 2024.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>