<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2024:153</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-27T08:41:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-01-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2024-01-09</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.335.538</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_insolventierecht">Civiel recht; Insolventierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:153">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2024:153</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2024-03-27T08:40:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2024-03-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2024:153 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 09-01-2024 / 200.335.538</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2024:153:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Hoger beroep. Eindarrest. Faillissement. Afwijzing van het verzoek tot faillietverklaring. Appellant verkeert niet langer in de toestand dat hij heeft opgehouden te betalen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2024:153:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem, afdeling civiel					</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.335.538</para>
      <para>zaaknummer rechtbank 05/23/437F</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 9 januari 2024 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant]
        </emphasis>
      </para>
      <para>die woont in [woonplaats1] </para>
      <para>die hoger beroep heeft ingesteld</para>
      <para>en bij de rechtbank optrad als verweerder</para>
      <para>hierna: [appellant]</para>
      <para>advocaat: mr. P.F. Schepel </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Greenchoice Zakelijk N.V.</emphasis>
      </para>
      <para>die is gevestigd in Rotterdam</para>
      <para>die optreedt als verweerster</para>
      <para>en bij de rechtbank optrad als verzoekster</para>
      <para>hierna: Greenchoice Zakelijk</para>
      <para>advocaat: mr. B.T. van Onna</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De procedure bij de rechtbank</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij vonnis van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 5 december 2023 is [appellant] op verzoek van Greenchoice Zakelijk in staat van faillissement verklaard. Hierbij is tot curator benoemd [de curator] (hierna: de curator). Het hof verwijst naar dat vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De procedure bij het hof</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1.</nr>
      <para>Bij op 11 december 2023 bij het hof binnengekomen beroepschrift heeft [appellant] hoger beroep ingesteld tegen het vonnis van 5 december 2023. [appellant] verzoekt het hof dat vonnis te vernietigen en het verzoek tot faillietverklaring van Greenchoice Zakelijk alsnog af te wijzen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2.</nr>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het beroepschrift;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief met bijlage van mr. Schepel van 11 december 2023;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief met bijlagen van de curator van 2 januari 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief namens mr. Van Onna van 5 januari 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief met bijlagen van mr. Schepel van 5 januari 2024;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>de brief met bijlage van mr. Schepel van 8 januari 2024.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3.</nr>
      <para>De zitting heeft plaatsgevonden op 8 januari 2024, waarbij [appellant] is verschenen, bijgestaan door mr. Schepel. Verder is de curator verschenen. Ter zitting heeft mr. Schepel nogmaals de bijlage bij zijn brief van die ochtend overgelegd. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De motivering van de beslissing in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1.</nr>
      <para>De rechtbank heeft [appellant] in staat van faillissement verklaard, omdat summierlijk is gebleken van het vorderingsrecht van Greenchoice Zakelijk en [appellant] in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof oordeelt als volgt. Een faillietverklaring kan worden uitgesproken indien summierlijk is gebleken van een ten tijde van de faillietverklaring bestaand vorderingsrecht van de aanvrager en ook van het (op dit moment) bestaan van feiten en omstandigheden waaruit volgt dat de schuldenaar verkeert in de toestand van te hebben opgehouden te betalen. </para>
        <para>Dat de schuldenaar meer schuldeisers heeft, is een noodzakelijke, maar niet een voldoende voorwaarde voor het aannemen van de hiervoor bedoelde toestand (het pluraliteitsvereiste). Ook als aan het pluraliteitsvereiste is voldaan, moet worden onderzocht of de schuldenaar in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3.</nr>
      <para>Het hof is van oordeel dat voldoende is komen vast te staan dat [appellant] niet langer in de toestand verkeert dat hij heeft opgehouden te betalen. [appellant] heeft namelijk met Greenchoice Zakelijk een betalingsregeling tegen finale kwijting getroffen, waarvoor een bedrag van € 20.000,- voor Greenchoice Zakelijk bij haar advocaat in depot is gestort. Na vernietiging van het faillissement wordt dit aangewend voor voldoening van haar vordering op [appellant] van € 49.961,74 (waarin ook de proceskosten van Greenchoice Zakelijk voor het faillissementsverzoek zijn meegenomen). Greenchoice Zakelijk heeft in verband daarmee per brief van 5 januari 2024 aan het hof laten weten zich niet langer tegen het hoger beroep van [appellant] te verzetten. Uit de door [appellant] overgelegde betalingsbewijzen is bovendien voldoende gebleken dat [appellant] zijn overige schulden (waaronder zijn huurachterstand die als steunvordering voor het faillissementsverzoek diende) volledig voldaan heeft, hetgeen de curator ter zitting heeft bevestigd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4.</nr>
      <para>De curator heeft meegedeeld in te stemmen met een beperking van haar salaris tot een bedrag van € 4.500,-, welk bedrag door [appellant] is overgemaakt naar de derdengeldenrekening van haar kantoor. Het hof zal de faillissementskosten, waaronder het salaris van de curator, daarom vaststellen op in totaal € 4.500,- inclusief btw en verschotten. Het hof zal de faillissementskosten ten laste van [appellant] brengen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5.</nr>
      <para>Het hoger beroep slaagt. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1.</nr>
      <para>vernietigt het vonnis van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 5 december 2023 en beslist als volgt:   </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2.</nr>
      <para>wijst het verzoek tot faillietverklaring alsnog af;     </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3.</nr>
      <para>veroordeelt [appellant] in de faillissementskosten, vastgesteld op € 4.500,- inclusief btw voor salaris van de curator en verschotten. </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mrs. H.L. Wattel, D.M.I. De Waele en H. Wammes en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 9 januari 2024</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>