<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2022:8734</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-26T14:22:18</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-10-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.309.823</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:8734">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:8734</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-10-26T14:22:00</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-10-26</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2022:8734 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 11-10-2022 / 200.309.823</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2022:8734:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Verzoek ontslag bewindvoerder en mentor afgewezen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2022:8734:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN	</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummers gerechtshof 200.309.823 en 200.309.834</para>
      <para>(zaaknummers rechtbank Gelderland 9472043 en 9472118)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van 11 oktober 2022  </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats1] ,<?linebreak?>verzoeker in hoger beroep,</para>
      <para>verder te noemen: [verzoeker] ,</para>
      <para>advocaat: mr. G.H.M. van Laarhoven te Tilburg,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerder] B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te [vestigingsplaats] ,</para>
      <para>verweerder in hoger beroep, </para>
      <para>verder te noemen: [verweerder] ,</para>
      <para>advocaat: voorheen mr. M.A. Knobben te Nijverdal, gemeente Hellendoorn, nu zonder advocaat.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als overige belanghebbenden zijn aangemerkt: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de vader]
        </emphasis>,</para>
      <para>verder te noemen: [de vader] of de vader,</para>
      <para>en</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [de moeder]
        </emphasis>,</para>
      <para>verder te noemen: [de moeder] of de moeder,</para>
      <para>beiden wonende te [woonplaats2] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam1]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats3] ,</para>
      <para>verder te noemen: [naam1] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam2]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats4] ,</para>
      <para>verder te noemen: [naam2] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam3]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats5] ,</para>
      <para>verder te noemen: [naam3] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [naam4]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats2] ,</para>
      <para>verder te noemen: [naam4] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verwijst voor het geding in eerste aanleg naar de beschikkingen van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 14 februari 2022, uitgesproken onder voormelde zaaknummers (hierna ook: de bestreden beschikkingen).</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- het beroepschrift met producties, ingekomen op 20 april 2022;</para>
      <para>- het aanvullend beroepschrift met producties;</para>
      <para>- het verweerschrift;</para>
      <para>- een journaalbericht van mr. Van Laarhoven van 3 augustus 2022 met bijlagen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft op 2 september 2022 plaatsgevonden. Daarbij waren aanwezig:</para>
      <para>- namens [verzoeker] zijn advocaat;</para>
      <para>- twee vertegenwoordigers namens [verweerder] ;</para>
      <para>- de overige belanghebbenden en een tolk die de vader en de moeder bijstond.</para>
      <para>Door mr. Van Laarhoven is een pleitnota overgelegd.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        [verzoeker] is geboren [in] 1986 te [plaats1] . Zijn ouders zijn [de vader] en [de moeder] en hij is de broer van [naam1] , [naam2] , [naam3] en [naam4] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Bij beschikking van 21 juli 2016 heeft de kantonrechter de goederen die toebehoren of zullen toebehoren aan [verzoeker] onder bewind gesteld wegens zijn lichamelijke of geestelijke toestand. Sinds 24 juni 2020 is [verweerder] de bewindvoerder. Op 21 juli 2016 heeft de kantonrechter ook een mentorschap ingesteld ten behoeve van [verzoeker] . Sinds 24 juni 2020 is [verweerder] eveneens de mentor.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Bij verzoekschriften, ingekomen bij de kantonrechter op 1 oktober 2021, heeft [verzoeker] verzocht [verweerder] te ontslaan als bewindvoerder en mentor, en [naam4] tot bewindvoerder en [naam2] tot mentor te benoemen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>Bij de bestreden beschikkingen heeft de kantonrechter de verzoeken van [verzoeker] afgewezen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>De omvang van het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        [verzoeker] is in hoger beroep gekomen van de bestreden beschikkingen. Hij verzoekt de bestreden beschikkingen te vernietigen en, opnieuw beschikkende, [verweerder] als bewindvoerder en mentor te ontslaan en [naam4] tot bewindvoerder en [naam2] tot mentor te benoemen, kosten rechtens.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          [verweerder] voert verweer en vraagt [verzoeker] niet-ontvankelijk te verklaren in zijn verzoek strekkende tot vernietiging van de bestreden beschikkingen, althans zijn</para>
        <para>beroep af te wijzen en de bestreden beschikkingen te bekrachtigen, eventueel onder aanvulling en verbetering van de gronden en daarbij [verzoeker] te veroordelen in de kosten van onderhavige procedure. </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De motivering van de beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Juridisch kader ontslag bewindvoerder of mentor</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>Artikel 1:448 lid 2 BW bepaalt dat een bewindvoerder door de kantonrechter kan worden ontslagen wegens gewichtige redenen of omdat hij niet meer voldoet aan de eisen om bewindvoerder te kunnen worden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>Artikel 1:461 lid 2 BW bepaalt dat een mentor door de kantonrechter kan worden ontslagen wegens gewichtige redenen of omdat hij niet meer voldoet aan de eisen om mentor te kunnen worden.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Inhoudelijk</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <parablock>
        <para>In zijn eerste grief in beide zaken stelt [verzoeker] dat de wijze van afdoening in eerste aanleg, waarbij partijen hebben gesproken met een jurist en niet met de kantonrechter, en de kantonrechter vervolgens de beschikking heeft afgegeven, in strijd is met het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering en de Wet op de Rechterlijke Organisatie alsook in strijd met de Zaakstoedelingsregeling Toezicht van de rechtbank Gelderland van 1 april 2021. Ook zijn ten onrechte niet alle belanghebbenden opgeroepen en gehoord.</para>
        <para>Het hof is van oordeel dat, indien en voor zover er al sprake is geweest van een omissie, dit gebrek in hoger beroep is hersteld. In hoger beroep hebben alle belanghebbenden de gelegenheid gehad hun standpunten bij het hof toe te lichten.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.4</nr>
      <para>Gelet op genoemde wetsbepalingen ligt de vraag voor of er gewichtige redenen zijn om [verweerder] te ontslaan als bewindvoerder en mentor. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.5</nr>
      <para>Het hof is van oordeel dat niet is aangetoond dat sprake is van gewichtige redenen die het ontslag van de bewindvoerder en de mentor rechtvaardigen. Het hof overweegt daartoe als volgt.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.6</nr>
      <para>Ten aanzien van de bewindvoering overweegt het hof dat het niet gaat om de vraag of [naam4] als beoogd bewindvoerder in staat is de vermogensrechtelijke belangen van [verzoeker] te behartigen, maar of [verweerder] in de uitoefening van zijn taak als bewindvoerder is tekortgeschoten. Uit niets volgt dat de vermogensrechtelijke belangen van [verzoeker] niet goed worden behartigd door [verweerder] en dat sprake is van concrete bezwaren tegen [verweerder] in de uitoefening van zijn taak als bewindvoerder.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.7</nr>
      <parablock>
        <para>Ten aanzien van het mentorschap blijkt evenmin dat de belangen van [verzoeker] niet goed worden behartigd door [verweerder] . In 2016 heeft de familie van [verzoeker] ingestemd met de benoeming van een professionele mentor en bewindvoerder. Uitgaande van de bestaande situatie, waarin een professionele mentor is betrokken, is het aan [verzoeker] om te onderbouwen dat er gewichtige redenen zijn om de huidige mentor te ontslaan. Dat [verzoeker] en zijn familie het soms niet eens zijn met de keuzes die [verweerder] maakt en de wijze waarop [verweerder] haar taken uitoefent, zijn naar het oordeel van het hof geen gewichtige redenen voor ontslag. Ook het standpunt van [verzoeker] dat hij een betere vertrouwensband heeft met zijn zus [naam2] , is geen gewichtige reden. Het hof constateert dat bij [verzoeker] en zijn familie het vertrouwen in een professionele mentor en bewindvoerder is geschaad door het niet-functioneren van de eerste mentor en bewindvoerder. Het is het hof niet gebleken dat de huidige mentor de door de wet aan hem opgelegde verplichtingen niet of onvoldoende nakomt. Niet weersproken is dat de mentor goed contact heeft met de begeleiding van [verzoeker] en dat de begeleiding de mentor informeert over de verleende zorg en het welzijn van [verzoeker] .</para>
        <para>Duidelijk is dat de familieleden van [verzoeker] zeer betrokken zijn, zich inzetten voor zijn welzijn en een liefdevolle band met hem hebben, en het hof gunt [verzoeker] en zijn familie dat dit zo zal blijven, maar dit maakt het oordeel van het hof niet anders.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De slotsom</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <para>Op grond van hetgeen hiervoor is overwogen, zal het hof de bestreden beschikkingen bekrachtigen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <para>In hetgeen over en weer daartoe is aangevoerd ziet het hof geen aanleiding een van partijen in de proceskosten te veroordelen.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, beschikkende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bekrachtigt de beschikkingen van de kantonrechter in de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Zutphen, van 14 februari 2022;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>compenseert de kosten van het geding in hoger beroep.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. K.A.M. van Os-ten Have, J.B. de Groot en E. de Boer en is op 11 oktober 2022 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>