<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2022:6834</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-04T08:00:53</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-08-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.293.795/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:6834">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:6834</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-08-03T07:25:43</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-08-04</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2022:6834 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 02-08-2022 / 200.293.795/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2022:6834:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Vleesleverancier wil betaald worden voor afgeleverd vlees. Afnemer betwist besteld en afgenomen te hebben. Bewijsopdracht aan leverancier.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2022:6834:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Leeuwarden</para>
      <para>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.293.795/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 500191)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 2 augustus 2022 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Real Veal B.V.</emphasis>,</para>
      <para>gevestigd te Baarle-Nassau,</para>
      <para>appellante in het principaal hoger beroep,</para>
      <para>geïntimeerde in het incidenteel hoger beroep,<?linebreak?>bij de rechtbank: eiseres in conventie en verweerster in reconventie,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">Real Veal</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. R.G.M. van der Pas, die kantoor houdt te Ulvenhout,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Foodmasters B.V.,</title>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Lelystad,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">Food Masters</emphasis>,</para>
      <para>geïntimeerde in het principaal hoger beroep,</para>
      <para>appellante in het incidenteel hoger beroep,</para>
      <para>bij de rechtbank: gedaagde in conventie en eiseres in reconventie,</para>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">2. Ilias Foods B.V.</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Emmeloord,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">Ilias Foods</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">3. KLN Meat B.V.</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>gevestigd te Lelystad,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">KLN Meat</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">4. [geïntimeerde4]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats1] ,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde4]</emphasis>,</para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">5. [geïntimeerde5]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats2] ,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde5]</emphasis>,</para>
      <para>geïntimeerden in het principaal hoger beroep,</para>
      <para>bij de rechtbank: gedaagden,</para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen: <emphasis role="bold">Food Masters c.s.</emphasis>, </para>
      <para>advocaat: mr. R. Zwiers, die kantoor houdt te Almere.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere verloop van de procedure geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 21 december 2021 hier over. Op grond van dit arrest heeft op 15 juli 2022 een mondelinge behandeling van de zaak plaatsgevonden. Hiervan is een verslag (proces-verbaal) opgemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Vervolgens heeft het hof arrest bepaald op het voorafgaand aan het arrest van 21 december 2021 overgelegde procesdossier, aangevuld met voormeld proces-verbaal.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Waar gaat de zaak over en wat vindt het hof?<?linebreak?></title>
    <para>Real Veal wil betaald worden voor aan Food Masters geleverd vlees. Food Masters bestrijdt dat zij het vlees heeft afgenomen, waarvoor Real Veal nu betaling wil. Food Masters meent dat zij te veel aan Real Veal betaald heeft, welk bedrag zij nu terug wil. Het hof is van oordeel dat eerst nader bewijs moet worden geleverd, alvorens kan worden beslist. Dit zal hierna worden uitgelegd, nadat eerst de feiten en de vorderingen van partijen zijn beschreven. </para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De vaststaande feiten<?linebreak?></title>
    <para>Het hof gaat in hoger beroep uit van de navolgende feiten:  </para>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Real Veal levert vlees aan groothandels, slagers en vleesverwerkende industrie. Zij heeft ook vlees geleverd aan Food Masters.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De gebruikelijke gang van zaken omtrent de leveringen was dat Food Masters telefonisch een bestelling plaatste bij Real Veal en dat zij daarna de bestelling rechtstreeks ophaalde bij de slachter (de heer [naam1] ) te [plaats1] . </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Ilias Foods en KLN Meat houden de aandelen in Food Masters. [geïntimeerde4] en [geïntimeerde5] zijn via Ilias Foods respectievelijk KLN Meat de bestuurders van Food Masters. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>Het geschil en de beslissing van de rechtbank</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>Real Veal heeft in conventie - samengevat - gevorderd de hoofdelijke veroordeling van Food Masters c.s. tot betaling van € 67.784,88, vermeerderd met de wettelijke handelsrente dan wel de wettelijke rente daarover, te rekenen vanaf de vervaldatum van iedere factuur en met € 1.452,85 aan vergoeding voor buitengerechtelijke kosten, met veroordeling van Food Masters c.s. in de kosten van de procedure.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <parablock>
        <para>Food Masters heeft in reconventie - samengevat - gevorderd de veroordeling van Real Veal tot betaling van € 3.437,37, vermeerderd met de wettelijke (handels)rente vanaf </para>
        <para>20 mei 2020, met veroordeling van Real Veal in de kosten van de procedure.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <parablock>
        <para>De rechtbank heeft bij vonnis van 30 december 2020 zowel de vordering van Real Veal als de vordering van Food Masters afgewezen. Real Veal is veroordeeld in de kosten van de procedure in conventie en Food Masters in de kosten van de procedure in reconventie.</para>
        <para>5. <emphasis role="bold">De vorderingen in hoger beroep</emphasis></para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>Real Veal vordert in principaal hoger beroep na wijziging van eis - samengevat - de vernietiging van het vonnis van 30 december 2020, voor zover in conventie gewezen, en de toewijzing alsnog van haar vordering tot hoofdelijke veroordeling van Food Masters c.s. tot betaling van € 64.338,54, vermeerderd met de wettelijke (handels)rente en met € 1.418,39 aan vergoeding voor buitengerechtelijke kosten, met veroordeling van Food Masters c.s. in de kosten van beide instanties.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>Food Masters vordert in incidenteel hoger beroep - samengevat - de vernietiging van het vonnis van 30 december 2020, voor zover in reconventie gewezen, en de toewijzing alsnog haar vordering als ingesteld bij de rechtbank, met veroordeling van Real Veal in de kosten van beide instanties. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>6</nr>De beoordeling van de grieven en de vordering</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Omvang van het hoger beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <nr>6.1</nr>
      <para>Real Veal heeft twee grieven voorgesteld. <emphasis role="underline">Grief 1</emphasis> is gekant tegen het niet door de kantonrechter toepassen van de toerekeningsregel van artikel 6:44 BW. <emphasis role="underline">Grief 2</emphasis> komt op tegen het niet toelaten van Real Veal tot bewijslevering en aldus het afwijzen van haar vordering.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.2</nr>
      <para>Real Veal heeft in verband met de door haar bepleite toerekening haar vordering vermeerderd in die zin dat zij nu ook de wettelijke handelsrente vordert over de bedragen van de facturen 181091 en 181270 die na bedoelde toerekening zijn blijven openstaan, alsook (daardoor) een hoger bedrag aan vergoeding voor buitengerechtelijke kosten.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.3</nr>
      <para>Food Masters c.s. hebben tegen de wijziging van de vordering als zodanig geen bezwaar geuit, die processueel op het juiste tijdstip heeft plaatsgevonden. Het hof ziet daar zelf ook geen bezwaar tegen, zodat de gewijzigde vordering zal worden beoordeeld.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.4</nr>
      <para>Food Masters c.s. hebben met hun <emphasis role="underline">grief</emphasis> bezwaar gemaakt tegen de afwijzing als onvoldoende onderbouwd van hun op onverschuldigde betaling gebaseerde (tegen)vordering.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Inhoudelijk</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.5</nr>
      <para>Het staat tussen partijen vast dat Real Veal aan Food Masters vleesproducten heeft geleverd. Onomstreden is daarbij dat de leveringen door Real Veal aan Food Masters gebaseerd zijn op telefonische bestellingen. Na ontvangst van een telefonische bestelling door Real Veal - doorgaans in de persoon van haar toenmalige werknemer S. van der Wolk - werd door Real Veal aan de slachter - slachterij [naam1] te [plaats1] - doorgegeven welke vleesproducten aan Food Masters geleverd moesten worden. Die vleesproducten werden door Food Masters bij de slachterij opgehaald. Partijen zijn het er verder over eens dat facturen ná levering werden opgemaakt en per post aan Food Masters werden toegezonden.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.6</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen zijn het niet eens over welke leveringen terecht aan Food Masters in rekening zijn gebracht. Volgens Real Veal heeft zij aan Food Masters geleverd de vleesproducten die zijn genoemd in de volgende nog openstaande facturen met nummers 179880 (d.d. 18 januari 2019 ad € 8.584,79), 180159 (d.d. 8 februari 2019 ad € 4.773,89) en alle door haar op naam van Food Masters opgemaakte facturen vanaf 17 mei 2019 tot en met 2 augustus 2019 (met nummers 181451 - 183363); een en ander als opgesomd in de dagvaarding van </para>
        <para>25 maart 2020. Food Masters heeft de ontvangst van zowel de in de facturen genoemde vleesproducten als de facturen zelf betwist. Volgens haar zijn over deze producten geen overeenkomsten gesloten.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.7</nr>
      <para>Volgens Real Veal staan daarnaast nog open de volgende bedragen: € 133,68 op factuur 181091 (d.d. 19 april 2019) en € 159,89 op factuur 181270 (d.d. 3 mei 2019), dit na toerekening van de op deze facturen ontvangen bedragen aan eerst rente en kosten. Food Masters heeft de verschuldigdheid van rente en kosten bestreden en daarmee de openstaande bedragen op de facturen 181091 en 181270. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.8</nr>
      <para>Partijen zijn het er verder niet over eens aan welke factuur de door Food Masters gedane contante betaling van € 10.000,- moet worden toegerekend. Real Veal heeft deze betaling toegerekend aan factuur 179510 (d.d. 24 december 2018 ad € 10.739,91). Volgens Food Masters heeft zij met deze contante betaling de factuur 179413 (d.d. 14 december 2018 ad € 6.562,63) betaald, als gevolg waarvan zij stelt € 3.437,37 te veel te hebben betaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.9</nr>
      <para>Aangezien Real Veal zich beroept op de (bestelling en) levering van de vleesproducten waarvan zij nu de betaling vordert, rust op haar overeenkomstig de hoofdregel van artikel 150 Rv de stelplicht en bewijslast van die stelling. Over die bestellingen en leveringen heeft Real Veal naar het oordeel van het hof voldoende gesteld. Wat zij echter heeft gesteld, is vervolgens gemotiveerd door Food Masters betwist. De door Real Veal in hoger beroep overgelegde (ongetekende) pakbonnen met bijbehorende lijsten met batchcodes leveren, anders dan Real Veal meent, niet al het bewijs van de juistheid van haar stelling. Het hof zal Real Veal - overeenkomstig haar aanbod - daarom toelaten tot bewijs van haar stelling dat zij de vleesproducten, genoemd in de facturen waarvan zij betaling vordert, aan Food Masters op haar bestelling heeft geleverd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>6.10</nr>
      <para>De uitkomst van deze bewijslevering kan van belang zijn voor de beoordeling van de andere geschilpunten van partijen. Om die reden zal iedere verdere bespreking van de grieven en daarmee iedere beslissing worden aangehouden.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>7</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, recht doende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>laat Real Veal toe tot het bewijs van feiten en omstandigheden waaruit blijkt dat zij aan Food Masters (conform daartoe gedane bestellingen) heeft geleverd de vleesproducten genoemd in de facturen met nummers 179880, 180159 en alle door haar op naam van Food Masters opgemaakte facturen vanaf 17 mei 2019 tot en met 2 augustus 2019 (met nummers 181451 - 183363); een en ander als opgesomd in de dagvaarding van 25 maart 2020;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat, indien Real Veal <emphasis role="underline">uitsluitend</emphasis> bewijs door bewijsstukken wenst te leveren, zij die stukken op de roldatum <emphasis role="underline">30 augustus 2022</emphasis> in het geding dient brengen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat, indien Real Veal dat bewijs (ook) door middel van getuigen wenst te leveren, het verhoor van deze getuigen zal geschieden ten overstaan van het hierbij tot raadsheer-commissaris benoemde lid van het hof mr. W.F. Boele, die daartoe zitting zal houden in het paleis van justitie aan het Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden en wel op een nader door deze vast te stellen dag en tijdstip; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat partijen (vertegenwoordigd door iemand die van de zaak op de hoogte en tot het beantwoorden van vragen in staat is) bij het getuigenverhoor aanwezig dienen te zijn opdat hen naar aanleiding van de getuigenverklaringen vragen kunnen worden gesteld;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat Real Veal het aantal voor te brengen getuigen alsmede de verhinderdagen van <emphasis role="underline">beide</emphasis> partijen, van hun advocaten en van de getuigen zal/zullen opgeven op de <emphasis role="underline">roldatum 16 augustus 2022</emphasis>, waarna dag en uur van het verhoor (ook indien voormelde opgave van een of meer van partijen ontbreekt) door de raadsheer-commissaris zullen worden vastgesteld;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat Real Veal overeenkomstig artikel 170 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering de namen en woonplaatsen van de getuigen tenminste een week voor het verhoor aan de wederpartij en de griffier van het hof dient op te geven;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat indien een partij bij gelegenheid van het getuigenverhoor nog een proceshandeling wenst te verrichten of producties in het geding wenst te brengen, deze partij ervoor dient te zorgen dat het hof en de wederpartij uiterlijk twee weken voor de dag van de zitting een afschrift van de te verrichten proceshandeling of de in het geding te brengen producties hebben ontvangen;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt verder iedere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. W.F. Boele, O.E. Mulder en W.A.J. Hoorneman en is door de rolraadsheer, in tegenwoordigheid van de griffier, in het openbaar uitgesproken op 2 augustus 2022.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>