<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2022:590</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T05:13:11</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-01-27</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2022-01-27</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">GEMW 200.294.985/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JM 2022/75 met annotatie van Pieters, S.</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:590">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2022:590</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2022-02-10T12:03:23</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2022-02-10</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2022:590 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 27-01-2022 / GEMW 200.294.985/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2022:590:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Bestuurlijke boete overlast openbare ruimte. Afvalstoffenverordening Amsterdam. Bedrijfsafval op onjuiste manier aanbieden voor corona-lockdown. Verwijtbaarheid van de overtreding en evenredigheid van het handhavend optreden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2022:590:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN  </bridgehead>
    <para>zittingsplaats Leeuwarden</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>Zaaknummer </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: GEMW 200.294.985/01</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Uitspraak d.d.</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: 27 januari 2022</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Arrest</emphasis> op het hoger beroep inzake tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank Amsterdam van 13 april 2021, betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [eiseres] B.V. (hierna: eiseres),</bridgehead>
    <para>gevestigd te [vestigingsplaats] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Eiseres wordt in deze procedure vertegenwoordigd door [naam1] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">De beslissing van de kantonrechter</bridgehead>
    <para>De kantonrechter heeft het beroep van eiser ongegrond verklaard. Dit beroep was ingesteld tegen de beslissing op bezwaar van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam (hierna te noemen: verweerder) naar aanleiding van de oplegging van een bestuurlijke boete aan eiser op grond van artikel 154b van de Gemeentewet met kenmerk S-1553294/55132504.</para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <parablock>
      <para>Eiseres heeft hoger beroep ingesteld tegen de beslissing van de kantonrechter. </para>
      <para>Verweerder heeft een verweerschrift ingediend. </para>
      <para>Namens eiseres is het beroep schriftelijk nader toegelicht.</para>
      <para>Verweerder heeft de gelegenheid gekregen daarop te reageren. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De beoordeling</title>
    <para>1. Bij de beschikking met voormeld kenmerk is aan eiseres een boete van € 475,- opgelegd voor overtreding van artikel 14, vierde lid, van de Verordening van de gemeenteraad van Amsterdam houdende regels omtrent afvalstoffen (Afvalstoffenverordening 2009). Deze overtreding zou zijn begaan op 16 maart 2020 op de Nieuwendijk in Amsterdam.</para>
    <para />
    <para>2. Eiseres erkent dat haar medewerkers bedrijfsafval hebben aangeboden op een wijze die in strijd is met de door het college gestelde voorschriften. Eiseres verzoekt echter om coulance. Zij wijst erop dat op 15 maart 2020 een plotselinge corona-lockdown werd afgekondigd die meebracht dat de deuren van de horecagelegenheid binnen dertig minuten moesten worden gesloten. Onder druk van deze situatie en met het oog op eventuele muizenoverlast zijn de afvalzakken eerder dan is toegestaan ter inzameling aangeboden. Eiseres betoogt dat in deze bijzondere situatie een minder rigide handhaving van de regels voor de hand had gelegen. De gemeente laat het bovendien volledig afweten als het aankomt op tegemoetkomingen voor schade die ondernemers lijden als gevolg van de coronamaatregelen.  </para>
    <para />
    <para>3. Dat de overtreding is begaan, wordt niet betwist. In geval de overtreding niet aan de overtreder kan worden verweten, wordt geen boete opgelegd (artikel 5:41 van de Awb). De omstandigheid dat de horecagelegenheid van eiseres in een kort tijdsbestek haar deuren voor het publiek moest sluiten, betekent niet dat de begane overtreding eiseres niet kan worden verweten. Zoals in de beslissing op bezwaar en door de kantonrechter reeds is aangegeven, stonden haar in de gegeven omstandigheden voldoende alternatieven ter beschikking, zodat zij het begaan van de overtreding redelijkerwijs had kunnen voorkomen. De situatie van artikel 5:41 Awb is hier dus niet aan de orde.</para>
    <para />
    <para>4. De aan eiseres opgelegde boete valt in de categorie ‘bestuurlijke boete overlast in de openbare ruimte’ als bedoeld in artikel 154b van de Gemeentewet. Verweerder heeft bij de handhaving van overtredingen als deze beoordelingsruimte om te bepalen of een boete moet worden opgelegd. Daarbij is verweerder op grond van artikel 3:4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in ieder geval gehouden de rechtstreeks betrokken belangen af te wegen. De voor een belanghebbende nadelige gevolgen van een besluit mogen niet onevenredig zijn in verhouding tot de met het besluit te dienen doelen. Uit het dossier blijkt voldoende dat een dergelijke afweging heeft plaatsgevonden. Niet kan worden gezegd dat verweerder in redelijkheid niet heeft kunnen beslissen om handhavend op te treden. </para>
    <para />
    <para>5. De gemeenteraad van Amsterdam heeft het boetebedrag voor rechtspersonen die deze overtreding begaan bij verordening van 1 januari 2020 vastgesteld op € 475,-. In artikel 5:46, derde lid, van de Awb is bepaald dat van de vastgestelde tarieven wordt afgeweken, wanneer de overtreder aannemelijk maakt dat de vastgestelde boete wegens bijzondere omstandigheden te hoog is. Van dergelijke bijzondere omstandigheden is naar het oordeel van het hof geen sprake. Dat eiseres last heeft van de coronamaatregelen en van mening is dat zij vanuit de gemeente onvoldoende wordt gecompenseerd door de schade die zij daardoor lijdt, staat los van de onderhavige overtreding en de daarvoor opgelegde boete. </para>
    <para />
    <para>6. Het hof komt tot de slotsom dat de kantonrechter de beslissing van verweerder terecht in stand heeft gelaten. De beslissing van de kantonrechter zal daarom worden bevestigd.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>Het gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bevestigt de beslissing van de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Huizenga als griffier en op een openbare zitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>