<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2021:8688</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2023-06-06T17:03:05</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-09-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-09-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.281.076</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>JERF Actueel 2021/434</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:8688">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:8688</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-10-13T13:54:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-10-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2021:8688 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 14-09-2021 / 200.281.076</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2021:8688:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Bevoegdheid erenotaris als gevolmachtigde.</para>
        <para>Deze zaak gaat onder meer over achterstallige pachtsommen, de beëindiging van de pachtovereenkomst en de aanwijzing van een noodweg. De vorderingen zijn door de erenotaris namens de erven tegen de pachter ingesteld. De bevoegdheid van de erenotaris om de erven te vertegenwoordigen, baseert hij op door hen gegeven volmachten. Omdat tot nu toe in het dossier alleen een verklaring van de erenotaris zit waarin hij verklaart dat hij gevolmachtigde is, maar de pachter dat betwist, zal de erenotaris zijn bevoegdheid moeten aantonen.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2021:8688:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem					</para>
      <para>
        <?linebreak?>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.281.076</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Zeeland-West-Brabant, zittingsplaats Middelburg, 8004684)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de pachtkamer van 14 september 2021</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagde,</para>
      <para>hierna: [appellant] ,</para>
      <para>advocaat: mr. K.M. Moeliker,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [erenotaris/geïntimeerde 1] , erenotaris, <?linebreak?>in hoedanigheid van gevolmachtigde van de erven [naam erflaatster] (met uitzondering van [appellant] ),</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België</para>
      <para>in eerste aanleg: eiser,</para>
      <para>hierna: [erenotaris] ,</para>
      <para>advocaat: mr. W.M. Bijloo,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr> [geïntimeerde 2] ,</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet in rechte verschenen,</para>
    </parablock>
    <para>3. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 3]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet in rechte verschenen,</para>
    </parablock>
    <para>4. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 4]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet in rechte verschenen,</para>
    </parablock>
    <para>5. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 5]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet in rechte verschenen,</para>
    </parablock>
    <para>6. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 6]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet in rechte verschenen,</para>
    </parablock>
    <para>7. <emphasis role="bold">[geïntimeerde 7]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , België,</para>
      <para>niet verschenen,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagden (naast [appellant] ),</para>
      <para>hierna: de erven [naam erflater] ,</para>
      <para>allen (1 tot en met 7) geïntimeerden.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>1</nr>Kern van de zaak en de beslissing</title>
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Deze zaak gaat onder meer over achterstallige pachtsommen, de beëindiging van de pachtovereenkomst en de aanwijzing van een noodweg. De vorderingen zijn door [erenotaris] namens de erven van [erflaatster] tegen [appellant] als pachter ingesteld. Omdat de gevorderde noodweg over percelen loopt die aan [appellant] en de erven van [erflater] in onverdeeld eigendom toebehoren, zijn ook zij (in hoger beroep) gedagvaard.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>De bevoegdheid van [erenotaris] om de erven van [erflaatster] te vertegenwoordigen, baseert hij op door hen gegeven volmachten. Omdat tot nu toe in het dossier alleen een verklaring van [erenotaris] zit waarin hij verklaart dat hij gevolmachtigde is, maar [appellant] dat betwist, zal [erenotaris] zijn bevoegdheid moeten aantonen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Hierna legt het hof zijn oordeel uit. Eerst vermeldt het hof nog wat er in de procedure in hoger beroep is gebeurd.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>2</nr>Het procesverloop tot nu toe </title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het hof heeft op 13 april 2021 een tussenarrest gewezen. Daarin heeft het hof het procesverloop tot dan toe beschreven en een zitting aangekondigd. Bovendien heeft het hof aan [appellant] gevraagd om stukken over te leggen, wat hij heeft gedaan. Die stukken maken onderdeel uit van het procesdossier. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Op 15 juli 2021 heeft de zitting plaatsgevonden waarvan een verslag is gemaakt. Mr. Bijloo heeft daarop nog gereageerd. Tijdens de zitting heeft mr. Bijloo namens [erenotaris] bevestigd dat hij geen incidenteel hoger beroep heeft ingesteld. Aan het eind van de zitting heeft het hof arrest bepaald.</para>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>3</nr>De beoordeling van het hoger beroep </title>
    <bridgehead role="italic">Inleiding</bridgehead>
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Vanaf 1953 bestaat er een reguliere pachtverhouding tussen de rechtsvoorgangers van [appellant] als pachter en [erflaatster] als verpachter voor de percelen kadastraal bekend, gemeente [gemeente] , sectie […] , nrs. […] , […] en […] , samen groot 8.63.70 hectare. De tussen deze percelen gelegen percelen [perceel 1] van 290 m2 en [perceel 2] van 250 m2 (twee stroken land bestaande uit gedempte sloten) behoren tot de onverdeelde nalatenschap van [erflater] waarvan [appellant] en de erven [erflater] samen de erfgenamen zijn. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <parablock>
        <para>
          [erflaatster] is in 1992 overleden en heeft ongeveer 126 erfgenamen (onder wie [appellant] ). Haar nalatenschap is geruime tijd geleden verdeeld, met uitzondering van de hiervoor genoemde drie percelen. Bij brief van 7 september 2018 is de pachtovereenkomst opgezegd op de gronden dat [appellant] een flinke pachtachterstand heeft opgelopen, het gepachte niet meer zelf gebruikt maar onderverpacht en een belangenafweging.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">De bevoegdheid van het hof</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <parablock>
        <para>Partijen wonen in België, waardoor de zaak een internationaal karakter heeft. Op grond van artikel 22 lid 1 Brussel I is de Nederlandse rechter bevoegd van de zaak kennis te nemen.</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">De bevoegdheid van [erenotaris]</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para> is erenotaris en stelt in deze procedure de gevolmachtigde te zijn van de 126 erfgenamen (met uitzondering van [appellant] ). Hij is ook de boedelnotaris maar procedeert niet in die hoedanigheid. </para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>
        [appellant] heeft betwist dat [erenotaris] de erfgenamen van [erflaatster] vertegenwoordigt en voor zover dat al het geval is, dat de verklaring van [erenotaris] niet voldoende is om dat te onderbouwen. Volgens hem is notaris [notaris] te [plaats] , België, de boedelnotaris in de nalatenschap en hij heeft de pacht ook steeds aan notaris [notaris] betaald. Verder heeft [appellant] aangevoerd dat niet is gebleken dat alle erven van [erflaatster] willen dat de grond pachtvrij wordt.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>Op de onverdeelde nalatenschap van [erflaatster] is het Belgisch recht van toepassing. Op welke wijze deze nalatenschap in rechte kan optreden en kan worden vertegenwoordigd bij een vordering tot beëindiging, heeft [erenotaris] in de stukken niet toegelicht. Hij heeft alleen een verklaring in het geding gebracht met de volgende tekst: <emphasis role="italic">“Meester [erenotaris] , Erenotaris […] verklaart en bevestigt dat hij als gevolmachtigde optreedt van alle medeëigenaars in het dossier onder rubriek met uitzondering van de pachter.” </emphasis></para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.7</nr>
      <para>De vraag naar de vertegenwoordigingsbevoegdheid van [erenotaris] moet worden beantwoord naar Belgisch recht. Het hof is na kennisneming van het Belgisch recht op dit punt<footnote-ref linkend="_d26472bc-e139-4d69-b461-53bd2b940902" /> van oordeel dat de enkele verklaring van [erenotaris] dat hij naar Belgisch recht gevolmachtigde is, niet volstaat. Omdat [appellant] heeft betwist dat [erenotaris] gevolmachtigde is van alle erven, moet [erenotaris] aantonen dat hij bevoegd is alle erfgenamen (behalve [appellant] ) te vertegenwoordigen. Het hof geeft hem die gelegenheid voordat het hof verder beslist. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, recht doende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>draagt [erenotaris] op om bij akte nader (met stukken) te onderbouwen dat hij de gevolmachtigde is van alle erfgenamen van [erflaatster] (met uitzondering van [appellant] );</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat [appellant] op deze akte mag reageren;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt verder iedere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. Th.C.M. Willemse, B.J.H. Hofstee en W.F. Boele en de deskundige leden mr. ing. H.J. Vinke en ing. C.R.M. van Wijk-Francissen en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 2021.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <footnote id="_d26472bc-e139-4d69-b461-53bd2b940902" label="1">
    <para> In het bijzonder Hoofdstuk V ‘Proceshandelingen namens en tegen onverdeelde boedels’ van het proefschrift van dr. J. Vananroye <emphasis role="italic">Onverdeelde boedel en rechtspersoon als technieken van vermogensafscheiding en vermogensovergang, </emphasis>Jan Ronse Instituut voor Vennootschapsrecht</para>
    <para>2011</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>