<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2021:6320</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-23T11:07:12</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-06-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-06-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.289.808</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:6320">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:6320</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-07-23T11:06:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-07-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2021:6320 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 29-06-2021 / 200.289.808</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2021:6320:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Omgangsregeling met oma. Overeenstemming partijen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2021:6320:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.289.808/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Overijssel 239603)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van 29 juni 2021 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>inzake</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoekster]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats1] ,<?linebreak?>verzoekster,</para>
      <para>verder te noemen: moeder,</para>
      <para>advocaat: mr. L.V.S. Cassese te Almelo,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerster]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats1] ,</para>
      <para>verweerster,</para>
      <para>verder te noemen: oma, </para>
      <para>advocaat: mr. W.G. ten Brummelhuis te Oldenzaal.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof verwijst voor de procedure bij de rechtbank naar de (tussen)beschikkingen van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 16 december 2019 en 9 november 2020, uitgesproken onder voormeld zaaknummer. De beschikking van 9 november 2020 wordt verder ook genoemd de “bestreden beschikking”.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het beroepschrift, tevens verzoek tot schorsing, met producties, ingekomen op 4 februari 2021;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verweerschrift tegen het beroepschrift tevens verzoek tot schorsing.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De mondelinge behandeling heeft op 22 juni 2021 plaatsgevonden. Partijen waren hierbij aanwezig, bijgestaan door hun advocaten. Namens de raad voor de kinderbescherming was via een Skypeverbinding [naam1] aanwezig. Aan de persoonlijk begeleider van moeder is bijzondere toegang tot de mondelinge behandeling verleend.</para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De motivering van de beslissing</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>Het gaat in deze zaak om het volgende. Moeder heeft met haar ex-partner (verder te noemen: vader) twee kinderen: [de minderjarige1] en [de minderjarige2] . Oma is de moeder van vader. Oma heeft de rechtbank verzocht een regeling vast te stellen voor de omgang tussen haar en [de minderjarige1] en [de minderjarige2] . Ten tijde van de indiening van het verzoek bij de rechtbank was er geen contact tussen de kinderen en vader en ook niet tussen de kinderen en oma. Bij de bestreden beschikking heeft de rechtbank een voorlopige omgangsregeling tussen oma en de kinderen vastgesteld.</para>
        <para>Moeder heeft in hoger beroep het hof verzocht de bestreden beschikking te vernietigen en het verzoek van oma om een omgangsregeling vast te stellen, af te wijzen. Tijdens de mondelinge behandeling in hoger beroep is gebleken dat moeder en vader inmiddels werken aan contactherstel tussen vader en [de minderjarige1] en [de minderjarige2] en dat zij in dat kader ook al een omgangsregeling hebben afgesproken die goed verloopt.</para>
        <para>Vervolgens hebben oma en moeder tijdens de mondelinge behandeling overeenstemming bereikt en het hof verzocht die overeenstemming in een beschikking vast te leggen. Deze overeenstemming is, zo heeft de advocaat van oma ter zitting bevestigd, ook telefonisch afgestemd met vader. Partijen hebben hun verzoeken in hoger beroep dienovereenkomstig gewijzigd. In het kader van deze overeenstemming zijn partijen overeengekomen dat oma haar inleidend verzoek bij de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, zaaknummer 239603, intrekt.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Gelet hierop zal het hof de bestreden beschikking vernietigen, voor zover het de daarin vastgestelde voorlopige omgangsregeling tussen oma en [de minderjarige1] en [de minderjarige2] betreft, en beslissen als volgt.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, beschikkende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>vernietigt de beschikking van de rechtbank Overijssel, zittingsplaats Almelo, van 9 november 2020, voor zover het de daarin vastgestelde voorlopige omgangsregeling tussen oma en [de minderjarige1] en [de minderjarige2] betreft, en in zoverre opnieuw beschikkende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt de volgende omgangsregeling tussen oma en [de minderjarige1] en [de minderjarige2] vast:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>oma kan de kinderen zien als de kinderen bij vader zijn;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>oma zal niet aanwezig zijn bij de breng- en haalmomenten;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>vader zal moeder van tevoren informeren als oma op de omgangsmomenten bij vader aanwezig zal zijn, zodat moeder de kinderen daarop kan voorbereiden,</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart deze beschikking uitvoerbaar bij voorraad.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. M.H.F. van Vugt, als voorzitter, E.B. Knottnerus en C.M. Schönhagen, bijgestaan door mr. M. Vodegel als griffier, en is op 29 juni 2021 door de voorzitter uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>