<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2021:268</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-14T08:00:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-12</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2021-01-12</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.275.957</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenbeschikking">Tussenbeschikking</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht_personenEnFamilierecht">Civiel recht; Personen- en familierecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:268">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2021:268</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-01-13T09:53:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2021-01-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2021:268 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 12-01-2021 / 200.275.957</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2021:268:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussenbeschikking opheffing bewind 1:449 lid 2 BW, aanhouding voor zelfstandigheidstraject, klare taal.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2021:268:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.275.957</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Midden-Nederland 7787189)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">beschikking van 12 januari 2021 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verzoeker]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,<?linebreak?>verzoeker in hoger beroep, </para>
      <para>verder te noemen: [verzoeker] ,</para>
      <para>advocaat: mr. T.C. Cooman te Utrecht,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [verweerder] B.V.,</emphasis>
      </para>
      <para>gevestigd te [B] ,</para>
      <para>als opvolgend bewindvoerder na ontslag van <emphasis role="bold">[C] h.o.d.n. [D]</emphasis>,</para>
      <para>verweerder in hoger beroep, </para>
      <para>verder te noemen: [verweerder] ,</para>
      <para>advocaat: mr. M.J. Drost te Leusden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij deze zaak zijn verder belanghebbenden: </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende1]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende2]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende3]
        </emphasis>, </para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende4]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende5]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende6]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende7]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende8]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [belanghebbende9]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [A] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>De rechtszaak bij de kantonrechter</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>In de beschikking van de kantonrechter in de rechtbank Midden-Nederland, locatie Utrecht, van 19 december 2019 staat wat er in de rechtszaak bij de kantonrechter is gebeurd.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De rechtszaak bij het hof</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>In het dossier van het hof zitten de volgende stukken:</para>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>het beroepschrift met bijlagen, ontvangen op 17 maart 2020;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>het verweerschrift met bijlagen;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>een journaalbericht (formulier) van mr. Drost van 12 oktober 2020 met een bijlage.</para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>De zitting was op 1 december 2020. Bij de zitting waren [verzoeker] en zijn advocaat aanwezig en namens [verweerder] mevrouw [E] , werkzaam bij [verweerder] , en de advocaat van [verweerder] .</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>De feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Op 30 maart 2017 heeft de kantonrechter een bewind ingesteld over de goederen die [verzoeker] toebehoren of zullen toebehoren en [C] h.o.d.n. Budget Assistance, (hierna: [C] ) tot bewindvoerder benoemd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>Na de beschikking van de kantonrechter van 19 december 2019 heeft [C] haar praktijk beëindigd. Daarom heeft de kantonrechter [C] op 15 september 2020 ontslagen als bewindvoerder en [verweerder] benoemd tot opvolgend bewindvoerder.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr>Waar het nu over gaat</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <para>
        [verzoeker] heeft de kantonrechter gevraagd om het bewind op te heffen. In de beschikking van 19 december 2019 heeft de kantonrechter dat verzoek van [verzoeker] afgewezen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>
        [verzoeker] is het niet eens met de beschikking van 19 december 2019 en is in hoger beroep gegaan. [verzoeker] wil dat het hof het bewind alsnog opheft, eventueel met als voorwaarde dat [verzoeker] naar budgetbeheer van de gemeente Utrecht gaat.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>
        [verweerder] vindt dat het bewind moet blijven bestaan.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>5</nr>De redenen voor de beslissing van het hof</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>5.1</nr>
      <para>De kantonrechter kan een bewind opheffen als dat bewind niet meer nodig is of als dat bewind geen zin meer heeft. Dat staat in artikel 1:449 lid 2 van het Burgerlijk Wetboek.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.2</nr>
      <para>Het hof vindt dat er nu nog niet genoeg informatie is om te kunnen beslissen of het bewind kan worden opgeheven. Tijdens de zitting heeft mevrouw [E] gezegd dat er normaal gesproken een zogenoemd zelfstandigheidstraject start om te kijken of het bewind kan stoppen omdat iemand weer zelf zijn of haar geldzaken kan regelen. Volgens mevrouw [E] is [verzoeker] nog niet toe aan zo’n zelfstandigheidstraject. [verzoeker] vraagt vaak om extra geld en mevrouw [E] kan niet zien of [verzoeker] zijn (extra) geld verstandig uitgeeft, omdat hij veel contant betaalt. Het hof vindt het toch nodig dat een zelfstandigheidstraject wordt gestart. De schulden die er waren zijn afbetaald en voor [verzoeker] is het heel belangrijk dat het bewind eindigt. Het hof vindt dat [verzoeker] de kans moet krijgen om te laten zien dat het bewind niet meer nodig is. Dat is voor het hof nu nog niet duidelijk en een zelfstandigheidstraject kan die duidelijkheid wel geven. Het hof zal daarom nu nog geen beslissing nemen over het opheffen van het bewind, maar eerst het zelfstandigheidstraject afwachten. Het is aan [verzoeker] om die kans te grijpen en aan het hof te laten zien dat hij zijn geldzaken (met hulp van budgetbeheer) zelf kan regelen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>5.3</nr>
      <para>Het hof wil van [verzoeker] en van [verweerder] horen hoe het zelfstandigheidstraject is gegaan. Het hof wil ook nog de beschikking van de kantonrechter van 30 maart 2017 en het verzoek waarop in die beschikking is beslist, ontvangen. Het hof zal daarna pas verder beslissen.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>6</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof beslist in hoger beroep het volgende:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt de zaak pro forma aan tot <emphasis role="bold">1 juli 2021</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verzoekt [verzoeker] en [verweerder] uiterlijk op <emphasis role="bold">17 juni 2021</emphasis>:</para>
    </parablock>
    <itemizedlist mark="-">
      <listitem>
        <para>schriftelijk aan het hof te laten weten hoe het te starten zelfstandigheidstraject is gegaan;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de verhinderdata van partijen en eventueel van de betrokken medewerkers van het [F] voor drie maanden door te geven;</para>
      </listitem>
      <listitem>
        <para>de beschikking van de kantonrechter van 30 maart 2017 en het verzoek waarop in die beschikking is beslist over te leggen;</para>
      </listitem>
    </itemizedlist>
    <para />
    <parablock>
      <para>bepaalt dat vervolgens een nieuwe zitting zal worden gepland en dat de behandeling van de zaak tijdens die zitting zal worden voortgezet;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze beschikking is gegeven door mrs. M.H.F. van Vugt, H. Phaff en C.F.L.A. van der Vegt-Boshouwers, bijgestaan door mr. H. Bouhuys als griffier, en is op 12 januari 2021 uitgesproken in het openbaar in tegenwoordigheid van de griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>