<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2020:9309</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2021-04-12T10:06:04</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-11-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-11-10</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.278.633</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>TvAR 2021/8051, UDH:TvAR/16626 met annotatie van J.M.M. Menu</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:9309">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:9309</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-12-11T16:57:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-12-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2020:9309 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 10-11-2020 / 200.278.633</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2020:9309:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Art 1019o lid 2 Rv. Niet-ontvankelijkheid wegens termijnoverschrijding. Pachtkamer in eerste aanleg oordeelde in pachtzaak en handelszaak. Voor beide zaken geldt dezelfde korte appeltermijn.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2020:9309:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem					</para>
      <para>
        <?linebreak?>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.278.633</para>
      <para>(zaaknummers rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden 8068335 en 8228976) </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van de pachtkamer van 10 november 2020</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant]
        </emphasis>,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>hierna: [appellant] ,</para>
      <para>advocaat: mr. J. Hielkema,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [geïntimeerde sub 1] ,</title>
    <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para>2. <emphasis role="bold">[geïntimeerde sub 2]</emphasis>,</para>
    <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para>3. <emphasis role="bold">[geïntimeerde sub 3]</emphasis>,</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>hierna: [geïntimeerde] ,</para>
      <para>advocaat: mr. E.H.M. Harbers,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>4</nr> [geïntimeerde sub 4] ,</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [woonplaats] , </para>
      <para>niet verschenen,</para>
      <para>geïntimeerden. <?linebreak?>[geïntimeerde sub 4] is in juli 2020 overleden. Zijn broer en zussen (zie hiervoor geïntimeerden onder 1-3) zijn zijn erfgenamen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verloop van het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bij dagvaarding van 4 mei 2020 heeft [appellant] [geïntimeerde] gedagvaard. Op 26 mei 2020 heeft [appellant] de zaak aangebracht bij dit hof, locatie Arnhem. Op diezelfde datum hebben beide partijen een akte genomen over de ontvankelijkheid van [appellant] in dit hoger beroep. Ook is op die datum verstek verleend tegen [geïntimeerde sub 4] . Op 15 oktober 2020 heeft een mondelinge behandeling plaatsgevonden voor de pachtkamer van dit hof. Van die zitting is een verslag gemaakt.</para>
    </parablock>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>De beoordeling van het hoger beroep</title>
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het hof moet beoordelen of [appellant] op tijd in hoger beroep is gegaan van het vonnis dat op 4 februari 2020 is gewezen. In dit vonnis is beslist in twee zaken die tussen partijen spelen. De ene is een pachtzaak en de andere een handelszaak (het gaat daarin om de vraag of er een koopovereenkomst tussen partijen is gesloten). [appellant] legt zich erbij neer dat hij te laat in hoger beroep is gegaan van de pachtzaak. Hij vindt dat hij wel ontvankelijk is in zijn hoger beroep in de handelszaak. [geïntimeerde] bestrijdt dat.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Het vonnis van 4 februari 2020 is voorafgegaan door een vonnis van de rechtbank van 18 december 2019. In dat vonnis is opgenomen dat er een zitting met partijen is geweest en dat de handelszaak op verzoek van [appellant] /partijen verwezen wordt naar de pachtkamer vanwege de verknochtheid tussen de pachtzaak en de handelszaak. De pachtkamer heeft vervolgens bij eindvonnis van 4 februari 2020 zowel de pachtzaak als de handelszaak beoordeeld en daarin een beslissing genomen.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Naar het oordeel van het hof is door deze gang van zaken de pachtkamer de rechter die heeft beslist in de handelszaak. De termijn om in hoger beroep te gaan van een beslissing van de pachtkamer is één maand na de dag van het vonnis (artikel 1019o lid 2 Rv). Die termijn is van openbare orde. Met zijn hoger beroep dat is aangevangen met de dagvaarding van 4 mei 2020, is [appellant] dus te laat. Dat betekent dat hij niet-ontvankelijk is in zijn hoger beroep tegen de beslissing in de handelszaak.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Slotsom</emphasis>
        </para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <parablock>
        <para>Het hof zal [appellant] niet-ontvankelijk verklaren in zijn hoger beroep. Als de in het ongelijk te stellen partij zal het hof [appellant] in de kosten van het hoger beroep veroordelen. </para>
        <para>De kosten van [geïntimeerde] stelt het hof vast op € 332 aan griffierecht en op € 2.148 aan salaris advocaat (2 punten x tarief II). <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, recht doende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart [appellant] niet-ontvankelijk in zijn hoger beroep;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt [appellant] in de kosten van het hoger beroep, tot aan deze uitspraak aan de zijde van [geïntimeerde] vastgesteld op € 332 voor griffierecht en op € 2.148 voor salaris overeenkomstig het liquidatietarief.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mrs. Th.C.M. Willemse, J.H. Lieber en D.H. de Witte, en de deskundige leden ing. P. Kerkstra en ir. J.H. Jurrius, en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 10 november 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>