<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2020:5475</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T13:06:03</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-07-14</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.278.758</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroepKortGeding">Hoger beroep kort geding</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:5475">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:5475</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-07-15T13:05:35</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-07-15</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2020:5475 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 14-07-2020 / 200.278.758</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2020:5475:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>art. 1019k Rv. Pachtkamer van hof verklaart zich onbevoegd en verwijst zaak naar kamer voor burgerlijke zaken van hof.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2020:5475:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Arnhem </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.278.758<?linebreak?>(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 129952)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest in kort geding van de pachtkamer van 14 juli 2020 </emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [appellant1] , <?linebreak?>wonende te [A] ,</title>
    <parablock>
      <para>2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid <?linebreak?><emphasis role="bold">[appellant2] Holding B.V.</emphasis>, <?linebreak?>gevestigd te [A] ,</para>
      <para>appellanten,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagden in conventie en eisers in reconventie,</para>
      <para>advocaat: mr. M.J.G. Peters,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen:</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [geïntimeerde1] ,</title>
    <parablock>
      <para>2. <emphasis role="bold">[geïntimeerde2]</emphasis>,</para>
      <para>beiden wonende te [B] , </para>
      <para>geïntimeerden,</para>
      <para>in eerste aanleg: eisers in conventie en verweerders in reconventie,<?linebreak?>advocaat: mr. N.E. Koelemaij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Appellanten zullen hierna gezamenlijk [appellanten] c.s. worden genoemd. Geïntimeerden zullen hierna gezamenlijk [geïntimeerden] c.s. worden genoemd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis in kort geding van 20 april 2020 dat de voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Nederland heeft gewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding in hoger beroep van 15 mei 2020 (met grieven en producties),</para>
      <para>- de memorie van eis (met productie),<?linebreak?>- de reactie van [geïntimeerden] c.s. in het H2-formulier, <?linebreak?>- de akte uitlaten van [appellanten] c.s.,<?linebreak?>- de reactie van [geïntimeerden] c.s. in het H16-formulier.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Vervolgens heeft het hof arrest bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>3</nr>De motivering van de beslissing in hoger beroep</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>
        [appellanten] c.s. is in hoger beroep gekomen van het vonnis in kort geding van 20 april 2020 van de voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Nederland. [appellanten] c.s. heeft [geïntimeerden] c.s. gedagvaard te verschijnen voor de voorzieningenrechter van de pachtkamer van dit hof, locatie Arnhem. [geïntimeerden] c.s. is daar verschenen.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>De zaak behoort echter niet tot de bevoegdheid van de pachtkamer van het hof, maar tot de bevoegdheid van de gewone kamer voor burgerlijke zaken. De voorzieningenrechter in de rechtbank Noord-Nederland heeft zich namelijk (impliciet) bevoegd geoordeeld en de rechter die in hoger beroep over de zaak oordeelt, is gebonden aan het bevoegdheidsoordeel van de eerste rechter.<footnote-ref linkend="_9376d204-6b28-4096-b89c-ed829174ca65" /></para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Op grond van artikel 1019k van het Wetboek van Burgerlijk Rechtsvordering zal de pachtkamer van het hof zich daarom onbevoegd verklaren en de zaak verwijzen naar de kamer voor burgerlijke zaken van het hof. </para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De pachtkamer van het hof, recht doende in kort geding in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart zich onbevoegd;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak naar de kamer voor burgerlijke zaken van dit hof, locatie Leeuwarden, in de stand waarin deze zaak zich bevindt, en bepaalt dat de procedure daar zal worden geregistreerd op de roldatum 21 juli 2020 en verder zal lopen onder een door de griffier van dit hof van de locatie Leeuwarden nog nader aan partijen kenbaar te maken zaaknummer, waarbij zal gelden dat beide partijen als verschenen worden beschouwd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <?linebreak?>Dit arrest is gewezen door mrs. Th.C.M. Willemse, H.L. Wattel en S.B. Boorsma en de <?linebreak?>deskundige leden mr. ing. H.J. Vinke en ir. J.H. Jurrius en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 14 juli 2020.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_9376d204-6b28-4096-b89c-ed829174ca65" label="1">
    <para> Vergelijk: HR 31 oktober 2008, ECLI:NL:HR:2008:BF0473. </para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>