<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2020:4546</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-19T14:30:33</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-16</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-06-19</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21-002898-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Zwolle</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:relation rdfs:label="Formele relatie" ecli:resourceIdentifier="ECLI:NL:RBOVE:2017:2051" psi:type="http://psi.rechtspraak.nl/hogerBeroep" psi:aanleg="http://psi.rechtspraak.nl/eerdereAanleg" psi:gevolg="http://psi.rechtspraak.nl/gevolg#(Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan">Eerste aanleg: ECLI:NL:RBOVE:2017:2051, (Gedeeltelijke) vernietiging en zelf afgedaan</dcterms:relation>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:4546">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:4546</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-06-18T13:10:58</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-06-19</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2020:4546 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 19-06-2020 / 21-002898-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2020:4546:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het voormalig hoofd technisch beheer van de Rijksuniversiteit Groningen (RUG) is door het hof veroordeeld tot 32 maanden gevangenisstraf. Ook moet hij de universiteit een schadevergoeding betalen van meer dan 1 miljoen euro, welke hoofdelijk is opgelegd. Het hof is van oordeel dat verdachte de spil was in een ambtelijke corruptiezaak bij de universiteit. De man gunde opdrachten voor onderhoudswerkzaamheden op de RUG aan bevriende bouwbedrijven. In ruil daarvoor betaalden de bedrijven de man en zijn familie smeergeld en regelden zij auto’s. Via valse facturen die door de man zelf werden goedgekeurd betaalde de universiteit uiteindelijk de rekening.</para>
      <para />
      <para>Het hof veroordeelt de zoon van de hoofdverdachte tot een gevangenisstraf van 21 maanden. Naar het oordeel van het hof heeft hij het meeste geprofiteerd van de ambtelijke corruptie Daarnaast moet hij 750.000 euro schadevergoeding betalen aan de RUG. Ook deze schadevergoeding is hoofdelijk opgelegd.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2020:4546:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Afdeling strafrecht</para>
  <parablock>
    <para>Parketnummer:	21-002898-17 </para>
    <para>Uitspraak d.d.:	19 juni 2020</para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Verkort arrest</emphasis> van de meervoudige kamer voor strafzaken van het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Zwolle, gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Overijssel van 17 mei 2017 met parketnummer 08-997037-15 in de strafzaak tegen</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>
      [verdachte] ,</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1984, </para>
      <para>wonende te [woonplaats] .</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte en de officier van justitie hebben tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 5 juni 2020 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat het gerechtshof het vonnis van de eerste rechter zal vernietigen en te dien aanzien opnieuw recht doende zal bewezen verklaren hetgeen aan verdachte onder 1 en 2 ten laste is gelegd en verdachte zal veroordelen tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur 2 jaren waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw, </para>
      <para>mr. A.E. van der Wal, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Ontvankelijkheid van het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het openbaar ministerie heeft op 30 mei 2017 hoger beroep ingesteld. Het openbaar ministerie heeft in de appelschriftuur geen bezwaren aangevoerd tegen de vrijspraak van het onder 3 ten laste gelegde. Ter terechtzitting van 5 juni 2020 heeft de advocaat-generaal aan het hof medegedeeld dat het openbaar ministerie zich neerlegt bij die vrijspraak. Het hoger beroep van het openbaar ministerie ziet derhalve niet meer op die vrijspraak. </para>
      <para>Het hof is van oordeel dat, gelet op artikel 416, derde lid van het Wetboek van Strafvordering, het openbaar ministerie ten aanzien van het onder 3 ten laste gelegde niet-ontvankelijk dient te worden verklaard in het hoger beroep, nu het openbaar ministerie, gelet op de mededeling van de advocaat-generaal, geen belang meer heeft bij de behandeling van dat feit. Overigens ziet het hof zelf ook geen redenen die een inhoudelijke behandeling van dat feit noodzakelijk maken.</para>
      <para>Verdachte heeft onbeperkt hoger beroep ingesteld. Verdachte zal niet-ontvankelijk worden verklaard in het hoger beroep voor zover dat is gericht tegen de vrijspraken van de feiten 2 en 3.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing en tot een andere strafoplegging komt. Het hof zal daarom opnieuw rechtdoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is - voor zover thans nog aan de orde - na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg en in hoger beroep- ten laste gelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1. </para>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode vanaf 1 maart 2008 tot en met 25 januari 2016, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans in Nederland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -, van het plegen van opzetheling een gewoonte heeft gemaakt, </para>
      <para>immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) een of meer goed(eren), te weten (onder meer): </para>
      <para>- in 2008 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 18.700 euro en/of</para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.774 euro en/of</para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.529 euro en/of</para>
      <para>- op 18 februari 2010 een geldbedrag ter hoogte van 10.000 euro en/of</para>
      <para>- (op 19 februari 2010) een auto, kenteken [kenteken] en/of</para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.973 euro en/of</para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 35.535 euro en/of</para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 32.262 euro en/of</para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 37.723 euro en/of</para>
      <para>- in 2015 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 26.893 euro en/of</para>
      <para>- in 2016 een salaris, </para>
      <para>verworven en/of voorhanden gehad, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die/dat goed(eren) (telkens) wist(en) dat het (een) door misdrijf verkregen goed(eren) betrof(fen);</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode vanaf 1 maart 2008 tot en met 25 januari 2016, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans in Nederland,<?linebreak?>tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -, van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, </para>
      <para>immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) een of meer voorwerp(en), te weten (onder meer): </para>
      <para>- in 2008 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 18.700 euro en/of</para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.774 euro en/of</para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.529 euro en/of</para>
      <para>- op 18 februari 2010 een geldbedrag ter hoogte van 10.000 euro en/of; </para>
      <para>- (op 19 februari 2010) een auto, kenteken [kenteken] en/of</para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.973 euro en/of</para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 35.535 euro en/of</para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 32.262 euro en/of</para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 37.723 euro en/of</para>
      <para>- in 2015 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 26.893 euro en/of</para>
      <para>- in 2016 een salaris, </para>
      <para>althans enig(e) voorwerp(en) verworven en/of voorhanden gehad en/of omgezet en/of daarvan gebruik gemaakt, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), dat bovenomschreven voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk - onmiddellijk of middellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf; <?linebreak?></para>
      <para>
        <?linebreak?>2.<?linebreak?>hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode vanaf 1 december 2009 tot en met 1 maart 2014, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans in Nederland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -, van het plegen van opzetheling een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) een of meer goed(eren), te weten (onder meer): </para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 518 euro en/of</para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 21.518 euro en/of</para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.073 euro en/of</para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.499 euro en/of</para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 19.062 euro en/of</para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 4.661 euro, </para>
      <para>verworven en/of voorhanden gehad, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die/dat geldbedrag(en) (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen geldbedrag(en) betrof(fen) </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en/of<?linebreak?></para>
      <para>hij op één of meer tijdstippen in of omstreeks de periode vanaf 1 december 2009 tot en met 1 maart 2014, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans in Nederland, </para>
      <para>tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, </para>
      <para>van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) een of meer voorwerp(en) te weten (onder meer): </para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 518 euro en/of</para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 21.518 euro en/of</para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.073 euro en/of</para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.499 euro en/of</para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 19.062 euro en/of</para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 4.661 euro, </para>
      <para>althans enig(e) voorwerp(en) verworven en/of voorhanden gehad en/of omgezet en/of daarvan gebruik gemaakt, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) wist(en), dat bovenomschreven voorwerp(en) geheel of gedeeltelijk - middellijk of onmiddellijk - afkomstig was/waren uit enig misdrijf. <?linebreak?></para>
      <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewijsoverweging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd alle - voor zover nog aan het oordeel van het hof onderworpen – ten laste gelegde feiten wettig en overtuigend bewezen te verklaren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
        <?linebreak?>De raadsvrouw heeft vrijspraak voor de feiten 1 en 2 bepleit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het oordeel van het hof</emphasis>
      </para>
      <para>Het hof is van oordeel dat de door verdachte gevoerde verweren strekkende tot vrijspraak van het - voor zover nog aan de orde - ten laste gelegde wordt weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling op dit arrest zullen worden opgenomen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die bewijsmiddelen te twijfelen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof kan zich vinden in de navolgende overwegingen die de rechtbank in haar vonnis met betrekking tot het bewijs heeft opgenomen en hieronder cursief zijn weergegeven. Het hof neemt die overwegingen over en maakt die tot de zijne.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het dienstverband en loon van verdachte</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verdachte, de zoon van [vader verdachte] , stond vanaf 2008 tot en met 25 januari 2016 op de loonlijst van de bedrijven van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aan verdachte zijn blijkens de loonstroken de volgende bruto salarissen uitbetaald:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2008 [bedrijf 1] ( [betrokkene 1] ) 			  28.568</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2009 [bedrijf 1] ( [betrokkene 1] ) 			  39.879</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2010 [bedrijf 1] ( [betrokkene 1] ) 			  15.394</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 2] ( [betrokkene 1] ) 			  24.321</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2011 [bedrijf 2] ( [betrokkene 1] ) 			  40.548</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2012 [bedrijf 2] ( [betrokkene 1] ) 			  11.175</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 3] ( [betrokkene 2] ) 			  20.502</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) 				  23.515</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2013 [bedrijf 2] ( [betrokkene 1] ) 			    3.044</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) 				  44.715</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2014 [bedrijf 5] ( [betrokkene 1] ) 			    4.990</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) 				  45.704</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2015 [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) 			</emphasis>
        <emphasis role="underline italic">  29.369</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">331.724</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aan verdachte zijn blijkens de loonstroken de volgende netto salarissen uitbetaald:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2008 		18.700,12</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2009 		25.774,77</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2010 		25.529,78</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2011 		25.973,17</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) in 2012 		27.744,50</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2012 		  6.799,68</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) in 2013 		30.383,90</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2013 		  1.878,52</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) in 2014 		  6.544,34</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [concernnaam] in 2014 		31.178,97</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon via [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ) in 2015 		26.893,65</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verdachte heeft vanaf 1 september 2007 tot en met 2010 een voltijdse opleiding (vastgoed en makelaardij) gevolgd aan de [naam school] .</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">In 2010 en 2011 heeft hij stage gelopen bij [instelling] . Hij heeft daarvoor een netto salaris ontvangen van respectievelijk 579,51 euro en 359,18 euro.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Blijkens loonstroken van [Payrolbedrijf] heeft verdachte in 2015 elders (bij de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ING) gewerkt en in verband daarmee een bruto salaris van 12.228 euro ontvangen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Doorfacturering van de salariskosten binnen de bedrijven van [betrokkene 1] en [betrokkene 2] vond als volgt plaats. In de periode 2008 t/m 2011 werd gefactureerd van [bedrijf 6] ( [betrokkene 1] ) naar [bedrijf 7] ( [betrokkene 1] ) en van daaruit naar [bedrijf 4] ( [betrokkene 2] ). Vanuit [bedrijf 4] werd met een verhoging van 10% gedeclareerd bij de RUG. Vanaf 2012 werd rechtstreeks door [bedrijf 4] gedeclareerd.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [vader verdachte] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: Er moesten omstandigheden</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gecreëerd worden zodat mijn zoon een huis kon kopen. Ik maakte zelf fake-opdrachten aan</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gericht aan [bedrijf 6] en ondertekende deze. Ik heb urenbriefjes van [bedrijf 6]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">getekend. [betrokkene 1] mocht gewoon factureren tegen uurtarief, dat was de afspraak. Dat is anders gegaan; er is gefactureerd via [betrokkene 2] .</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Toen binnen de RUG geen zaken meer werden gedaan met [bedrijf 6] heb ik [betrokkene 2]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gevraagd: “Kan [verdachte] bij jou onder dak?” Ik heb toen gezegd dat ik voor werk en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opdrachten zou zorgen. Hier zijn ook fake-opdrachten voor gemaakt. [betrokkene 2] bracht op mijn</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verzoek dingen in, op facturen, op basis van de (fake) opdrachten die ik verstrekte. Ik wist</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">dat de uren van [verdachte] werden gefactureerd aan de RuG. [betrokkene 2] wist dit ook.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Een en ander heeft valse dienstbetrekkingen opgeleverd, waarbij [verdachte] geen werk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verrichtte, maar wel loon ontving. Daarna werden de loonkosten gefactureerd aan de RUG</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zonder dat er een tegenprestatie tegenover stond.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 2] begreep best dat er dankzij mij opdrachten zijn kant opkwamen. Hij deed dit om mij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">te vriend te houden. Met [betrokkene 2] was de afspraak dat hij er 10% bij op mocht tellen. Hij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">declareerde dus loonkosten + 10%.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De urenbriefjes gaf mijn zoon aan mij. Hij moest die briefjes invullen. De blanco</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">urenbriefjes werden door iemand van de bedrijven van [betrokkene 1] verstrekt. Het was afgesproken met [betrokkene 1] dat [verdachte] de briefjes invulde. Om het kloppend te maken moest hij dat doen. </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Toen het met die urenbriefjes niet gedegen liep heb ik gezegd tegen [betrokkene 1] . Kom maar met</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">een pro-forma factuur, dan maak ik een fake opdracht aan. Dit heb ik alleen geregeld met</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 1] , niet met andere werknemers van de bedrijven van [betrokkene 1] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verdachte heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: Ik heb de situatie geaccepteerd. Ik</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ontving meer geld voor werkzaamheden dan die ik uitvoerde. Ik heb het mijn vader eerlijk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verteld. Ik heb nooit met [betrokkene 1] over salaris gesproken. Dat heeft mijn vader gedaan. Ik denk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">dat mijn vader mijn salaris (2.100 euro netto) heeft afgestemd op het benodigde</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hypotheekbedrag. Ik heb in totaal 3 volle werkweken en 3 à 4 dagen gewerkt. In de periode</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">juni 2010 tot en met april 2013 heb ik amper iets gedaan voor [bedrijf 6] . Het deed mij vermoeden dat er iets aan de achterkant mogelijk anders geregeld was. Ik durfde het mijn vader niet te vragen. Mijn vader wist dat ik niet continu aan het werk was. Ik besprak ook de angst om mijn woning te moeten verkopen met mijn vader.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Bij [betrokkene 2] ging het op dezelfde voet verder. Ik hoefde bij [betrokkene 2] geen urenbriefjes in te</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">vullen. Ik ontving per maand 2.100 euro netto.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ik kreeg de blanco urenbriefjes van [betrokkene 3] . Ik vulde die urenbriefjes in. Het urenbriefje</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zoals u mij dat eerder getoond heeft (DOC-025) was een urenbriefje zoals ik dat had</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ingevuld. Dit urenbriefje was conform afspraak zo door mij ingevuld, alhoewel ik in deze</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">periode wel werkzaamheden heb verricht, maar het sowieso niet conform de werkelijkheid</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">was, omdat er meer uren staan vermeld dan ik heb gewerkt. Beide handtekeningen onder</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">deze werkbon zijn van mij. Er was ondertekening nodig en ik was niet altijd op tijd en in de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gelegenheid om mijn vader te vragen om de urenbriefjes te ondertekenen. In andere gevallen tekende mijn vader de urenbriefjes wel. Ik denk dat ik mijn vader heb gevraagd welke naam ik op de bon moest zetten en dat mijn vader deze naam had doorgegeven.</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Onder DOC-024 t/m DOC-38 zijn een veertiental werkbonnen van [bedrijf 6]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opgenomen, welke op naam zijn gesteld van verdachte en zijn voorzien van een</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">handtekening “ [verdachte] ”. Op de bonnen is telkens een werkweek van 40 uur ingevuld.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Als opdrachtgever is telkens vermeld Rijksuniversiteit Groningen of RUG. Ter uitvoering</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van de werkbonnen is telkens een factuur van [bedrijf 6] gericht aan [bedrijf 7] opgemaakt waarop telkens de werkuren en de naam </emphasis>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">
          [verdachte] zijn vermeld.</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De toenmalige vriendin van verdachte, [betrokkene 4] , heeft - zakelijk weergegeven -</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verklaard: Van januari 2015 t/m oktober 2015 heeft [verdachte] niets voor [betrokkene 2] gedaan. Hij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">werkte bij de ING-bank en kon niet op 2 plaatsen tegelijk zijn. [vader verdachte] heeft</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">geregeld dat er toch geld binnenkwam door [verdachte] op de loonlijst te houden. [vader verdachte] had dit</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zo geregeld voor ons. [verdachte] en ik waren niet gelukkig met de situatie. Wij kregen salaris</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voor een fulltime baan terwijl wij nooit fulltime werkten. [verdachte] was in 2009 bezig met zijn</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">studie. In 2010 of 2011 heeft hij stage gelopen bij [instelling] . In de periode 2011-2014</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">was hij bezig met een opleiding als inspecteur asbestverwijdering.</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 1] heeft -zakelijk weergegeven - verklaard: Dit is een standaard arbeidsovereenkomst.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Volgens mij heeft [betrokkene 5] de arbeidsovereenkomst met [verdachte] opgemaakt. Het</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">salaris klopt wel. Er werden loonkosten van [verdachte] in rekening gebracht bij [betrokkene 2] .</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 3] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: [vader verdachte] zei dat zijn zoon bij ons ( [bedrijf 6] ) op de loonlijst moest komen en minimaal 1.700 euro netto per maand moest ontvangen. Ik gaf aan dat [betrokkene 1] hier over ging, maar dat hij geen opvreters meer op de loonlijst wilde hebben. [vader verdachte] gaf aan dat er werkbriefjes met 40 uur in de week zouden komen en dat [bedrijf 6] daarvoor 40 euro uur per uur mocht factureren. [betrokkene 1] wilde dat eerst niet, hij had geen behoefte aan een nieuwe opvreter bij het bedrijf. Nadat ik hem had uitgelegd dat het bedrijf er wel iets aan zou kunnen overhouden veranderde hij van mening. We konden dan per maand ruwweg 4 x 40 x 40 6.400 euro factureren en aan loonkosten zouden we ruim 3.000 euro kwijt zijn.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op een gegeven moment ging het met 1 x per maand een bon, waarvan ik dan een factuur</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">maakte. Ik gaf de factuur aan [betrokkene 1] , die ‘m persoonlijk aan [vader verdachte] gaf. Er werd</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">gefactureerd bij de RUG. </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 2] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: [vader verdachte] zei dat hij wel klusjes</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">had voor mij bij de RUG. Zo kreeg ik werk en het werd steeds uitgebreid. 90 % van onze</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">werkzaamheden bestonden uit werkzaamheden voor de RUG. [verdachte] werkte bij [bedrijf 6]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> en [vader verdachte] vroeg of ik werk had voor [verdachte] . Hij is in 2012 bij ons aan het werk gekomen. Hij heeft 2 à 3 weken gewerkt. Vervolgens heeft hij niet meer gewerkt. De</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">afspraak met [vader verdachte] was dat [vader verdachte] vanuit de RUG een werkbon zou opmaken voor 160 uur per maand. Ik kan de uren dan declareren voor 37,85 euro per uur. [vader verdachte] heeft ook gezegd dat [verdachte] 2.100 euro moest gaan verdienen. Ik had er grote moeite mee. [vader verdachte]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">bepaalde alles en hoe het gebeurde. [vader verdachte] heeft weliswaar nooit gezegd dat als ik niet meer</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">mee wilde werken aan deze constructie, ik geen werk meer bij de RUG zou hebben, maar dat gevoel had ik wel.</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het loon van [betrokkene 4]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic"> , de vriendin van verdachte, staat vanaf 2009 tot en met 2014 op de loonlijst</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van de bedrijven van [betrokkene 1] . (1-PV)</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aan [betrokkene 4] zijn blijkens de loonstroken de volgende bruto salarissen uitbetaald:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2009 [bedrijf 2] 		( [betrokkene 1] ) 		    2.138</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2010 [bedrijf 2] 		( [betrokkene 1] ) 		  30.968</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2011 [bedrijf 2] 		( [betrokkene 1] ) 		  37.267</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2012 [bedrijf 2] 		( [betrokkene 1] ) 		  37.649</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2013 [bedrijf 2] 		( [betrokkene 1] ) 		  13.313</emphasis>
      </para>
      <para>
        <?linebreak?>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 5] 			( [betrokkene 1] ) 		    8.290</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">2014 [bedrijf 5] 		( [betrokkene 1] ) 		    6.632</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">136.257 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Aan [betrokkene 4] zijn blijkens de loonstroken de volgende netto salarissen uitbetaald:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2009 		     518,80</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2010 		21.518,82</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2011 		24.073,96</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2012 		24.499,94</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2013 		19.062,11</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ontvangen nettoloon [concernnaam] in 2014 		  4.661,22</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [vader verdachte] heeft-  zakelijk weergegeven - verklaard: Ik heb [betrokkene 1] gevraagd of hij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">werk voor [betrokkene 4] had. Hiervoor geldt dezelfde gang van zaken als voor [verdachte] .</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Omdat ze het geld wel nodig had. Zijn de dienstverbanden vals? Ja met betrekking tot de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">doorfacturering aan de RUG zijn deze vals. Daarmee bedoel ik dat er geen werkzaamheden</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">door haar t.b.v. de RUG zijn verricht. Alle loonkosten van zowel [verdachte] als [betrokkene 4] in de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">jaren 2008 t/m 2015 zijn ten onrechte door gefactureerd aan de RUG. Ik ben daar</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">verantwoordelijk voor. De afspraak was met [betrokkene 1] dat hij zelf de loonkosten van [verdachte] en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 4] zou door factureren. Er werd echter gefactureerd via [betrokkene 2] . Ik heb blind</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">geaccordeerd. Er zijn geen werkzaamheden door [betrokkene 4] ten behoeve de RUG verricht.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 4] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: In de arbeidsovereenkomst staat 38</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">uur, maar ik werkte maar 20 uur. Ik kreeg wel fulltime salaris. Als [betrokkene 1] geen projecten voor mij had kreeg ik gewoon volledig salaris overgemaakt. [vader verdachte] heeft een en ander met [betrokkene 1] besproken. In 2010 en 2011 heb ik wel een aantal klussen voor [betrokkene 1] gedaan, maar dat waren er niet veel. [betrokkene 1] had niets voor mij te doen. De werkbonnen die u mij toont zijn door mij ingevuld en ondertekend. De omschrijving heb ik erop gezet. [betrokkene 1] vroeg mij dit te doen. De bonnen geven weer dat ik 38 uur per week heb gewerkt. Dit klopt volgens mij niet. Het waren minder uren. Hoeveel weet ik niet. Ik hoefde het nooit te verantwoorden. Ik heb inderdaad werkbonnen ingevuld en daar uren op gezet die ik in werkelijkheid niet had gewerkt. Dat is fout. [verdachte] en ik waren niet gelukkig met de situatie. Wij kregen salaris voor een fulltime baan terwijl wij nooit fulltime werkten. [verdachte] weet dat ik mij schuldig voelde over het feit dat ik salaris kreeg waarvoor ik niet werkte. Ik weet dat personeel van [betrokkene 1] werkzaamheden verricht voor de RUG.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Toen ik voor [betrokkene 1] werkte regelde ik bijna alles met [vader verdachte] . Ik dacht dat [vader verdachte] in</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">een positie zat om dat te doen, omdat hij ervoor zorgde dat [bedrijf 6] opdrachten</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">kreeg van de RUG. Ik denk dat [vader verdachte] als tegenprestatie had geregeld dat [betrokkene 1] mij salaris</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">betaalde.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Onder DOC-128 t/m DOC-13 1 zijn een vijftiental werkbonnen van [bedrijf 6]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opgenomen, welke op naam zijn gesteld van [betrokkene 4] en zijn voorzien van een</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">handtekening “ [betrokkene 4] ”. Op de bonnen is telkens een werkweek van 38 uur ingevuld.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Als werkomschrijving is telkens vermeld “Diverse werkzaamheden J. [betrokkene 1] ”. Ter uitvoering</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van de werkbonnen is telkens een factuur van [bedrijf 6] gericht aan [bedrijf 7] opgemaakt waarop telkens een totaalbedrag van 4.462,50 (inclusief B.T.W.) en de naam [betrokkene 4] zijn vermeld.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 1] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: [betrokkene 4] heeft bij mij gewerkt. Zij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">is het vriendinnetje van [verdachte] .</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 3] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: [vader verdachte] zei dat zijn zoon bij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 6] op de loonlijst moest komen. Voor [betrokkene 4] gold feitelijk</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">hetzelfde. Zowel [verdachte] als zijn vriendin zijn niet bij ons bedrijf aan het werk geweest.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ik ga er vanuit dat [vader verdachte] heeft geregeld dat [betrokkene 4] in loondienst kwam bij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 6] . Dit moet via [betrokkene 1] zijn gegaan. Ik kreeg van hem te horen dat ik de RUG</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">voor [betrokkene 4] een factuur kon sturen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">H. Top heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: Wij kregen opdrachtbonnen van de RUG</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">van [vader verdachte] , waaromtrent het bij hem en bij ons duidelijk was dat de</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">werkzaamheden niet behoefden te worden uitgevoerd. Het gaat om valse opdrachtbonnen,</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">alleen bedoeld om de geldstroom van de RUG naar de bedrijven van [betrokkene 1] mogelijk te</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">maken. Dergelijke betalingen van de RUG staan mogelijk tegenover de door onze bedrijven</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(bedrijven van [betrokkene 1] ) gemaakte kosten in verband met het op de loonlijst hebben van [verdachte] en [betrokkene 4] . [betrokkene 4] heeft ongeveer 2 maanden bij ons gewerkt. Het was geen succes. Ik zei tegen [betrokkene 1] : “Ik weet niet wat ik met dat meisje moet.” Ik moest me er maar mee redden.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">We hebben de salarisbetaling aan [verdachte] en [betrokkene 4] ook wel eens een tijd opgeschort omdat</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">er geen opdrachtbon van de RUG binnenkwam. Dan zei [betrokkene 1] tegen mij: “Betaal de salarissen nog maar even niet uit.” Ik wist van deze beide werknemers dus dat het geld eerst van de RUG moest komen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De Renault Megane, kenteken [kenteken] c.q. 10.000 euro</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Uit AMB-006, een relaas met betrekking tot bankmutaties komt het volgende naar voren.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Op 18 februari 2010 ontvangt verdachte 10.000 euro op zijn rekening van [bedrijf 8] . Op</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">16 februari 2010 krijgt hij 9.000 euro van zijn vader. Op 19 februari 2010 vindt een betaling plaats van 20.000 euro aan Renault Terwolde.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Uit DOC-260 komt naar voren dat de RDW tenaamstelling van kenteken [kenteken] (Renault</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Megane) op naam van verdachte is geregistreerd vanaf 23-02-2010 tot 25-02-2014.</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [betrokkene 1] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: Die 10.000 euro is betaald door het bedrijf</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [bedrijf 8] en heeft te maken met de afkoop van een bedrijfsauto voor [verdachte] . Hij heeft</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">die 10.000 ontvangen.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [vader verdachte] heeft - zakelijk weergegeven - verklaard: Ik had [betrokkene 1] gevraagd of hij</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">
          [verdachte] kon helpen met een lening voor een auto. [betrokkene 1] heeft toegezegd dat hij dit zou</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">regelen. Het is aannemelijk dat hij dat op de gebruikelijke wijze heeft door gefactureerd aan</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">de RUG. Die facturen werden door mij gewoon goedgekeurd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Verdachte heeft ten overstaan van de FIOD - zakelijk weergegeven - verklaard: [bedrijf 8] is een van de bedrijven van [betrokkene 1] . De 10.000 euro is geregeld door mijn vader. Hij zei dat het tijd werd voor een andere auto. Ik heb samen met mijn vader de Renault besteld. Ik had niet genoeg geld. Mijn vader heeft gezorgd dat het benodigde geld op mijn rekening kwam.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ter terechtzitting heeft verdachte nog - zakelijk weergegeven - het volgende verklaard:</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ik voel me slachtoffer, ik wilde namelijk wel werken. Ik voelde me er ook niet lekker bij. Ik</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">zat in een spagaat, want ik had een woning en een relatie.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het klopt dat de koopwoning werd geïnitieerd door mijn vader. Mijn toenmalige vriendin en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">ik hebben dit allemaal maar over ons heen laten gaan en het is nooit besproken in familieverband. Het klopt dat ik ook bij de ING heb gewerkt. Daarnaast klopt het dat ik</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">stage heb gelopen bij de [instelling] . Het klopt dat ik heb gestudeerd tot 2011. Ik zat op</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">de [naam school] . Ik was daar fulltime mee bezig.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">U vraagt mij wat mijn contacten in de vastgoedwereld waren in 2008. Ik had er geen</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">contacten. Ik had er enkel interesse in. Ik had dus geen ervaring.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De Renault Mégane heb ik besteld met mijn vader en kostte € 20.000,--. Ik heb de auto op</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">naam gekregen. Mijn vader vond dat ik een goede auto nodig had, omdat ik regelmatig naar</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Polen moest om mijn schoonouders te bezoeken. U houdt mij voor dat de firma [bedrijf 8]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">€ 10.000,-- euro heeft gestort op mijn rekening en dat mij vader ook € 9000,-- heeft gestort.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Ik weet dat [bedrijf 8] een firma van [betrokkene 1] is</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De oudste rechter vraagt mij waarom ik dingen accepteer, zoals een salaris en een auto</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl ik er eigenlijk er niets voor heb gedaan. Ik heb daar geen antwoord op.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Nogmaals het zat ons beiden niet lekker. Ik beroep me verder op mijn zwijgrecht.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De voorzitter houdt mij een werkbon voor waarop de naam van de RUG voorkomt als</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opdrachtgever. Ik heb dat ingevuld en schrik ervan nu u mij dat zo voorhoudt.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De oudste rechter vraagt mij waarom ik dingen accepteer, zoals een salaris en een auto</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">terwijl ik er eigenlijk er niets voor heb gedaan. Ik heb daar geen antwoord op.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">Nogmaals het zat ons beiden niet lekker. Ik beroep me verder op mijn zwijgrecht.</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">De voorzitter houdt mij een werkbon voor waarop de naam van de RUG voorkomt als</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">opdrachtgever. Ik heb dat ingevuld en schrik ervan nu u mij dat zo voorhoudt.</emphasis>
      </para>
      <para>Tot zover de overwegingen van de rechtbank waarmee het hof zich verenigt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aanvullend op deze feiten noemt het hof nog dat [betrokkene 3] heeft verklaard dat hij in de  eerste drie tot vier maanden regelmatig urenbriefjes kreeg van [verdachte] . Die urenbriefjes/werkbonnen uit 2008 bevinden zich niet in het dossier, maar enkele facturen van [bedrijf 7] aan [betrokkene 2] die op basis van die werkbonnen zijn opgemaakt bevinden zich wel in het dossier (DOC-176) e.v.  Daaruit blijkt dat al in april/mei 2008 over de weken 18 tot en met 21 achttien volledige werkdagen wegens inspectie door verdachte op het adres [adres] zijn gedeclareerd, terwijl verdachte heeft verklaard dat hij daar veel minder geweest is. Daaruit blijkt dat verdachte er al vrij snel na het aangaan van het dienstverband van op de hoogte was dat er voor hem ten onrechte uren aan de RUG werden gedeclareerd.</para>
      <para>Voorts is volgens de Belastingdienst [verdachte] op 27 oktober 2009 gaan samenwonen met [betrokkene 4] (AMB-001a) en verder heeft verdachte ter terechtzitting van het hof verklaard dat [betrokkene 4] van haar bankrekening geld overmaakte naar zijn bankrekening voor de huishouding.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel van het hof</emphasis>
      </para>
      <para>Het hof stelt voorop dat het evenals de rechtbank niet uitgaat van een eigen misdrijf van verdachte als gronddelict voor de aan verdachte ten laste gelegde gewoonteheling en het gewoontewitwassen van het door hem ontvangen salaris, maar van de ambtelijke corruptie zoals geïnitieerd door zijn vader, medeverdachte [vader verdachte] .</para>
      <para>De verdediging heeft zich kort gezegd op het standpunt gesteld dat verdachte niet wist, ook niet in voorwaardelijke vorm, dat zijn salaris van voornoemd gronddelict afkomstig was.  Het hof overweegt daartoe dat verdachte vanaf het begin zelf de werkbonnen heeft ingevuld, waarbij hij als opdrachtgever de RUG heeft ingevuld, wetende dat dat in strijd met de waarheid was. Hij wist dus dat de RUG zijn salaris betaalde. De getuige [betrokkene 3] heeft verklaard dat hij de eerste maanden de werkbonnen kreeg van verdachte. Verdachte ontving een voor zijn leeftijd en ervaring fors salaris zonder dat hij daarvoor hoefde te presteren en feitelijk ook niet kon presteren door studieverplichtingen en arbeidsverplichtingen elders. Gelet op het bovenstaande wist hij dat zijn salaris van misdrijf afkomstig was. Verdachte heeft deze situatie voor lief genomen door, in de afweging tussen voortzetting van de situatie enerzijds en mogelijk verlies van woning en ander comfort anderzijds, zich de voordelen maar liefst 8 jaren lang te laten welgevallen. Dat verdachte, zoals hij zelf bij herhaling heeft verklaard, zich schuldig voelde omdat hij wel wilde werken, doet niet af aan de conclusie dat verdachte zich de door zijn vader opgezette constructie bewust heeft laten welgevallen en zijn ogen heeft gesloten voor de specifieke details van de constructie, waardoor zijn financieel comfortabele levenswijze mogelijk is gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dat hij zich, zoals de verdediging stelt, heeft laten overrulen door zijn vader kan verdachte</para>
      <para>evenmin disculperen ten aanzien van het bij hem aanwezige opzet, aangezien dit niet afdoet aan zijn eigen verantwoordelijkheid.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof overweegt in reactie op een verweer namens verdachte nog dat voor de vaststelling dat de door verdachte ontvangen bedragen van misdrijf afkomstig zijn, niet is vereist dat de tegenprestatie voor de (indirecte) begunstiging van [vader verdachte] door [bedrijf 6] dan wel [bedrijf 4] telkens daadwerkelijk bij de RUG in rekening werd gebracht. De tegenprestatie bestond uit het mogelijk maken van een constructie waarbij niet alleen die begunstiging kon worden door gefactureerd, maar die tevens diende als ingang voor de (minstens) 10% opslag op die facturatie enkel en alleen ten voordele van [bedrijf 6] dan wel [bedrijf 4] , naast de, in het geval van [betrokkene 2] , verzekerde veronderstelling dat de opdrachtrelatie tussen de RUG en [bedrijf 4] zou worden gecontinueerd. Reeds het creëren van deze mogelijkheid levert een strafbare kwalificatie op.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bovenstaande overwegingen gelden mutatis mutandis ook voor de door verdachte ontvangen € 10.000,-- van [bedrijf 8] , een bedrijf van [betrokkene 1] , en liggen eveneens ten grondslag aan de bewezenverklaring van het onder 1. cumulatief ten laste gelegde.<?linebreak?></para>
      <para>Het hof acht de aan verdachte onder feit 1 ten eerste ten laste gelegde gewoonteheling</para>
      <para>dan ook wettig en overtuigend bewezen in een eendaadse samenloop gepleegd met het cumulatief ten laste gelegde gewoontewitwassen, aangezien de gewoonteheling enerzijds en het witwassen anderzijds van de geldbedragen een identieke gedraging ten aanzien van die geldbedragen is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van feit 2 overweegt het hof  het volgende.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Net als verdachte kreeg zijn vriendin [betrokkene 4] middels eenzelfde constructie salaris via een van de bedrijven van [betrokkene 1] . Zoals hierboven reeds uiteengezet wist verdachte dat de salarissen van misdrijf afkomstig waren, te weten de omkoping van [vader verdachte] .  [betrokkene 4] heeft vanaf april 2010 aan verdachte geld overgemaakt voor de huishouding.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof leidt hieruit af dat verdachte geldbedragen ter beschikking heeft gehad, overgedragen en omgezet die afkomstig waren van de omkoping gepleegd door [vader verdachte] , zodat bewezen kan worden dat verdachte geldbedragen heeft witgewassen</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is ten slotte van oordeel dat, gelet op de bewezen verklaarde periode en de hoeveelheid witgewassen geldbedragen, de verdachte van witwassen een gewoonte heeft gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat ten laste gelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1.</para>
      <para>hij op <emphasis role="strike-through">één of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode vanaf 1 maart 2008 tot en met 25 januari 2016<emphasis role="strike-through">, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans </emphasis>in Nederland, </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -,</emphasis> van het plegen van opzetheling een gewoonte heeft gemaakt, </para>
      <para>immers heeft hij, verdachte<emphasis role="strike-through">, en/of zijn mededader(s) een of meer</emphasis> goed<emphasis role="strike-through">(</emphasis>eren<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, te weten<emphasis role="strike-through"> (onder meer)</emphasis>: </para>
      <para>- in 2008 (een deel van) een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 18.700 euro  </para>
      <para>  en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.774 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.529 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- op 18 februari 2010 een geldbedrag ter hoogte van 10.000 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- <emphasis role="strike-through">(op 19 februari 2010) een auto, kenteken [kenteken] en/of</emphasis></para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.973 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 35.535 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 32.262 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 37.723 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2015 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 26.893 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2016 een salaris, </para>
      <para>verworven en/of voorhanden gehad, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, <emphasis role="strike-through">en/of zijn mededader(s)</emphasis>, ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die<emphasis role="strike-through">/dat</emphasis> goed<emphasis role="strike-through">(</emphasis>eren<emphasis role="strike-through">) (telkens)</emphasis> wist<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis> dat het <emphasis role="strike-through">(</emphasis>een<emphasis role="strike-through">)</emphasis> door misdrijf verkregen goed<emphasis role="strike-through">(eren) </emphasis>betrof<emphasis role="strike-through">(fen)</emphasis>;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstip(pen)</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode vanaf 1 maart 2008 tot en met 25 januari 2016, <emphasis role="strike-through">te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans</emphasis> in Nederland,<?linebreak?><emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -, </emphasis>van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, </para>
      <para>immers heeft hij, verdachte<emphasis role="strike-through">, en/of zijn mededader(s)</emphasis> een of meer voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, te weten <emphasis role="strike-through">(onder meer)</emphasis>: </para>
      <para>- in 2008 (een deel van) een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 18.700 euro </para>
      <para>  en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.774 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.529 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- op 18 februari 2010 een geldbedrag ter hoogte van 10.000 euro en<emphasis role="strike-through">/of; </emphasis></para>
      <para>- <emphasis role="strike-through">(op 19 februari 2010) een auto, kenteken [kenteken] en/of</emphasis></para>
      <para>- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 25.973 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 35.535 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 32.262 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 37.723 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2015 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 26.893 euro en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis></para>
      <para>- in 2016 een salaris, </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">althans enig(e) voorwerp(en)</emphasis> verworven en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> voorhanden gehad en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> omgezet en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> daarvan gebruik gemaakt, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte, <emphasis role="strike-through">en/of zijn mededader(s)</emphasis> wist<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis>, dat bovenomschreven voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> geheel <emphasis role="strike-through">of gedeeltelijk</emphasis> - onmiddellijk of middellijk - afkomstig <emphasis role="strike-through">was/</emphasis>waren uit enig misdrijf; <?linebreak?></para>
      <para>2.<?linebreak?><emphasis role="strike-through">hij op één of meer tijdstip(pen) in of omstreeks de periode vanaf 1 december 2009 tot en met 1 maart 2014, te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans in Nederland, </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met (een) andere(n) - natuurlijke en/of rechtspersonen -, van het plegen van opzetheling een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, en/of zijn mededader(s) een of meer goed(eren), te weten (onder meer): </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 518 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 21.518 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.073 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.499 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 19.062 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 4.661 euro, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">verworven en/of voorhanden gehad </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">terwijl hij, verdachte, en/of zijn mededader(s), ten tijde van het verwerven of het voorhanden krijgen van die/dat geldbedrag(en) (telkens) wist(en), althans redelijkerwijs had(den) moeten vermoeden, dat het (een) door misdrijf verkregen geldbedrag(en) betrof(fen) </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">en/of</emphasis>
        <?linebreak?>
      </para>
      <para>hij <emphasis role="strike-through">op één of meer tijdstippen</emphasis> in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode vanaf 1 december 2009 tot en met 1 maart 2014, <emphasis role="strike-through">te Groningen en/of Harkstede en/of Peize, althans</emphasis> in Nederland, </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">tezamen en in vereniging met een ander of anderen, althans alleen, </emphasis>
      </para>
      <para>van het plegen van witwassen een gewoonte heeft gemaakt, immers heeft hij, verdachte, <emphasis role="strike-through">en/of zijn mededader(s) een of meer voorwerp(en) te weten (onder meer): </emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2009 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 518 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2010 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 21.518 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2011 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.073 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2012 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 24.499 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2013 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 19.062 euro en/of</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">- in 2014 een salaris ter hoogte van in totaal (ongeveer) 4.661 euro, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="strike-through">althans </emphasis>enig<emphasis role="strike-through">(</emphasis>e<emphasis role="strike-through">)</emphasis> voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> verworven en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> voorhanden gehad en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> omgezet en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> daarvan gebruik gemaakt, </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>terwijl hij, verdachte<emphasis role="strike-through">, en/of zijn mededader(s)</emphasis> wist<emphasis role="strike-through">(en)</emphasis>, dat bovenomschreven voorwerp<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis> geheel <emphasis role="strike-through">of gedeeltelijk</emphasis> - middellijk of onmiddellijk - afkomstig <emphasis role="strike-through">was/</emphasis>waren uit enig misdrijf; <?linebreak?></para>
      <para>Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">de eendaadse samenloop van het plegen van opzetheling een gewoonte maken</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">en</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">van het plegen van witwassen een gewoonte maken.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">van het plegen van witwassen een gewoonte maken.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Oplegging van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft verdachte veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van twee (2) jaren waarvan zes (6) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van drie (3) jaren met aftrek van de tijd in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gevorderd dat verdachte voor het ten laste gelegde wordt veroordeeld tot een onvoorwaardelijke gevangenisstraf voor de duur van 2 jaren waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren met aftrek van de tijd die verdachte in voorarrest heeft doorgebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdediging heeft bepleit dat bij een strafoplegging rekening moet worden gehouden met de persoonlijke omstandigheden van verdachte. Verdachte heeft zijn leven op de rit. Hij heeft weer een relatie en woont doordeweeks bij zijn vriendin. Voorts heeft verdachte een baan. Het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf zal er toe leiden dat verdachte zijn baan verliest en hij niet aan een schadevergoedingsmaatregel kan voldoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezen verklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft bij de keuze tot het opleggen van een onvoorwaardelijke vrijheidsstraf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan gewoonteheling en gewoontewitwassen door gedurende een periode van acht jaren een salaris voor 40 werkuren per week te ontvangen van een tweetal bedrijven zonder dat hij daarvoor navenant hoefde te presteren en feitelijk ook niet kon presteren door studieverplichtingen en arbeidsverplichtingen elders. Hij vulde werkbonnen in waarop stond aangegeven dat niet zijn werkgever [betrokkene 1] de opdrachtgever was maar de RUG. Dit terwijl hij wist dat zijn eigen vader, die werkzaam was bij de RUG, degene is geweest die hem die banen had bezorgd. Bovendien wist hij dat de RUG de grootste opdrachtgever was van zijn eigen werkgevers. In al die jaren heeft hij deze situatie voor lief genomen door, in de afweging tussen voortzetting van de situatie enerzijds en mogelijk verlies van woning en ander comfort anderzijds, zich de voordelen maar liefst 8 jaren lang te laten welgevallen. Door zo te handelen heeft hij de voorwaarden voor zijn financieel comfortabele leven in stand gehouden. Voorts heeft verdachte een geldbedrag van € 10.000,- om niet van zijn werkgever [betrokkene 1] ontvangen waarbij ook zijn vader betrokken is geweest. <?linebreak?>Verdachte heeft enkel oog gehad voor zijn eigen financiële voordeel, waardoor hij een huis kon kopen, daarvan de hypotheek kon aflossen en zich geen zorgen hoefde te maken over zijn verdere levensonderhoud. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Een belangrijke factor bij de strafmaat is de omvang van het nadeel dat verdachte door </para>
      <para>zijn/haar handelen heeft veroorzaakt. Uit het dossier en de bewezenverklaring komt naar </para>
      <para>voren dat verdachte een aandeel heeft gehad in de ambtelijke corruptie waarbij in veel gevallen ten onrechte kosten zijn gedeclareerd bij de RUG en door die instantie ook zijn uitbetaald. </para>
      <para>Aldus is gemeenschapsgeld voor andere doelen aangewend dan waarvoor deze gelden door </para>
      <para>de gemeenschap ter beschikking zijn gesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof gaat bij het vaststellen van het benadelingsbedrag uit van het door verbalisanten opgemaakte proces-verbaal voordeel verdachten en nadeel RUG (AMB-045).</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het nadeel voor de RUG met betrekking tot het salaris van verdachte is in dat proces-verbaal vastgesteld op € 823.447,-. Nu is gebleken dat verdachte wel enige werkzaamheden heeft verricht gaat het hof voor deze post uit van een benadelingsbedrag van € 750.000,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat voor afdoening van de bewezen verklaarde feiten niet kan worden volstaan met een andere of lichtere sanctie dan een onvoorwaardelijke gevangenisstraf. Het hof zoekt daarbij, gelet op het samenstel van het bewezen verklaarde handelen van verdachte, aansluiting bij de oriëntatiepunten straftoemeting bij fraudezaken, vastgesteld door het Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS), die in geval van een benadelingsbedrag dat ligt tussen € 500.000,- en € 1.000.000,- uitgaat van een gevangenisstraf voor de duur van 18 maanden tot maximaal een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden. Al naar gelang van specifieke factoren kan de op te leggen straf vermeerderd of gematigd worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als strafverzwarende factoren houdt het hof rekening met de volgende omstandigheden.</para>
      <para>Verdachte heeft jarenlang schaamteloos gehandeld. Hij heeft gedurende een zeer lange periode grof geprofiteerd van een situatie waarin hij een voor zijn leeftijd fors salaris heeft opgestreken en een woning heeft gefinancierd terwijl hij daar nagenoeg niets voor hoefde te doen. Bovendien is hij, afgezet tegen het aandeel aan strafbare gedragingen van de verschillende medeverdachten in het geheel, degene die het meest heeft geprofiteerd van de ambtelijke corruptie. Daarnaast heeft verdachte de verhulling van de corruptie mede mogelijk gemaakt door bewust valse werkbonnen in te vullen en te ondertekenen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof houdt rekening met de persoonlijke omstandigheden van verdachte, </para>
      <para>waaronder de gevolgen die deze strafprocedure voor hem heeft gehad. Het hof merkt hierbij wel op dat een aanzienlijk deel van deze gevolgen direct voortvloeien uit de door verdachte zelf begane strafbare feiten en in die zin niet voor strafmatiging in aanmerking komen. Tot slot houdt het hof rekening met het uittreksel justitiële documentatie waaruit blijkt dat verdachte niet eerder met justitie in aanraking is gekomen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Alles afwegende is het hof van oordeel dat, mede gelet op de maatschappelijke impact, het opleggen van een onvoorwaardelijke gevangenisstraf met name met het oog op generale preventie en vergelding gerechtvaardigd is. Het hof acht in beginsel een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden, passend en geboden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Redelijke termijn  </emphasis>
      </para>
      <para>Door de verdediging is gesteld dat de redelijke termijn als bedoeld in art. 6, eerste lid, Europees Verdrag tot bescherming van de Rechten van de Mens en de fundamentele vrijheden (EVRM) is overschreden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof stelt voorop dat in art. 6, eerste lid, EVRM het recht van iedere verdachte is gewaarborgd om binnen een redelijke termijn te worden berecht. Die termijn vangt aan op het moment dat vanwege de Nederlandse Staat jegens de betrokkene een handeling is verricht waaraan deze in redelijkheid de verwachting kan ontlenen dat tegen hem ter zake van een bepaald strafbaar feit door het openbaar ministerie een strafvervolging zal worden ingesteld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Als uitgangspunt heeft in deze zaak te gelden dat de behandeling ter terechtzitting dient te zijn afgerond met een eindvonnis binnen twee jaar nadat de redelijke termijn is aangevangen, tenzij sprake is van bijzondere omstandigheden, zoals de ingewikkeldheid van een zaak, de invloed van de verdachte en/of de verdediging op het procesverloop en de wijze waarop de zaak door de bevoegde autoriteiten is behandeld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is op 25 januari 2016 in verzekering gesteld. De rechtbank heeft op 17 mei 2017 vonnis gewezen. In eerste aanleg is derhalve de redelijke termijn niet overschreden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Namens verdachte en door het openbaar ministerie is op 30 mei 2017 hoger beroep ingesteld. Het dossier is op 14 december 2017 ter griffie van het hof binnengekomen. Eerst op de zitting van 5 juni 2020 is de zaak door het hof inhoudelijk behandeld. Op 19 juni 2020 zal het hof arrest wijzen. De totale tijdsduur in hoger beroep bedraagt daarmee drie (3) jaren en één (1) maand. Het hof constateert dat in hoger beroep de redelijke termijn met ruim dertien (13) maanden is overschreden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat die overschrijding in de straf dient te worden verdisconteerd. Om die reden zal het hof in plaats van een gevangenisstraf voor de duur van 24 maanden een gevangenisstraf voor de duur van 21 maanden opleggen. Deze straf is passend en geboden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vordering van de benadeelde partij Rijksuniversiteit Groningen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De benadeelde partij heeft zich in eerste aanleg in het strafproces gevoegd met een vordering tot schadevergoeding. Deze bedraagt € 1.350.967,10. De vordering is bij het vonnis waarvan beroep toegewezen tot een bedrag van € 170.000,-. De benadeelde partij heeft zich in hoger beroep opnieuw gevoegd voor het bedrag van haar oorspronkelijke vordering.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">De vordering van de benadeelde partij</emphasis>
      </para>
      <para>De benadeelde partij vordert verdachte te veroordelen om schadevergoeding te betalen tot een totaalbedrag van € 1.350.967,10. De geleden schade bedraagt € 1.141.661,--. Daarnaast heeft de RUG de vergoeding van materiële schade gevorderd voor de werkzaamheden die in het kader van de fraude verricht zijn door:</para>
    </parablock>
    <para>- Hoffmann Bedrijfsrecherche € 156.387,65;</para>
    <para>- Deloitte € 30.870,13;</para>
    <para>- Plas &amp; Bossinade € 2.786,45;</para>
    <para>- PWC € 19.261,87;</para>
    <para>Verder heeft de RUG verzocht om de schadevergoedingsmaatregel op te leggen.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de advocaat-generaal</emphasis>
      </para>
      <para>De advocaat-generaal acht de vordering van de RUG ontvankelijk ten aanzien van het</para>
      <para>schadebedrag. </para>
      <para>De advocaat-generaal heeft het schadebedrag voor verdachte bepaald op € 491.088,- ten aanzien van de overige gevorderde kosten heeft de advocaat-generaal gevorderd dat de vordering in zoverre niet-ontvankelijk wordt verklaard, nu deze kosten in een te ver verwijderd verband staan met de bewezen verklaarde feiten. De advocaat-generaal heeft gevorderd dat ook de schadevergoedingsmaatregel wordt opgelegd.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Het standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
      <para>De verdediging heeft primair betoogd dat de schade niet het rechtstreekse gevolg is van de gewoonteheling. Niet kan worden geoordeeld dat het vervolgdelict in zodanig nauw verband staat tot de gronddelicten dat de RUG door de gewoonteheling en gewoontewitwassen rechtstreeks schade heeft geleden. Subsidiair heeft de verdediging betoogd dat niet kan worden vastgesteld dat alle salariskosten zijn doorberekend aan de RUG, datzelfde geldt voor de € 10.000,-. De vordering dient derhalve te worden afgewezen. Voorts heeft de verdediging betoogd dat de door de RUG opgevoerde kosten voor de werkzaamheden met betrekking tot de fraude niet noodzakelijk zijn dan wel dat een gedegen onderbouwing van de omvang van de schade ontbreekt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel van het hof</emphasis>
      </para>
      <para>Uit het onderzoek ter terechtzitting is het hof voldoende gebleken dat de benadeelde partij als gevolg van het bewezen verklaarde handelen van verdachte rechtstreeks schade heeft geleden, nu de door verdachte gepleegde strafbare feiten onverbrekelijk verbonden zijn met de gepleegde ambtelijke corruptie. In het kader van de strafmaat is het hof uitgegaan van het door verbalisanten opgemaakte proces-verbaal voordeel verdachten en nadeel RUG (AMB-045). </para>
      <para>Het hof is anders dan de verdediging van oordeel dat genoemd proces-verbaal wel degelijk als onderbouwing van de vordering kan worden gebezigd. Het hof overweegt als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Uit het genoemde proces-verbaal blijkt dat de RUG  door het doorberekenen van het salaris van verdachte voor een bedrag van € 823.447,- is benadeeld. Nu is gebleken dat verdachte wel enige werkzaamheden heeft verricht gaat het hof uit van een benadelingsbedrag van <?linebreak?>€ 750.000,-.</para>
      <para>Verdachte is tot vergoeding van die schade gehouden zodat de vordering tot dat bedrag zal worden toegewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor de schade die is gevorderd voor de werkzaamheden die door derden in het kader van de fraude verricht zijn, is het hof van oordeel dat behandeling van de vordering een onevenredige belasting van het strafgeding oplevert. In zoverre kan de benadeelde partij daarom thans in haar vordering niet worden ontvangen en kan zij haar vordering slechts bij de burgerlijke rechter aanbrengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor wat betreft de gevorderde proceskosten is het hof van oordeel dat deze kosten - bij</para>
      <para>gebreke van vertegenwoordiging ter zitting alsmede van enig blijk van een door een advocaat opgesteld processtuk - niet voor toewijzing in aanmerking komen. De benadeelde partij wordt ook op dit punt niet-ontvankelijk verklaard.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Om te bevorderen dat de schade door verdachte wordt vergoed, zal het hof de maatregel van artikel 36f van het Wetboek van Strafrecht opleggen op de hierna te noemen wijze.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de artikelen 36f, 55, 57, 417 en 420ter van het Wetboek van Strafrecht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezen verklaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart de officier van justitie niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 3 ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart verdachte niet-ontvankelijk in het hoger beroep, voor zover gericht tegen de beslissing ter zake van het onder 2 en 3 ten laste gelegde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">gevangenisstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">21 (eenentwintig) maanden</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt dat de tijd die door de verdachte vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in enige in artikel 27, eerste lid, van het Wetboek van Strafrecht bedoelde vorm van voorarrest is doorgebracht, bij de uitvoering van de opgelegde gevangenisstraf in mindering zal worden gebracht, voor zover die tijd niet reeds op een andere straf in mindering is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Gelast de <emphasis role="bold">teruggave</emphasis> aan de verdachte van de in beslag genomen, nog niet teruggegeven voorwerpen, te weten:</para>
    </parablock>
    <para>- het saldo van bankrekeningnummer NL09ABNA0972574972 zijnde een bedrag van </para>
    <para>  € 9.349,94 </para>
    <para>- het saldo van bankrekeningnummer NL49ABNA0803360274 zijnde een bedrag van </para>
    <para>  € 12.349,40.</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vordering van de benadeelde partij Rijksuniversiteit Groningen</title>
    <para>Wijst toe de vordering tot schadevergoeding van de benadeelde partij Rijksuniversiteit Groningen ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde tot het bedrag van <emphasis role="bold">€ 750.000,00 (zevenhonderdvijftigduizend euro) ter zake van materiële schade, waarvoor de verdachte met de mededader(s) hoofdelijk voor het gehele bedrag aansprakelijk is</emphasis>.</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart de benadeelde partij voor het overige niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de benadeelde partij in zoverre de vordering slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verwijst de verdachte in de door de benadeelde partij gemaakte en ten behoeve van de tenuitvoerlegging nog te maken kosten, tot aan de datum van deze uitspraak begroot op nihil.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Legt aan de verdachte de verplichting op om aan de Staat, ten behoeve van het slachtoffer, genaamd Rijksuniversiteit Groningen, ter zake van het onder 1 bewezen verklaarde een bedrag te betalen van € 750.000,00 (zevenhonderdvijftigduizend euro) als vergoeding voor materiële schade.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt de duur van de gijzeling op ten hoogste 360 (driehonderdzestig) dagen. Toepassing van die gijzeling heft de verplichting tot schadevergoeding aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer niet op.</para>
      <para>Bepaalt dat indien en voor zover de verdachte of zijn mededader(s) aan een van beide betalingsverplichtingen hebben voldaan, de andere vervalt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door</para>
      <para>mr. G.A. Versteeg , voorzitter,</para>
      <para>mr. G. Dam en mr. P.L.M van Gorkom, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van B.J. Berendsen, griffier,</para>
      <para>en op 19 juni 2020 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Proces-verbaal van het in dezelfde zaak voorgevallene ter openbare terechtzitting van het gerechtshof van 19 juni 2020.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegenwoordig:</para>
      <para>mr. A.J. Smit, voorzitter,</para>
      <para>mr. L.H.J. Vijlbrief-Smit, advocaat-generaal,</para>
      <para>A. Dinzey, griffier.</para>
      <para>De voorzitter doet de zaak uitroepen.</para>
      <para>De verdachte is niet in de zaal van de terechtzitting aanwezig.</para>
      <para>De voorzitter spreekt het arrest uit.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzitter en de griffier is vastgesteld en ondertekend.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>