<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2020:3331</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-06T13:02:56</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-04-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2020-04-23</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.227.075/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:3331">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2020:3331</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2020-05-06T13:02:39</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2020-05-06</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2020:3331 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 23-04-2020 / 200.227.075/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2020:3331:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De mededeling dat de beslissing van de kantonrechter verbazing wekt, kan niet als het instellen van hoger beroep tegen die beslissing worden aangemerkt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2020:3331:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN  </bridgehead>
    <para>zittingsplaats Leeuwarden</para>
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>Zaaknummer </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: Wahv 200.227.075/01</para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>CJIB-nummer </para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: 196535847 </para>
            </entry>
          </row>
          <row>
            <entry>
              <para>Uitspraak d.d.</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>: 23 april 2020</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Arrest</emphasis> op het hoger beroep inzake de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) tegen de beslissing van de kantonrechter van de rechtbank </para>
      <para>Noord-Nederland van 25 september 2017, betreffende</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">
      [betrokkene] (hierna: de betrokkene),</bridgehead>
    <para>wonende te [A] .</para>
    <para />
    <para />
    <bridgehead role="bold">De beslissing van de kantonrechter</bridgehead>
    <para>De kantonrechter heeft de beslissing van de officier van justitie vernietigd, voor zover betrekking hebbende op de hoogte van de sanctie, het bedrag van de sanctie bepaald op € 165,- te vermeerderen met € 9,- administratiekosten en de beslissing van de officier van justitie voor het overige bevestigd. </para>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>Het verloop van de procedure</title>
    <parablock>
      <para>
        [B] (hierna te noemen: [B] ) heeft bij schrijven van 26 oktober 2017 aan de kantonrechter verzocht om het proces-verbaal van de zitting van de kantonrechter.</para>
      <para>De griffier van de rechtbank heeft dit schrijven, alsmede de op de zaak betrekking hebben stukken, aan de griffier van het hof gezonden.</para>
      <para>De griffier van het hof heeft de zaak vervolgens als een hoger beroep zaak ingeboekt.</para>
      <para>De advocaat-generaal heeft de gelegenheid gekregen een verweerschrift in te dienen. Van die gelegenheid is geen gebruik gemaakt. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De beoordeling</title>
    <para>1. Op 11 september 2017 heeft de kantonrechter het beroep van [betrokkene] tegen de beslissing van de officier van justitie ter zitting behandeld. Haar vader is, door de betrokkene daartoe gemachtigd, ter zitting verschenen om de betrokkene aldaar te vertegenwoordigen. Op 25 september 2017 heeft de kantonrechter beslist op het beroep. Die beslissing houdt onder meer in, dat de vader van de betrokkene uitdrukkelijk afstand heeft genomen van hetgeen [B] namens de betrokkene heeft aangevoerd en dat de kantonrechter daarom de inhoud van het door [B] ingediende beroepschrift buiten beschouwing heeft gelaten. De beslissing van de kantonrechter is op 9 oktober 2017 aan [B] toegezonden.</para>
    <para />
    <para>2. Bij schrijven van 26 oktober 2017 heeft [B] aan de kantonrechter medegedeeld met verbazing kennis te hebben genomen van de beslissing op het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie. [B] heeft opheldering gevraagd bij de betrokkene en de verklaring van de vader van de betrokkene heeft het geheel niet veel helderder gemaakt, aldus [B] . Men wil graag weten wat exact is besproken te zitting. Om die reden zou [B] graag een afschrift van het proces-verbaal van de zitting van 11 september 2017 ontvangen.  </para>
    <para />
    <para />
    <para>3. Een geschrift kan slechts dan als een beroepschrift in hoger beroep worden beschouwd indien daaruit blijkt van de wil, althans de kennelijke bedoeling van de betrokkene om bij het hof Arnhem-Leeuwarden hogere voorziening te vragen van een uitspraak van een kantonrechter. Naar het oordeel van het hof kan het verzenden van voormeld schrijven, gelet op de inhoud daarvan, niet worden beschouwd als het instellen van hoger beroep. Beslist wordt daarom als volgt.</para>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing</title>
    <para>Het gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verstaat dat geen hoger beroep is ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Smeitink als griffier, en op een openbare zitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>