<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2019:757</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-01-31T08:46:59</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-01-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-01-29</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.240.352/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#kortGeding">Kort geding</psi:procedure>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2019:757">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2019:757</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-01-30T14:37:21</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-01-31</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2019:757 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 29-01-2019 / 200.240.352/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2019:757:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussenarrest. Bewind. Bewindvoerder dient formele procespartij te zijn, niet de rechthebbende zelf. Rechthebbende in de gelegenheid gesteld bewindvoerder als formele procespartij op te roepen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2019:757:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Leeuwarden</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.240.352/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland C/17/158574 / KG ZA 17-339)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest in kort geding van 29 januari 2019 </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellante] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
      <para>appellante,</para>
      <para>in eerste aanleg: eiseres,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[appellante]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. S.A.G. de Vries, kantoorhoudend te Heerenveen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [geïntimeerde1] ,</title>
    <parablock>
      <para>wonende te [B] ,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde1]</emphasis>,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. [geïntimeerde2] ,</emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [B] ,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[geïntimeerde2]</emphasis>,</para>
      <para>geïntimeerden,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagden,</para>
      <para>hierna gezamenlijk te noemen: <emphasis role="bold">[geïntimeerden] c.s.</emphasis>, </para>
      <para>advocaat: mr. S. Vaupell, kantoorhoudend te Wolvega.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het geding in eerste aanleg </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Voor het geding in eerste aanleg verwijst het hof naar de inhoud van het vonnis van </para>
      <para>24 januari 2018 dat de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, heeft gewezen.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>Het geding in hoger beroep </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het verloop van de procedure blijkt uit:</para>
      <para>- de dagvaarding in hoger beroep d.d. 19 februari 2018,</para>
      <para>- de memorie van grieven (met producties),</para>
      <para>- de memorie van antwoord (met producties),</para>
      <para>- een akte van [appellante] (met producties) d.d. 6 november 2018.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Vervolgens hebben partijen de stukken voor het wijzen van arrest overgelegd en heeft het hof arrest bepaald.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <parablock>
        <para>
          [appellante] vordert in het hoger beroep, samengevat, het vonnis van de voorzieningenrechter van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, van </para>
        <para>24 januari 2018 te vernietigen en alsnog de in eerste aanleg ingestelde vorderingen van [appellante] toe te wijzen met veroordeling van [geïntimeerden] c.s. in de proceskosten van beide instanties en met veroordeling van hen tot terugbetaling van de proceskosten van de eerste aanleg ad € 895,-. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Procespartij</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <parablock>
        <para>
          [appellante] is onder bewind gesteld. Op grond van artikel 1:441 lid 1 BW vertegenwoordigt de bewindvoerder bij de vervulling van zijn taak de rechthebbende in en buiten rechte. Van de vervulling van de taak van de bewindvoerder is sprake wanneer het gaat om handelingen in verband met de onder bewind staande goederen. De onroerende zaken van [appellante] , waarvan zij ontruiming vordert, vallen onder het bereik van het</para>
        <para>bewind. Gelet hierop is niet zij, maar de bewindvoerder bevoegd om te procederen. In een beschikking van 21 november 2017 heeft de kantonrechter de bewindvoerder gemachtigd tot het voeren van de procedure in eerste aanleg. Op diens verzoek heeft de bewindvoerder aan de advocaat van [appellante] per e-mail bericht dat zij er mee instemt dat de advocaat de onderhavige kort geding procedure tegen [geïntimeerde1] voert op naam van [appellante] . Blijkens in hoger beroep overgelegde machtiging heeft de bewindvoerder zich door de kantonrechter doen machtigen tot het voeren van deze procedure in hoger beroep. <?linebreak?></para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2</nr>
      <para>In een geding dat is ingesteld door een onder bewind gestelde rechthebbende dient de bewindvoerder - en dus niet de rechthebbende zelf - op te treden als formele procespartij. De rechter die in de loop van het geding van het bewind op de hoogte raakt dient, zo nodig ambtshalve, in een tussenuitspraak de meest gerede partij in staat te stellen de bewindvoerder op te roepen om in het geding te verschijnen (HR 7 maart 2014, ECLI:NL:HR:2014:525). Gelet hierop zal [appellante] in de gelegenheid worden gesteld de bewindvoerder op te roepen in het geding te verschijnen om haar standpunt in dit geding kenbaar te maken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>Indien de bewindvoerder verschijnt en haar standpunt kenbaar maakt, zullen [geïntimeerden] c.s. nog in de gelegenheid worden gesteld om daar bij akte op te reageren.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>In afwachting hiervan wordt iedere verdere beslissing aangehouden.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>
      <nr>4</nr>De beslissing</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof, recht doende in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>stelt [appellante] in de gelegenheid de bewindvoerder op te roepen om in het geschil te verschijnen en haar standpunt in het geding kenbaar te maken; [geïntimeerden] c.s. kunnen daarop vervolgens reageren.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>verwijst de zaak daartoe naar de rolzitting van <emphasis role="bold">12 maart 2019</emphasis>;</para>
      <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. W.P.M. ter Berg, mr. H. de Hek en mr. O.E. Mulder en is in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op 29 januari 2019.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>