<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2019:3945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-05-09T09:03:36</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-05-07</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2019-05-07</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.190.088/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2019:3945">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2019:3945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2019-05-09T09:03:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2019-05-09</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2019:3945 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 07-05-2019 / 200.190.088/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2019:3945:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Huurrecht woonruimte. Vervolg op arrest 5 maart 2019, ECLI:NL:GHARL:2019:2003. Bewindvoerder is verschenen. Procedure tegen bewindvoerder voortgezet. Bewijsopdrachten aan verhuurder.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2019:3945:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM-LEEUWARDEN </emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>locatie Leeuwarden</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht, handel</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer gerechtshof 200.190.088/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland 3887845 \ CV EXPL 15-1432)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 7 mei 2019</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [appellant] ,  </emphasis>
      </para>
      <para>wonende te [A] ,</para>
      <para>appellant,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagde in conventie en eiser in reconventie,</para>
      <para>hierna: <emphasis role="bold">[appellant]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. H.L. Thiescheffer, kantoorhoudend te Leeuwarden,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Houkes Bewindvoerders B.V., </emphasis>
      </para>
      <para>in haar hoedanigheid van bewindvoerder over  </para>
      <para>
        [B] en [C] ,</para>
      <para>kantoorhoudende te Emmen,</para>
      <para>geïntimeerde, </para>
      <para>in eerste aanleg waren [B] en [C] eisers in conventie, verweerders in reconventie,</para>
      <para>hierna<emphasis role="bold">: de bewindvoerder</emphasis> respectievelijk <emphasis role="bold">[B]</emphasis> en <emphasis role="bold">[C]</emphasis></para>
      <para>advocaat: mr. C.C.N. Brens-Cats, kantoorhoudend te Emmen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof neemt de inhoud van het tussenarrest van 5 maart 2019 hier over. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr>Het verdere verloop van het geding in hoger beroep </title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>Ingevolge het vermelde tussenarrest hebben [B] en [C] bij brief van 19 maart 2019 de bewindvoerder opgeroepen te verschijnen ter terechtzitting van 2 april 2019. De bewindvoerder is verschenen en is als procespartij voor [B] en [C] in de plaats getreden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Partijen hebben de aanvullende processtukken gefourneerd, waarna de datum voor het wijzen van arrest is bepaald. </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>2</nr>Verdere beoordeling</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Het hof blijft bij hetgeen in het tussenarrest van 5 maart 2019 is overwogen en beslist. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>In het tussenarrest heeft het hof reeds overwogen dat in het geval de bewindvoerder voor [B] en [C] verschijnt aan [appellant] bewijs en tegenbewijs zal worden opgedragen als hierna in het dictum is bepaald. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>Het hof houdt iedere verdere beslissing aan. </para>
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De beslissing</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het hof, rechtdoende in hoger beroep:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>draagt [appellant] op tot het leveren van <emphasis role="underline">bewijs</emphasis> van feiten en omstandigheden waaruit kan worden afgeleid dat</para>
      </parablock>
      <itemizedlist mark="-">
        <listitem>
          <para>hij telefonisch een koopovereenkomst met [C] heeft gesloten, waarbij is overeengekomen dat hij het bankstel, de koelkast en de wasmachine voor € 200,- koopt en dat ter uitvoering van die koopovereenkomst € 200,- in contanten is betaald;</para>
        </listitem>
        <listitem>
          <para>hij de stofzuiger, de friteuse en de huishoudtrap (met een gezamenlijke waarde van € 50,-) aan [B + C] c.s. heeft teruggegeven; </para>
        </listitem>
      </itemizedlist>
      <para />
      <parablock>
        <para>draagt [appellant] op tot het leveren van <emphasis role="underline">tegenbewijs</emphasis> tegen het voorshands oordeel dat [C] over de gereedschapskist beschikte, dat de gereedschapskist daardoor ook ten tijde van de ontruiming in de woning aanwezig moet zijn geweest en dat ten tijde van de ontruiming de waarde van de gereedschapskist met het gereedschap kan worden geschat met als uitgangspunt het gefactureerde bedrag van € 1.725,50; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat, indien [appellant] dat (tegen)bewijs (ook) door middel van getuigen wenst te leveren, het verhoor van deze getuigen zal geschieden ten overstaan van het hierbij tot raadsheer-commissaris benoemde lid van het hof <emphasis role="underline">mr. D.H. de Witte</emphasis>, die daartoe zitting zal houden in het paleis van justitie aan het Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden en wel op een nader door deze vast te stellen dag en tijdstip; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat partijen in persoon bij het getuigenverhoor aanwezig dienen te zijn opdat hun naar aanleiding van de getuigenverklaringen vragen kunnen worden gesteld; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat [appellant] het aantal voor te brengen getuigen alsmede de verhinderdagen van <emphasis role="underline">beide</emphasis> partijen, van hun advocaten en van de getuigen in de maanden augustus 2019 tot en met november 2019 zal opgeven op de roldatum van<emphasis role="bold"> 4 juni 2019</emphasis> waarna de raadsheer-commissaris dag en uur van het verhoor  (ook indien voormelde opgave van een of meer van partijen ontbreekt) vaststelt; </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat [appellant] overeenkomstig artikel 170 Rv de namen en woonplaatsen van de getuigen tenminste een week voor het verhoor aan de wederpartij en de griffier van het hof dient op te geven; </para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>houdt iedere verdere beslissing aan. </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mr. D.H. de Witte, mr. J.H. Kuiper en mr. O.E. Mulder en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag 7 mei 2019. </para>
      </parablock>
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>