<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2018:6066</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-02T14:00:13</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-07-02</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21-006497-17</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:6066">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:6066</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-02T13:51:19</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-02</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2018:6066 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 02-07-2018 / 21-006497-17</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2018:6066:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <parablock>
        <para>Bewezenverklaring van gewapende overval op pizzeria. Ontkennende verdachte, hoewel hij de mogelijkheid niet uitsluit dat ‘stemmen in zijn hoofd’ hem daartoe opdracht hebben gegeven.</para>
        <para>Het hof bevestigt het vonnis van de rechtbank, inhoudende oplegging van een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren.</para>
        <para>Tevens oplegging bijzondere voorwaarden, onder meer inhoudende nadere diagnostiek en, indien geïndiceerd, een klinische behandeling. Toewijzing vordering benadeelde partij.</para>
      </parablock>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2018:6066:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Afdeling strafrecht</para>
  <parablock>
    <para>Parketnummer:	21-006497-17 </para>
    <para>Uitspraak d.d.:	2 juli 2018</para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Arrest van de meervoudige kamer voor strafzaken</title>
    <para>gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 14 november 2017 met parketnummer 16-700125-17 in de strafzaak tegen</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte] , </title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1996,</para>
      <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
      <para>thans verblijvende in PI Nieuwegein, De Liesbosch 100, 3439 LC Nieuwegein. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 18 juni 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.</para>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot </para>
      <para>vrijspraak van het primair ten laste gelegde, bewezenverklaring van het subsidiair ten laste gelegde en veroordeling van verdachte tot een gevangenisstraf van 42 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren. Aan genoemde proeftijd dienen de bijzondere voorwaarden te worden verbonden, zoals die in het vonnis van de rechtbank zijn opgenomen. De advocaat-generaal heeft voorts gevorderd dat het hof de vordering van de benadeelde partij zal toewijzen tot het gevorderde bedrag van € 2.500,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum van het ontstaan van de schade en met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel. </para>
      <para>Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsvrouw, </para>
      <para>mr. R.G.M. Rijkhoff, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De rechtbank heeft verdachte bij vonnis van 14 november 2017 vrijgesproken van de primair ten laste gelegde diefstal met geweld en hem voor de subsidiair ten laste gelegde afpersing veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van 42 maanden, waarvan 12 maanden voorwaardelijk, met een proeftijd van twee jaren en met aftrek van de tijd die door verdachte in verzekering en voorlopige hechtenis is doorgebracht. Aan genoemde proeftijd zijn, naast de algemene voorwaarden, de bijzondere voorwaarden verbonden dat verdachte zich zal melden bij Tactus Reclassering Nederland, zijn medewerking zal verlenen aan diagnostiek en een klinische behandeling, een en ander ter beoordeling van het NIFP, zijn medewerking zal verlenen aan een begeleid-wonentraject en aan arbeidstoeleiding en/of scholing, zolang de reclassering dat noodzakelijk acht. De vordering van de benadeelde partij werd toegewezen tot het gevorderde bedrag van € 2.500,-, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf de datum van het ontstaan van de schade, met oplegging van de schadevergoedingsmaatregel.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat de rechtbank op juiste wijze heeft beslist, zowel waar het gaat om  de bewezenverklaring, de daaraan ten grondslag liggende bewijsmiddelen, de kwalificatie  als om de straftoemeting, de motivering daarvan en de beslissingen op de vordering van de benadeelde partij. Door de verdediging zijn geen nieuwe elementen naar voren gebracht, die respons behoeven.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Mede gelet op hetgeen ter terechtzitting van 18 juni 2018 naar voren is gebracht, zal het hof aan hetgeen door de rechtbank is overwogen de navolgende overwegingen toevoegen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>Aanvullende overwegingen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof stelt vast dat verdachte, ter terechtzitting van 18 juni 2017 gevraagd naar de stemmen die hij in zijn hoofd zegt te horen, daarop heeft verklaard:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>	Het zijn eigenlijk geen stemmen. Het zijn echte mensen, jongens. Ze zetten me aan 	tot dingen. Ze misbruiken me. Ze gebruiken mij als instrument. Ze zijn er altijd. Ze 	zitten al mijn hele leven bij mij. Het zou kunnen dat ze mijn lichaam hebben 	gebruikt om die overval te plegen. Ja, ik denk wel dat die jongens mij hebben 	gebruikt voor die overval. Met mijn lichaam was ik daar. Met mijn hoofd was ik 	thuis. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof stelt voorts vast dat het op de weg van verdachte zou hebben gelegen om het door hem gegeven alibi voor de datum en het tijdstip, waarop de overval plaatsvond, te onderbouwen met de in dat verband relevante gegevens op de beweerdelijk door hem gebruikte OV-chipkaart. Verdachte heeft dat echter nagelaten, waardoor zijn alibi niet verifieerbaar is. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bevestigt het vonnis waarvan beroep,  met inachtneming van de hiervoor opgenomen aanvullende overwegingen. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door</para>
      <para>mr. J.A.A.M. van Veen, voorzitter,</para>
      <para>mr. G.A. Versteeg en mr. E.M.J. Brink, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van J.B. Schwerzel, griffier,</para>
      <para>en op 2 juli 2018 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>