<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2018:4838</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-30T14:05:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-29</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-05-30</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21-005870-16</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:4838">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:4838</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-05-29T17:07:14</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-30</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2018:4838 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 30-05-2018 / 21-005870-16</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2018:4838:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussenarrest. Heropening van het onderzoek. Nader onderzoek door het NFI naar taperesten. Meervoudige fotoconfrontatie.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2018:4838:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <parablock>
    <para>Afdeling strafrecht</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Parketnummer:	21-005870-16 </para>
    <para>Uitspraak d.d.:	30 mei 2018 </para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Tussenarrest</emphasis> van de meervoudige kamer voor strafzaken</para>
    <para>gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 1 november 2016 met parketnummer 16-708168-15 en de van dat vonnis deel uitmakende beslissing op de vordering tot tenuitvoerlegging, parketnummer 09-819688-14, in de strafzaak tegen</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">
        [verdachte]
      </emphasis>,</para>
    <para>geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,</para>
    <para>thans verblijvende in PI Krimpen aan den IJssel.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Het hoger beroep</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Onderzoek van de zaak</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzittingen van het hof van 14 april 2017 en 16 mei 2018 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal, strekkende tot veroordeling van verdachte ter zake van het ten laste gelegde tot een gevangenisstraf van 66 maanden, met aftrek van het voorarrest en tot toewijzing van de vordering tot tenuitvoerlegging van de aan verdachte opgelegde voorwaardelijk gevangenisstraf van twaalf dagen. Daarnaast heeft de advocaat-generaal gevorderd dat de vorderingen tot schadevergoeding van de benadeelde partijen deels worden toegewezen. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het hof heeft voorts kennis genomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, <?linebreak?>mr. J-H.L.C.M. Kuijpers, naar voren is gebracht.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Heropening</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Na het onderzoek ter terechtzitting op 16 mei 2018 - tijdens de beraadslaging in raadkamer - is gebleken, dat het onderzoek niet volledig is geweest.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Door en namens verdachte is ter zitting in hoger beroep bij wijze van alternatieve verklaring voor het aantreffen van verdachtes (biologische) sporen op de plaats delict aangevoerd dat verdachte op verzoek van getuige [getuige 1] in het clubhuis van No Surrender bepaalde spullen, te weten handschoentjes, tiewraps en ducttape, heeft klaargelegd. Van de ducttape heeft hij een stuk afgescheurd omdat er stof op zat.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="underline">Ambtshalve onderzoeksopdrachten</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Meervoudige fotoconfrontatie en toevoegen stukken</emphasis>
    </para>
    <para>Het hof acht het wenselijk dat opnieuw een <emphasis role="bold">meervoudige fotobewijsconfrontatie</emphasis> wordt gehouden met de getuige [getuige 2] . Het hof bepaalt dat, naast de foto van verdachte welke reeds eerder is gebruikt voor een fotoconfrontatie met [getuige 2] , de foto van getuige [getuige 1] deel zal uitmaken van de fotoselectie. Het zal hierbij moeten gaan om een kleurenfoto afkomstig uit de periode waarin het ten laste gelegde feit heeft plaatsgevonden. Het dossier bevat op pagina 155 een politiefoto van de betreffende getuige, welke foto in kleur bruikbaar is voor de confrontatie. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Daarnaast wordt bepaald dat <emphasis role="bold">het hof de beschikking krijgt over de bij de confrontatie gebruikte fotoselectie</emphasis>. Ook acht het hof het wenselijk dat <emphasis role="bold">het hof alsnog de beschikking krijgt over de fotoselectie die is gebruikt bij de eerdere fotoconfrontatie op 8 juni 2016</emphasis> (pagina’s 1152 e.v. van het dossier). </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Het hof bepaalt dat de <emphasis role="bold underline">advocaat-generaal</emphasis> ervoor zorgdraagt dat de meervoudige fotobewijsconfrontatie zoals hiervoor beschreven wordt uitgevoerd en dat de gevraagde stukken aan het dossier worden toegevoegd.</para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="italic">Nader onderzoek door het NFI naar de taperesten</emphasis>
    </para>
    <para>Het hof acht het wenselijk dat door <emphasis role="underline">het NFI</emphasis> een <emphasis role="bold">soucheonderzoek</emphasis> naar de op de plaats delict aangetroffen tape wordt verricht. Doel van dit onderzoek is om te bepalen of de tapedelen van één rol afkomstig zijn en, zo ja, één geheel hebben gevormd, alsook, indien dit de uitkomst van het onderzoek is, in welke looprichting en volgorde de stukken tape aaneen hebben gezeten. Hierbij is het van belang dat <emphasis role="underline">alle</emphasis> door de politie aangetroffen (en in beslag genomen) stukken tape worden gebruikt. </para>
  </parablock>
  <parablock>
    <para>Vervolgens acht het hof van belang dat op basis van dit soucheonderzoek, alsook het rapport dactyloscopisch onderzoek d.d. 27 maart 2016 opgemaakt door J.A.J.M. Riemen, operationeel Specialist Biometrie, en de overige voor dit onderzoek relevante stukken van het dossier, <emphasis role="bold">nader onderzoek wordt gedaan op activiteitniveau</emphasis>, bijvoorbeeld middels hypothesenvergelijking. Het verzoek is daarbij in aanmerking te nemen dat de verdachte stelt de rol tape eerder, elders te hebben gehanteerd. </para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Het hof zal daartoe de stukken stellen in handen van de raadsheer-commissaris. </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Om de klemmende reden dat de onderzoekshandelingen naar verwachting niet binnen een maand zullen zijn voltooid, zal het onderzoek langer dan een maand, maar niet langer dan drie maanden worden geschorst.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Heropent het onderzoek.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Stelt de stukken in handen van de <emphasis role="bold">raadsheer-commissaris</emphasis>, belast met de behandeling van strafzaken in dit hof teneinde uitvoering te geven aan het voornoemde ambtshalve gevraagde onderzoek en teneinde overigens al hetgeen te doen dat hij dienstig acht uit het oogpunt van waarheidsvinding. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de <emphasis role="bold">advocaat-generaal</emphasis> zorgdraagt voor de hiervoor genoemde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat het onderzoek zal worden <emphasis role="bold">hervat</emphasis> tegen een nog nader te bepalen terechtzitting, welke schorsing om de klemmende redenen dat het zittingsrooster van het hof een eerdere behandeling van de zaak niet toelaat en de onderzoekshandelingen naar verwachting niet binnen een maand zullen zijn voltooid, langer is dan een maand, maar niet langer dan drie maanden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Beveelt de oproeping van de verdachte tegen het nog nader te bepalen tijdstip, met tijdige kennisgeving daarvan aan de raadsman van verdachte en aan de benadeelde partijen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door</para>
      <para>mr. H.L. Stuiver, voorzitter,</para>
      <para>mr. L.J. Bosch en mr. E. Pennink, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. J. Brink, griffier,</para>
      <para>en op 30 mei 2018 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</para>
      <para>mr. E. Pennink is buiten staat deze beslissing mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>