<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2018:4794</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-03-22T19:18:55</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-05-28</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2018-05-28</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">WAHV 200.220.888</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht_strafprocesrecht">Strafrecht; Strafprocesrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>Prg. 2018/189</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:4794">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2018:4794</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-06-13T11:02:48</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2018:4794 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 28-05-2018 / WAHV 200.220.888</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2018:4794:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>De kantonrechter heeft terecht en op juiste gronden geen aanleiding gezien om de opgelegde sanctie te matigen. De beslissing van de kantonrechter wordt bevestigd. De opmerking van de gemachtigde dat hij de gronden zoals ingediend bij de kantonrechter handhaaft, kan in dit geval niet als beroepsgrond worden beschouwd. Het is niet de taak van het hof om - anders dan in kwesties van openbare orde - ambtshalve de rechtmatigheid van de beslissing van de kantonrechter te beoordelen.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2018:4794:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <para />
    <para>
      <emphasis role="bold">WAHV 200.220.888</emphasis>
    </para>
    <para>28 mei 2018</para>
    <parablock>
      <para>CJIB 197337131</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">zittingsplaats Leeuwarden</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Arrest</emphasis>
    </para>
    <para>op het hoger beroep tegen de beslissing</para>
    <para>van de kantonrechter van de rechtbank Noord-Nederland</para>
    <para>van 16 juni 2017</para>
    <para>betreffende</para>
    <para>
      [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),</para>
    <parablock>
      <para>wonende te [A] ,</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>voor wie als gemachtigde optreedt [B] ( [C] B.V.), kantoorhoudende te [D] .</para>
      <para />
    </parablock>
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beslissing van de kantonrechter</emphasis>
      </para>
      <para>De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing gegrond verklaard en na vernietiging van die beslissing van de officier van justitie het beroep tegen de inleidende beschikking ongegrond verklaard. Voorts heeft de kantonrechter de officier van justitie veroordeeld in de kosten ten behoeve van de betrokkene, tot een bedrag van € 124,-.</para>
    </parablock>
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>Het procesverloop</title>
    <parablock>
      <para>De gemachtigde van de betrokkene heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld. Bij het beroepschrift is verzocht om een behandeling ter zitting.</para>
      <para>De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld een verweerschrift in te dienen. Hiervan is geen gebruik gemaakt.</para>
      <para>De zaak is behandeld ter zitting van 15 mei 2018. De betrokkene en diens gemachtigde zijn niet verschenen. Als gemachtigde van de advocaat-generaal is verschenen </para>
      <para>mr. [E] . </para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beoordeling</title>
    <para>1. Aan de betrokkene is als kentekenhouder bij inleidende beschikking een administratieve sanctie van € 330,- opgelegd ter zake van “voor een bromfiets niet de vereiste verzekering afsluiten en in stand houden”, welke gedraging blijkens een registercontrole van de RDW zou zijn verricht op 7 maart 2016 met het voertuig met het kenteken [YY-000-Y] .</para>
    <para />
    <para>2. De gemachtigde van de betrokkene voert in hoger beroep aan dat de kantonrechter ten onrechte geen grond heeft gezien voor matiging van de opgelegde sanctie. </para>
    <para />
    <para>3. De kantonrechter is in zijn beslissing ingegaan op de door de betrokkene aangevoerde argumenten. Het hof kan zich verenigen met hetgeen de kantonrechter in zijn beslissing heeft overwogen. Daarom wordt volstaan met de vaststelling dat de kantonrechter terecht geen aanleiding heeft gezien om de opgelegde sanctie te matigen.  </para>
    <para />
    <para>4.  Verder heeft de gemachtigde in hoger beroep aangegeven dat hij de gronden zoals ingediend bij de kantonrechter handhaaft.  De gemachtigde, een professioneel rechtsbijstandverlener, heeft slechts volstaan met deze opmerking en heeft niet aangegeven dat en waarom de kantonrechter de ingediende bezwaren niet juist heeft beoordeeld. Het hof merkt hierbij op dat in het beroepschrift aan de kantonrechter een groot deel van de gronden ziet op procedurele kwesties in de procedure bij de officier van justitie en dat de kantonrechter de beslissing van de officier van justitie heeft vernietigd. Gelet hierop kan deze opmerking, nu het geen redenen bevat die de indiener van het beroepschrift heeft om de beslissing van de kantonrechter te vernietigen, niet als beroepsgrond worden beschouwd. </para>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof overweegt hierbij nog dat het niet de taak van het hof is om - anders dan in kwesties van openbare orde - ambtshalve de rechtmatigheid van de beslissing van de kantonrechter te beoordelen. Daarom kan ook hierin geen grond voor vernietiging van de beslissing van de kantonrechter worden gevonden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>5. Gelet op het voorgaande zal het hof de beslissing van de kantonrechter bevestigen. </para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>Het gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>bevestigt de beslissing van de kantonrechter.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. Wijma, in tegenwoordigheid van mr. Pranger als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>