<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2017:5002</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-23T10:59:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2017-06-13</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2017-06-13</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">200.191.178/01</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#tussenuitspraak">Tussenuitspraak</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#civielRecht">Civiel recht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2017:5002">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2017:5002</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2018-07-23T10:58:31</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2018-07-23</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2017:5002 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 13-06-2017 / 200.191.178/01</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2017:5002:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Erfrecht, tweetrapsmaking door oma.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2017:5002:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARHNEM-LEEUWARDEN       </bridgehead>
    <para>locatie Leeuwarden</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>afdeling civiel recht, handel,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>zaaknummer: 200.191.178/01</para>
      <para>(zaaknummer rechtbank Noord-Nederland,  C/17/141785 / HA ZA 15-150)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">arrest van 13 juni 2017</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>in de zaak van</para>
    </parablock>
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [appellante1] ,</title>
    <parablock>
      <para>	wonende te [A] ,</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">2. [appellante2]</emphasis>,  </para>
      <para>	wonende te [B] ,</para>
      <para>appellanten,</para>
      <para>in eerste aanleg: eisers,</para>
      <para>hierna tezamen te noemen: <emphasis role="bold">[appellanten]</emphasis>,</para>
      <para>advocaat: mr. Mr. R. Tamourt, kantoorhoudende te Heerenveen,</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>en</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>1</nr> [geïntimeerde1] ,</title>
    <parablock>
      <para>h.o.d.n. Bouwbedrijf Halman,</para>
      <para>	wonende te [B] ,</para>
      <para>	hierna te noemen: <emphasis role="bold">[geïntimeerde1]</emphasis>,</para>
      <para>	advocaat: mr. T.E. Heslinga, kantoorhoudende te Leeuwarden,</para>
    </parablock>
    <bridgehead role="bold">2.	[geïntimeerde2] ,</bridgehead>
    <parablock>
      <para>wonende te [B] ,	</para>
      <para>	hierna te noemen: <emphasis role="bold">[geïntimeerde2]</emphasis>,</para>
      <para>	advocaat: mr. J. Deenen, kantoorhoudende te Heerenveen,</para>
      <para>geïntimeerden,</para>
      <para>in eerste aanleg: gedaagden,</para>
      <para>hierna tezamen te noemen: <emphasis role="bold">[geïntimeerden]</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het geding in eerste aanleg</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In eerste aanleg is geprocedeerd en beslist zoals weergegeven in het vonnis van 27 januari 2016 van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, hierna te noemen de rechtbank. Het genoemde vonnis zal hierna worden aangeduid als het beroepen vonnis.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het geding in hoger beroep</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het verloop van het geding in hoger beroep:</para>
    </parablock>
    <para>- de dagvaarding in hoger beroep d.d. 26 april 2016 met producties;</para>
    <para>- memorie van grieven met producties;</para>
    <para>- memorie van antwoord van [geïntimeerde1] ;</para>
    <para>- memorie van antwoord van [geïntimeerde2] .</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>De conclusie van de memorie van grieven luidt als volgt : </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">‘het vonnis van de rechtbank Noord-Nederland, locatie Leeuwarden, Afdeling privaatrecht d.d. 27 januari 2016 (nummer C/17/141785 HA ZA 15-550), tussen partijen gewezen te vernietigen, en opnieuw recht doende,</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Primair</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">(…) [geïntimeerde1] bij vonnis </emphasis>(lees: <emphasis role="italic">arrest</emphasis>, hof)<emphasis role="italic"> , voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te veroordelen om aan eisers </emphasis>(lees<emphasis role="italic">: appellanten, </emphasis>hof)<emphasis role="italic"> tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">A.	in hoofdsom een bedrag van € 30.000,- vermeerderd met de wettelijke rente vanaf</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">datum dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">B. 	de buitengerechtelijke kosten van € 1.150,72;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">C. 	de kosten van deze procedure.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold italic">Subsidiair</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">(…) [geïntimeerde2] bij vonnis </emphasis>(lees:<emphasis role="italic"> arrest, </emphasis>hof)<emphasis role="italic">, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, te veroordelen om aan eisers tegen behoorlijk bewijs van kwijting te betalen:</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">A.	in hoofdsom een bedrag van € 30.000,- vermeerderd met de wettelijke rente vanaf datum dagvaarding tot aan de dag der algehele voldoening;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">B.         de buitengerechtelijke kosten van € 1.150,72;</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">C.         de kosten van deze procedure.’</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De grieven</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        [appellanten] hebben twee grieven opgeworpen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">De beoordeling</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">De vaststaande feiten</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para>1. Als enerzijds gesteld en anderzijds erkend dan wel niet of niet voldoende betwist dan wel blijkend uit de in zoverre niet betwiste producties staat – voor zover  in hoger beroep van belang – het volgende vast:</para>
    <para />
    <para>( i)	De overleden grootmoeder van [appellanten] , [C] , hierna te noemen de erflaatster, heeft bij openbaar testament, op 2 juni 2009 verleden voor de waarnemer van mr. P. de Boer, notaris in de gemeente Heerenveen, als volgt over haar nalatenschap beschikt:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>“I  HERROEPING</para>
      <para>Ik herroep alle voor heden door mij gemaakte uiterste wilsbeschikkingen.</para>
    </parablock>
    <paragroup>
      <para>II.  ERFSTELLING EN TWEETRAPSMAKING</para>
      <para>1.   <emphasis role="underline">Eerste trap</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Ik benoem tot mijn enige erfgenamen, gezamenlijk en voor gelijke delen, mijn</para>
        <para>      kinderen onder toepassing van de wettelijke regels van plaatsvervulling en</para>
        <para>      aanwas, waarbij plaatsvervulling gaat voor aanwas;</para>
        <para>      voornoemde erfgenamen, hierna tezamen te noemen: “<emphasis role="underline">bezwaarden</emphasis>” en ieder</para>
        <para>      afzonderlijk “<emphasis role="underline">bezwaarde</emphasis>”.</para>
      </parablock>
      <para>2.   <emphasis role="underline">Tweede trap</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      a. Ik bepaal dat mijn kinderen tot erfgenaam zijn benoemd onder de hierna</para>
        <para>         vermelde ontbindende voorwaarde.</para>
        <para>      b. (…). </para>
        <para>      c. Ik benoem de kinderen van mijn zoon, de heer [D] , geboren te </para>
        <para>         [B] op drie juni negentienhonderd éénenveertig, hierna tezamen te</para>
        <para>         noemen: <emphasis role="underline">verwachters</emphasis> tot erfgenamen onder de bij de ontbindende</para>
        <para>         voorwaarde aansluitende opschortende voorwaarde, doch uitsluitend van</para>
        <para>         hetgeen zijn/haar vader als bezwaarde onverteerd heeft gelaten ten tijde van</para>
        <para>         het in vervulling gaan van de voorwaarde.</para>
        <para>(…)    </para>
      </parablock>
      <para>3.   <emphasis role="underline">Strekking van de tweetrapsmaking</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Al wat de bezwaarde bij het einde van zijn recht van zijn verkrijging nalaat, zal,</para>
        <para>      binnen het kader van het hierna bepaalde, toekomen aan de hierboven</para>
        <para>      benoemde verwachters.</para>
      </parablock>
      <para>4.   <emphasis role="underline">Overgang van eerste naar tweede trap</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Het recht van de bezwaarde op de verkrijging eindigt door:</para>
        <para>      a  het overlijden van de bezwaarde; of</para>
        <para>      b faillissement van de bezwaarde; of</para>
        <para>      c indien de bezwaarde surseance van betaling is verleend; of</para>
        <para>      d bij het op de bezwaarde van toepassing worden van de</para>
        <para>         schuldsaneringsregeling natuurlijke personen; of</para>
        <para>      e indien de bezwaarde hertrouwt of een geregistreerd partnerschap aangaat,</para>
        <para>         zonder het maken en handhaven van huwelijkse voorwaarden of</para>
        <para>         partnerschapsvoorwaarden. Deze voorwaarden dienen in te houden de</para>
        <para>         uitsluiting van iedere gemeenschap van goederen zonder toevoeging van</para>
        <para>         enig verrekenbeding dat leidt of kan leiden tot verrekening van door de</para>
        <para>         bezwaarde ten huwelijk of partnerschap aangebracht vermogen;</para>
        <para>     f   indien de bezwaarde een samenlevingscontract sluit met daarin een finaal —</para>
        <para>         verrekenbeding;</para>
        <para>    g   indien de bezwaarde ter voorziening in haar/zijn levensonderhoud aanspraak</para>
        <para>         maakt op een voorziening van overheidswege waarvoor een vermogenstoets</para>
        <para>         wordt gehanteerd.</para>
        <para>    h   het doen van afstand bij notariële akte.</para>
        <para>    In geval het recht eindigt bij het leven van de bezwaarde zijn (slechts)</para>
        <para>    verwachters degenen die op het moment dat het recht eindigt in leven zijn.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>5.   <emphasis role="underline">Het vervallen van de tweede trap</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Het voorwaardelijke karakter van de verkrijging van de bezwaarde vervalt en de</para>
        <para>      beschikking ten behoeve van een verwachter vervalt indien:</para>
        <para>      a. de bezwaarde bij zijn/haar overlijden het bezwaarde vermogen uitsluitend</para>
        <para>          heeft nagelaten aan zijn/haar afstammelingen;</para>
        <para>      b. de verwachter het moment van opvolging niet overleeft in de zin van artikel</para>
        <para>          4:141 van het Burgerlijk Wetboek, zulks met inachtneming van hetgeen</para>
        <para>          hiervoor met betrekking tot plaatsvervulling is bepaald.</para>
      </parablock>
      <para>6.   <emphasis role="underline">Rechtsverhouding bezwaarde/verwachter</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>     Ten aanzien van deze tweetrapsmaking en de rechtsverhouding tussen de</para>
        <para>      bezwaarde en de verwachter geldt het volgende:</para>
        <para>      Onder bezwaarde/verwachter wordt in dit kader begrepen zowel de</para>
        <para>      bezwaarden/verwachters tezamen als iedere bezwaarde/verwachter afzonderlijk,</para>
        <para>      tenzij anders aangegeven.</para>
      </parablock>
      <para>7.   <emphasis role="underline">Bevoegdheden bezwaarde</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Aan de bezwaarde komen alle bevoegdheden toe die de wet toestaat te verlenen,</para>
        <para>      in het bijzonder de bevoegdheid tot beheer van en beschikking over het verkregene en tot</para>
        <para>      (onvoorwaardelijke) vervreemding en/of vertering (intering) van</para>
        <para>      de aan de tweetrapsmaking onderworpen goederen.</para>
      </parablock>
      <para>8.   <emphasis role="underline">Giften</emphasis></para>
      <para>      Het is de bezwaarde niet verboden door gift over de verkrijging te beschikken.</para>
      <para>9.   <emphasis role="underline">Zekerheid</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De bezwaarde hoeft geen zekerheid te stellen voor de nakoming van de</para>
        <para>      verplichtingen jegens de verwachter.</para>
      </parablock>
      <para>10. <emphasis role="underline">Beschrijving</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De bezwaarde is verplicht zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen een jaar na</para>
        <para>      mijn overlijden, bij notariële akte een beschrijving op te maken van de verkrijging.</para>
        <para>      De verwachter heeft het recht op een afschrift van die akte, alsmede op een</para>
        <para>      afschrift van de successie-aangifte en bijbehorende gegevens. </para>
      </parablock>
      <para>11. <emphasis role="underline">Gemeenschap van goederen</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Indien tot de nalatenschap goederen behoren die in een huwelijksgemeenschap</para>
        <para>      vallen is de bezwaarde vrij in de verdeling van die gemeenschap waarbij zij</para>
        <para>      vaststelt welke goederen tot het bezwaarde vermogen behoren.</para>
      </parablock>
      <para>12. <emphasis role="underline">Administratie</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De bezwaarde is verplicht de verkrijging afzonderlijk van zijn overige vermogen te</para>
        <para>      administreren.</para>
      </parablock>
      <para>13. <emphasis role="underline">Zaaksvervanging</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De goederen die door vervanging of herbelegging in de plaats zijn gekomen van</para>
        <para>      het verkregene, en de eventuele aangroei en vruchten, worden ook onder de</para>
        <para>      verkrijging begrepen.</para>
        <para>      Goederen die door de bezwaarde worden verkregen tegen voldoening van een</para>
        <para>      tegenprestatie behoren tot het vermogen waaruit meer dan de helft van de</para>
        <para>      tegenprestatie afkomstig is. Voor zover middelen uit het andere vermogen zijn</para>
        <para>      aangewend ontstaat ten behoeve van dat andere vermogen een nominale</para>
        <para>      vergoedingsplicht ter grootte van het gefinancierde bedrag.</para>
      </parablock>
      <para>14. <emphasis role="underline">Bijzondere privé-clausule bezwaarde</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Het door de bezwaarde verkregene valt niet in enige gemeenschap van goederen</para>
        <para>      (door huwelijk of geregistreerd partnerschap) en kan ook niet onderworpen</para>
        <para>      worden aan enig verrekenbeding. Bij verval van de tweede trap geldt de</para>
        <para>uitsluitingsclausule als onder ‘Uitsluitingsclausule’ opgenomen.</para>
        <para>      Wat betreft de verwachter geldt de uitsluitingsclausule als onder</para>
        <para>      ‘Uitsluitingsclausule’ opgenomen.</para>
      </parablock>
      <para>15. <emphasis role="underline">Rekening en verantwoording</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Bij het einde van het recht van de bezwaarde rust op hem/haar (casu quo diens</para>
        <para>      erfgenamen) een rekening- en verantwoordingsplicht.</para>
      </parablock>
      <para>16. <emphasis role="underline">Aandelen en dergelijke</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      Indien tot het verkregene aandelen of andere waardepapieren behoren, komen </para>
        <para>      het stemrecht en de andere zeggenschapsrechten voorzover mogelijk aan de </para>
        <para>      bezwaarde toe.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>III. EXECUTEUR</para>
      <para>
        <emphasis role="underline">1 .  Benoeming executeur</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>      Ik benoem tot executeur mr. P. de Boer, notaris in de gemeente Heerenveen of </para>
        <para>      zijn waarnemer, opvolger danwel zijn associé. </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">2.   Taken</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>      De executeur heeft tot taak de goederen van de nalatenschap te beheren en de schulden van</para>
        <para>      de nalatenschap te voldoen, die tijdens zijn beheer uit die goederen behoren te worden</para>
        <para>      voldaan.</para>
        <para>      De executeur is derhalve, voor zover van toepassing, onder meer bevoegd legaten af te</para>
        <para>      geven, aan verblijvensbedingen en overnemingsbedingen uitvoering te geven en schulden ter</para>
        <para>      zake van legitieme porties uit te keren, ook met zichzelf wederpartij.</para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">3.   Vertegenwoordiging</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>      Gedurende zijn beheer vertegenwoordigt hij bij de vervulling van zijn taak de</para>
        <para>      erfgenamen.</para>
      </parablock>
      <para>4. <emphasis role="underline"> 4.  Beschikkingsonbevoegdheid</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De erfgenaam kunnen niet zonder medewerking van de executeur of machtiging van de</para>
        <para>      kantonrechter, over die goederen of hun aandeel daarin beschikken, voordat zijn</para>
        <para>      bevoegdheid tot beheer is geëindigd.</para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">5.   Te gelde maken goederen</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>      De executeur is bevoegd de door hem beheer goederen te gelde te maken, voor zover dit </para>
        <para>      nodig is voor de tot zijn taak behorende voldoening van schulden der nalatenschap.</para>
        <para>      De executeur behoeft voor de tegeldemaking van een goed niet de toestemming van de</para>
        <para>      erfgenamen.</para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="underline">6.   Toevoegen, in de plaats stellen, vervangen</emphasis>
      </para>
      <parablock>
        <para>      Ik ken de executeur de bevoegdheid toe een of meer andere executeur aan zich toe te </para>
        <para>      voegen of in zijn plaats te stellen; indien een benoemde executeur komt te ontbreken, is de</para>
        <para>      kantonrechter op verzoek van een belanghebbende bevoegd een vervanger te benoemen.</para>
      </parablock>
      <para>7.   <emphasis role="underline">Het loon</emphasis></para>
      <parablock>
        <para>      De executeur heeft voor zijn werkzaamheden recht op loon. De executeur komt als loon toe</para>
        <para>      het uurloon dat in zijn beroepsgroep gebruikelijk is.</para>
        <para>      De door de executeur in de uitoefening van zijn taak gemaakte kosten komen voor rekening   </para>
        <para>      van mijn erfgenamen, naar rato van hun verkrijging.</para>
      </parablock>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <para>IV. (…)’</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>(ii)	Ingevolge de hiervoor vermelde uiterste wil is na het overlijden van de erflaatster onder meer de vader van [appellanten] , [D] , als erfgenaam tot de nalatenschap van de erflaatster geroepen en wel op grond van het ingestelde fideï-commis de residuo als bezwaarde erfgenaam, terwijl [appellanten] toen ten aanzien van het aandeel van [D] in de nalatenschap van de erflaatster als verwachters zijn geroepen. [D] zal hierna ook worden aangeduid als de bezwaarde erfgenaam.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(iii)	Bij de verdeling van de nalatenschap van de erflaatster is op of omstreeks november 2011 een bedrag, groot € 37.572,16 in contanten aan de bezwaarde erfgenaam toegedeeld. Bedoeld bedrag is op 23 mei 2013 bijgeschreven op bankrekening nummer [00000] ten name van de bezwaarde erfgenaam onder de vermelding <emphasis role="italic">‘Erfdeel Mem [C] ’ </emphasis>(productie 3 bij inleidende dagvaarding)</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(iv)	De bezwaarde erfgenaam is op 14 juni 2013 overleden en heeft ingevolge zijn uiterste wil, welke is neergelegd in het openbare testament, op 29 mei 2012 verleden voor genoemde notaris De Boer, zijn echtgenote, [geïntimeerde2] , als enige erfgenaam van zijn nalatenschap achtergelaten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>( v)	[geïntimeerde1] heeft bij brief van 13 juni 2013 een factuur ten bedrage van € 30.000,-- aan de bezwaarde erfgenaam gestuurd. De factuur betreft <emphasis role="italic">‘totale renovatie woning [a-straat] 9 te [B] volgens een offerte afspraak’ </emphasis>(onderdeel van productie 6 bij inleidende dagvaarding). </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>(vi)	Op 14 juni 2013 heeft van genoemde bankrekening nummer [00000] een afschrijving van een bedrag van € 30.000,-- plaatsgevonden ten gunste van bankrekening nummer 29.78.57.924 ten name van Bouwbedrijf Halma onder vermelding van ‘<emphasis role="italic">voorschot op verbouwing woning</emphasis>’ (onderdeel van productie 6 bij inleidende dagvaarding).</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>(vii)	[geïntimeerde1] is ex-partner van [appellante2] .</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">De eerste aanleg</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <para>2. [appellanten] hebben in hoger beroep hun vorderingen als oorspronkelijk eisers niet gewijzigd, zodat deze vorderingen in eerste aanleg gelijkluidend zijn aan die vorderingen in hoger beroep, zoals hiervoor onder het opschrift ‘Het geding in hoger beroep’ is weergegeven.</para>
      <para />
      <para>3. De rechtbank heeft bij het beroepen vonnis [appellanten] niet-ontvankelijk verklaard in hun vorderingen.</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="underline">Met betrekking tot de grieven</emphasis>:</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>4. Alvorens de grieven te behandelen zal het hof een comparitie gelasten tot het verstrekken van inlichtingen en – zo de behandeling van de zaak ter zitting daartoe aanleiding geeft – het beproeven van een schikking. </para>
      <para />
      <para>5. Ter zitting zal het hof de door de grieven bestreken kwesties aan de orde stellen:</para>
      <para />
      <para>-  (1) - de vraag of de genoemde notaris executeur is gaan fungeren, nadat de opschortende</para>
      <parablock>
        <para>             voorwaarde waaronder [appellanten] als verwachters tot de nalatenschap van de</para>
        <para>             erflaatster zijn geroepen, was vervuld (grief 1);</para>
      </parablock>
      <para>- (2) - de vraag of, voor wat betreft hetgeen bij de verdeling van de nalatenschap van de </para>
      <parablock>
        <para>             erflaatster aan de bezwaarde erfgenaam is toegedeeld, bij het einde van het bezwaar, in de </para>
        <para>             uiterste wil van de erflaatster aangeduid als ‘overgang van eerste naar tweede trap’, tot een</para>
        <para>             beloop van € 30.000,-- als door de bezwaarde erfgenaam verteerd moet aangemerkt</para>
        <para>             grief 2).</para>
      </parablock>
      <para />
      <para>6. Partijen zullen ter comparitie-zitting in de gelegenheid worden gesteld hun standpunten toe te lichten op de wijze, als hierna in het dictum van dit arrest zal worden omschreven.</para>
      <para />
      <para />
      <para />
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">De beslissing</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het gerechtshof:</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat partijen in persoon en met hun advocaten zullen verschijnen voor de meervoudige kamer van dit hof die met de behandeling van deze zaak is belast, welke kamer daartoe zitting zal houden in het paleis van justitie aan het Wilhelminaplein 1 te Leeuwarden op 26 september 2017 te 13.30 uur om inlichtingen te geven en – zo de behandeling ter zitting daartoe aanleiding geeft – een schikking te beproeven;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat advocaten ter zitting elk gedurende maximaal tien minuten, aan de hand van maximaal twee A4’tjes spreeknotities, het standpunt van partijen mogen toelichten,</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>bepaalt dat indien een partij bij gelegenheid van de comparitie van partijen nog een proceshandeling wenst te verrichten of producties in het geding wenst te brengen, deze partij ervoor dient te zorgen dat het hof en de wederpartij uiterlijk twee weken voor de dag van de zitting een afschrift van de te verrichten proceshandeling of de in het geding te brengen producties hebben ontvangen;</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>houdt iedere verdere beslissing aan.</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Dit arrest is gewezen door mr. W. Breemhaar, mr. M.E.L. Fikkers en mr. J.G. Knot en is door de rolraadsheer in tegenwoordigheid van de griffier in het openbaar uitgesproken op dinsdag <?linebreak?>13 juni 2017. </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>