<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2015:8929</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-24T10:33:42</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-11-25</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-11-25</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">WAHV 200.168.410</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_bestuursstrafrecht">Bestuursrecht; Bestuursstrafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:8929">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:8929</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2016-03-24T10:32:24</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2016-03-24</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2015:8929 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 25-11-2015 / WAHV 200.168.410</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2015:8929:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Officiersappel. Appelgrens. De kantonrechter had de sanctie gematigd tot nihil. De officier van justitie is niet-ontvankelijk in het hoger beroep, omdat de oorspronkelijke sanctie minder dan € 70,- bedroeg.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2015:8929:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>
    <emphasis role="bold">WAHV 200.168.410</emphasis>
  </para>
  <para>25 november 2015</para>
  <parablock>
    <para>CJIB 168698942</para>
    <para />
  </parablock>
  <parablock>
    <para>
      <emphasis role="bold">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</emphasis>
    </para>
    <para>
      <emphasis role="bold">locatie Leeuwarden</emphasis>
    </para>
  </parablock>
  <para>
    <emphasis role="bold">Arrest</emphasis>
  </para>
  <para>op het hoger beroep tegen de beslissing</para>
  <para>van de kantonrechter van de rechtbank Oost-Brabant</para>
  <para>van 23 februari 2015</para>
  <para>betreffende</para>
  <para />
  <para>
    [betrokkene] (hierna te noemen: betrokkene),</para>
  <parablock>
    <para>wonende te [woonplaats] ,</para>
    <para />
  </parablock>
  <parablock>
    <para>voor wie als gemachtigde optreedt mr. C.M.J.E.P. Meerts, </para>
    <para>kantoorhoudende te Beegden.</para>
    <para />
  </parablock>
  <section role="beslissing">
    <title>De beslissing van de kantonrechter</title>
    <parablock>
      <para>De kantonrechter heeft het beroep van de betrokkene tegen de door de Centrale Verwerking Openbaar Ministerie namens de officier van justitie genomen beslissing gedeeltelijk gegrond verklaard en de sanctie gematigd tot nihil.</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">Het procesverloop</emphasis>
      </para>
      <para>De officier van justitie heeft tegen de beslissing van de kantonrechter hoger beroep ingesteld.</para>
      <para>De gemachtigde van de betrokkene heeft een verweerschrift ingediend. </para>
      <para>De advocaat-generaal is in de gelegenheid gesteld het beroep schriftelijk nader toe te lichten. Hiervan is geen gebruik gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Beoordeling</title>
    <para>1. Ingevolge het bepaalde in artikel 14 van de WAHV kan tegen de beslissing van de kantonrechter alleen hoger beroep bij het hof worden ingesteld als er bij die beslissing sprake was van een sanctie van meer dan € 70,- of als de kantonrechter het beroep tegen de beslissing van de officier van justitie niet-ontvankelijk heeft verklaard wegens het niet of niet tijdig stellen van zekerheid. </para>
    <para />
    <para>2. Het hof heeft in het arrest van 20 juli 2010 (WAHV 200.060.303, gepubliceerd op rechtspraak.nl: ECLI:NL:GHLEE:2010:BN3632), onder verwijzing naar de parallelle ontwikkeling van appelmogelijkheden ten aanzien van de strafrechtelijke overtredingen en WAHV-gedragingen, weliswaar geoordeeld dat hoger beroep voor de officier van justitie in een aantal gevallen ook open staat indien de kantonrechter de opgelegde sanctie op nihil heeft gesteld, maar dat is beperkt tot de situatie dat de initiële sanctie meer dan € 70,- heeft bedragen. Dat is hier niet het geval. </para>
    <para />
    <para>3. Van enige reden tot doorbreking van het appelverbod is in dit geval geen sprake. Het staat de rechter - behoudens uitzonderlijke gevallen - immers niet vrij de wet terzijde te schuiven en de zaken ondanks het in de wet opgenomen verbod alsnog te behandelen. Tot die uitzonderlijke gevallen behoort niet de omstandigheid dat de kantonrechter in de visie van de officier van justitie een onjuiste beslissing heeft genomen.</para>
    <para />
    <para>4. Gelet hierop zal het hof het hoger beroep niet-ontvankelijk verklaren. </para>
    <para />
    <para>5. Er bestaat aanleiding voor vergoeding van door de betrokkene in hoger beroep gemaakte proceskosten. De vergoeding van kosten van de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand zijn in het Besluit proceskosten bestuursrecht forfaitair bepaald per proceshandeling. De gemachtigde van de betrokkene heeft in hoger beroep een verweerschrift ingediend. Aan het indienen van een verweerschrift dient één punt te worden toegekend. De waarde per punt bedraagt € 490,-. Gelet op de aard van de zaak past het hof wegingsfactor 0,5 (gewicht van de zaak = licht) toe. Aldus zal het hof de advocaat-generaal veroordelen in de kosten tot een bedrag van € 245,- (1 x € 490,- x 0,5).</para>
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>Beslissing</title>
    <para>Het gerechtshof:</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>verklaart het hoger beroep niet-ontvankelijk;</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>veroordeelt de advocaat-generaal tot het vergoeden van de proceskosten van de betrokkene, ter hoogte van € 245,-.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen door mr. Van Schuijlenburg, in tegenwoordigheid van mr. Dörholt als griffier, en uitgesproken ter openbare zitting.</para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>