<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2015:5945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2025-08-04T08:56:07</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-11</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-08-11</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">14-00488</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Leeuwarden</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#bestuursrecht_belastingrecht">Bestuursrecht; Belastingrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
          <rdf:li>V-N Vandaag 2015/1788</rdf:li>
          <rdf:li>V-N 2015/57.17.9</rdf:li>
          <rdf:li>NTFR 2015/2346 met annotatie van Mr. I.R.J. Thijssen</rdf:li>
          <rdf:li>FutD 2015-2043</rdf:li>
          <rdf:li>Viditax (FutD) 2015081420</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:5945">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:5945</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-08-13T09:52:50</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-08-14</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2015:5945 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 11-08-2015 / 14-00488</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2015:5945:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Tussen partijen is in geschil of de Inspecteur de informatiebeschikking terecht heeft gegeven, welke vraag belanghebbende ontkennend en de Inspecteur bevestigend beantwoordt.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2015:5945:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <uitspraak.info>
    <bridgehead role="bold">GERECHTSHOF ARNHEM - LEEUWARDEN</bridgehead>
    <para>Afdeling belastingrecht</para>
    <para>Locatie Leeuwarden</para>
    <para />
    <parablock>
      <para>nummer 14/00488</para>
      <para>uitspraakdatum: 11 augustus 2015 </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">Uitspraak van de eerste meervoudige belastingkamer</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>op het hoger beroep van</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="bold">
          [X] </emphasis>te <emphasis role="bold">[Z]</emphasis> (hierna: belanghebbende)</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>tegen de uitspraak van de rechtbank Noord-Nederland  van 10 april 2014, nummer AWB LEE 13/864, in het geding tussen belanghebbende en</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>de <emphasis role="bold">inspecteur </emphasis>van de<emphasis role="bold"> Belastingdienst/Kantoor Leeuwarden</emphasis> (hierna: de Inspecteur)</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </uitspraak.info>
  <section role="procesverloop">
    <title>
      <nr>1</nr>Ontstaan en loop van het geding</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>1.1</nr>
      <para>De Inspecteur heeft aan belanghebbende voor de heffing van inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen voor de jaren 2008, 2009 en 2010 een informatiebeschikking op de voet van artikel 52a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen (hierna: AWR) gegeven.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.2</nr>
      <para>Op het bezwaarschrift van belanghebbende heeft de Inspecteur bij uitspraak op bezwaar de beschikking gehandhaafd.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.3</nr>
      <para>Belanghebbende is tegen die uitspraak in beroep gekomen bij de rechtbank Noord-Nederland (hierna: de Rechtbank). De Rechtbank heeft het beroep bij uitspraak van 10 april 2014 ongegrond verklaard en belanghebbende in de gelegenheid gesteld binnen een termijn van dertig dagen, gerekend vanaf de dag waarop de uitspraak onherroepelijk is geworden  alsnog aan de Inspecteur de in de informatiebeschikking gevraagde informatie te verstrekken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.4</nr>
      <para>Belanghebbende heeft tegen de uitspraak van de Rechtbank hoger beroep ingesteld. De Inspecteur heeft een verweerschrift ingediend</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.5</nr>
      <para>Tot de stukken van het geding behoren, naast de hiervoor vermelde stukken, het van de Rechtbank ontvangen dossier dat op deze zaak betrekking heeft alsmede alle stukken die nadien, al dan niet met bijlagen, door partijen in hoger beroep zijn overgelegd.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.6</nr>
      <para>Het onderzoek ter zitting heeft plaatsgevonden op 16 juni 2015 te Leeuwarden. Daarbij is verschenen en gehoord mr. [A] namens de Inspecteur, bijgestaan door mr. [B] De gemachtigde van belanghebbende heeft schriftelijk meegedeeld niet te zullen verschijnen en daarbij niet om uitstel van de mondelinge behandeling verzocht.</para>
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>1.7</nr>
      <para>Van het verhandelde ter zitting is een proces-verbaal opgemaakt dat aan deze uitspraak is gehecht. Het Hof heeft het hoger beroep gelijktijdig behandeld met de zaak geregistreerd onder kenmerk BK-14/00489. Al hetgeen in de onderhavige zaak is aangevoerd wordt ook geacht in de andere zaak te zijn aangevoerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>2</nr>De vaststaande feiten</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>2.1</nr>
      <para>Belanghebbende, geboren [in] 1942, is gehuwd met mevrouw [C] (de echtgenote), geboren [in] 1944.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.2</nr>
      <para>Op 18 februari 2005 hebben de Belgische autoriteiten op basis van de Europese Richtlijn 77/799/EEG in het kader van een zogenoemde spontane uitwisseling van inlichtingen gegevens verstrekt aan de FIOD-ECD Team Internationaal. De gegevens, bestaande uit een Nota met bijlagen, zijn verstrekt op grond van artikel 4 van genoemde Richtlijn 77/799/EEG. De Nota bevat een twaalftal genummerde bijlagen, aangeduid als B.1 tot en met B.12. De bijlagen genummerd als “B.1”, “B.2” en “B.6” bestaan elk uit circa 60 pagina’s en bevatten elk een groot aantal gegevens bestaande uit namen, data, nummers en bedragen. In de Nota is vermeld dat dit rekeninggegevens betreffen van [D] Bankiers (Luxemburg) SA te Luxemburg ( [D] ). De lijsten B.1, B.2 en B.6 worden gezamenlijk ook als “rekeningstandenlijsten” aangeduid. De Belastingdienst heeft naar aanleiding van deze gegevens vervolgens onderzoek gedaan, later bekend geworden als het project Bank Zonder Naam. Het onderzoek richtte zich op het vaststellen van de identiteit van Nederlandse rekeninghouders bij [D] , waarvan de gegevens waren vermeld op vorengenoemde bijlagen (de renseignementen). Het project Bank Zonder Naam is in maart 2007 van start gegaan. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.3</nr>
      <para>De op de hiervoor bedoelde renseignementen voorkomende getallen zijn rekeningnummers en de daarbij behorende saldi van bankrekeningen en effectenportefeuilles per 21 december 1994, 5 september 1996 en 28 november 1996. De saldi zijn in Nederlandse guldens. Op de hiervoor reeds genoemde bijlage B.1 is - voor zover van belang - vermeld: </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>Racine           Name                   CCY     Current Accounts     Deposits      Bonds</para>
        <para>
          [00000]       [C]           NLG      65.08                       450,837.75   616,775.00</para>
        <para>Shares/Options  Inv. funds      Total</para>
        <para>45,563.10          28,338.78       1,141,579.71</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op lijst B.2 is - voor zover van belang – vermeld:</para>
        <para>Racine            Name                 CCY       Current Accounts     Deposits       Bonds</para>
        <para>
          [00000]       [C]        NLG      84.36                        487,466.01    638,840.00</para>
        <para>Shares/Options Inv. funds        Total</para>
        <para>56,246.80.00    30,641.55         1,213,278.72</para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Op lijst B.6 is - voor zover van belang - vermeld:</para>
        <para>22  [00000]  [C] [00001] NLG 670547,28 2075,46 0 132087,5 4044461 OA</para>
        <para>Op de lijst B9 met de omschrijving Relation Management staat het volgende vermeld:</para>
        <para>Name [X]</para>
        <para># [00000]</para>
        <para>Subaccount</para>
        <para>Beneficial Owner [X]</para>
        <para>Residence NL- [Z]</para>
        <para>Telephone [00002]</para>
        <para>Telefax [00003]</para>
        <para>Last Visit 15/11/95</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.4</nr>
      <para>Naar aanleiding van de hiervoor bedoelde gegevens heeft de Inspecteur belanghebbende geïdentificeerd als rekeninghouder. De Inspecteur heeft belanghebbende hierover in maart 2007 aangeschreven en heeft belanghebbende verzocht om alle inlichtingen en gegevens met betrekking tot de in het buitenland aangehouden bankrekening(en) te overleggen. Belanghebbende heeft daarop niet gereageerd.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.5</nr>
      <para>In 2009 heeft een tipgever de Belastingdienst informatie overhandigd die betrekking heeft op [D] . Deze informatie bestaat uit gegevens die betrekking hebben op bankrekeningen bij deze bank en op interne bescheiden van deze bank. Met deze informatie heeft de Inspecteur belanghebbende, naast naam en woonplaats, ook met het adres geïdentificeerd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.6</nr>
      <parablock>
        <para>In een ambtsedige verklaring opgemaakt op 29 juli 2009 heeft [E] , opsporingsambtenaar Belastingdienst/FIOD-ECD, het volgende verklaard: </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“In opdracht van het Management team van de FIOD-ECD en de officier van justitie, mr.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [F] van het Functioneel Parket, heb ik een onderzoek ingesteld in de door de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Belgische autoriteiten verstrekte gegevens.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Het door mij uitgevoerde onderzoek heeft zich gericht op de door de Belgische</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">autoriteiten als de bijlagen B 1, B 2, B 6 en B 9 aangeduide stukken.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">In eerste instantie heeft het onderzoek zich gericht op de identificatie van</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">rekeninghouders.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Vormen van identificatie</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold">Geautomatiseerde Indentificatie</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Er heeft op twee wijzen een identificatie van rekeninghouders plaatsgevonden. Een</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">identificatie langs geautomatiseerde weg en een identificatie aan de hand van overige</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">gegevens. Over de wijze van identificatie langs geautomatiseerde weg is door mij een</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">proces-verbaal opgemaakt dat is gedateerd 13 maart 2008 en waarnaar kortheidshalve</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">wordt verwezen.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Met betrekking tot de rekening [00000] gesteld op de naam [C] resulteerde</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">de geautomatiseerde wijze van herkenning in het opleveren van [X] , BSNnummer</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">
            [00004] , gehuwd met [C] , BSNnummer [00005] .</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Identificatie aan de hand van andere gegevens</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Hieronder wordt de identificatie beschreven van de rekeninghouder(s) van de rekening</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">met nummer [00000] aan de hand van andere gegevens. De rekening staat in door de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Belgische autoriteiten als “Rekeningstanden” aangeduide bijlagen BI, B2 en B6 gesteld</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">op de naam [C] ..</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Op de zesde bladzijde van de door de Belgische autoriteiten als bijlage B 9</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">benoemde lijst zie ik bovenaan de omschrijving “RELATION MANAGEMENT” staan.</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Rechtsboven staat vermeld 04/12/98. Op de 20e rij van dit overzicht zie ik in de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">kolom “Name” [X] staan. Hieronder een beschrijving van de vermeldingen in de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">overige kolommen</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="bold">Kolom opschrift Vermelding</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Name [X]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic"># [00000]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Subaccount</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Beneficial owner [X]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Residence NL- [Z]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Telephone [00002]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Telefax [00003]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Last Visit 15/11/95</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">MIO NLG 1,1</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Advisor</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Telephone </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="bold italic">Onderzoek telefoongegevens</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Naar aanleiding van de hiervoor beschreven bevinding heb ik onderzoek ingesteld</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">met het via internet op de site www.startpagina.nl beschikbare programma “telefoon</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">naar adres”. In dit programma heb ik in de daarvoor beschikbare zoekvelden de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">gegevens [X] en [Z] ingevoerd. Ik kreeg op deze zoekvraag slechts 1</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">vermelding te weten;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Naam: [X]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Adres: [a-straat] 14</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Postcode: [------]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Woonplaats: [Z]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Telefoon: [00006] </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Om de gegevens ook in het verleden te achterhalen heb ik gebruik gemaakt van de</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">CDfoongids van de destijdse PTT voor het jaar 1996. De in de betreffende velden</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">ingevoerde zoekvraag “ [X] ” met woonplaats “ [Z] ” leverde als resultaat</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">een abonneelijst met daarop 1 vermelding. Uit de vervolgens gevraagde abonnee</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">informatie verkreeg ik de vermelding;</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Naam: [X]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Adres: [a-straat] 14 a</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Plaats: [Z]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Telnr: [00007]</emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">Bij deze vermelding zie ik dat de toevoeging ‘bedrijfsadv [G] ”. </emphasis>
        </para>
        <para>
          <emphasis role="italic">(…)”</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.7</nr>
      <para>Belanghebbende heeft de aangiften IB/PVV 2008, 2009 en 2010 ingediend. Hij heeft voor die jaren in zijn aangiften geen inkomens- of vermogensbestanddelen opgenomen die betrekking hebben op een rekening bij [D] .</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.8</nr>
      <para>De Inspecteur heeft belanghebbende, in vervolg op de in het verleden gestelde vragen over vermogen dat in het buitenland wordt aangehouden, op 16 oktober 2012 een brief gestuurd met het verzoek een aantal vragen over eventuele buitenlandse bankrekeningen te beantwoorden. In deze brief is belanghebbende gewezen op artikel 47 AWR. Belanghebbende heeft niet gereageerd op die vragenbrief. Op 6 november 2012 heeft de Inspecteur belanghebbende een herhaald verzoek om informatie toegestuurd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.9</nr>
      <parablock>
        <para>De Inspecteur heeft aan belanghebbende op 4 december 2012 de informatiebeschikking gegeven  waarin onder meer het volgende is opgenomen:</para>
        <para>
          <emphasis role="italic">“In verband met het opleggen van navorderingsaanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2008, 2009 en 2010 aan uw cliënt de heer [X] BSN nummer [00008] heb ik u op 16 oktober 2012 verzocht om stukken toe te sturen, die van belang zijn voor uw cliënts belastingheffing. Op 6 november 2012 heb ik u een herinnering verzonden. U heeft niet aan deze informatieverzoeken voldaan, terwijl u daar op grond van de artikelen 47 en 49 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen wel toe verplicht bent. Het gaat om de volgende vragen en verzoeken die betrekking hebben op de door uw cliënts aangehouden bankrekening bij [D] Bankiers (Luxenbourg) SA. Het betreft de volgende gegevens:</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">- rekeningnummer: [00000]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- bank: [D]</emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="italic">- saldo per 28-11-1996: f 1.213.278 </emphasis>
      </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>1.<emphasis role="italic">Wordt deze bankrekening in 2008, 2009 en 2010 nog steeds door uw cliënt (en/of zijn echtgenote) aangehouden?</emphasis></para>
      </parablock>
      <para>2. <emphasis role="italic">Zo ja, wat was het saldo, inclusief onderliggende sub- en beleggingsrekeningen, op 1 januari en 31 december van de jaren 2008, 2009 en 2010?</emphasis></para>
      <para>3. <emphasis role="italic">Zo nee, waar wordt het eerder op de [D] -rekening gestalde vermogen in 2008, 2009 en 2010 aangehouden?</emphasis></para>
      <para>
        <emphasis role="italic">4. Wat was het saldo van die andere rekeningen op 1 januari en 31 december 2008, 2009 en 2010?</emphasis>
      </para>
      <para>5.  <emphasis role="italic">Indien niet langer vermogen in het buitenland wordt aangehouden, wanneer en op welke binnenlandse rekening is dit vermogen gestort of wanneer en waarvoor is het aangewend?</emphasis></para>
      <para>6.  <emphasis role="italic">Ik verzoek u mij kopieën van de buitenlandse rekening(en) voor deze jaren toe te sturen. </emphasis></para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Nu u niet adequaat op ons verzoek hebt gereageerd, ontvangt u hierbij deze  informatiebeschikking (ex artikel 52a van de Algemene wet rijksbelastingen).”.</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.10</nr>
      <para>Belanghebbende heeft tegen de hiervoor bedoelde informatiebeschikking, bij brief van 10 december 2012, bezwaar gemaakt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.11</nr>
      <para>De Inspecteur heeft bij uitspraak op bezwaar van 14 februari 2013 de onderhavige informatiebeschikking gehandhaafd. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>2.12</nr>
      <para>Belanghebbende en zijn echtgenote hebben tot nu toe steeds ontkend houder te zijn (geweest) van een rekening bij [D] . </para>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>3</nr>Het geschil, de standpunten en conclusies van partijen</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>3.1</nr>
      <para>Tussen partijen is in geschil of de Inspecteur de informatiebeschikking terecht heeft gegeven, welke vraag belanghebbende ontkennend en de Inspecteur bevestigend beantwoordt. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.2.</nr>
      <para>Belanghebbende heeft ter ondersteuning van zijn standpunt  zakelijk weergegeven – het navolgende aangevoerd:</para>
      <para />
      <parablock>
        <para>De Inspecteur had de informatiebeschikking niet mogen geven. De Rechtbank heeft geen rekening gehouden met het tijdsverloop dat is verstreken vanaf de datum van het renseignement en de jaren  waarover thans informatie wordt opgevraagd. Elk belastingjaar staat op zich en de Rechtbank moet dus voor elk jaar feiten vaststellen op grond waarvan kan worden aangenomen dat belanghebbende rekeninghouder is in dat jaar. De kracht van het bewijs van het renseignement neemt af voor de latere belastingjaren. Er zijn vele gevallen bekend binnen het BZN-project, waarbij veel rekeninghouders hun rekening in de jaren tussen 2000 en 2003, door de start van het Rekeningenproject in 2002, hebben gesloten dan wel hebben opgeheven, of wel een paar jaren een rekening hebben aangehouden bij [D] . Het is algemeen bekend dat het niet vanzelfsprekend is dat rekeninghouders voor een langere periode een rekening aanhouden. </para>
        <para>Voorts verkeert belanghebbende in bewijsnood nu het mogelijk is dat de rekening meer dan tien jaar geleden is opgeheven. [D] heeft een bewaarplicht van tien jaar en deze gegevens kunnen niet meer worden overgelegd.</para>
        <para>Het is algemeen bekend dat [D] geen informatie verstrekt. Doordat bij sommigen een reactie van de bank uitbleef, heeft een aantal personen waarvan de Belastingdienst ook stelde dat zij rekeninghouder van [D] waren, de bank persoonlijk bezocht voor een verklaring dat hij/zij geen rekening heeft, dan wel dat de rekening is opgeheven. De bank verricht geen onderzoek wanneer de belanghebbenden langer dan 10 jaar geleden cliënt waren en wanneer zij cliënten zijn geweest en de rekening is opgeheven. De bank geeft in het geheel geen verklaring in verband met het in Luxemburg geldende bankgeheim.</para>
        <para>De Rechtbank had moeten meewegen dat bewijs leveren van iets wat niet bestaat voor belanghebbende heel lastig is en dat belanghebbende daardoor in bewijsnood verkeert.</para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.3</nr>
      <para>De Inspecteur heeft het standpunt van belanghebbende gemotiveerd bestreden. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.4</nr>
      <para>Voor een verdere uiteenzetting van de standpunten van partijen verwijst het Hof naar de gedingstukken.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.5</nr>
      <para>Het hoger beroep van belanghebbende strekt tot vernietiging van de uitspraak van de Rechtbank, tot vernietiging van de uitspraak op bezwaar en tot vernietiging van de beschikking. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>3.6</nr>
      <para>De Inspecteur heeft geconcludeerd tot bevestiging van de uitspraak van de Rechtbank.</para>
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section role="overwegingen">
    <title>
      <nr>4</nr>Beoordeling van het geschil</title>
    <para />
    <paragroup>
      <nr>4.1</nr>
      <parablock>
        <para>Het met ingang van 1 juli 2011 in werking getreden artikel 52a, eerste lid, van de AWR bepaalt, voor zover te dezen van belang: </para>
        <para>“Indien met betrekking tot een op te leggen aanslag (…) niet of niet volledig wordt voldaan aan de verplichtingen ingevolge artikel 41, 47, 47a, 49, 52, (…), kan de inspecteur dit vaststellen bij voor bezwaar vatbare beschikking (informatiebeschikking).” </para>
      </parablock>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.2</nr>
      <para>Voor de beoordeling of de Inspecteur de informatiebeschikking terecht heeft gegeven, is van belang of belanghebbende heeft voldaan aan de op hem rustende informatieverplichting van de artikelen 47 en 49 van de AWR. De Inspecteur neemt het standpunt in dat belanghebbende daaraan niet heeft voldaan. Na de gemotiveerde betwisting door belanghebbende brengt een redelijke verdeling van de bewijslast mee dat op de Inspecteur de last rust om aannemelijk te maken, dat het verstrekken van de gevraagde gegevens en inlichtingen voor de belastingheffing van belanghebbende van belang kan zijn en dat belanghebbende de gegevens en inlichtingen niet duidelijk, stellig en zonder voorbehoud heeft verstrekt.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.3</nr>
      <para>De Inspecteur kon zich in redelijkheid op het standpunt stellen dat de gevraagde informatie voor de belastingheffing ten aanzien van belanghebbende voor 2008, 2009 en 2010  van belang kon zijn, omdat die informatie helderheid zou kunnen geven over de vraag of belanghebbende in die jaren over het niet door hem aangegeven vermogen beschikte (vergelijk HR 18 april 2003, nr. 38 122, ECLI:NL:HR:2003:AF7498).</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.4</nr>
      <para>Anders dan belanghebbende stelt, is voor de beantwoording van de vraag of de Inspecteur bij belanghebbende informatie mocht opvragen niet bepalend of de Inspecteur aannemelijk heeft gemaakt dat belanghebbende een rekening bij [D] heeft in de jaren waarover de informatie wordt gevraagd dan wel dat het saldo op die rekening niet is afgenomen. Gelet op de omvang van het saldo op de desbetreffende rekening in één van de voorafgaande jaren, kan de gevraagde informatie ten aanzien van het verloop van die rekening van belang zijn voor de belastingheffing voor de jaren waarvoor de informatiebeschikking is gegeven.</para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.5</nr>
      <para>De Inspecteur heeft voldoende aanknopingspunten verschaft om aannemelijk te maken dat de belanghebbende de gegevens en inlichtingen daadwerkelijk kan verstrekken, omdat de Inspecteur, gelet op de in 2.6 opgenomen ambtsedige verklaring, belanghebbende terecht als rekeninghouder heeft geïdentificeerd. Naar het oordeel van het Hof is mitsdien geen sprake van een ‘fishing expedition’ als bedoeld in het arrest van de Hoge Raad van 24 april 2015, nr. 14/02422, ECLI:NL:HR2015:1137. Ten overvloede zij nog overwogen dat belanghebbende geen bewijs heeft bijgebracht van zijn stelling dat hij zich niet tot [D] zou kunnen wenden en in de onmogelijkheid verkeert om informatie te verschaffen. </para>
      <para />
    </paragroup>
    <paragroup>
      <nr>4.6</nr>
      <para>Het Hof komt tot de conclusie dat de Inspecteur belanghebbende onder verwijzing naar artikel 47 van de AWR terecht om informatie over het verloop van de rekening [00000] bij [D] in de jaren 2008, 2009 en 2010 heeft gevraagd. </para>
      <para />
      <parablock>
        <para>
          <emphasis role="italic">Slotsom</emphasis>
          <?linebreak?>Op grond van het vorenstaande is het hoger beroep ongegrond. </para>
        <para>
          <emphasis role="bold">5.	Proceskosten</emphasis>
        </para>
      </parablock>
      <para />
      <parablock>
        <para>Het Hof acht geen termen aanwezig voor een veroordeling in de proceskosten.</para>
      </parablock>
      <para />
      <para />
    </paragroup>
  </section>
  <section>
    <title>
      <nr>6</nr>Beslissing </title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het Hof bevestigt de uitspraak van de Rechtbank.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze uitspraak is gedaan door mr. B. van Walderveen, voorzitter, mr. A.J. Kromhout en mr. P. van der Wal, in tegenwoordigheid van mr. K. de Jong-Braaksma als griffier.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De uitspraak is op 11 augustus 2015 in het openbaar uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>De griffier,	De voorzitter,</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
    <informaltable>
      <tgroup cols="2">
        <colspec colname="colA" />
        <colspec colname="colB" />
        <tbody>
          <row>
            <entry>
              <para>(K. de Jong-Braaksma)</para>
            </entry>
            <entry>
              <para>(B. van Walderveen)</para>
            </entry>
          </row>
        </tbody>
      </tgroup>
    </informaltable>
    <para />
    <parablock>
      <para>Afschriften zijn aangetekend per post verzonden op 12 augustus 2015</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <parablock>
      <para>Tegen deze uitspraak kunnen beide partijen binnen zes weken na de verzenddatum beroep in cassatie instellen bij 	</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">de Hoge Raad der Nederlanden (belastingkamer), </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">	Postbus 20303, </emphasis>
      </para>
      <para>
        <emphasis role="bold">	2500 EH  Den Haag. </emphasis>
      </para>
      <para>Daarbij moet het volgende in acht worden genomen:</para>
    </parablock>
    <para>1. bij het beroepschrift wordt een afschrift van deze uitspraak overgelegd;</para>
    <para>2 - het beroepschrift moet ondertekend zijn en ten minste het volgende vermelden:</para>
    <parablock>
      <para>	a. de naam en het adres van de indiener;</para>
      <para>	b. de dagtekening;</para>
      <para>	c. een omschrijving van de uitspraak waartegen het beroep in cassatie is gericht;</para>
      <para> 	d. de gronden van het beroep in cassatie.</para>
      <para>Voor het instellen van beroep in cassatie is griffierecht verschuldigd. Na het instellen van beroep in cassatie ontvangt de indiener een nota griffierecht van de griffier van de Hoge Raad. In het cassatieberoepschrift kan de Hoge Raad verzocht worden om de wederpartij te veroordelen in de proceskosten.</para>
    </parablock>
  </section>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>