<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<open-rechtspraak>
  <rdf:RDF xmlns:rdf="http://www.w3.org/1999/02/22-rdf-syntax-ns#" xmlns:ecli="https://e-justice.europa.eu/ecli" xmlns:tr="http://tuchtrecht.overheid.nl/" xmlns:eu="http://publications.europa.eu/celex/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:bwb="bwb-dl" xmlns:cvdr="http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/" xmlns:psi="http://psi.rechtspraak.nl/" xmlns:rdfs="http://www.w3.org/2000/01/rdf-schema#">
    <rdf:Description>
      <dcterms:identifier>ECLI:NL:GHARL:2015:5393</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/xml</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-11-16T07:54:52</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-07-17</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:creator rdfs:label="Instantie" resourceIdentifier="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/Gerechtshof_Arnhem-Leeuwarden" scheme="overheid.RechterlijkeMacht">Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden</dcterms:creator>
      <dcterms:date rdfs:label="Uitspraakdatum">2015-07-22</dcterms:date>
      <psi:zaaknummer rdfs:label="Zaaknr">21-001987-15</psi:zaaknummer>
      <dcterms:type rdf:language="nl" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/uitspraak">Uitspraak</dcterms:type>
      <psi:procedure rdf:language="nl" rdfs:label="Procedure" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/procedure#hogerBeroep">Hoger beroep</psi:procedure>
      <dcterms:coverage>NL</dcterms:coverage>
      <dcterms:spatial rdfs:label="Zittingsplaats">Arnhem</dcterms:spatial>
      <dcterms:subject rdfs:label="Rechtsgebied" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/rechtsgebied#strafrecht">Strafrecht</dcterms:subject>
      <dcterms:hasVersion rdfs:label="Vindplaatsen" resourceIdentifier="http://psi.rechtspraak.nl/vindplaats">
        <rdf:list>
          <rdf:li>Rechtspraak.nl</rdf:li>
        </rdf:list>
      </dcterms:hasVersion>
    </rdf:Description>
    <rdf:Description rdf:about="http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:5393">
      <dcterms:identifier>http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:GHARL:2015:5393</dcterms:identifier>
      <dcterms:format>text/html</dcterms:format>
      <dcterms:accessRights>public</dcterms:accessRights>
      <dcterms:modified>2015-07-20T11:37:02</dcterms:modified>
      <dcterms:issued rdfs:label="Publicatiedatum">2015-07-22</dcterms:issued>
      <dcterms:publisher resourceIdentifier="http://rechtspraak.nl/">Raad voor de Rechtspraak</dcterms:publisher>
      <dcterms:language>nl</dcterms:language>
      <dcterms:title rdf:language="nl">ECLI:NL:GHARL:2015:5393 Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden , 22-07-2015 / 21-001987-15</dcterms:title>
      <dcterms:abstract resourceIdentifier="../../rs:inhoudsindicatie" />
    </rdf:Description>
  </rdf:RDF>
  <inhoudsindicatie id="ECLI:NL:GHARL:2015:5393:INH" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema">
      <para>Het hof veroordeelt verdachte ter zake van opzettelijke overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 22 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden tot een geheel voorwaardelijke taakstraf van 30 uur en ter zake van overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 71 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden tot een geheel voorwaardelijke taakstraf van 10 uur. Het hof spreekt verdachte vrij van het onder 3 tenlastegelegde, omdat verdachte niet als distributeur is aan te merken in de zin van artikel 1.1 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.</para>
    </inhoudsindicatie>
  <uitspraak id="ECLI:NL:GHARL:2015:5393:DOC" lang="nl" xml:space="preserve" xmlns="http://www.rechtspraak.nl/schema/rechtspraak-1.0" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xsd="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:xlink="http://www.w3.org/1999/xlink">
  <para>Afdeling strafrecht</para>
  <parablock>
    <para>Parketnummer:	21-001987-15 </para>
    <para>Uitspraak d.d.:	22 juli 2015 </para>
    <para>TEGENSPRAAK</para>
  </parablock>
  <section>
    <title>Verkort arrest van de economische kamer</title>
    <para>gewezen op het hoger beroep, ingesteld tegen het vonnis van de economische politierechter in de rechtbank Midden-Nederland van 17 maart 2015 met parketnummer 16-995003-14 in de strafzaak tegen</para>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>
      [verdachte],</title>
    <parablock>
      <para>geboren te [geboorteplaats] op [1973], </para>
      <para>wonende te [woonplaats].</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het hoger beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De verdachte heeft tegen het hiervoor genoemde vonnis hoger beroep ingesteld.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Onderzoek van de zaak</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Dit arrest is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van het hof van 8 juli 2015 en, overeenkomstig het bepaalde bij artikel 422 van het Wetboek van Strafvordering, het onderzoek op de terechtzitting in eerste aanleg.</para>
      <para>Het hof heeft kennisgenomen van de vordering van de advocaat-generaal. Deze vordering is na voorlezing aan het hof overgelegd. Het hof heeft voorts kennisgenomen van hetgeen door verdachte en zijn raadsman, mr. J.G. Kabalt, naar voren is gebracht.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Het vonnis waarvan beroep</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof zal het vonnis waarvan beroep vernietigen omdat het tot een andere bewijsbeslissing, kwalificatie en strafoplegging komt en daarom opnieuw rechtdoen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>De tenlastelegging</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aan verdachte is -na wijziging van de tenlastelegging ter terechtzitting in eerste aanleg- tenlastegelegd dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1:<?linebreak?>hij in of omstreeks de periode van 26 november 2011 tot en met 11 februari 2013 te [plaats], alleen, althans tezamen en in vereniging met (een) ander(en), al dan niet opzettelijk, een toegelaten gewasbeschermingsmiddel op de markt heeft gebracht en/of heeft gebruikt, terwijl de wettelijke en/of door het college bij de toelating vastgestelde voorschriften en/of beperkingen niet en/of niet op de voorgeschreven wijze op, aan of bij de verpakking waren vermeld, immers heeft hij en/of zijn mededader(s) zelf verpakkingen van 100 ml gemaakt van het/de gewasbeschermingsmiddel(en) Vertimec en/of Nissorun, zulks terwijl op deze verpakking geen etiket was aangebracht, maar met watervaste stift slechts de productnaam en de aanbevolen dosering was vermeld; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>2:<?linebreak?>hij in of omstreeks de periode van 26 november 2011 tot en met 11 februari 2013 te [plaats], alleen, althans tezamen en in vereniging met (een) ander(en), zonder een geldig bewijs van vakbekwaamheid Vertimec en/of Previcur, [Energy en/of N] en/of Topsin M en/of Nissorun en/of Floramite en/of Rhizopon, althans (een) gewasbeschermingsmiddel(en), toegelaten voor professioneel gebruik, heeft ontvangen en/of heeft gebruikt en/of voorhanden heeft gehad, terwijl dit niet valt in de gevallen bepaald bij de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden van de Minister van Economische zaken in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Milieu; </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>3:<?linebreak?>hij in of omstreeks de periode van 26 november 2011 tot en met 11 februari 2013 te [plaats], alleen, althans tezamen en in vereniging met (een) ander(en), in strijd heeft gehandeld met artikel 67 van verordening (EG) 1107/2009 of de ter uitvoering daarvan vastgestelde verordeningen, immers heeft hij en/of zijn mededader(s), als distributeur van gewasbeschermingsmiddelen geen registers bijgehouden van de gewasbeschermingsmiddelen die zij heeft opgeslagen en/of op de markt heeft gebracht en/of die registers niet gedurende ten minste vijf jaar heeft bewaard, immers werd de naam, het adres en de woonplaats van degene aan wie zij het gewasbeschermingsmiddel heeft geleverd niet (altijd) vermeld. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Indien in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten voorkomen, zijn deze verbeterd. De verdachte is daardoor niet geschaad in de verdediging.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vrijspraak van het onder 3 tenlastegelegde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft gerekwireerd tot bewezenverklaring van het onder 3 tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft geen verweer gevoerd ten aanzien van het onder 3 tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel hof</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft uit het onderzoek ter terechtzitting niet door de inhoud van wettige bewijsmiddelen de overtuiging bekomen dat verdachte het onder 3 tenlastegelegde heeft begaan, zodat verdachte daarvan behoort te worden vrijgesproken. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat verdachte niet kan worden aangemerkt als ‘distributeur’ in de zin van artikel 1.1 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het hof overweegt daartoe als volgt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Artikel 1.1 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden definieert in het eerste lid het begrip ‘distributeur’ als: <emphasis role="italic">‘elke natuurlijke persoon of rechtspersoon die ervoor zorgt dat gewasbeschermingsmiddelen of biociden in de handel verkrijgbaar zijn, met inbegrip van groothandelaren, detailhandelaren, verkopers en leveranciers.’</emphasis></para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof is van oordeel dat de rechtspersoon [bedrijf] in de onderhavige zaak als distributeur is aan te merken op grond van artikel 1.1 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het hof acht het geen juiste interpretatie van dit artikel dat náást de rechtspersoon, óók elk personeelslid - althans één of meerdere personeelsleden - van deze rechtspersoon als distributeur is/zijn aan te merken. </para>
      <para>In de onderhavige zaak gaat het hof ervan uit dat uitsluitend [bedrijf] als distributeur is aan te merken. Nu het hof verdachte niet ook als distributeur ziet in de zin van het hiervoor genoemde artikel, spreekt het hof hem vrij van het onder 3 tenlastegelegde. </para>
      <para>Voor het verwijt dat verdachte tezamen en in vereniging met [bedrijf] heeft gehandeld, is naar het oordeel van het hof in het dossier onvoldoende bewijs aanwezig. Daarom is ook geen sprake van medeplegen.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Vrijspraak van het onder 1 en 2 tenlastegelegde medeplegen</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van het openbaar ministerie</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal acht wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich als medepleger schuldig heeft gemaakt aan het onder 1 en 2 tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Standpunt van de verdediging</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De raadsman heeft zich op het standpunt gesteld dat verdachte en [bedrijf] niet allebei als medepleger aangemerkt kunnen worden. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>
        <emphasis role="italic">Oordeel hof</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof spreekt verdachte vrij van het onder 1 en 2 tenlastegelegde medeplegen. De enkele omstandigheid dat de verboden gedragingen feitelijk zijn gepleegd door verdachte - als manager van [bedrijf] - en diens gedragingen vervolgens aan [bedrijf] zijn toegerekend, kan niet meebrengen dat verdachte het strafbare feit tezamen met de rechtspersoon heeft medegepleegd.<footnote-ref linkend="_5ad62fce-7fd4-48d6-a024-39e772116d2b" /> Voorts is er onvoldoende bewijs voorhanden waaruit blijkt dat verdachte tezamen met één of meer andere personeelsleden van [bedrijf] het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan. </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Bewezenverklaring</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht wél wettig en overtuigend bewezen dat verdachte zich als zelfstandig pleger schuldig heeft gemaakt aan het onder 1 en 2 tenlastegelegde. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Door wettige bewijsmiddelen, waarbij de inhoud van elk bewijsmiddel -ook in onderdelen- slechts wordt gebezigd tot het bewijs van dat tenlastegelegde feit waarop het blijkens de inhoud kennelijk betrekking heeft, en waarin zijn vervat de redengevende feiten en omstandigheden waarop de bewezenverklaring steunt, acht het hof wettig en overtuigend bewezen dat verdachte het onder 1 en 2 tenlastegelegde heeft begaan, met dien verstande, dat:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>1:<?linebreak?>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 26 november 2011 tot en met 11 februari 2013 te [plaats]<emphasis role="strike-through">, alleen, althans tezamen en in vereniging met (een) ander(en), al dan niet</emphasis> opzettelijk<emphasis role="strike-through">,</emphasis> een toegelaten gewasbeschermingsmiddel op de markt heeft gebracht <emphasis role="strike-through">en/of heeft gebruikt</emphasis>, terwijl de wettelijke en/of door het college bij de toelating vastgestelde voorschriften en/of beperkingen niet en/of niet op de voorgeschreven wijze op, aan of bij de verpakking waren vermeld, immers heeft hij <emphasis role="strike-through">en/of zijn mededader(s)</emphasis> zelf verpakkingen van 100 ml gemaakt van het/de gewasbeschermingsmiddel(en) Vertimec en/of Nissorun, zulks terwijl op deze verpakking geen etiket was aangebracht, maar met watervaste stift slechts de productnaam en de aanbevolen dosering was vermeld;</para>
      <para>
        <?linebreak?>2:<?linebreak?>hij in <emphasis role="strike-through">of omstreeks</emphasis> de periode van 26 november 2011 tot en met 11 februari 2013 te [plaats]<emphasis role="strike-through">, alleen, althans tezamen en in vereniging met (een) ander(en),</emphasis> zonder een geldig bewijs van vakbekwaamheid Vertimec en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Previcur, [Energy <emphasis role="strike-through">en/of N</emphasis>] en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Topsin M en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Nissorun en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Floramite en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> Rhizopon, <emphasis role="strike-through">althans (een)</emphasis> gewasbeschermingsmiddel<emphasis role="strike-through">(</emphasis>en<emphasis role="strike-through">)</emphasis>, toegelaten voor professioneel gebruik, heeft ontvangen <emphasis role="strike-through">en/of heeft gebruikt</emphasis> en<emphasis role="strike-through">/of</emphasis> voorhanden heeft gehad, terwijl dit niet valt in de gevallen bepaald bij de Regeling gewasbeschermingsmiddelen en biociden van de Minister van Economische zaken in overeenstemming met de Minister van Infrastructuur en Milieu. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof acht niet bewezen hetgeen verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hierboven is bewezenverklaard, zodat deze daarvan behoort te worden vrijgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van het bewezenverklaarde</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onder 1 bewezen verklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">opzettelijke overtreding van een voorschrift, gesteld bij artikel 22 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het onder 2 bewezen verklaarde levert op:</para>
      <para>
        <emphasis role="bold">overtreding van een voorschrift, gesteld bij artikel 71 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, meermalen gepleegd.</emphasis>
      </para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Strafbaarheid van de verdachte</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte is strafbaar aangezien geen omstandigheid is gebleken of aannemelijk geworden die verdachte niet strafbaar zou doen zijn.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Oplegging van straf en/of maatregel</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>De advocaat-generaal heeft geëist dat verdachte ter zake van het onder 1 tenlastegelegde misdrijf wordt veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van 20 uur subsidiair 10 dagen vervangende hechtenis en ter zake van de onder 2 en 3 tenlastegelegde overtredingen telkens tot een geheel voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 10 uur subsidiair 5 dagen vervangende hechtenis, met een proeftijd van 2 jaar.  </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>De hierna te melden strafoplegging is in overeenstemming met de aard en de ernst van het bewezenverklaarde en de omstandigheden waaronder dit is begaan, mede gelet op de persoon van verdachte, zoals van een en ander bij het onderzoek ter terechtzitting is gebleken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>In het bijzonder in aanmerking genomen hetgeen omtrent de persoon van verdachte is gebleken, is het hof van oordeel dat oplegging van een taakstraf van de hierna aan te geven duur, passend is.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verdachte heeft zich schuldig gemaakt aan opzettelijke overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 22 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden, door zelf verpakkingen van 100 milliliter te maken van gewasbeschermingsmiddelen zonder op de verpakking een etiket aan te brengen. </para>
      <para>Voorts heeft verdachte zich schuldig gemaakt aan overtreding van een voorschrift gesteld bij artikel 71 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen biociden, door zonder geldig bewijs van vakbekwaamheid gewasbeschermingsmiddelen te ontvangen en voorhanden te hebben gehad. </para>
      <para>Verdachte heeft daarmee de geldende regelgeving overtreden en hij heeft een risico in het leven geroepen voor de veiligheid van zichzelf en andere personen.</para>
      <para>Het hof heeft ten voordele van verdachte in de strafoplegging meegewogen dat verdachte blijkens het Uittreksel Justitiële Documentatie van 10 juni 2015 niet eerder is veroordeeld ter zake van soortgelijke strafbare feiten. Het hof heeft ook meegewogen dat [bedrijf], welk bedrijf verdachte heeft overgenomen, voor deels dezelfde feiten als de onderhavige, is veroordeeld tot een geldboete. </para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof zal verdachte ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde misdrijf veroordelen tot een geheel voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 30 uur en ter zake van de onder 2 bewezenverklaarde overtreding tot een geheel voorwaardelijke taakstraf voor de duur van 10 uur. <?linebreak?></para>
    </parablock>
    <para />
  </section>
  <section>
    <title>Toepasselijke wettelijke voorschriften</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof heeft gelet op de artikelen 14a, 14b, 14c, 22c, 22d, 57 en 62 van het Wetboek van Strafrecht, de artikelen 1a, 2 en 6 van de Wet op de economische delicten en de artikelen 22 en 71 van de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Deze voorschriften zijn toegepast, zoals zij golden ten tijde van het bewezenverklaarde.</para>
    </parablock>
    <para />
    <para />
    <para />
    <para />
  </section>
  <section role="beslissing">
    <title>BESLISSING</title>
    <para />
    <parablock>
      <para>Het hof:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen dat de verdachte het onder 3 ten laste gelegde heeft begaan en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart zoals hiervoor overwogen bewezen dat de verdachte het onder 1 en 2 ten laste gelegde heeft begaan.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart niet bewezen hetgeen de verdachte meer of anders is ten laste gelegd dan hierboven is bewezen verklaard en spreekt de verdachte daarvan vrij.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Verklaart het onder 1 en 2 bewezen verklaarde strafbaar, kwalificeert dit als hiervoor vermeld en verklaart de verdachte strafbaar.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van het onder 1 bewezen verklaarde misdrijf:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">30 (dertig) uren</emphasis>, indien niet naar behoren verricht te vervangen door <emphasis role="bold">15 (vijftien) dagen hechtenis</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Ten aanzien van de onder 2 bewezen verklaarde overtreding:</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Veroordeelt de verdachte tot een <emphasis role="bold">taakstraf</emphasis> voor de duur van <emphasis role="bold">10 (tien) uren</emphasis>, indien niet naar behoren verricht te vervangen door <emphasis role="bold">5 (vijf) dagen hechtenis</emphasis>.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Bepaalt dat de taakstraf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter anders mocht gelasten omdat de verdachte zich voor het einde van de proeftijd van <emphasis role="bold">2 (twee) jaren</emphasis> aan een strafbaar feit heeft schuldig gemaakt.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>Aldus gewezen door</para>
      <para>mr. A. van Waarden, voorzitter,</para>
      <para>mr. M. Barels en mr. L.E.M. Hendriks, raadsheren,</para>
      <para>in tegenwoordigheid van mr. R. Jansen, griffier,</para>
      <para>en op 22 juli 2015 ter openbare terechtzitting uitgesproken.</para>
    </parablock>
    <para />
    <parablock>
      <para>mr. L.E.M. Hendriks is buiten staat dit arrest mede te ondertekenen.</para>
    </parablock>
  </section>
  <footnote id="_5ad62fce-7fd4-48d6-a024-39e772116d2b" label="1">
    <para> Vgl. HR 18 december 2012, ECLI:NL:HR:2012:BX5140.</para>
  </footnote>
</uitspraak>
</open-rechtspraak>